40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beleidsregels ontheffingen liefdadigheidsacties | BWBR0023628 | zbo | geldend | 2008-03-15 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0023628 | Beleidsregels ontheffingen liefdadigheidsacties |
Beleidsregels ontheffingen liefdadigheidsacties
Paragraaf . – strekking van de regeling –
Artikel 1
De beleidsregels vastgesteld in deze regeling hebben betrekking op de wettelijke voorschriften die zijn opgenomen in de bijlage bij deze regeling.
Paragraaf . – definities –
Artikel 2
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a. de wet: de Mediawet; b. b. het besluit: het Mediabesluit; c. c. Commissariaat: het Commissariaat voor de Media; d. d. ontheffing: ontheffing op grond van artikel 52, derde lid, van de Mediawet van het bepaalde in de eerste volzin van artikel 52, tweede lid, van de Mediawet; e. e. omroepinstelling: instelling die zendtijd heeft verkregen;
Paragraaf . – ontheffingsverzoek –
Artikel 3
1. De omroepinstelling stelt het Commissariaat bij de indiening van het verzoek tot ontheffing alle relevante bescheiden ter beschikking. Van overeenkomsten met derden dienen afschriften van ondertekende exemplaren te worden overgelegd.
2. De omroepinstelling dient het verzoek tot ontheffing, zoals bedoeld in artikel 4, in uiterlijk twee weken voor de uitzending van het programmaonderdeel waar de ontheffing betrekking op heeft.
Paragraaf . – ontheffing liefdadigheidsacties –
Artikel 4
1. Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval in de zin van artikel 52, derde lid, van de wet wordt, in geval de ontheffing wordt aangevraagd door een landelijke publieke omroepinstelling, gekeken of er sprake is van een goed doel.
2. Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval wordt, in geval de ontheffing wordt aangevraagd door een lokale of regionale omroepinstelling in verband met een liefdadigheidsactie, gekeken of er sprake is van een goed doel en of de actie in beginsel een kleinschalig karakter heeft.
3.
Indien de instelling die zendtijd heeft verkregen naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval in de zin van het eerste of tweede lid worden aan de ontheffing in ieder geval de voorwaarden verbonden dat:
a. a. de ontheffing alleen geldt voor het uit te zenden programmaonderdeel in het kader van de in het eerste respectievelijk tweede lid bedoelde liefdadigheidsactie; b. b. in het betreffende programmaonderdeel alleen de handelsnamen van bedrijven of instellingen worden getoond of vermeld die een bijdrage leveren aan de in het eerste respectievelijk tweede lid bedoelde liefdadigheidsactie; c. c. het tonen of vermelden van de handelsnamen van de bedrijven of instellingen zoals bedoeld in onderdeel b van dit artikellid, gezien de context waarin dit gebeurt, niet op overdreven of overdadige wijze plaatsvindt of er specifieke aanprijzingen worden gedaan; d. d. er geen producten of diensten van de bedrijven of instellingen zoals bedoeld in onderdeel b van dit artikellid zullen worden getoond of vermeld.
4. De naar aanleiding van het uitgezonden programmaonderdeel gegenereerde inkomsten van de actie dienen rechtstreeks ten goede te komen a an het betreffende goede doel.
Paragraaf . – slotbepaling –
Artikel 5
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 maart 2008.
2. Deze regeling wordt aangehaald als Beleidsregels ontheffingen liefdadigheidsacties.
3. Deze regeling wordt bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de internetsite van het Commissariaat voor de Media (www.cvdm.nl).