2006-10-01 | BWBR0004044 | Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers

This commit is contained in:
Coornhert 2006-10-01 12:00:00 +00:00
parent 7b4a4d0c68
commit 11ebbe6f53

View file

@ -29,18 +29,11 @@ h. netto minimumjeugdloon: het netto minimumloon, bedoeld in artikel 37, eerste
### Artikel 2
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder werkloze werknemer:
a. de persoon die:
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder werkloze werknemer: de persoon die:
1°. werkloos is en de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt;
2°. na het bereiken van de leeftijd van 50 jaar werkloos is geworden, en
3°. nadien de volledige uitkeringsduur bedoeld in hoofdstuk IIa van de Werkloosheidswet (Stb. 1987, 93), inclusief een eventuele verlenging van deze duur op grond van artikel 76 van die wet, heeft bereikt, tenzij op dat tijdstip een maatregel van blijvend gehele weigering van de uitkering op grond van artikel 27, eerste of tweede lid, van de Werkloosheidswet van toepassing is;
b. de persoon die:
1°. werkloos is en de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt;
2°. na het bereiken van de leeftijd van 57,5 jaar werkloos is geworden, en
3°. nadien de volledige uitkeringsduur bedoeld in hoofdstuk IIb van de Werkloosheidswet, inclusief een eventuele verlenging van deze duur op grond van artikel 76 van die wet, heeft bereikt, tenzij op dat tijdstip een maatregel van blijvend gehele weigering van de uitkering op grond van artikel 27, eerste of tweede lid, van de Werkloosheidswet van toepassing is.
3°. nadien de volledige uitkeringsduur, bedoeld in hoofdstuk II van de Werkloosheidswet, inclusief een eventuele verlenging van deze duur op grond van artikel 76 van die wet, heeft bereikt, tenzij op dat tijdstip een maatregel van blijvend gehele weigering van de uitkering op grond van artikel 27, eerste of tweede lid, van de Werkloosheidswet van toepassing is.
### Artikel 3
@ -186,9 +179,9 @@ b. voor de alleenstaande en de thuisinwonende werkloze werknemer: zijn inkomen u
**3.** Indien het percentage van de vakantiebijslag, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, wordt gewijzigd, wordt de in het tweede lid genoemde verhouding dienovereenkomstig aangepast.
**4.** Indien de hoogte van de uitkering vastgesteld op grond van artikel 47 of artikel 52i van de Werkloosheidswet en de toeslag op grond van artikel 8, vierde lid, van de Toeslagenwet, gezamenlijk minder bedroeg dan de uitkering bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt de uitkering vastgesteld op dat lagere bedrag.
**4.** Indien de hoogte van de uitkering vastgesteld op grond van artikel 47 van de Werkloosheidswet en de toeslag op grond van artikel 8, vierde lid, van de Toeslagenwet, gezamenlijk minder bedroeg dan de uitkering bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt de uitkering vastgesteld op dat lagere bedrag.
**5.** Het vierde lid lid is niet van toepassing, voor zover het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidswet gedeeltelijk is geëindigd door het verrichten van werkzaamheden als lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, van een vertegenwoordigend orgaan van een publiekrechtelijk lichaam dat bij rechtstreekse verkiezing wordt samengesteld, of van een algemeen bestuur van een waterschap.
**5.** Het vierde lid is niet van toepassing, voor zover het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidswet gedeeltelijk is geëindigd door het verrichten van werkzaamheden als lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, van een vertegenwoordigend orgaan van een publiekrechtelijk lichaam dat bij rechtstreekse verkiezing wordt samengesteld, of van een algemeen bestuur van een waterschap.
### Artikel 10
@ -764,7 +757,7 @@ De hieronder vermelde instanties zijn verplicht desgevraagd aan burgemeester en
a. burgemeester en wethouders van andere gemeenten;
b. de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank;
c. de belastingdienst;
d. het College zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, het College toezicht, genoemd in artikel 77, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet en de zorgverzekeraars in de zin van de artikelen 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet of van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
d. het College zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, de Nederlandse Zorgautoriteit, bedoeld in de Wet marktordening gezondheidszorg en de zorgverzekeraars in de zin van de artikelen 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet of van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
e. de bedrijfstakpensioenfondsen, ondernemingspensioenfondsen, risicofondsen, stichtingen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden en andere organen belast met het doen van uitkeringen of verstrekkingen die bij of krachtens artikel 8 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers als inkomen worden aangemerkt;
f. de Kamers van Koophandel, met dien verstande dat dit, in afwijking van de aanhef van dit lid, geschiedt tegen betaling van de daarvoor op grond van de Handelsregisterwet 1996 vastgestelde vergoeding;
g. de korpschef en de bevelhebber van de Koninklijke marechaussee in de zin van de Vreemdelingenwet 2000;
@ -832,7 +825,7 @@ Burgemeester en wethouders zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht desgevra
a. de Centrale organisatie voor werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank voor de uitvoering van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen of de wettelijke regelingen, bedoeld in de artikelen 30, eerste lid, onderdeel a, en 34, eerste lid, onderdeel a, van die wet;
b. de Belastingdienst voor de heffing of invordering van enige rijksbelasting, de premies voor de sociale verzekeringen, bedoeld in artikel 2, onderdelen a en c, van de Wet financiering sociale verzekeringen, of inkomensafhankelijke bijdragen als bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet en de Belastingdienst/Toeslagen voor de uitvoering van inkomensafhankelijke regelingen als bedoeld in de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen;
c. burgemeester en wethouders van andere gemeenten voor de uitvoering van deze wet, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en de Wet werk en inkomen kunstenaars;
d. het College zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, het College toezicht, genoemd in artikel 77, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, de zorgverzekeraars in de zin van de artikelen 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet of van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, voor de uitvoering van de Zorgverzekeringswet of de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
d. het College zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, de Nederlandse Zorgautoriteit, bedoeld in de Wet marktordening gezondheidszorg, de zorgverzekeraars in de zin van de artikelen 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet of van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, voor de uitvoering van de Zorgverzekeringswet of de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
e. derden die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid bevorderen;
f. buitenlandse organen voor de vervulling van een taak van zwaarwegend algemeen belang;
g. bestuursorganen van de Nederlandse Antillen en Aruba voor de vervulling van een taak van zwaarwegend algemeen belang.
@ -1021,7 +1014,7 @@ Voor de toepassing van artikel 9, vierde lid, wordt, indien artikel 130h van de
### Artikel 63b
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
De artikelen 2 en 9 zoals deze luidden op de dag voor inwerkingtreding van artikel II van de Wet wijziging WW-stelsel, blijven van toepassing op de persoon wiens eerste werkloosheidsdag als bedoeld in de Werkloosheidswet is gelegen op of voor die dag.
## Hoofdstuk VIII. Slotbepalingen