2005-05-18 | BWBR0003936 | Besluit voorkoming olieverontreiniging door schepen
This commit is contained in:
parent
ca194431ac
commit
2e4dd7ff0e
1 changed files with 5 additions and 15 deletions
|
|
@ -159,7 +159,7 @@ c. een tussentijds onderzoek dat wordt verricht binnen drie maanden voor of na d
|
|||
d. een jaarlijks onderzoek dat wordt verricht binnen drie maanden voor of na elke verjaardatum en dat de bouw, uitrusting, systemen, onderdelen, voorzieningen en materialen van het schip omvat teneinde na te gaan of zij zijn onderhouden overeenkomstig het derde lid, onder *a*, en zich in goede staat bevinden. Van dit jaarlijks onderzoek wordt een aantekening geplaatst op het certificaat;
|
||||
e. een aanvullend onderzoek dat afhankelijk van de omstandigheden hetzij geheel, hetzij gedeeltelijk wordt verricht, indien herstellingen of vernieuwingen zijn uitgevoerd, of indien zich een ongeval heeft voorgedaan, waarbij wordt nagegaan of de noodzakelijke reparaties of vernieuwingen deugdelijk zijn doorgevoerd en of wordt voldaan aan de regels bij of krachtens dit besluit gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld ten aanzien van onderzoeken van schepen die niet vallen onder het eerste lid, teneinde na te gaan of wordt voldaan aan de regels bij of krachtens dit besluit gesteld. Op verzoek van de reder geeft ten aanzien van dergelijke onderzoeken de inspecteur-generaal een verklaring af. De daaraan verbonden kosten worden in rekening gebracht volgens een door Onze Minister vast te stellen tarief.
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld ten aanzien van onderzoeken van schepen die niet vallen onder het eerste lid, teneinde na te gaan of wordt voldaan aan de regels bij of krachtens dit besluit gesteld. Op verzoek van de reder geeft ten aanzien van dergelijke onderzoeken de inspecteur-generaal een verklaring af.
|
||||
|
||||
**3.** a. De toestand van het schip en van de uitrusting dient te worden gehandhaafd in overeenstemming met de bepalingen vastgesteld bij of krachtens dit besluit om zeker te stellen dat het schip in alle opzichten geschikt blijft tot het verlaten van een haven zonder dat het een gevaar vormt voor verontreiniging van het mariene milieu.
|
||||
b. Nadat een onderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid is voltooid, mag zonder de toestemming van de inspecteur-generaal en onverminderd artikel 2a, eerste en tweede lid, geen verandering worden aangebracht in de bouw, uitrusting, systemen, onderdelen, voorzieningen en materialen die aan het onderzoek zijn onderworpen, tenzij het de onmiddellijke vervanging van dergelijke uitrusting en onderdelen betreft.
|
||||
|
|
@ -169,21 +169,11 @@ Indien het schip zich in een haven buiten Nederland bevindt, dient de kapitein t
|
|||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
**1.** Het Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie wordt door de inspecteur-generaal afgegeven na de voltooiing van een eerste of een hernieuwd onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* en *b*, ten behoeve van elk olietankschip met een tonnage van 150 of meer, alsmede ten behoeve van elk schip geen olietankschip zijnde, met een tonnage van 400 of meer.
|
||||
|
||||
**2.** Het certificaat wordt afgegeven tegen betaling van de kosten verbonden aan het onderzoek ter verkrijging van het certificaat alsmede de afgifte daarvan. Onze Minister stelt de tarieven vast voor de vergoeding van de kosten, verbonden aan een onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* tot en met *d*, voorzover dit door een ambtenaar van de divisie Scheepvaart is verricht, en voor de vergoeding van de kosten, verbonden aan de afgifte van het certificaat.
|
||||
|
||||
**3.** Indien afgifte wordt verlangd van meer exemplaren van het certificaat, dan wel indien afgifte wordt verlangd van een certificaat in verband met tussentijdse vervanging, behalve voor die welke door scheepsongevallen verloren zijn gegaan, worden de kosten verbonden aan de afgifte van dergelijke certificaten in rekening gebracht volgens een door Onze Minister vast te stellen tarief.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* en *b*, buiten Nederland noodzakelijk is, komen de reis- en verblijfkosten van de uit te zenden ambtenaren ten laste van de eigenaar.
|
||||
|
||||
**5.** Indien in Nederland een onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* en *b*, ten gevolge van de regeling der werkzaamheden in het bedrijf plaatsvindt tussen 18 uur en 8 uur, op een zaterdag, op een zondag of op een bij het Algemeen Rijksambtenarenreglement daarmee gelijkgestelde dag, is daarvoor door de eigenaar een vergoeding verschuldigd, volgens een door Onze Minister vast te stellen tarief.
|
||||
|
||||
**6.** Indien buiten Nederland een onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* en *b*, ten gevolge van de regeling der werkzaamheden in het bedrijf plaatsvindt buiten de ter plaatse geldende normale werkuren, is daarvoor door de eigenaar een vergoeding verschuldigd volgens een door Onze Minister vast te stellen tarief.
|
||||
Het Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie wordt door de inspecteur-generaal afgegeven na de voltooiing van een eerste of een hernieuwd onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder *a* en *b*, ten behoeve van elk olietankschip met een tonnage van 150 of meer, alsmede ten behoeve van elk schip geen olietankschip zijnde, met een tonnage van 400 of meer.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** a. De inspecteur-generaal kan een daartoe bevoegde regering verzoeken de onderzoeken als bedoeld in artikel 4 uit te voeren en het certificaat als bedoeld in artikel 5, eerste lid, af te geven, of, voorzover van toepassing, een aantekening te plaatsen.
|
||||
**1.** a. De inspecteur-generaal kan een daartoe bevoegde regering verzoeken de onderzoeken als bedoeld in artikel 4 uit te voeren en het certificaat als bedoeld in artikel 5 af te geven, of, voorzover van toepassing, een aantekening te plaatsen.
|
||||
b. Op verzoek van de daartoe bevoegde buitenlandse regering kan namens de inspecteur-generaal een schip dat niet gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren, aan de in artikel 4 genoemde onderzoeken worden onderworpen en ten behoeve van dat schip een certificaat als bedoeld in artikel 5, worden afgegeven, of, voorzover van toepassing, een aantekening worden geplaatst. Indien het een communautair schip als bedoeld in artikel 2 van richtlijn nr. 96/98/EG betreft, moet uitrusting als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, onderdeel a, zijn voorzien van het in dat artikel bedoelde merk van overeenstemming. Indien het een schip betreft dat een vlag voert van een van de andere lidstaten van de Europese Unie, zijn ten aanzien van de uitrusting, bedoeld in bijlage A.1/2 de desbetreffende voorschriften van het Verdrag van toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** In het geval genoemd in het eerste lid onder *b* wordt een afschrift van het certificaat en een afschrift van het rapport van onderzoek zo spoedig mogelijk toegezonden aan de regering die het verzoek heeft gedaan.
|
||||
|
|
@ -229,7 +219,7 @@ e. de naam van het schip wordt veranderd of het schip een ander letterteken of n
|
|||
In dat geval wordt op aanvraag een nieuw certificaat afgegeven voor het nog niet verstreken gedeelte van het tijdvak, waarvoor het vervallen certificaat zou hebben gegolden;
|
||||
f. het schip niet meer gerechtigd is de Nederlandse vlag te voeren.
|
||||
|
||||
**11.** a. Het certificaat kan door de bevoegde ambtenaar van de divisie Scheepvaart worden ingetrokken:
|
||||
**11.** a. Het certificaat kan door de inspecteur-generaal worden ingetrokken:
|
||||
|
||||
1°. wanneer het schip schade van betekenis heeft belopen en de herstelling daarvan niet naar behoren is geschied, of
|
||||
2°. wanneer uit een onderzoek van de bevoegde ambtenaar van de divisie Scheepvaart is gebleken dat het schip niet zonder gevaar voor verontreiniging van het mariene milieu de haven kan verlaten.
|
||||
|
|
@ -593,7 +583,7 @@ figuur 3
|
|||
|
||||
### Artikel 13G
|
||||
|
||||
Een olietankschip waarvoor het Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, vereist is, voldoet ter verkrijging en behoud van dat certificaat mede aan de eisen van verordening (EG) nr. 417/2002 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 februari 2002, betreffende het versneld invoeren van de vereisten inzake een dubbelwandige uitvoering of een gelijkwaardig ontwerp voor enkelwandige olietankschepen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2978/94 van de Raad van de Europese Unie (PbEG L 64).
|
||||
Een olietankschip waarvoor het Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie, bedoeld in artikel 5 vereist is, voldoet ter verkrijging en behoud van dat certificaat mede aan de eisen van verordening (EG) nr. 417/2002 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 februari 2002, betreffende het versneld invoeren van de vereisten inzake een dubbelwandige uitvoering of een gelijkwaardig ontwerp voor enkelwandige olietankschepen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2978/94 van de Raad van de Europese Unie (PbEG L 64).
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue