2014-01-01 | BWBR0002668 | Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen

This commit is contained in:
Coornhert 2014-01-01 12:00:00 +00:00
parent ba52dedb12
commit 41d2daed86

View file

@ -18,7 +18,12 @@ citeertitel: Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- *Belgiëvaarder:* Een schip dat, tenzij nautische omstandigheden daartoe noodzaken, zonder een haven, overlaadplaats, ankerplaats of wachtplaats in Nederland aan te doen, zonder dat er laad-, los- of bunkerhandelingen worden verricht en zonder dat er sprake is van het schoonmaken, gasvrijmaken of spoelen van tanks, vaart:
1°. van zee, over de Westerschelde, naar België; of
2°. vaart van België, over de Westerschelde, naar zee;
- *collo*: verpakking met radioactieve inhoud, gereed voor verzending;
- *globale melding:* melding van de te verrichten zendingen binnen een periode van twaalf maanden, welke wordt gedaan voorafgaand aan het eerste vervoer binnen die periode;
- *handeling*: vervoeren, binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen, of voorhanden hebben bij opslag in verband met vervoer van een:
1º. splijtstof,
@ -61,9 +66,9 @@ e. natuurlijke bronnen waarmee werkzaamheden worden verricht, indien de activite
Het bij of krachtens de artikelen 1, derde lid, 3, 4, eerste, tweede, derde, zesde en zevende lid, 5, 7, tweede en vierde tot en met zevende lid, 8, 9, tweede en vierde lid, 10, eerste en derde lid, 11, eerste, tweede en zevende lid,14, eerste, derde en vierde lid, 15, eerste en vijfde lid, 16, 17, 20, eerste en tweede lid, 48 tot en met 51, 76 tot en met 80, 83 tot en met 101, 112 tot en met 114, 116 tot en met 119, 122, eerste lid en 124 van het Besluit stralingsbescherming bepaalde, met uitzondering van hetgeen daarin is bepaald over toestellen, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
a. in artikel 3, zesde lid, in plaats van «bijlage 1, tabel 1 en tabel 2», wordt gelezen: tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij de VSG;
b. met uitzondering van de artikelen 7 en 9, tweede lid, in plaats van« deskundige» telkens wordt gelezen: veiligheidsadviseur als bedoeld in de Regeling veiligheidsadviseur vervoer gevaarlijke stoffen;
b. vervallen;
c. de overeenkomstige toepassing van artikel 10, eerste lid, onder d, en 11, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geen betrekking heeft op bronnen;
d. het vervoer van splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen betreft, Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;
d. het vervoer van splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen betreft, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;
e. de artikelen 114 en 119 alleen van overeenkomstige toepassing zijn voor het geval een categorie B ongeval wordt opgeschaald tot een categorie A ongeval;
f. bij de overeenkomstige toepassing van artikel 124 in plaats van «die van dit besluit afwijken» wordt gelezen: die van de van overeenkomstige toepassing verklaarde artikelen van het Besluit stralingsbescherming afwijken.
@ -71,7 +76,7 @@ f. bij de overeenkomstige toepassing van artikel 124 in plaats van «die van dit
Geen vergunning krachtens dit besluit wordt verleend indien:
a. niet aan de krachtens artikel 1b in samenhang met de artikelen 4, 5, 6 en 48 van het Besluit stralingsbescherming geldende voorwaarden betreffende rechtvaardiging, optimalisatie en dosislimieten is voldaan;
a. niet aan de krachtens artikel 1b in samenhang met de artikelen 4, 5, 6, 9, 10, 11, 48, 76, 77 en 78 van het Besluit stralingsbescherming geldende voorwaarden betreffende rechtvaardiging, optimalisatie en dosislimieten is voldaan;
b. voor een lid van de bevolking dat zich buiten de locatie bevindt, als gevolg van de handeling of werkzaamheid waarvoor de vergunning is aangevraagd en ten gevolge van andere handelingen en werkzaamheden binnen en buiten deze locatie, een van de volgende doses wordt overschreden:
1º. een effectieve dosis van 1 mSv in een kalenderjaar, en met inachtneming daarvan:
@ -107,25 +112,25 @@ b. de activiteitsconcentratie van die stoffen of ertsen lager is dan de in tabel
**1.**
De aanvraag om een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer bevat de volgende gegevens:
De aanvraag om een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen of ertsen, of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen of ertsen in verband met het vervoer bevat de volgende gegevens:
a. naam en adres van de aanvrager;
b. naam en adres van de afzender;
c. naam en adres van degene, voor wie de splijtstoffen bestemd zijn;
c. naam en adres van degene, voor wie de splijtstoffen of ertsen bestemd zijn;
d. het traject of de trajecten, waarlangs het vervoer zal plaatsvinden;
e. een omschrijving van het vervoermiddel of de vervoermiddelen, waarmede het vervoer zal worden verricht;
f. de vermoedelijke datum van het vervoer of de duur, waarvoor vergunning wordt gevraagd;
g. de hoeveelheid te vervoeren splijtstoffen;
h. in gevallen van colli met het type B(M) of indien de bepalingen voor verpakkingen met splijtstoffen in hoofdstuk 6.4 van bijlage 1 bij de VSG van toepassing zijn:
e. de uiteindelijke bestemming in geval van overladen, of het doel waarvoor de stoffen of ertsen worden aangewend op de plaats van bestemming;
f. een omschrijving van het vervoermiddel of de vervoermiddelen, waarmede het vervoer zal worden verricht;
g. de vermoedelijke datum van het vervoer of de duur, waarvoor vergunning wordt gevraagd;
h. de hoeveelheid te vervoeren splijtstoffen of ertsen;
i. in gevallen van colli met het type B(M) of indien de bepalingen voor verpakkingen met splijtstoffen in hoofdstuk 6.4 van bijlage 1 bij de VSG van toepassing zijn:
1°. een afschrift van certificaten van goedkeuring of erkenning van het model van de te vervoeren colli als bedoeld in 5.1.5.3.1 van bijlage 1 bij de VSG, afgegeven door Onze Minister dan wel door de bevoegde autoriteit van een ander, met toepassing van het tweede lid aangewezen land,
2°. de gegevens, bedoeld in 6.4.23.2(c) van bijlage 1 bij de VSG;
i. in het geval dat radioactieve stoffen op grond van een speciale regeling als bedoeld in 1.7.4 worden vervoerd: de gegevens, bedoeld in 6.4.23.3 van bijlage 1 bij de VSG;
j. in gevallen, waarin een met toepassing van het tweede lid aangewezen land als eerste bij de verzending is betrokken: de door de bevoegde autoriteit van dat land afgegeven certificaten van goedkeuring van verzending, bedoeld in 5.1.5.3.1(c) en 5.1.5.3.1(b) van bijlage 1 bij de VSG;
k. naam en adres van degene, die de verzekering of andere financiële zekerheid, bedoeld in artikel 4, zal verstrekken;
l. in voorkomend geval een nauwkeurige aanduiding van de plaats of de plaatsen, waar opslag van de betrokken splijtstoffen in verband met het vervoer zal plaatsvinden;
m. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die overeenkomstig de krachtens artikel 1b, in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming, geldende regeling als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking;
n. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit stralingsbescherming of het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen.
j. in het geval dat splijtstoffen of ertsen op grond van een speciale regeling als bedoeld in 1.7.4 worden vervoerd: de gegevens, bedoeld in 6.4.23.3 van bijlage 1 bij de VSG;
k. in gevallen, waarin een met toepassing van het tweede lid aangewezen land als eerste bij de verzending is betrokken: de door de bevoegde autoriteit van dat land afgegeven certificaten van goedkeuring van verzending, bedoeld in 5.1.5.3.1(c) en 5.1.5.3.1(b) van bijlage 1 bij de VSG;
l. naam en adres van degene, die de verzekering of andere financiële zekerheid, bedoeld in artikel 4, zal verstrekken alsmede naam en adres van degene die deze verzekering of andere financiële zekerheid zal afsluiten;
m. in voorkomend geval een nauwkeurige aanduiding van de plaats of de plaatsen, waar opslag van de betrokken splijtstoffen of ertsen in verband met het vervoer zal plaatsvinden;
n. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die overeenkomstig de krachtens artikel 1b, in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming, geldende regeling als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking.
**2.**
@ -137,9 +142,9 @@ Uitsluitend aangewezen kunnen worden landen die naar het oordeel van Onze Minist
### Artikel 4
**1.** Aan een vergunning voor het vervoeren van plutonium of verrijkt uranium bevattende splijtstoffen of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer wordt met het oog op het zeker stellen van de betaling van de vergoeding, aan derden toekomende voor schade, hun toegebracht, het voorschrift verbonden, dat het vervoer over, of het voorhanden hebben binnen Nederlands grondgebied slechts mag geschieden, indien degene, die voor schade als bedoeld in een bijzondere wettelijke regeling van de aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, veroorzaakt tijdens het vervoer of de opslag van de splijtstoffen, aansprakelijk kan zijn, ter dekking van die aansprakelijkheid beschikt over een verzekering of andere financiële zekerheid als in die wettelijke regeling bedoeld of over een door Onze Minister van Financiën goedgekeurde verzekering of andere financiële zekerheid, welke niet meer behoeft te bedragen dan € 195 125 492,92.
**1.** Aan een vergunning voor het vervoeren van plutonium of verrijkt uranium bevattende splijtstoffen of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer wordt met het oog op het zeker stellen van de betaling van de vergoeding, aan derden toekomende voor schade, hun toegebracht, het voorschrift verbonden, dat het vervoer over, of het voorhanden hebben binnen Nederlands grondgebied slechts mag geschieden, indien degene, die voor schade als bedoeld in een bijzondere wettelijke regeling van de aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, veroorzaakt tijdens het vervoer of de opslag van de splijtstoffen, aansprakelijk kan zijn, ter dekking van die aansprakelijkheid beschikt over een verzekering of andere financiële zekerheid als in die wettelijke regeling bedoeld of over een door Onze Minister van Financiën goedgekeurde verzekering of andere financiële zekerheid.
**2.** Het vervoeren van plutonium of verrijkt uranium bevattende splijtstoffen over, en het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer binnen Nederlands grondgebied, waarvoor ingevolge dit besluit het in artikel 15, onder *a*, van de wet vervatte verbod niet geldt, mogen slechts geschieden, indien degene, die voor schade als bedoeld in een bijzondere wettelijke regeling van de aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, veroorzaakt tijdens het vervoer of de opslag van de splijtstoffen, aansprakelijk kan zijn, ter dekking van die aansprakelijkheid beschikt over een verzekering of andere financiële zekerheid als in die bijzondere wettelijke regeling bedoeld of over een door Onze Minister van Financiën goedgekeurde verzekering of andere financiële zekerheid, welke niet meer behoeft te bedragen dan € 195 125 492,92.
**2.** Het vervoeren van plutonium of verrijkt uranium bevattende splijtstoffen over, en het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer binnen Nederlands grondgebied, waarvoor ingevolge dit besluit het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod niet geldt, mogen slechts geschieden, indien degene, die voor schade als bedoeld in een bijzondere wettelijke regeling van de aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, veroorzaakt tijdens het vervoer of de opslag van de splijtstoffen, aansprakelijk kan zijn, ter dekking van die aansprakelijkheid beschikt over een verzekering of andere financiële zekerheid als in die bijzondere wettelijke regeling bedoeld of over een door Onze Minister van Financiën goedgekeurde verzekering of andere financiële zekerheid.
**3.** Het eerste en tweede lid gelden niet voor het vervoeren en het voorhanden hebben van de daargenoemde stoffen van een verrijkingsgraad of in hoeveelheden, waarop de daarbedoelde wettelijke regeling niet van toepassing is.
@ -149,7 +154,7 @@ Vervallen
### Artikel 4b
Met betrekking tot het vervoer van splijtstoffen of ertsen over de spoorweg, over land, anders dan over de spoorweg, of over de binnenwateren en de met dit vervoer samenhangende laad- en loswerkzaamheden is de Regeling veiligheidsadviseur vervoer gevaarlijke stoffen van overeenkomstige toepassing.
Vervallen
#### Paragraaf 2. Radioactieve stoffen
@ -159,13 +164,22 @@ Met betrekking tot het vervoer van splijtstoffen of ertsen over de spoorweg, ove
**2.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor het vervoeren of het voorhanden hebben in verband met dat vervoer van radioactieve stoffen voor zover de vervoerder kan aantonen dat hij:
a. dat vervoer reeds heeft vermeld in de globale melding; en
b. een administratie bijhoudt waarin de gegevens genoemd in artikel 4d zijn opgenomen.
**3.** De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet indien er sprake is van aansluitend vervoer in het kader van het binnen Nederlands grondgebied (doen) brengen of het voorafgaand vervoer in het kader van het buiten Nederlands grondgebeid (doen) brengen als bedoeld in artikel 27.
**4.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor het vervoeren of het voorhanden hebben bij de opslag in verband met dat vervoer van een kunstmatige bron of een natuurlijke bron, voorzover deze is of wordt bewerkt met het oog op zijn radioactieve eigenschappen, indien:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken radioactieve stof lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending,
b. de activiteitsconcentratie van die stof lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen, of
c. artikel 5 van toepassing is.
**3.**
**5.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor het vervoeren of het voorhanden hebben bij de opslag in verband met dat vervoer van een natuurlijke bron, voorzover deze niet is of wordt bewerkt met het oog op zijn radioactieve eigenschappen, indien:
@ -173,9 +187,9 @@ a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken natuurlijke bron lager is
b. de activiteitsconcentratie van de betrokken natuurlijke bron lager is dan tienmaal de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen, of
c. artikel 5 van toepassing is.
**4.** Het bij en krachtens artikel 25, derde, vierde, zevende en achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**6.** Het bij of krachtens artikel 25, vierde, vijfde en achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**5.** De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor bij regeling van Onze Minister aangewezen handelingen en werkzaamheden, die een beperkt risico van blootstelling van mensen tot gevolg hebben.
**7.** De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor bij regeling van Onze Minister aangewezen handelingen en werkzaamheden, die een beperkt risico van blootstelling van mensen tot gevolg hebben.
### Artikel 4d
@ -215,7 +229,7 @@ b. in colli van type B(M), waarvan de activiteit hoger is dan 3 x 10^3 A_1, 3
De aanvraag om een vergunning voor het vervoeren van radioactieve stoffen en voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met het vervoer bevat de volgende gegevens:
a. de gegevens, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a tot en met g en l tot en met n, en derde lid, met dien verstande dat telkens in plaats van «splijtstoffen» wordt gelezen: «radioactieve stoffen» en in plaats van «handeling»: «handeling of werkzaamheid»;
a. de gegevens, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met h, m en n, en derde lid, met dien verstande dat telkens in plaats van «splijtstoffen» wordt gelezen: «radioactieve stoffen» en in plaats van «handeling»: «handeling of werkzaamheid»;
b. in een geval als bedoeld in artikel 5, eerste lid:
1°. een afschrift van certificaten van goedkeuring of erkenning van het model van de te vervoeren colli als bedoeld in 5.1.5.3.1 van bijlage 1 bij de VSG, afgegeven door Onze Minister dan wel door de bevoegde autoriteit van een ander, met overeenkomstige toepassing van artikel 3, tweede lid, aangewezen land,
@ -225,7 +239,7 @@ d. in gevallen, waarin een met overeenkomstige toepassing van artikel 3, tweede
### Artikel 6a
Met betrekking tot het vervoer van radioactieve stoffen over de spoorweg, over land, anders dan over de spoorweg, of over de binnenwateren en de met dit vervoer samenhangende laad- en loswerkzaamheden is de Regeling veiligheidsadviseur vervoer gevaarlijke stoffen van overeenkomstige toepassing.
Vervallen
### Afdeling 2. Vervoer over de spoorweg
@ -235,11 +249,11 @@ Met betrekking tot het vervoer van radioactieve stoffen over de spoorweg, over l
**1.**
Aan een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen over de spoorweg of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met zodanig vervoer worden ter voorkoming van schade zodanige voorschriften verbonden, dat:
Aan een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen of ertsen over de spoorweg of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met zodanig vervoer worden ter voorkoming van schade zodanige voorschriften verbonden, dat:
a. blootstelling en besmetting, zo veel als redelijkerwijs mogelijk is, wordt voorkomen;
b. in gevallen, waarin blootstelling of besmetting onvermijdelijk is, deze zo veel als redelijkerwijs mogelijk is wordt beperkt;
c. in gevallen, waarin blootstelling of besmetting onvermijdelijk is, het aantal aan ioniserende stralen blootgestelde personen, met vermijding van een ontoelaatbaar te achten blootstelling of besmetting per persoon, zo veel als redelijkerwijs mogelijk is wordt beperkt.
c. in gevallen, waarin blootstelling of besmetting onvermijdelijk is, het aantal aan ioniserende straling blootgestelde personen, met vermijding van een ontoelaatbaar te achten blootstelling of besmetting per persoon, zo veel als redelijkerwijs mogelijk is wordt beperkt.
**2.**
@ -248,7 +262,8 @@ Tot de in het eerste lid bedoelde voorschriften kunnen behoren:
a. het voorschrift, dat het vervoer dient te geschieden onder daarbij aan te wijzen geleide, dan wel de opslag onder daarbij aan te wijzen toezicht;
b. het voorschrift, dat het vervoer dient plaats te vinden langs een daarbij aan te geven route;
c. het voorschrift, dat bij opslag in verband met het vervoer, onverminderd de bepalingen, welke terzake gelden op grond van andere voorschriften, zodanige maatregelen dienen te worden genomen, dat schade zo veel als redelijkerwijs mogelijk is, wordt voorkomen;
d. het voorschrift, dat bij opslag in verband met het vervoer moet worden voldaan aan door Onze Minister gestelde nadere eisen.
d. het voorschrift, dat bij opslag in verband met het vervoer moet worden voldaan aan door Onze Minister gestelde nadere eisen;
e. het voorschrift dat van de transportroute mag worden afgeweken, indien door een onvoorzien voorval een onbelemmerde doorgang van het vervoer niet meer mogelijk is.
### Artikel 8
@ -298,7 +313,23 @@ Ten aanzien van het vervoeren van splijtstoffen of ertsen over land, anders dan
### Artikel 13
Het in artikel 15, onder *a*, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het vervoeren van splijtstoffen over de Nederlandse territoriale zee of over niet-Nederlandse wateren.
**1.**
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het vervoeren van splijtstoffen of ertsen:
a. over de Nederlandse territoriale zee of over niet-Nederlandse wateren:
b. door Belgiëvaarders indien voor het vervoer een vergunning is afgegeven door de bevoegde Belgische autoriteiten en een melding als bedoeld in het tweede lid is gedaan.
**2.**
Vervoer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt ten minste drie weken tevoren gemeld aan Onze Minister waarbij de vervoerder de volgende informatie verschaft:
a. de naam en het adres van degene die de melding doet, alsmede van de afzender en de ontvanger van de betrokken splijtstoffen en ertsen;
b. de hoeveelheid splijtstoffen en ertsen waarop de melding betrekking heeft;
c. de data waarop het vervoer zal plaatsvinden;
d. het nummer en de geldigheidsdatum van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, onder b.
**3.** Een Belgiëvaarder neemt de vergunning, bedoeld in het eerste lid, onder b, in acht.
### Artikel 14
@ -346,11 +377,11 @@ e. voor vervoer als bedoeld in artikel 15 met een schip onder vreemde vlag het b
### Artikel 17
Het in artikel 15, onder *a*, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het vervoeren van splijtstoffen in een luchtvaartuig, waarbij geen landing op Nederlands grondgebied plaatsvindt.
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het vervoeren van splijtstoffen of ertsen in een luchtvaartuig, waarbij geen landing op Nederlands grondgebied plaatsvindt.
### Artikel 18
**1.** Aan een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen in een luchtvaartuig of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met zodanig vervoer worden ter voorkoming van schade voorschriften verbonden als bedoeld in artikel 7, eerste lid.
**1.** Aan een vergunning voor het vervoeren van splijtstoffen of ertsen in een luchtvaartuig of voor het voorhanden hebben van genoemde stoffen bij opslag in verband met zodanig vervoer worden ter voorkoming van schade voorschriften verbonden als bedoeld in artikel 7, eerste lid.
**2.**
@ -403,12 +434,13 @@ c. voor vervoer als bedoeld in artikel 20 in een niet-Nederlands luchtvaartuig h
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van splijtstoffen of ertsen indien:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken splijtstoffen en ertsen lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending; of
b. de activiteitsconcentratie van die stoffen en ertsen lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen.
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken splijtstoffen en ertsen lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending;
b. de activiteitsconcentratie van die stoffen en ertsen lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen, of
c. het vervoer, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b, betreft.
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid worden bestraalde splijtstoffen beoordeeld naar onbestraalde toestand.
**3.** Het bij en krachtens artikel 25, derde, vierde en zevende lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**4.** Het bij of krachtens artikel 25, vierde, vijfde en achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**4.** Bij regeling van Onze Minister kan worden bepaald dat het eerste lid niet van toepassing is in daarbij aangewezen categorieën van gevallen, waarin sprake is van een te hoog risico van blootstelling van werknemers of leden van de bevolking.
@ -416,16 +448,16 @@ b. de activiteitsconcentratie van die stoffen en ertsen lager is dan de in tabel
**1.**
De aanvraag om een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van splijtstoffen bevat de volgende gegevens:
De aanvraag om een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van splijtstoffen of ertsen bevat de volgende gegevens:
a. naam en adres van de aanvrager;
b. de soort handeling, waarop de aanvraag betrekking heeft;
c. naam en adres van degene, voor wie de splijtstoffen bestemd zijn;
d. de hoeveelheid, de chemische en fysische toestand, de vorm, het gehalte en de verrijkingsgraad van de splijtstoffen;
e. het land van herkomst van de splijtstoffen;
f. het land van bestemming van de splijtstoffen;
g. de vermoedelijke datum, waarop de splijtstoffen binnen Nederlands grondgebied zullen worden gebracht, of de duur, waarvoor vergunning wordt gevraagd;
h. de plaats, waar de splijtstoffen binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied zullen worden gebracht;
c. naam en adres van degene, voor wie de splijtstoffen of ertsen bestemd zijn;
d. de hoeveelheid, de chemische en fysische toestand, de vorm, het gehalte en de verrijkingsgraad van de splijtstoffen of ertsen;
e. het land van herkomst van de splijtstoffen of ertsen;
f. het land van bestemming van de splijtstoffen of ertsen;
g. de vermoedelijke datum, waarop de splijtstoffen of ertsen binnen Nederlands grondgebied zullen worden gebracht, of de duur, waarvoor vergunning wordt gevraagd;
h. de plaats, waar de splijtstoffen of ertsen binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied zullen worden gebracht;
i. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die overeenkomstig de krachtens artikel 1b, in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming, geldende regeling als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking.
**2.** Indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die niet of als niet-gerechtvaardigd is bekendgemaakt overeenkomstig de krachtens artikel 1b, in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling, omvat de aanvraag om een vergunning tevens een verzoek om rechtvaardiging van die handeling. De aanvraag om de vergunning bevat dan tevens de gegevens met betrekking tot de economische, sociale en andere voordelen van de betrokken handeling en met betrekking tot de gezondheidsschade die erdoor kan worden toegebracht, die nodig zijn met het oog op de beoordeling van de gerechtvaardigdheid van de handeling.
@ -434,24 +466,25 @@ i. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die overeenkomstig
**1.**
Aan een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen van splijtstoffen kunnen ter voorkoming van schade de volgende voorschriften worden verbonden:
Aan een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen van splijtstoffen of ertsen kunnen ter voorkoming van schade de volgende voorschriften worden verbonden:
a. het voorschrift, dat de splijtstoffen uitsluitend binnen Nederlands grondgebied mogen worden gebracht, indien zij bestemd zijn voor een persoon die bevoegd is die stoffen voorhanden te hebben, of voor een persoon in een ander land dan Nederland;
b. het voorschrift, dat de splijtstoffen uitsluitend binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied mogen worden gebracht op de plaats die in het voorschrift is vermeld;
a. het voorschrift, dat de splijtstoffen of ertsen uitsluitend binnen Nederlands grondgebied mogen worden gebracht, indien zij bestemd zijn voor een persoon die bevoegd is die stoffen voorhanden te hebben, of voor een persoon in een ander land dan Nederland;
b. het voorschrift, dat de splijtstoffen of ertsen uitsluitend binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied mogen worden gebracht op de plaats die in het voorschrift is vermeld;
c. het voorschrift, dat de vergunning of een gewaarmerkt afschrift daarvan desverlangd aan een op grond van artikel 58, eerste lid, van de wet aangewezen ambtenaar ter inzage moet worden gegeven.
**2.**
Aan een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied doen brengen van splijtstoffen kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
Aan een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied doen brengen van splijtstoffen of ertsen kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. het voorschrift, dat de houder van de vergunning uitsluitend splijtstoffen binnen Nederlands grondgebied mag doen brengen, indien zij bestemd zijn voor een persoon, die bevoegd is die stoffen voorhanden te hebben, of voor een persoon in een ander land dan Nederland;
b. het voorschrift, dat de houder van de vergunning de splijtstoffen uitsluitend binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied mag doen brengen op een plaats die in het voorschrift is vermeld;
c. het voorschrift, dat de houder van de vergunning de vergunning of een gewaarmerkt afschrift daarvan ter beschikking moet stellen aan degene, die de splijtstoffen binnen of buiten Nederlands grondgebied brengt;
d. het voorschrift, dat de houder van de vergunning er voor dient zorg te dragen, dat aan de voor het betrokken vervoer geldende voorschriften met betrekking tot de verpakking en de daarop aan te brengen opschriften en gevaarsetiketten wordt voldaan.
a. het voorschrift, dat de houder van de vergunning uitsluitend splijtstoffen of ertsen binnen Nederlands grondgebied mag doen brengen, indien zij bestemd zijn voor een persoon, die bevoegd is die stoffen voorhanden te hebben, of voor een persoon in een ander land dan Nederland;
b. het voorschrift, dat de houder van de vergunning de splijtstoffen of ertsen uitsluitend binnen, onderscheidenlijk buiten Nederlands grondgebied mag doen brengen op een plaats die in het voorschrift is vermeld;
c. het voorschrift, dat de houder van de vergunning de vergunning of een gewaarmerkt afschrift daarvan ter beschikking moet stellen aan degene, die de splijtstoffen of ertsen binnen of buiten Nederlands grondgebied brengt;
d. het voorschrift, dat de houder van de vergunning er voor dient zorg te dragen, dat aan de voor het betrokken vervoer geldende voorschriften met betrekking tot de verpakking en de daarop aan te brengen opschriften en gevaarsetiketten wordt voldaan;
e. het voorschrift dat van de plaats waar de splijtstoffen of ertsen binnen respectievelijk buiten Nederlands grondgebied worden gebracht mag worden afgeweken, indien door een onvoorzien voorval een onbelemmerde doorgang van het vervoer niet meer mogelijk is.
### Artikel 26
**1.** Degene, die splijtstoffen binnen of buiten Nederlands grondgebied brengt, draagt, indien voor het binnen Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van die splijtstoffen een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet is vereist, ervoor zorg dat de vergunning of een gewaarmerkt afschrift daarvan tijdens het vervoer bij de splijtstoffen aanwezig is.
**1.** Degene, die splijtstoffen of ertsen binnen of buiten Nederlands grondgebied brengt, draagt, indien voor het binnen Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van die splijtstoffen of ertsen een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet is vereist, ervoor zorg dat de vergunning of een gewaarmerkt afschrift daarvan tijdens het vervoer bij de splijtstoffen of ertsen aanwezig is.
**2.** Degene, die splijtstoffen of ertsen binnen of buiten Nederlands grondgebied doet brengen in een geval waarin ingevolge dit besluit het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod niet geldt, draagt ervoor zorg dat aan de voor het betrokken vervoer geldende voorschriften met betrekking tot de verpakking en de daarop aan te brengen opschriften en gevaarsetiketten wordt voldaan.
@ -486,12 +519,14 @@ b. de activiteitsconcentratie van de betrokken natuurlijke bron lager is dan tie
**5.** Het in het eerste lid bedoelde verbod geldt niet voor bij regeling van Onze Minister aangewezen handelingen en werkzaamheden die een beperkt risico van blootstelling van mensen tot gevolg hebben.
**6.** De verplichting, bedoeld in artikel 4c, eerste lid, geldt niet ingeval er sprake is van een vergunning voor het binnen of buiten het Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van geneesmiddelen of gebruiksartikelen, als bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 28
De aanvraag om een vergunning voor het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van radioactieve stoffen als bedoeld in artikel 27, eerste lid, bevat de volgende gegevens:
a. de gegevens, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, b en e tot en met i, en tweede lid, met dien verstande dat in plaats van «splijtstoffen» telkens wordt gelezen: «radioactieve stoffen» en in plaats van «handeling» wordt gelezen: «handeling of werkzaamheid»;
b. een opgave en verklaring als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder c, met dien verstande, dat in plaats van "splijtstoffen", telkens wordt gelezen: "radioactieve stoffen";
a. de gegevens, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, b en e tot en met i, en tweede lid, met dien verstande dat in plaats van «splijtstoffen of ertsen» telkens wordt gelezen: «radioactieve stoffen» en in plaats van «handeling» wordt gelezen: «handeling of werkzaamheid»;
b. een opgave als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder c, met dien verstande, dat in plaats van "splijtstoffen of ertsen", telkens wordt gelezen: "radioactieve stoffen";
c. de hoeveelheid radioactieve stoffen, waarop de aanvraag betrekking heeft, zo mogelijk onder vermelding van symbool, massagetal en energietoestand van de betrokken nucliden, van de maximale activiteit van de stoffen en van de chemische en fysische toestand en de vorm, waarin deze zich bevinden;
d. een omschrijving van de geneesmiddelen of gebruiksartikelen, waarin de radioactieve stoffen zich bevinden.
@ -513,30 +548,35 @@ Vervallen
**1.**
De ondernemer die:
De ondernemer onder wiens verantwoordelijkheid:
a. een radioactieve stof binnen Nederlands grondgebied brengt of doet brengen vanuit een land buiten de Europese Unie of een radioactieve stof vanaf Nederlands grondgebied buiten het grondgebied van de Europese Unie brengt of doet brengen, of
b. een open bron vanaf Nederlands grondgebied naar het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie brengt of doet brengen,
meldt dit tenminste drie weken voordat die handeling of werkzaamheid plaatsvindt, aan Onze Minister.
a. een radioactieve stof binnen het Nederlands grondgebied wordt gebracht vanuit een land buiten de Europese Unie of een radioactieve stof vanaf Nederlands grondgebied buiten het grondgebied van de Europese Unie wordt gebracht, of
b. een radioactieve stof als open bron vanaf Nederlands grondgebied naar het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie wordt gebracht, meldt dit tenminste drie weken voordat dit brengen plaatsvindt aan Onze Minister.
**2.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor het brengen van de aldaar bedoelde stoffen voor zover de ondernemer kan aantonen dat hij:
a. dat vervoer reeds heeft vermeld in de globale melding; en
b. een administratie bijhoudt waarin de gegevens genoemd in artikel 4d zijn opgenomen.
**3.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor een kunstmatige bron of een natuurlijke bron, voorzover deze is of wordt bewerkt met het oog op zijn radioactieve eigenschappen, indien:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken radioactieve stof lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending, of
b. de activiteitsconcentratie van die stof lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen.
**3.**
**4.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet voor een natuurlijke bron, voorzover deze niet is of wordt bewerkt met het oog op zijn radioactieve eigenschappen, indien:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken natuurlijke bron lager is dan de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde grenswaarde voor de activiteit van een vrijgestelde zending; of
b. de activiteitsconcentratie van de betrokken natuurlijke bron lager is dan tienmaal de in tabel 2.2.7.7.2.1 van bijlage 1 bij het VSG vermelde genoemde waarde voor de activiteitsconcentratie voor vrijgestelde stoffen.
**4.** Het bij en krachtens artikel 25, derde, vierde, zevende en achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**5.** Het bij en krachtens artikel 25, derde, vierde, zevende en achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**5.**
**6.**
De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet:
@ -560,6 +600,12 @@ f. indien een melding wordt gedaan voor een handeling of werkzaamheid die overee
**3.** Degene die de melding heeft gedaan, meldt wijzigingen van de in het eerste lid genoemde gegevens ten minste drie werkdagen voordat de handelingen of werkzaamheden plaatsvinden, waarop ze betrekking hebben, aan Onze Minister.
### Paragraaf 3. Uitvoering Verordening (Euratom) nr. 1493/93
### Artikel 32b
Het is verboden in strijd te handelen met de artikelen 4, 5 en 6 van Verordening (Euratom) nr. 1493/93 van de Raad van 8 juni 1993 betreffende de overbrenging van radioactieve stoffen tussen Lid-Staten van de Europese Gemeenschap (PbEG 1993 L148).
## Hoofdstuk IV. Inrichtingen, waarin splijtstoffen worden opgeslagen in verband met het vervoer
### Artikel 33