2009-01-01 | BWBR0022609 | Hygiënebesluit leghennenbedrijven (PPE) 2007

This commit is contained in:
Coornhert 2009-01-01 12:00:00 +00:00
parent 44d20635d3
commit 5c36e9357b

View file

@ -20,23 +20,29 @@ De in artikel 2, derde lid, van de Verordening bedoelde eisen waaraan de onderne
### Artikel 3
**1.** De uitslag van een hygiënogram als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de Verordening, is kleiner of gelijk aan 2,0.
**1.** De uitslag van een hygiënogram als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de Verordening, is kleiner dan of gelijk aan 2,0.
**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter dan 2,0 maar kleiner of gelijk aan 3,0 is, dan wordt door een professioneel ontsmettingsbedrijf de stal opnieuw ontsmet. Daarna mag een nieuw koppel leghennen worden geplaatst.
**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter dan 2,0 maar kleiner dan of gelijk aan 3,0 is, dan wordt door een professioneel ontsmettingsbedrijf de stal opnieuw ontsmet. Daarna mag een nieuw koppel leghennen worden geplaatst.
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter is dan 3,0 dan dient de stal door een professioneel ontsmettingsbedrijf opnieuw te worden ontsmet. Na het ontsmetten wordt opnieuw een hygiënogram uitgevoerd. Een nieuw koppel leghennen mag alleen dan worden opgezet, indien de uitslag van het hygiënogram kleiner of gelijk is aan 2,0.
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter is dan 3,0 dan dient de stal door een professioneel ontsmettingsbedrijf opnieuw te worden ontsmet. Na het ontsmetten wordt opnieuw een hygiënogram uitgevoerd. Een nieuw koppel leghennen mag alleen dan worden opgezet, indien de uitslag van het hygiënogram kleiner dan of gelijk is aan 2,0.
**4.** Wanneer overeenkomstig Bijlage II onder b. van het Besluit erkenningsvoorwaarden en werkwijzen HOSOWOinstanties (PPE) 2007 de uitslag van twee van de vijf onderdelen van de visuele controle slecht is, wordt na de volgende ronde nogmaals een hygiënogram uitgevoerd.
### Artikel 4
**1.** Het onderzoek op de aanwezigheid van Salmonella als genoemd in artikel 4, tweede lid, van de Verordening, wordt uitgevoerd op de wijze als omschreven in Bijlage II, sub A. 1.
**1.** Het reguliere onderzoek op de aanwezigheid van Salmonella als genoemd in artikel 4, tweede lid, onderdeel b, van de Verordening, wordt uitgevoerd op de wijze als omschreven in Bijlage II, hoofdstuk 1.1.
**2.** Indien met het in het eerste lid bedoelde onderzoek de serotypen Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium worden aangetoond, handelt de ondernemer overeenkomstig Bijlage II, sub A.2.
**2.** Het officiële onderzoek op de aanwezigheid van Salmonella als genoemd in artikel 4, tweede lid, onderdeel c, van de Verordening, wordt uitgevoerd op de wijze als omschreven in Bijlage II, hoofdstuk 1.2.
**3.** Indien met de in het eerste lid en tweede lid bedoelde onderzoeken de serotypen Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium worden aangetoond, handelt de ondernemer overeenkomstig Bijlage II, hoofdstuk 2.
**4.** Het verificatieonderzoek als genoemd in artikel 4, vijfde lid, onderdeel b, van de Verordening, wordt uitgevoerd op de wijze als omschreven in Bijlage II, hoofdstuk 4.7.
### Artikel 5
De resultaten van de analyse van de monsters als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Verordening worden door de ondernemer schriftelijk vastgelegd en doorgegeven overeenkomstig Bijlage II, sub A.3.
**1.** De resultaten van de analyse van de monsters als bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel b, van de Verordening worden door of namens de ondernemer doorgegeven overeenkomstig Bijlage II, hoofdstuk 3.1.
**2.** De resultaten van de analyse van de monsters als bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel c, van de Verordening worden door of namens de ondernemer doorgegeven overeenkomstig Bijlage II, hoofdstuk 3.2.
### Artikel 6
@ -56,10 +62,10 @@ Indien op grond van het verificatieonderzoek als bedoeld in artikel 4, vijfde li
**2.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dag van dagtekening in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie, waarin het wordt geplaatst.
## Bijlage I. : Pluimvee in kooien
## Bijlage I. : Hygiënemaatregelen kooihuisvesting
De ondernemer die een leghennenbedrijf uitoefent en zijn pluimvee in kooien houdt is niet verplicht iedere stal te splitsen in een bufferdeel en een schoon deel en op de scheiding van het bufferdeel en het schone deel van schoeisel te wisselen, mits hij de hygiëne op één van de volgende wijzen heeft gewaarborgd:
## Bijlage II. : Onderzoeksprogramma legbennenbedrijven
## Bijlage II. : Onderzoeksprogramma leghennenbedrijven
## Bijlage III. : Werkvoorschrift