2026-01-01 | BWBR0048028 | Wet goed verhuurderschap

This commit is contained in:
Coornhert 2026-01-01 12:00:00 +00:00
parent 9c4a9969ed
commit 86c8010daf

View file

@ -130,8 +130,6 @@ b. een in de verordening aangewezen categorie van verblijfsruimte zonder vergunn
**2.** In het geval van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel a of b, betrekking heeft op een woon- of verblijfsruimte of het gebouw waarin die woon- of verblijfsruimte is gelegen en voor de realisatie van deze functie een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel a, of tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de Omgevingswet, of een vergunning als bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014 is aangevraagd, maar nog niet is verleend, wordt de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, aangehouden tot dat een beslissing is genomen op de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel a, of tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de Omgevingswet, of een vergunning als bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014.
**3.** In afwijking van artikel 2:15, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, stellen burgemeester en wethouders de elektronische weg open voor de aanvraag van een vergunning als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel a of b.
### Artikel 7
**1.** Een vergunning als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel a of b, wordt geweigerd indien voor de realisatie van die woon- of verblijfsruimte een vereiste omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onderdeel a, of tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de Omgevingswet, of indien de betrokken woon- of verblijfsruimte is gerealiseerd en op grond van artikel 4.3, eerste lid, onderdeel a, van de Omgevingswet bij algemene maatregel van bestuur is bepaald dat het feitelijk in gebruik nemen van het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit verboden is zonder voorafgaande melding, of een vergunning als bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014, vereist is en de verhuurder de vereiste vergunning of melding of een aanvraag voor die vergunning waarop het bevoegd gezag nog niet heeft beslist, niet heeft overgelegd bij de aanvraag.