2025-10-12 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A)

This commit is contained in:
Coornhert 2025-10-12 12:00:00 +00:00
parent f8829fa690
commit 910ea23496

View file

@ -56,6 +56,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| DUO | Dienst Uitvoering Onderwijs, voorheen IB-Groep en CFI |
| EBV | Elektronisch Berichtenverkeer |
| EER | Europese Economische Ruimte |
| EES | Entry/Exit System (inreis-uitreissysteem) |
| EEG | Europese Economische Gemeenschap |
| EG | Europese Gemeenschap |
| EHRM | Europees Hof voor de Rechten van de Mens |
@ -122,7 +123,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| RvR | Raad voor Rechtsbijstand |
| RWN | Rijkswet op het Nederlanderschap |
| SBB | stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SIRENE | Supplementary Information Request at the National Entries |
| SIS | Schengen Informatiesysteem |
| Stb. | Staatsblad |
@ -142,7 +143,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| Vb | Vreemdelingenbesluit |
| vbl | vrijheidsbeperkende locatie |
| Vc | Vreemdelingencirculaire |
| VIS | Verificatie Informatie Systeem |
| VIS | Visum Informatie Systeem |
| VN | Verenigde Naties |
| VNG | Vereniging van Nederlandse Gemeenten |
| vo | voortgezet onderwijs |
@ -187,8 +188,9 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
In dit hoofdstuk zijn beleidsregels opgenomen als aanvulling op of een uitwerking van:
• de verordening nr. (EU) nr. 2016/399 (Schengengrenscode);
• de verordening (EU) nr. 2016/399 (Schengengrenscode);
• de Verordening nr. 810/2009 EG (Visumcode);
• de Verordening (EU) nr. 2017/2226 (EES);
• artikel 3 Vw;
• artikel 4 Vw;
• artikel 5 Vw;
@ -197,8 +199,12 @@ In dit hoofdstuk zijn beleidsregels opgenomen als aanvulling op of een uitwerkin
• artikel 65 Vw;
• artikel 8.7 en artikel 8.8 Vb.
#### 1.1. Definities
In dit hoofdstuk wordt onder toegang verstaan de toegang tot het Schengengebied. Onder vertrek wordt verstaan het vertrek uit het Schengengebied.
In het kader van EES wordt in dit hoofdstuk gesproken over lidstaten. Daarmee worden de volgende landen bedoeld: de landen van de EU (zonder Cyprus en Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland.
### 2. Bevoegdheid
De ambtenaar belast met de grensbewaking is bevoegd de grensbewakingstaak binnen Nederland uit te oefenen. Hieronder is de geografische verdeling aangegeven van de gebieden waarin de grensbewaking plaatsvindt. De ZHP en de KMar zijn bevoegd afspraken te maken over het verlenen van bijstand aan elkaar bij de grensbewaking.
@ -658,7 +664,7 @@ De Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging mag een mvv-verklar
### 6. Vrije termijn
De ambtenaar belast met de grensbewaking of de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen berekent de maximale termijn van 90 dagen door voor iedere dag van het verblijf de 180 voorafgaande dagen in aanmerking te nemen, conform artikel 6, aanhef, SGC. Bij de berekening van de vrije termijn zijn inreisstempels van de Schengenlanden leidend.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen raadpleegt de ingebouwde calculator in EES om de maximale termijn van 90 dagen voor iedere dag van het verblijf in de voorafgaande 180 dagen te berekenen, conform artikel 6, aanhef, SGC. Bij de berekening van de vrije termijn zijn in- en uitreisnotities in het EES van de lidstaten leidend.
De IND verlengt op grond van artikel 3.3, eerste lid, onder c, Vb de vrije termijn van niet-visumplichtige vreemdelingen in geval van bijzondere omstandigheden tot maximaal zes maanden (180 dagen). De vreemdeling moet bij het verzoek om verlenging van de vrije termijn een beroep doen op tenminste één van de volgende situaties:
@ -675,13 +681,11 @@ Daarnaast verlengt de IND in geval sprake is van een wezenlijk Nederlands belang
De IND maakt, om deze verlenging van de vrije termijn zichtbaar te maken, gebruik van de sticker verblijfsaantekening algemeen, die in het geldige document voor grensoverschrijding wordt aangebracht. Een verzoek om verlenging van de vrije termijn is voor de vreemdeling gratis.
Na verlenging van de vrije termijn wordt EES bijgewerkt door de IND.
Aan een vreemdeling die gevaar oplevert voor de openbare orde, de nationale veiligheid of de volksgezondheid is geen verblijf tijdens de vrije termijn toegestaan. Onder gevaar voor de openbare orde zijn mede begrepen gevaar voor de openbare rust, de goede zeden en de internationale betrekkingen. Voor een toelichting op deze voorwaarde wordt verwezen naar A1/3 Vc.
Van gevaar voor de openbare orde is sprake zijn als de vreemdeling in het E&S staat gesignaleerd als:
ongewenste vreemdeling; of
ongewenstverklaarde vreemdeling.
• Tevens kan een vreemdeling voor weigering van toegang tot Nederland dan wel het Schengengebied in het (N)SIS geregistreerd staan. Ook kan er sprake zijn van een inreisverbod.
Als een vreemdeling gesignaleerd staat in het SIS of E&S kan dat een indicatie zijn dat hij een gevaar vormt voor de openbare orde, de nationale veiligheid of de internationale betrekkingen van één van de lidstaten.
### 7. Toezicht aan de buitengrens
@ -699,21 +703,21 @@ Een haven of luchthaven wordt hierbij in zijn geheel beschouwd als grensdoorlaat
De ambtenaar belast met de grensbewaking verleent toegang onder voorwaarden aan:
• een vreemdeling die kort verblijf beoogt;
• een niet mvv-plichtige vreemdeling die zijn verblijfsdoel wijzigt en kort verblijf beoogt.
• een niet-MVVplichtige vreemdeling die zijn verblijfsdoel wijzigt en kort verblijf beoogt.
De ambtenaar belast met de grensbewaking kan aan de vreemdeling die de toegang onder voorwaarden is verleend niet:
• de toegang op grond van artikel 6, eerste lid, SGC weigeren;
• tegenwerpen dat de vreemdeling zich niet zal houden aan de in artikel 12 Vw gestelde voorwaarden voor verblijf in de vrije termijn.
De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt in het geldige document voor grensoverschrijding van de vreemdeling een aantekening als blijk van de verleende toegang aan de vreemdeling. Deze aantekeningen zien in ieder geval op:
De ambtenaar belast met de grensbewaking maakt in het geldige document voor grensoverschrijding van de vreemdeling een aantekening als blijk van de verleende toegang aan de vreemdeling. Deze aantekeningen zien in ieder geval op:
• het stellen van zekerheid (zie A1/4.6 Vc);
• het opleggen van een meldplicht aan de vreemdeling.
De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt de aantekeningen door middel van het aanbrengen van de sticker met betrekking tot de toegang onder voorwaarden in het geldige document voor grensoverschrijding. De ambtenaar belast met de grensbewaking plaatst het inreisstempel half op en half onder het laminaat van de sticker.
De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt de aantekeningen door middel van het aanbrengen van de sticker met betrekking tot de toegang onder voorwaarden in het geldige document voor grensoverschrijding. De ambtenaar belast met de grensbewaking plaatst een inreisnotitie in het EES.
De ambtenaar belast met de grensbewaking geeft kennis van de toegang onder voorwaarden door een formulier (zie model M20) te zenden aan de Korpschef van de politieregio waarin de gemeente waar de vreemdeling zal verblijven is gelegen. De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt een garantverklaring, als die is afgegeven, met deze kennisgeving mee.
De ambtenaar belast met de grensbewaking geeft kennis van de toegang onder voorwaarden door een formulier (zie model M20) te zenden aan de eenheidsleiding van de politieregio waarin de gemeente waar de vreemdeling zal verblijven is gelegen. De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt een garantverklaring, als die is afgegeven, met deze kennisgeving mee.
De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt de door de vreemdeling overgelegde verklaringen mee als een niet-visumplichtige vreemdeling zijn verblijfsdoel wijzigt in kort verblijf.
@ -721,9 +725,55 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt bij het opleggen van de meldplich
De ambtenaar belast met de grensbewaking geeft onmiddellijke kennis aan de ambtenaren van de KMar belast met het toezicht op vreemdelingen, evenals aan de vreemdelingenpolitie als de vreemdeling aan wie toegang is verleend niet op het voorgeschreven tijdstip is vertrokken.
Bij uitreis plaatst de ambtenaar belast met de grensbewaking een uitreisnotitie in EES.
##### 7.2.1. Aan de buitengrens aangevraagd visum voor doorreis binnen Schengengebied
In artikel 6, vijfde lid, onder b, Schengengrenscode en artikel 35 Visumcode zijn bepalingen opgenomen op basis waarvan toegang wordt verleend aan vreemdelingen die als passagier van een vliegtuig onvoorzien landen op een vliegveld in het Schengengebied en die niet in het bezit zijn van vereiste reisvisum of doorreisvisum voor toegang in het Schengengebied.
De ambtenaar belast met de grensbewaking kan een Schengenvisum verlenen aan visumplichtige vreemdelingen die door omstandigheden buiten hun wil hun reis niet kunnen voortzetten. Conform artikel 35 Visumcode dient de vreemdeling te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6 Schengengrenscode met uitzondering van de voorwaarde opgenomen in artikel 6, eerste lid, aanhef en onder b, Schengengrenscode. Een onderbreking van de reis, die plaatsvindt wegens onafhankelijke omstandigheden, zoals weersomstandigheden of technische storingen is een omstandigheid als bedoeld in artikel 35, eerste lid, aanhef en onder b, Visumcode.
De terugkeer van de aanvrager naar zijn land van herkomst of verblijf, of zijn doorreis door andere landen dan lidstaten die het Schengenacquis volledig toepassen als bedoeld in artikel 35, eerste lid, aanhef en onder c, Visumcode, wordt zeker geacht als
• de vreemdeling vertrekt uit het Schengengebied van de luchthaven die op zijn vliegticket genoemd staat;
• de vreemdeling in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding en tickets op grond waarvan zijn doorreis en toegang tot het land van bestemming vaststaat.
De ambtenaar belast met de grensbewaking mag de toegang weigeren aan vreemdelingen ten aanzien van wie een gegrond vermoeden bestaat dat zij toegang vragen voor een ander doel dan waarvoor de bepalingen van artikel 6, vijfde lid, onder b, Schengengrenscode en artikel 35 van de Visumcode bedoeld zijn.
De ambtenaar belast met de grensbewaking verstrekt in het geval van toegangsverlening aan de vreemdeling een visum voor de duur die noodzakelijk is om te vertrekken uit het Schengengebied.
Clausuleregeling voor onverwacht verblijf binnen Nederland
Onder de voorwaarden die zijn opgesomd in artikel 6, vijfde lid, onder c, Schengengrenscode kan de ambtenaar belast met de grensbewaking de toegang verlenen voor de duur die noodzakelijk is om de door- of terugreis van de vreemdeling per eerstvolgende gelegenheid te kunnen voortzetten. Deze voorwaarden zijn nader uitgewerkt in artikel 2.6 VV.
De ambtenaar belast met de grensbewaking mag de toegang weigeren aan vreemdelingen ten aanzien van wie een gegrond vermoeden bestaat dat zij toegang vragen voor een ander doel dan waarvoor artikel 6, vijfde lid, onder c, Schengengrenscode bedoeld is.
De ambtenaar belast met de grensbewaking verstrekt in het geval van toegangsverlening aan de vreemdeling op grond van de Clausuleregeling een afzonderlijke verklaring aan de vreemdeling (Model 21A).
De ambtenaar belast met de grensbewaking plaatst een Clausulestempel voorzien van het verbalisantennummer van de afgevende ambtenaar en de datum van de (vermoedelijke) uitreis in het document voor grensoverschrijding. In de uitsparing van de Clausulestempel wordt bij inreis tevens een inreisstempel geplaatst.
De verklaring moet door de vreemdeling bij uitreis bij de ambtenaar belast met de grensbewaking van één van de daartoe aangewezen luchthavens binnen Nederland worden ingeleverd. In de uitsparing van de Clausulestempel wordt bij uitreis een uitreisstempel geplaatst in het document voor grensoverschrijding van de vreemdeling.
##### 7.2.2. Territoriaal beperkt visum
De ambtenaar belast met de grensbewaking kan eveneens conform de voorwaarden van artikel 25 van de Verordening (EG) Nr.810/2009 (Visumcode) een territoriaal beperkt visum verlenen met een geldigheidsduur die noodzakelijk is om de doorreis te kunnen voortzetten.
De ambtenaar belast met de grensbewaking mag de toegang weigeren aan vreemdelingen ten aanzien van wie een gegrond vermoeden bestaat dat zij toegang vragen voor een ander doel dan waarvoor deze regeling voor het beperkt territoriaal visum bedoeld is.
De ambtenaar belast met de grensbewaking beperkt de territoriale geldigheid van de toegang wanneer het document voor grensoverschrijding van de vreemdeling niet geldig is voor België of Luxemburg. In dat geval geeft de ambtenaar belast met de grensbewaking aan voor welke Beneluxlidsta(a)t(en) de toegang geldig is.
##### 7.2.3. Zieke zeelieden
De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt zonder voorafgaande machtiging een niet-visumplichtige zeeman in het bezit van een bijzonder doorlaatbewijs, mits zijn identiteit op enigerlei wijze kan worden aangetoond, als de vreemdeling:
• in een ziekenhuis behandeld moet worden; en
• niet in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding.
Het hoofd van de grensdoorlaatpost moet in alle gevallen waarin een zieke zeeman in het bezit wordt gesteld van een bijzonder doorlaatbewijs, de eenheidsleiding van de politieregio waaronder de gemeente valt waarin het ziekenhuis staat, schriftelijk informeren. Het hoofd van de grensdoorlaatpost moet de maatregelen treffen die in A1/7.3 Vc zijn opgenomen als de zieke zeeman lijdt aan een ziekte die een gevaar voor de volksgezondheid kan opleveren.
#### 7.3. Weigeren van toegang
De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de toegang aan iedere vreemdeling die niet aan de toegangsvoorwaarden voldoet. De weigering van toegang is een met redenen omklede beslissing:
De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de toegang aan iedere vreemdeling die niet aan de toegangsvoorwaarden voldoet. De ambtenaar voegt een notitie van de toegangsweigering toe aan het persoonlijke dossier van de vreemdeling in EES en stelt een formulier M17 op, tenzij de vreemdeling een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient. De weigering van toegang is een met redenen omklede beslissing:
• die geen uitstel gedoogt of, in voorkomend geval, na het verstrijken van de in de Vw genoemde termijn van uitstel ten uitvoer wordt gelegd;
• die door de ambtenaar belast met de grensbewaking aan de vreemdeling wordt uitgereikt;
@ -790,11 +840,17 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking kruist in het standaardformulier zoals
• de betreffende instantie, inclusief overheidslogo (van de KMar of ZHP);
• de toepasselijke bepalingen van de wetgeving met betrekking tot de reden voor toegangsweigering (in dit geval artikel 14 juncto artikel 6, eerste lid SGC).
In paragraaf A5/3.1 Vc onder het kopje *Vrijheidsontneming op grond van artikel 6, derde lid, Vw* is toegelicht in welke situaties de grondslag voor vrijheidsontneming in artikel 6, derde lid, Vw wordt toegepast. Wanneer de daar genoemde situaties niet langer van toepassing zijn, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen, een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A.
##### 7.3.1. Toegangsweigering na de grensprocedure
Wanneer het de vreemdeling ingevolge artikel 7.3 tweede lid juncto artikel 3.1, tweede lid onder a of e, Vb niet is toegestaan de uitspraak op een ingediend verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening hier te lande af te wachten, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen na het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A.
In paragraaf A5/3.1 Vc onder het kopje *Vrijheidsontneming op grond van artikel 6, derde lid, Vw* is toegelicht in welke situaties de grondslag voor vrijheidsontneming in artikel 6, derde lid, Vw wordt toegepast. Wanneer de daar genoemde situaties niet langer van toepassing zijn, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen, een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A. Tevens voegt de ambtenaar belast met de grensbewaking een notitie van de toegangsweigering toe aan het persoonlijke dossier van de vreemdeling in het EES.
Indien de vreemdeling de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 juncto artikel 6 SGC, middels het model M17. Tevens wordt een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw dan wel artikel 6a, eerste lid, Vw. Het nemen van een besluit omtrent de weigering van toegang en het opleggen van een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel dient zo spoedig mogelijk plaats te vinden, maar uiterlijk binnen twee dagen na intrekking van de asielaanvraag.
Wanneer het de vreemdeling ingevolge artikel 7.3 tweede lid juncto artikel 3.1, tweede lid onder a of e, Vb niet is toegestaan de uitspraak op een ingediend verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening hier te lande af te wachten, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee dagen na het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 SGC middels het model M17A. Tevens voegt de ambtenaar belast met de grensbewaking een notitie van de toegangsweigering toe aan het persoonlijke dossier van de vreemdeling in het EES indien de weigering van kracht blijft.
##### 7.3.2. Toegangsweigering na intrekking van de asielaanvraag in de grensprocedure
Indien de vreemdeling de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt, neemt de ambtenaar belast met de grensbewaking zo spoedig mogelijk een besluit omtrent weigering van de toegang als bedoeld in artikel 14 juncto artikel 6 SGC, middels het model M17. Tevens voegt de ambtenaar belast met de grensbewaking een notitie van de toegangsweigering toe aan het persoonlijke dossier van de vreemdeling in het EES. Tevens wordt een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw dan wel artikel 6a, eerste lid, Vw. Het nemen van een besluit omtrent de weigering van toegang en het opleggen van een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel dient zo spoedig mogelijk plaats te vinden, maar uiterlijk binnen twee dagen na intrekking van de asielaanvraag.
##### 7.3.3. Gevaar voor de volksgezondheid
Als een vreemdeling de toegang tot het grondgebied is geweigerd omdat hij een gevaar vormt voor de volksgezondheid, treft de ambtenaar belast met de grensbewaking maatregelen die erop gericht zijn de volksgezondheid te beschermen.
@ -812,16 +868,24 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking beoordeelt of aan de vreemdeling alsnog
De ambtenaar belast met de grensbewaking informeert de Korpschef over de in het kader van de grensbewaking getroffen maatregelen.
##### 7.3.4. Rechtsmiddelen toegangsweigering
De schriftelijke toegangsweigering is een besluit waartegen de vreemdeling administratief beroep kan instellen bij de IND. De ambtenaar belast met de grensbewaking reikt aan de vreemdeling naast het model M17, M17A of M18 ook een folder Rechtsmiddelen uit.
De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt een faxbericht aan de meldcentrale rechtsbijstand als een geweigerde vreemdeling om een raadsman verzoekt. De vreemdeling moet het administratief beroepschrift binnen vier weken indienen bij de IND. De vreemdeling mag de behandeling van het administratief beroepschrift niet in Nederland afwachten. De vreemdeling moet Nederland op grond van artikel 5, eerste lid, Vw onmiddellijk verlaten, tenzij er sprake is van een eerste verzoek om een voorlopige voorziening.
Indien na de toegangsweigering (vrijwel) gelijktijdig een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw of artikel 6a, eerste lid, Vw wordt opgelegd en men tegen deze vrijheidsontnemende maatregel beroep instelt, dan dient het rechtsmiddel tegen de toegangsweigering eveneens beroep te zijn, in plaats van administratief beroep.
##### 7.3.5. Rechtsmiddelen uitstellen van de toegangsweigering
Het uitstellen van het besluit over de toegang tot Nederland is aan te merken als een voorbereidingshandeling als bedoeld in artikel 6:3 van de Awb. Het betreft dan ook geen besluit waartegen afzonderlijk rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. Indien de vreemdeling wil opkomen tegen de toepassing van de grensprocedure, kan dit, indien de klacht samenhangt met de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid Vw naar voren worden gebracht in het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel. Indien de klacht samenhangt met de behandeling dan wel de uitkomst van de asielaanvraag, kan deze naar voren worden gebracht bij het beroep tegen het besluit tot afwijzing van die aanvraag.
##### 7.3.6. Rechtsmiddelen toegangsweigering na afwijzing asielaanvraag in de grensprocedure (
Nadat het besluit omtrent weigering van de toegang is genomen, wordt zo spoedig mogelijk krachtens artikel 6, eerste en tweede lid juncto het zesde lid, Vw dan wel artikel 6a, eerste lid, Vw een nieuwe vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Een beroep tegen deze vrijheidsontnemende maatregel omvat gelet op het bepaalde in artikel 94, tweede lid, Vw van rechtswege een beroep tegen het besluit tot toegangsweigering dat is genomen middels het model M17A. Indien de vreemdeling geen beroep instelt tegen de vrijheidsontnemende maatregel, is het rechtsmiddel dat tegen de toegangsweigering moet worden ingesteld administratief beroep (zie artikel 77, eerste lid, Vw).
##### 7.3.7. Onderdanen van de EU, de EER en Zwitserland (en familieleden)
De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de aanvraag om een visum uitsluitend wanneer de vreemdeling overtuigend heeft aangetoond dat de aanvrager een familie- of een gezinslid is in de zin van artikel 8.7, tweede, derde of vierde lid Vb:
• op de gronden genoemd in artikel 8.8, eerste lid onder a en b Vb;
@ -829,6 +893,8 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de aanvraag om een visum uitslu
De ambtenaar belast met de grensbewaking verstrekt het visum gratis in het geval dat hij een familie- of gezinslid als bedoeld in artikel 8.7, tweede, derde of vierde lid, Vb aan de grens aantreft en hij de vreemdeling verzoekt om een visum aan te vragen om de onderdaan van de EU, de EER en Zwitserland te begeleiden of zich bij die onderdaan te voegen.
##### 7.3.8. Alleenreizende minderjarige vreemdelingen
Als de ambtenaar belast met de grensbewaking aan een alleenreizende minderjarige vreemdeling de toegang tot Nederland weigert, draagt de ambtenaar de vreemdeling over aan de DTenV voor het terugbrengen van de vreemdeling naar een derde land waar zijn toelating is gewaarborgd.
#### 7.4. Ondersteuning van doorgeleiding via Nederland bij verwijdering door de lucht
@ -896,6 +962,8 @@ De vervoerder moet ten minste controleren of:
• de geldigheidsduur van het aangeboden document voor grensoverschrijding en de daarin aangebrachte visa niet is verlopen;
• het aangeboden document voor grensoverschrijding is afgegeven door een daartoe bevoegde autoriteit.
De vervoerder verstrekt via de webdienst (artikel 13 EES-verordening) de noodzakelijk gegevens aan het EES systeem om na te gaan of onderdanen van derde landen die houder zijn van een visum voor kort verblijf voor één of twee binnenkomsten al dan niet het aantal binnenkomsten waarop hun visum recht geeft, hebben opgebruikt. Op die basis verstrekt de webdienst vervoerders het antwoord OK/NIET OK.
De vervoerder moet door middel van een kort en bondig onderzoek controleren of het aangeboden document voor grensoverschrijding vals of vervalst is, waarbij zonodig gebruik gemaakt moet worden van eenvoudige hulpmiddelen.
Op opstapplaatsen waar door de vervoerder bij de controle van vervoersbewijzen gebruik gemaakt wordt van technische apparatuur, moet de vervoerder deze apparatuur voor de controle van documenten voor grensoverschrijding gebruiken.
@ -912,7 +980,7 @@ De vervoerder die op grond van artikel 2.2 Vb verplicht is een afschrift te make
De ambtenaar belast met de grensbewaking hoeft niet over de exacte gegevens beschikken van de vlucht waarmee de vreemdeling is aangekomen. Een indicatie, verkregen uit de verklaringen van de vreemdeling of uit andere bronnen is hiertoe voldoende.
Richtlijn 2004/82/EG, ofwel de API-richtlijn heeft tot doel de grenscontroles te verbeteren en illegale immigratie te bestrijden door erin te voorzien dat luchtvervoerders desgevraagd passagiersgegevens (de zogenoemde Advance Passenger Information, API-gegevens) vooraf verstrekken aan de ambtenaren belast met de grensbewaking. Het gaat hier onder andere om gegevens uit het reisdocument en over de reis van de desbetreffende passagier. De ambtenaar belast met de grensbewaking bepaalt op grond van artikel 2.2a Vb ten aanzien van welke plaatsen van vertrek en van welke vervoerders de passagiersgegevens zullen worden gevorderd. De ambtenaar belast met de grensbewaking vernietigt op grond van artikel 2.2b Vb de verkregen passagiersgegevens binnen 24 uur na binnenkomst van de passagiers in Nederland, tenzij deze later nodig zijn voor de uitoefening van diens taken. Indien de passagier behoort tot een categorie vreemdelingen, ten aanzien waarvan een verhoogd risico bestaat op illegale immigratie vernietigt de ambtenaar belast met de grensbewaking de gegevens 4 dagen na binnenkomst van de passagiers in Nederland, tenzij deze later nodig zijn voor de uitoefening van diens taken. Voor het onderkennen van vreemdelingen die een risico vormen voor illegale immigratie worden risico indicatoren gebruikt. De risico indicatoren zijn gebaseerd op onder andere gegevens van reguliere en asiel gerelateerde weigeringen uit het verleden, op informatie van liaisons, op afwijkende vliegbewegingen en op basis van claims die in het verleden zijn opgelegd in het kader van artikel 4 van de Vreemdelingenwet.
Richtlijn 2004/82/EG, ofwel de API-richtlijn heeft tot doel de grenscontroles te verbeteren en illegale immigratie te bestrijden door erin te voorzien dat luchtvervoerders desgevraagd passagiersgegevens (de zogenoemde Advance Passenger Information, API-gegevens) vooraf verstrekken aan de ambtenaren belast met de grensbewaking. Het gaat hier onder andere om gegevens uit het reisdocument en over de reis van de desbetreffende passagier. De ambtenaar belast met de grensbewaking bepaalt op grond van artikel 2.2a Vb ten aanzien van welke plaatsen van vertrek en van welke vervoerders de passagiersgegevens zullen worden gevorderd. De ambtenaar belast met de grensbewaking vernietigt op grond van artikel 2.2b Vb de verkregen passagiersgegevens binnen 24 uur na binnenkomst van de passagiers in Nederland, tenzij deze later nodig zijn voor de uitoefening van diens taken. Indien de passagier behoort tot een categorie vreemdelingen, ten aanzien waarvan een verhoogd risico bestaat op illegale immigratie vernietigt de ambtenaar belast met de grensbewaking de gegevens 4 dagen na binnenkomst van de passagiers in Nederland, tenzij deze later nodig zijn voor de uitoefening van diens taken. Voor het onderkennen van vreemdelingen die een risico vormen voor illegale immigratie worden risico indicatoren gebruikt. De risico indicatoren zijn gebaseerd op onder andere gegevens van reguliere en asiel gerelateerde weigeringen uit het verleden, op informatie van liaisons, op afwijkende vliegbewegingen en op basis van claims die in het verleden zijn opgelegd in het kader van artikel 4 van de Vreemdelingenwet.
De vervoerder die op vordering van de ambtenaar belast met de grensbewaking op grond van artikel 2.2a Vb passagiersgegevens verzendt, gebruikt hiervoor het International Air Transport Association (IATA)-berichtenformat, type B, met de structuur die is gebaseerd op de vanwege de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties vastgestelde indeling voor elektronische gegevensuitwisseling voor overheid, handel en vervoer, gepubliceerd onder de titel: Electronic Data Interchange For Administration, Commerce and Transport (EDIFACT) Passenger List Message (PAXLST). Het IATA-adres waar de gegevens naartoe verzonden moeten worden, is HDQKMXH.
@ -1014,6 +1082,7 @@ Een redelijk vermoeden van illegaal verblijf mag in ieder geval in de volgende s
• voertuigen waarmee personen vervoerd worden naar een bedrijf waar eerder illegale vreemdelingen aangetroffen zijn;
• concrete (anonieme) tips over illegale vreemdelingen;
• een verdachte van niet-Nederlandse nationaliteit, die zich niet kan identificeren;
• als uit EES blijkt dat de vreemdeling de vrije termijn, bedoeld in artikel 3.3 van het Vreemdelingenbesluit 2000, heeft overschreden;
• een gelegenheid of plaats, waar zich veel vreemdelingen plegen op te houden, en waarvan vermoed wordt of bekend is dat er zich regelmatig illegale vreemdelingen bevinden;
• een redelijk vermoeden van mensensmokkel;
• een redelijk vermoeden van illegale tewerkstelling in het kader van de Wav;
@ -1069,25 +1138,28 @@ Het onderzoeken van kleding of zaken van de opgehouden persoon of het onderzoek
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet ten behoeve van de vaststelling van de identiteit van de opgehouden persoon alle volgende handelingen verrichten:
• onmiddellijk verzenden van het vingerafdrukkenformulier naar de Dienst Landelijke Operationele Samenwerking (DLOS) met daarop de afgenomen vingerafdrukken van de opgehouden persoon;
• raadplegen van gegevens van de vreemdelingenadministratie;
• het E&S en het (N)SIS raadplegen of de opgehouden persoon onder de opgegeven (of inmiddels vastgestelde) identiteit voorkomt.
• de vreemdeling voorbereiden op elektronische afname van vingerafdrukken op de Identiteitszuil (de Basis Voorziening Identiteitsvaststelling BVID);
• de uitvoering van de identiteitsvaststelling met de identiteitszuil;
• de instructies volgen volgens de gekozen categorie Vreemdelingen op de identiteitszuil;
• de resultaten opvolgen die voortkomen uit de door de identiteitszuil geraadpleegde systemen;
• het EES raadplegen om de vreemdeling aan de hand van biometrische gegevens te identificeren en aan de hand van de in- en uitreisnotities de verblijfsrechtelijke positie vast te stellen; en
• voor het verkrijgen van een geldig document voor grensoverschrijding moet voor een aantal nationaliteiten vingerafdrukken met papier en inkt afgenomen worden. Hiervoor moet het speciaal daarvoor bedoelde formulier voor vingerafdrukken worden gebruikt (het Dactyloscopisch Formulier Identiteitsonderzoek). Op dit formulier mag geen verwijzing naar de verblijfshistorie van de vreemdeling vermeld staan.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen neemt contact op met het Nationaal Coördinatiecentrum Eurosur Nederland van de KMar, als de vreemdeling stelt in het bezit te zijn van een verblijfsvergunning uit een andere lidstaat van de Europese Unie, Europese Economische Ruimte of uit Zwitserland, om dit te verifiëren.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen neemt contact op met het Nationaal Coördinatiecentrum Eurosur, als de vreemdeling stelt in het bezit te zijn van een verblijfsvergunning uit een andere lidstaat van de Europese Unie, Europese Economische Ruimte of uit Zwitserland, om dit te verifiëren.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet de gegevens in de BVV raadplegen om te beoordelen of een terugkeerbesluit moet worden genomen (model M107-A) tegen een vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijft.
De ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet de gegevens in de BVV en EES raadplegen om te beoordelen of een terugkeerbesluit moet worden genomen (model M107-A) tegen een vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijft.
Als de vreemdeling stelt minderjarig te zijn maar dit niet met bewijsmiddelen kan onderbouwen, kan de ambtenaar belast met de grensbewaking, dan wel de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen, een leeftijdsschouw uitvoeren.
De leeftijdsschouw bestaat uit twee sessies die de volgende samenstelling hebben:
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen; en
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen die tevens hulpofficier van justitie is, of door de ambtenaar van politie of van de die daartoe is aangewezen door de korpschef, respectievelijk de Commandant der KMar.
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen; en
één sessie met één ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen die tevens hulpofficier van justitie is, of door de ambtenaar van politie of van de KMar die daartoe is aangewezen door de korpschef, respectievelijk de Commandant der KMar.
De ambtenaren beoordelen per sessie onafhankelijk van de andere sessie of er sprake is van evidente:
meerderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt minderjarig te zijn; en
minderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt meerderjarig te zijn.
meerderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt minderjarig te zijn; en
minderjarigheid op basis van uiterlijke kenmerken en verklaringen van de vreemdeling die stelt meerderjarig te zijn.
Er moet unaniem, in beide sessies, geoordeeld zijn dat sprake is van evidente meerder- of minderjarigheid.
@ -4138,12 +4210,8 @@ Vervallen
*[afbeelding]*
*[afbeelding]*
## Bijlage M17A. Formulier voor het weigeren van toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen na afhandeling van de asielaanvraag in de grensprocedure
*[afbeelding]*