2019-10-23 | BWBR0046875 | Verzamelbesluit Toeslagen
This commit is contained in:
parent
4e8e02d17f
commit
96bdf823af
1 changed files with 37 additions and 0 deletions
|
|
@ -16,6 +16,43 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||||
|
|
||||||
## 2. Gemeenschappelijk beleid voor toeslagen
|
## 2. Gemeenschappelijk beleid voor toeslagen
|
||||||
|
|
||||||
|
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||||
|
|
||||||
|
### 2.1. Matiging van de terugvordering van toeslagen
|
||||||
|
|
||||||
|
Als sprake is van een terug te vorderen bedrag aan onverschuldigd betaalde toeslagen, ontstaat een betalingsverplichting voor de belanghebbende ter grootte van dit bedrag aan de Belastingdienst/Toeslagen. Het uitgangspunt in artikel 26 Awir is dat het volledige bedrag aan toeslag dat te veel is betaald of verrekend, wordt teruggevorderd. In dit artikel is echter niet dwingend voorgeschreven dat de Belastingdienst/Toeslagen altijd het volledige bedrag dat te veel is betaald, van de belanghebbende moet terugvorderen.1ABRvS 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3536.
|
||||||
|
|
||||||
|
Dit betekent dat de Belastingdienst/Toeslagen op grond van artikel 13b, eerste lid, Awir de rechtstreeks bij het besluit betrokken belangen moet afwegen en onder bijzondere omstandigheden van terugvordering moet afzien of het terug te vorderen bedrag moet matigen. Op grond van artikel 13b, tweede lid, Awir mogen de nadelige gevolgen van het terugvorderingsbesluit niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen.
|
||||||
|
|
||||||
|
Alleen bijzondere omstandigheden kunnen zich verzetten tegen gehele terugvordering. Als bij de aanwezigheid van dergelijke omstandigheden gehele terugvordering onevenredig is, kan de Belastingdienst/Toeslagen afzien van de terugvordering of het bedrag van de terugvordering matigen.
|
||||||
|
|
||||||
|
Van bijzondere omstandigheden kan bijvoorbeeld sprake zijn als:
|
||||||
|
|
||||||
|
– een derde (bijvoorbeeld een kinderopvangorganisatie) fraudeert zonder medeweten en (directe) betrokkenheid van de belanghebbende;
|
||||||
|
– een derde identiteitsfraude pleegt en op naam en buiten medeweten van de belanghebbende de toeslag aanvraagt en de toeslag aantoonbaar – geheel of gedeeltelijk – niet ten gunste van de belanghebbende komt;
|
||||||
|
– een door belanghebbende redelijkerwijze niet (meer) te herstellen geringe formele tekortkoming (zoals het ontbreken van een handtekening in een contract) heeft geleid tot aanzienlijke negatieve gevolgen voor het recht op toeslagen, terwijl aan alle materiële eisen voor de betreffende toeslag is voldaan. Er is geen sprake van een bijzondere omstandigheid als de belanghebbende na herhaalde verzoeken van de Belastingdienst/Toeslagen de geringe formele tekortkoming niet heeft hersteld, terwijl hij daartoe wel in de gelegenheid was.
|
||||||
|
|
||||||
|
Deze opsomming is niet limitatief. Op basis van ervaringen uit de praktijk kan deze opsomming worden aangevuld.
|
||||||
|
|
||||||
|
Van bijzondere omstandigheden is geen sprake als:
|
||||||
|
|
||||||
|
– de belanghebbende te kwader trouw is;
|
||||||
|
– de terugvordering het gevolg is van een afwijking tussen het daadwerkelijk afgenomen aantal uren kinderopvang en het aantal uren kinderopvang op basis waarvan het voorschot kinderopvangtoeslag is berekend in dat berekeningsjaar;
|
||||||
|
– de terugvordering het gevolg is van een afwijking van het daadwerkelijke over het berekeningsjaar vastgestelde toetsingsinkomen voor de toeslagen en het geschatte inkomen op basis waarvan het voorschot is berekend;
|
||||||
|
– de terugvordering het gevolg is van het overschrijden van een vermogensgrens.
|
||||||
|
|
||||||
|
Ook deze opsomming is niet limitatief. Op basis van ervaringen uit de praktijk kan deze opsomming worden aangevuld. Het uitgangspunt bij bovenstaande situaties is dat deze op zichzelf niet tot matiging van de terugvordering leiden. Afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval kan er bij de aanwezigheid van aanvullende omstandigheden die – op zichzelf of in samenhang – wel zijn aan te merken als bijzondere omstandigheden, na een belangenafweging echter toch reden zijn de terugvordering te matigen.
|
||||||
|
|
||||||
|
Indien sprake is van een bijzondere omstandigheid beoordeelt de Belastingdienst/Toeslagen door middel van een individuele belangenafweging of de nadelige gevolgen van de terugvorderingsbeschikking in het specifieke geval niet onevenredig zijn voor de belanghebbende in verhouding tot de met de terugvorderingsbeschikking te dienen doelen.
|
||||||
|
|
||||||
|
Overigens zullen de financiële situatie of financiële problemen van belanghebbende die terugbetaling van toeslagen verhinderen, in het algemeen niet leiden tot een matiging van de terugvordering.2Zie ook ABRvS 4 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4069. In bepaalde gevallen als er sprake is van bijkomende omstandigheden kan dit anders zijn; zie ABRvS 5 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:356. Voor deze situatie bestaat de mogelijkheid van een (persoonlijke) betalingsregeling.
|
||||||
|
|
||||||
|
Als de Belastingdienst/Toeslagen op de hoogte is van de bijzondere omstandigheden, moet hiermee – waar passend – bij de vaststelling van de terugvordering rekening worden gehouden door af te zien van de terugvordering of door de terugvordering te matigen. De Belastingdienst/Toeslagen zal de belanghebbende, indien de omstandigheden daartoe noodzaken, de gelegenheid bieden om zijn zienswijze te geven ten aanzien van het voorgenomen besluit tot matiging van de terugvordering. Het uitgangspunt is dat de belanghebbende de bijzondere omstandigheden voor matiging moet aandragen en bewijzen.
|
||||||
|
|
||||||
|
### 2.2. Toetsingsinkomen bij kwijtscheldingswinsten
|
||||||
|
|
||||||
|
### 2.3. Omzetting leenbijstand particulieren naar gift
|
||||||
|
|
||||||
## 3. Kinderopvangtoeslag
|
## 3. Kinderopvangtoeslag
|
||||||
|
|
||||||
## 4. Huurtoeslag
|
## 4. Huurtoeslag
|
||||||
|
|
|
||||||
Loading…
Add table
Reference in a new issue