2014-04-01 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B)
This commit is contained in:
parent
f5143b25bc
commit
96f09fb340
1 changed files with 320 additions and 177 deletions
|
|
@ -181,11 +181,32 @@ In aanvulling op artikel 3.57, eerste lid, Vb en op grond van artikel 3.57, twee
|
|||
|
||||
###### 3.4.1.1. De aanvraag
|
||||
|
||||
De IND merkt in het kader van artikel 4:6 Awb enkel feiten en omstandigheden als nieuw aan die:
|
||||
|
||||
• op het moment waarop de eerste aanvraag werd afgewezen niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn; en
|
||||
• aanleiding geven tot heroverweging van de eerste aanvraag.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een verzoek om heroverweging van een in rechte onaantastbaar geworden beschikking als een aanvraag die niet is ingediend overeenkomstig de formele vereisten voor de indiening van een aanvraag.
|
||||
|
||||
De IND stelt de vreemdeling in de gelegenheid om aan de formele vereisten te voldoen.
|
||||
|
||||
De IND beoordeelt slechts één verblijfsbeperking per aanvraag.
|
||||
De IND beoordeelt slechts één verblijfsbeperking per aanvraag, met uitzondering van de gronden genoemd in artikel 3.6, eerste lid, Vb.
|
||||
|
||||
Bij afwijzing van een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb, beoordeelt de IND ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op een van de gronden genoemd in artikel 3.6, eerste lid, Vb.
|
||||
|
||||
De IND doet dit volgens een vaste volgorde.
|
||||
|
||||
De IND beoordeelt ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op een van de gronden genoemd in artikel 3.6, eerste lid, Vb als de IND:
|
||||
|
||||
• de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb afwijst;
|
||||
• de aanvraag tot het verlengen van een geldigheidsduur van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb afwijst;
|
||||
• de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb intrekt.
|
||||
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier op grond van artikel 3.6, eerste lid, onder e, Vb juncto artikel 3.48, tweede lid onder b, Vb ambtshalve als de Minister hier op grond van zijn discretionaire bevoegdheid toe heeft besloten. Als de bijzondere individuele omstandigheden zich niet lenen voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met tijdelijke humanitaire gronden kan op grond van artikel 3.6b Vb ambtshalve een verblijfsvergunning worden verleend onder de beperking verband houdend met niet-tijdelijke humanitaire gronden.
|
||||
|
||||
Als de IND ambtshalve geen verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verleent op grond van artikel 3.6, eerste lid, Vb, beoordeelt de IND op grond van artikel 6.1d Vb ambtshalve of er reden is voor toepassing van artikel 64 Vw.
|
||||
|
||||
De IND laat de ambtshalve toets als bedoeld in artikel 3.6 Vb en 6.1d Vb achterwege, als de IND aan de vreemdeling gelijk met de afwijzing van een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd een zwaar inreisverbod oplegt.
|
||||
|
||||
###### 3.4.1.2. Vereisten voor de indiening van de aanvraag
|
||||
|
||||
|
|
@ -199,22 +220,83 @@ De aanvrager dient de aanvraag in bij een door de IND opgegeven postadres of IND
|
|||
|
||||
De vreemdeling moet de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel indienen bij de politie van de gemeente waar de vreemdeling woon- of verblijfplaats heeft.
|
||||
|
||||
De IND kan de vreemdeling met het oog op zijn beschikbaarheid tijdens de ééndagstoets regulier een aanwijzing geven door middel van model M117D, op de dag dat de vreemdeling de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een IND-loket indient. De IND licht de aanwijzing mondeling toe.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.99a Vb moet een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in hetzelfde artikel voorafgegaan worden door een schriftelijke kennisgeving.
|
||||
|
||||
De vreemdeling die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, als bedoeld in artikel 3.99a Vb wil indienen, stelt de IND daarvan eerst in kennis met de daarvoor bestemde schriftelijke kennisgeving. De vreemdeling geeft op de schriftelijke kennisgeving aan op grond van welke (nieuwe) feiten en omstandigheden de vreemdeling een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd wil indienen en voegt alle relevante bewijsmiddelen, als aangegeven op het formulier, bij.
|
||||
|
||||
De IND stelt de schriftelijke kennisgeving beschikbaar:
|
||||
|
||||
• via de website www.ind.nl; en
|
||||
• bij de IND-loketten.
|
||||
|
||||
In artikel 3.102b Vb is aangegeven in welke gevallen de vreemdeling bij de schriftelijke kennisgeving in ieder geval de voor de beslissing relevante medische gegevens (zie paragraaf A3/7.1 Vc) en overige bewijsmiddelen moet overleggen.
|
||||
|
||||
Na ontvangst van de schriftelijke kennisgeving:
|
||||
|
||||
1. start de IND op basis van de bij het formulier verstrekte bewijsmiddelen de voorbereiding van het onderzoek naar de inwilligbaarheid van de nog in te dienen aanvraag; en
|
||||
2. stelt de IND de vreemdeling in de gelegenheid om ongeveer twee weken later de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, als bedoeld in artikel 3.99a Vb, in persoon in te dienen bij de IND.
|
||||
|
||||
Gedurende dit onderzoek vraagt de IND de vreemdeling of zijn gemachtigde om aanvullende informatie of bewijsmiddelen en biedt de IND de vreemdeling de mogelijkheid om de aanvraag als bedoeld onder 2 op een later moment in dienen, als blijkt dat:
|
||||
|
||||
• de schriftelijke kennisgeving niet volledig is ingevuld;
|
||||
• de door de vreemdeling verstrekte informatie niet duidelijk is;
|
||||
• onvoldoende of geen bewijsmiddelen zijn overgelegd.
|
||||
|
||||
De IND eist dat de vreemdeling bij een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, als bedoeld in artikel 3.99, tweede lid, aanhef en onder a, Vb de verschuldigde leges per kas of per elektronische betaling ter plekke aan het IND-loket voldoet.
|
||||
|
||||
De IND merkt als wettelijke vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 23 Vw juncto artikel 3.99 Vb aan:
|
||||
|
||||
• de ouder;
|
||||
• de voogd; of
|
||||
• de curator.
|
||||
|
||||
Als degene die een aanvraag indient namens een minderjarig kind niet aantoont diens wettelijke vertegenwoordiger te zijn, geeft de IND een termijn van drie maanden na kennisgeving om dat gebrek te herstellen. Het herstellen van het gebrek geschiedt door:
|
||||
|
||||
• een voogdijvoorziening in Nederland; of
|
||||
• door de ondertekening van de aanvraag namens het kind door de wettelijke vertegenwoordiger van het kind die zich in het land van herkomst bevindt.
|
||||
|
||||
De IND stelt de aanvraag buiten behandeling als:
|
||||
|
||||
• het kind voor wie de aanvraag is ingediend jonger is dan 12 jaar; en
|
||||
• de wettelijke vertegenwoordiging na afloop van genoemde termijn van drie maanden niet is aangetoond.
|
||||
|
||||
De IND stelt de aanvraag niet buiten behandeling als de aanvraag is ondertekend door een vreemdeling van 12 jaar of ouder.
|
||||
|
||||
###### 3.4.1.3. Herstel verzuim
|
||||
|
||||
Als de aanvraag niet voldoet aan de vereisten om deze in behandeling te kunnen nemen, dan geeft de IND de aanvrager op grond van artikel 4:5, eerste lid, Awb een termijn van twee weken na kennisgeving om dit verzuim te herstellen. De IND schort in dit geval de beslistermijn op met ingang van de dag waarop de IND de aanvrager in de gelegenheid heeft gesteld de aanvraag aan te vullen tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
|
||||
|
||||
In afwijking hiervan geeft de IND de aanvrager:
|
||||
|
||||
• een termijn van drie maanden na kennisgeving als de wettelijke vertegenwoordiging van een minderjarig kind niet is aangetoond (zie ook 3.3.1.2 bij indiening door een wettelijk vertegenwoordiger);
|
||||
• een termijn van vier weken na kennisgeving als de vreemdeling niet meteen een geldig document van grensoverschrijding over kan leggen;
|
||||
• een termijn van het tijdsverloop dat gemoeid is met de handeling van kas- of elektronische betaling, als sprake is van een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, als bedoeld in artikel 3.99, tweede lid, aanhef en onder a, Vb en de vreemdeling het verschuldigde legesbedrag niet ter plekke per kas of per elektronische betaling heeft voldaan.
|
||||
|
||||
De IND geeft geen herstel verzuim als de IND van tevoren vaststelt dat de vreemdeling ook overigens niet voldoet aan één of meer voorwaarden van het beoogde verblijfsdoel.
|
||||
|
||||
De IND verlengt de in de kennisgeving genoemde termijn om de aanvraag aan te vullen als sprake is van bijzondere omstandigheden.
|
||||
|
||||
De IND kan een (aanzienlijk) kortere termijn geven als:
|
||||
|
||||
• sprake is van een ééndagstoets, waarbij de IND de vreemdeling al voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gewezen op het ontbreken van informatie en/of bewijsmiddelen; en
|
||||
• de vreemdeling deze bewijsmiddelen desondanks niet heeft overgelegd op het moment dat de aanvraag wordt ingediend.
|
||||
|
||||
###### 3.4.1.4. Beslistermijn
|
||||
|
||||
De IND streeft ernaar om binnen een termijn van twee weken na ontvangst te beslissen op een door een erkende referent ingediende aanvraag met het oog op afgifte van een mvv of op een aanvraag tot het verlenen, verlengen van de geldigheidsduur of wijziging van de beperking van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd.
|
||||
|
||||
De IND beslist niet binnen twee weken op voornoemde aanvragen als sprake is van één van de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
• de aanvraag is niet op de voorgeschreven wijze en voorzien van de benodigde gegevens ingediend;
|
||||
• een nader onderzoek is vereist;
|
||||
• het betreft een aanvraag voor een vergunning voor verblijf en arbeid;
|
||||
• het betreft een aanvraag voor een verblijfsvergunning waarvoor een TWV is vereist; of
|
||||
• de aanvraag wordt niet aan de hand van de eigen verklaringen van de erkende referent beoordeeld, maar aan de hand van de onderliggende gegevens.
|
||||
|
||||
Artikel 3.99, vierde lid, Vb regelt het verloop van de procedure van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikelen 3.99a en 3.99b Vb. De procedure als beschreven in 3.99, vierde lid, Vb wordt aangeduid als de ééndagstoets regulier.
|
||||
|
||||
###### 3.4.1.5. Bekendmaking van de beschikking
|
||||
|
||||
De IND verzendt geen beschikking in de volgende gevallen:
|
||||
|
|
@ -222,7 +304,8 @@ De IND verzendt geen beschikking in de volgende gevallen:
|
|||
• de vreemdeling zit in vreemdelingenbewaring. De grondslag van de inbewaringstelling moet worden gewijzigd en beide beschikkingen worden tegelijkertijd aan de vreemdeling uitgereikt;
|
||||
• de vreemdeling wordt ongewenst verklaard. Zie A4/3.4;
|
||||
• tegen de vreemdeling wordt een inreisverbod met de rechtsgevolgen van artikel 66a, zevende lid, Vw uitgevaardigd. Zie A4/2.4.2;
|
||||
• de aanvraag wordt in eerste aanleg afgewezen en de vreemdeling mag de beslissing op het bezwaarschrift niet in Nederland afwachten en er wordt een vrijheidsbeperkende of vrijheidontnemende maatregel opgelegd.
|
||||
• de aanvraag wordt in eerste aanleg afgewezen en de vreemdeling mag de beslissing op het bezwaarschrift niet in Nederland afwachten en er wordt een vrijheidsbeperkende of vrijheidontnemende maatregel opgelegd;
|
||||
• het is een beslissing op een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.99a en artikel 3.99b Vb, tenzij de vreemdeling aantoont dat het in persoon ophalen van de beslissing niet mogelijk is.
|
||||
|
||||
###### 3.4.1.6. Intrekking van de aanvraag
|
||||
|
||||
|
|
@ -244,14 +327,12 @@ De IND verstrekt een document of schriftelijke verklaring als bedoeld in artikel
|
|||
|
||||
#### 4.1. Mvv-vereiste
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag niet af wegens het ontbreken van een geldige mvv als ambtshalve een verblijfsvergunning wordt verleend aan de vreemdeling die buiten zijn schuld Nederland niet kan verlaten (zie B8).
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.71, derde lid, Vb wijst de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet af wegens het ontbreken van een geldige mvv als dit leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard (de hardheidsclausule).
|
||||
|
||||
De IND past de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 3.71, derde lid, Vb in ieder geval toe bij een aanvraag voor een verblijfsvergunning van een vreemdeling:
|
||||
|
||||
• van wie de terugkeer in verband met een medische noodsituatie leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard; of
|
||||
• die minderjarig is en op grond van een in het buitenland uitgesproken adoptie, door de Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het bezit is gesteld van een Nederlands document voor grensoverschrijding, terwijl geen onjuiste gegevens zijn verstrekt die hebben geleid tot afgifte van het Nederlands document voor grensoverschrijding.
|
||||
• die minderjarig is en op grond van een in het buitenland uitgesproken adoptie, door de Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het bezit is gesteld van een Nederlands document voor grensoverschrijding, terwijl geen onjuiste gegevens zijn verstrekt die hebben geleid tot afgifte van het Nederlands document voor grensoverschrijding;
|
||||
• die een minderjarig kind is van en samen in Nederland verblijft met de houder van een verblijfsvergunning op tijdelijke humanitaire gronden, verband houdend met mensenhandel of eergerelateerd geweld of huiselijk geweld.
|
||||
|
||||
De IND past de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 3.71, derde lid, Vb in ieder geval niet toe als de vreemdeling:
|
||||
|
|
@ -353,9 +434,11 @@ De IND merkt onregelmatige inkomsten en loon in natura verworven uit arbeid in l
|
|||
|
||||
De IND beoordeelt de middelen van bestaan van een vreemdeling op basis van een overeenkomst van opdracht als freelancer op dezelfde wijze als het inkomen van een vreemdeling die arbeid als zelfstandige verricht.
|
||||
|
||||
De IND betrekt het gemiddeld inkomen over een boekjaar bij de beoordeling of de inkomsten uit arbeid als zelfstandige voldoende zijn. De IND beoordeelt aan de hand van de inkomsten uit het verleden van de zelfstandige of de duurzaamheid van zijn inkomen voor de toekomst gewaarborgd is. Deze beoordeling is alleen van toepassing op referenten die arbeid als zelfstandige verrichten.
|
||||
|
||||
###### 4.3.3.3. Inkomsten uit eigen vermogen
|
||||
|
||||
De IND merkt inkomsten uit eigen vermogen van de vreemdeling op grond van artikel 3.75, tweede lid, Vb aan als duurzaam als deze op het moment van de aanvraag (of het beoordelen van de aanvraag) gedurende één jaar beschikbaar zijn geweest en nog steeds beschikbaar zijn.
|
||||
De IND merkt inkomsten uit eigen vermogen van de vreemdeling op grond van artikel 3.75, tweede lid, Vb aan als duurzaam als deze op het moment van de aanvraag (of het beoordelen van de aanvraag) gedurende één jaar beschikbaar zijn geweest en nog steeds beschikbaar zijn. Het inkomen uit eigen vermogen is voldoende als 4% van het eigen vermogen zoals opgegeven aan de Belastingdienst over het fiscale jaar voorafgaand aan de aanvraag, omgerekend per maand ten minste gelijk is aan het van toepassing zijnde normbedrag.
|
||||
|
||||
###### 4.3.3.4. Inkomsten uit overige bron
|
||||
|
||||
|
|
@ -527,6 +610,8 @@ b) de nieuwe referent de vreemdeling met een bij de IND te verkrijgen formulier
|
|||
|
||||
De nieuwe referent moet zich met het formulier referent stellen van de vreemdeling en verklaren dat de vreemdeling nog steeds aan alle voorwaarden voor de verlening van de verblijfsvergunning voldoet. De melding moet binnen vier weken na de opgetreden wijziging door de IND zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
De vreemdeling die een aanvraag tot wijziging van de beperking bedoeld in artikel 3.46 Vb, wil indienen stelt de IND conform artikel 3.99a, derde lid, Vb, daarvan eerst in kennis met de daarvoor bestemde schriftelijke kennisgeving (zie ook paragraaf B1/3.3.1.2 Vc).
|
||||
|
||||
#### 5.4. Voorschriften
|
||||
|
||||
De vreemdeling voldoet aan het voorschrift van artikel 3.7, tweede lid, Vb als hij voor zijn verblijf een passagebiljet deponeert dat geldig is tot na het verstrijken van de geldigheidsduur van zijn verblijfsvergunning.
|
||||
|
|
@ -575,6 +660,20 @@ Als de IND het Nederlanderschap intrekt op grond van artikel 14 RWN, dan is spra
|
|||
|
||||
De IND wijst de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af wanneer één van de in artikel 18 Vw genoemde gronden zich voordoet.
|
||||
|
||||
De IND beoordeelt op grond van artikel 3.6, vijfde lid, Vb ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van de beleidskaders genoemd in artikel 3.6, eerste lid, Vb als de IND:
|
||||
|
||||
• een aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb afwijst;
|
||||
• een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, Vb intrekt.
|
||||
|
||||
Als de IND geen verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verleent op grond van artikel 3.6, eerste lid Vb, beoordeelt de IND op grond van artikel 6.1d Vb ambtshalve of er reden is voor toepassing van artikel 64 Vw.
|
||||
|
||||
De IND beoordeelt uitsluitend ambtshalve of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verband houdend met medische behandeling als bedoeld in artikel 3.46 Vb of uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw, als:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling zich in het kader van de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur of de intrekking van zijn verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd beroept op medische omstandigheden; en
|
||||
• de vreemdeling zijn relevante medische gegevens en overige bewijsmiddelen heeft overgelegd (zie paragraaf A3/7.1 vc).
|
||||
|
||||
Zie ook paragraaf B1/3.4.1.1 Vc onder het kopje ambtshalve toets.
|
||||
|
||||
##### 6.2.1. Hoofdverblijf
|
||||
|
||||
De IND beoordeelt of de vreemdeling het hoofdverblijf, als bedoeld in artikel 18, eerste lid, aanhef en onder a, Vw, heeft verplaatst aan de hand van feiten en omstandigheden van feitelijke aard.
|
||||
|
|
@ -593,6 +692,7 @@ c. de echtgenoot/partner is van een ambtenaar, bedoeld in artikel 17, eerste lid
|
|||
d. is achtergelaten in het land van herkomst en zich zo snel mogelijk tot de Nederlandse overheid (gemeente, diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging, IND of Vreemdelingenpolitie) heeft gewend om naar Nederland te kunnen terugkeren;
|
||||
e. Nederland heeft verlaten voor de vervulling van de militaire dienstplicht en binnen zes maanden na beëindiging van de dienstplicht naar Nederland is teruggekeerd; of
|
||||
f. buiten Nederland gedetineerd is of is geweest en binnen zes maanden na beëindiging van de detentie naar Nederland is teruggekeerd.
|
||||
g. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ heeft die langer dan zes maanden arbeid buiten Nederland verricht mits de vreemdeling aan de voorwaarden blijft voldoen.
|
||||
|
||||
Wat ‘zo snel mogelijk’ is, beoordeelt de IND per geval, waarbij de IND rekening houdt met de moeilijkheden die de positie van de achtergelaten vreemdeling met zich mee heeft gebracht.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1238,25 +1338,43 @@ De IND neemt aan dat de vreemdeling voldoet aan artikel 3.39, aanhef en onder a,
|
|||
|
||||
#### 2.2. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder j, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking: ‘lerend werken’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder e, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘TWV vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’.
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder m, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘arbeid toegestaan conform aanvullend document’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, zesde lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor de duur van maximaal één jaar.
|
||||
Op grond van artikel 3.58, zesde lid, Vb verleent de IND de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid voor de duur van maximaal één jaar. De geldigheidsduur van de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid eindigt in overeenstemming met het advies van het UWV.
|
||||
|
||||
#### 2.3. Bewijsmiddelen
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een TWV die ten behoeve van de vreemdeling aan de referent is verleend als bewijsmiddel dat met de aanwezigheid van de vreemdeling een wezenlijk Nederlands belang wordt gediend en de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
De IND beschouwt een advies van het UWV dat ten behoeve van de vreemdeling is afgegeven als bewijsmiddel dat:
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling relevante werkervaring opdoet in het kader van zijn arbeid of studie buiten Nederland:
|
||||
• met de aanwezigheid van de vreemdeling een wezenlijk Nederlands belang wordt gediend; en
|
||||
• dat de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
|
||||
• de overeenkomst voor lerend werk;
|
||||
• het leerplan; of
|
||||
• het stageprogramma.
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel voor de adviesaanvraag bij het UWV, waaruit moet blijken dat de vreemdeling relevante werkervaring opdoet in het kader van zijn arbeid of studie buiten Nederland:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens arbeidsplaats;
|
||||
• de bijlage Gegevens eerder verblijf en toekomstig woonadres in Nederland;
|
||||
• de bijlage Gegevens (over noodzaak) van lerend werken in het kader van studie met toegevoegd een:
|
||||
|
||||
• stageovereenkomst;
|
||||
• studieverklaring en een
|
||||
• stageprogramma.
|
||||
• de bijlage Gegevens (over noodzaak) van lerend werken in het kader van arbeid met toegevoegd een:
|
||||
|
||||
• leerplan;
|
||||
• praktikantenovereenkomst en een
|
||||
• terugkeerverklaring.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel voor de adviesaanvraag bij het UWV, waaruit moet blijken dat de vreemdeling relevante werkervaring opdoet in het kader van zijn studie buiten Nederland:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens arbeidsplaats;
|
||||
• de bijlage Gegevens eerder verblijf en toekomstig woonadres in Nederland;
|
||||
• de bijlage Gegevens (over noodzaak) van lerend werken in het kader van studie met toegevoegd een:
|
||||
|
||||
• stageovereenkomst;
|
||||
• studieverklaring en een
|
||||
• stageprogramma.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een geldig document voor grensoverschrijding als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling Canadees onderdaan is en ten minste 18 jaar en niet ouder dan 30 jaar is.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1304,7 +1422,7 @@ In dit hoofdstuk zijn de beleidsregels opgenomen die gelden voor vreemdelingen d
|
|||
• grensoverschrijdende dienstverlening; of
|
||||
• arbeid als niet-geprivilegieerd militair of niet-geprivilegieerd burgerpersoneel.
|
||||
|
||||
De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.31, 3.31a, 3.40, 3.89 en 3.91 Vb.
|
||||
De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.31, 3.31a, 3.40, 3.89 en 3.91, eerste lid, Vb.
|
||||
|
||||
### 2. Arbeid in loondienst
|
||||
|
||||
|
|
@ -1312,28 +1430,24 @@ De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.31,
|
|||
|
||||
##### 2.1.1. Arbeid op een mijnbouwinstallatie op het continentaal plat en arbeid op een Nederlands zeeschip
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
Op grond van artikel 3.31, vijfde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
|
||||
• een arbeidsverleden aan boord van een Nederlands zeeschip of op een mijnbouwinstallatie op het continentaal plat heeft;
|
||||
• op grond van dat arbeidsverleden recht heeft op een uitkering op grond van de Ziektewet; en
|
||||
• met deze uitkering zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
Op grond van artikel 3.31, vijfde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
|
||||
• een arbeidsverleden heeft aan boord van een Nederlands zeeschip van ten minste zeven jaar waarbij de totale duur van de onderbrekingen van de arbeid in deze periode niet langer is dan achttien maanden;
|
||||
• tijdens dat arbeidsverleden zijn verlofperioden geheel in Nederland heeft doorgebracht; en
|
||||
• nog ten minste een jaar beschikt over een arbeidsplaats aan boord van een Nederlands zeeschip.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
Op grond van artikel 3.31, vijfde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
|
||||
• op moment van indiening van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd gedurende nog ten minste een jaar beschikt over een arbeidsplaats op een mijnbouwinstallatie op het continentaal plat; en
|
||||
• met deze werkzaamheden zelfstandig en duurzaam over voldoende middelen van bestaan beschikt.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
Op grond van artikel 3.31, vijfde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verlenen aan de vreemdeling die:
|
||||
|
||||
• een ononderbroken arbeidsverleden van ten minste zeven jaar aan boord van een Nederlands zeeschip of op een mijnbouwinstallatie op het continentaal plat heeft;
|
||||
• op grond van dit ononderbroken arbeidsverleden recht heeft op een uitkering krachtens de WW; en
|
||||
|
|
@ -1341,12 +1455,12 @@ Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb kan de IND de verblijfsvergunning regul
|
|||
|
||||
Het arbeidsverleden als hierboven bedoeld is niet onderbroken in geval van:
|
||||
|
||||
• tussentijdse, in Nederland doorgebrachte perioden van onvrijwillige werkloosheid van elk ten hoogste zes maanden; of
|
||||
• tussentijdse, in Nederland doorgebrachte perioden van werkloosheid van elk ten hoogste zes maanden; of
|
||||
• tussentijdse perioden van tewerkstelling buiten de desbetreffende sector van de internationale arbeidsmarkt van, bij elkaar opgeteld, ten hoogste twaalf maanden.
|
||||
|
||||
##### 2.1.2. Arbeid op grond van een zetelovereenkomst
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.31, zesde lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning aan de vreemdeling die:
|
||||
Op grond van artikel 3.31, vijfde lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning aan de vreemdeling die:
|
||||
|
||||
• werkzaamheden verricht als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van het op 7 juni 2007 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Zetelverdrag tussen het Internationaal Strafhof en het Gastland (Trb. 2007, 25); of
|
||||
• werkzaamheden verricht als bedoeld in de voorlaatste alinea van de brief van 21 december 2007 van de Permanente Vertegenwoordiging van het Koninkrijk der Nederlanden bij de Verenigde Naties, behorend bij het op 21 december 2007 te New York tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de Zetel van het Speciale Tribunaal voor Libanon (Trb. 2007, 228).
|
||||
|
|
@ -1355,25 +1469,65 @@ De IND wijst de aanvraag voor een verblijfsvergunning niet af op grond van artik
|
|||
|
||||
#### 2.2. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder g, Vb verleent IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking: ‘Arbeid in loondienst’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder d, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid toegestaan mits TWV is verleend’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder m, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid toegestaan conform aanvullend document’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder f, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.1: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid toegestaan mits TWV is verleend.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV, luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument als de vreemdeling vrij is op de arbeidsmarkt ‘Arbeid vrij toegestaan, TWV niet vereist’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder b, VV, luidt de arbeidsmarktaantekening als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.2: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 10, Wav, kan aan de afgifte van een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid een voorschrift worden verbonden.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 14, vijfde lid, Vw, verleent de IND de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid voor de duur van maximaal één jaar. De geldigheidsduur van de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid eindigt in overeenstemming met het advies van het UWV.
|
||||
|
||||
Indien de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid wordt verleend met toepassing van artikel 8, derde lid, onder b en c, van de Wet arbeid vreemdelingen, verleent de IND de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid voor maximaal drie jaar. De geldigheidsduur van de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid eindigt in overeenstemming met het advies van het UWV.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, derde lid, aanhef en onder b, Vb, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.1 verleende verblijfsvergunning voor de duur van een inkomensvervangende uitkering krachtens een sociale verzekeringswet, of voor de duur van de arbeidsovereenkomst.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, derde lid, aanhef en onder b, Vb, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.2 verleende verblijfsvergunning voor de duur van de werkzaamheden.
|
||||
|
||||
#### 2.3. Bewijsmiddelen
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een TWV die ten behoeve van de vreemdeling aan de referent is verleend als bewijsmiddel dat met de aanwezigheid van de vreemdeling in Nederland een wezenlijk Nederlands belang wordt gediend en dat de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
De IND beschouwt een advies van het UWV dat ten behoeve van de vreemdeling is afgegeven als bewijsmiddel dat:
|
||||
|
||||
• met de aanwezigheid van de vreemdeling in Nederland een wezenlijk Nederlands belang wordt gediend; en
|
||||
• dat de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel voor de adviesaanvraag bij het UWV in ieder geval:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens arbeidsplaats, inclusief een arbeidsovereenkomst;
|
||||
• de bijlage Gegevens eerder verblijf en toekomstig woonadres in Nederland.
|
||||
|
||||
In de hieronder genoemde specifieke gevallen beschouwt de IND verder als bewijsmiddel:
|
||||
|
||||
• Goederen leveren door en aan buitenlands bedrijf:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens levering goederen.
|
||||
• Werknemer internationaal concern (sleutelpersoneel):
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens sleutelpersoneel;
|
||||
• een werkgeversverklaring (of een arbeidsovereenkomst).
|
||||
• Als specialist internationaal concern:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens personeel in het kader van overdracht specifieke kennis;
|
||||
• kopieën van diploma’s en getuigschriften.
|
||||
• Als trainee in concernverband:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens trainees in concernverband.
|
||||
• Kunst en cultuur:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens musicus/artiest in topsegment.
|
||||
• Geestelijke bedienaar:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens geestelijke bedienaar.
|
||||
• Arbeid in loondienst overig:
|
||||
|
||||
• de bijlage Gegevens vacaturevoorziening.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel dat de vreemdeling een arbeidsverleden aan boord van een Nederlands zeeschip of op het continentaal plat heeft:
|
||||
|
||||
|
|
@ -1480,13 +1634,9 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling behoor
|
|||
• een militair identificatiebewijs dat afgegeven is door de zendende staat; en
|
||||
• een Travel Order of een daarmee vergelijkbaar document.
|
||||
|
||||
### 5. Intrekking
|
||||
### 5. Zoekperiode
|
||||
|
||||
De IND trekt de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd in als sprake is van verwijtbare werkloosheid. De IND neemt in ieder geval aan dat sprake is van verwijtbare werkloosheid in de zin van artikel 3.91, aanhef en onder c, Vb als sprake is van één van de volgende omstandigheden:
|
||||
|
||||
• de werknemer is door hem verwijtbare gedragingen ontslagen. Hiervan is in het algemeen sprake bij ontslag op staande voet dat niet wordt aangevochten of als de vreemdeling zelf ontslag heeft genomen;
|
||||
• de werknemer heeft zich niet bij UWV WERKbedrijf als werkzoekende ingeschreven; of
|
||||
• de werknemer heeft meermalen geweigerd passende arbeid te aanvaarden.
|
||||
Op grond van artikel 3.91, eerste lid, Vb, verleent de IND de vreemdeling gedurende de geldigheidsduur van zijn gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid een zoekperiode van drie maanden om een nieuwe arbeidsplaats te vinden als de vreemdeling werkloos raakt.
|
||||
|
||||
## B6. Kennis en talent
|
||||
|
||||
|
|
@ -1528,13 +1678,11 @@ De IND wijst de aanvraag af van een vreemdeling die afgestudeerd is aan een ople
|
|||
|
||||
#### 2.3. Arbeid als kennismigrant
|
||||
|
||||
De IND willigt de aanvraag voor wijziging van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘zoeken en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst’ naar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ in als de hoogopgeleide voldoet aan het looncriterium voor afgestudeerde buitenlandse studenten, bedoeld in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 2, Buwav en als aan alle overige voorwaarden wordt voldaan.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag voor verlenging van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ niet af op grond van artikel 3.30a, eerste lid, Vb omdat niet aan het looncriterium als bedoeld in artikel 1d, eerste lid, Buwav wordt voldaan als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag voor een wijziging van de beperking of verlenging van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ niet af op grond van artikel 3.30a, eerste lid, Vb omdat niet aan het looncriterium als bedoeld in artikel 1d, eerste lid, Buwav wordt voldaan als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
|
||||
|
||||
• voor de vreemdeling gold bij de eerste verlening van de verblijfsvergunning als kennismigrant het looncriterium voor afgestudeerde buitenlandse studenten, bedoeld in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 2, Buwav;
|
||||
• voor de vreemdeling gold bij de eerste verlening van de verblijfsvergunning als kennismigrant het looncriterium voor afgestudeerde buitenlandse studenten, bedoeld in artikel 1d, eerste lid, onder a, sub 2, Buwav; en
|
||||
• de vreemdeling voldoet nog aan dat looncriterium.
|
||||
|
||||
Het vereiste met betrekking tot middelen van bestaan, zoals opgenomen in de artikelen 3.73 tot en met 3.75 Vb, is van toepassing op die aanvragen om een verblijfsvergunning als de vreemdeling conform artikel 1d, eerste lid, aanhef en onder b of c, Buwav wordt aangemerkt als:
|
||||
|
|
@ -1964,7 +2112,7 @@ De IND brengt de alimentatie die moet worden betaald voor zowel de huwelijks- of
|
|||
|
||||
##### 2.1.3. Familie- of gezinslid van houder verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd
|
||||
|
||||
De IND neemt in ieder geval aan dat sprake is van bijzondere banden met een derde land, zoals bedoeld in artikel 3.22, derde lid, Vb als de vreemdeling de nationaliteit van dat derde land bezit of een verblijfsvergunning voor dit land heeft.
|
||||
De IND neemt in ieder geval aan dat sprake is van bijzondere banden met een derde land, zoals bedoeld in artikel 3.22 Vb als de vreemdeling de nationaliteit van dat derde land bezit of een verblijfsvergunning voor dit land heeft.
|
||||
|
||||
#### 2.2. Referent met tijdelijk verblijfsrecht
|
||||
|
||||
|
|
@ -2265,26 +2413,6 @@ Bij de weigering van voortgezet verblijf is de uitgangspositie van de vreemdelin
|
|||
|
||||
Dit laat onverlet dat ook als geen sprake is van inmenging de IND een belangenafweging maakt tussen de belangen van de Staat en die van de vreemdeling.
|
||||
|
||||
#### 3.9. Gezinshereniging van verzorgende ouder met Nederlands minderjarig kind
|
||||
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.13, tweede lid, Vb een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 Vw als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling voldoet niet aan de voorwaarden voor een ander verblijfsdoel als bedoeld in artikel 3.4 of hoofdstuk 8 van het Vreemdelingenbesluit;
|
||||
• de vreemdeling heeft een minderjarig kind dat in het bezit is van de Nederlandse nationaliteit;
|
||||
• dit kind komt ten laste van de vreemdeling, en woont in bij deze vreemdeling; en
|
||||
• dit kind moet, bij het onthouden van verblijfsrecht aan de vreemdeling, de vreemdeling volgen en het grondgebied van de EU verlaten.
|
||||
|
||||
De IND neemt aan dat het kind de vreemdeling niet moet volgen en het grondgebied van de Unie niet moet verlaten als er een andere ouder is die rechtmatig verblijf heeft op grond van artikel 8, aanhef en onder a t/m e, dan wel l, Vw of de Nederlandse nationaliteit heeft, tenzij deze ouder feitelijk niet voor het kind kan zorgen.
|
||||
|
||||
De IND neemt aan dat de andere ouder feitelijk voor het kind kan zorgen als:
|
||||
|
||||
• de andere ouder niet het gezag heeft over het kind, tenzij de andere ouder aantoont dat het gezag niet aan hem kan worden toegekend; en/of
|
||||
• de ouders gebruik kunnen maken van hulp en ondersteuning bij zorg en opvoeding die van overheidswege of door maatschappelijke organisaties wordt geboden. Hieronder verstaat de IND ook de verstrekking van een uitkering uit de algemene middelen waar Nederlanders in Nederland in beginsel aanspraak op kunnen maken.
|
||||
|
||||
De IND neemt aan dat de andere ouder feitelijk niet voor het kind kan zorgen als deze ouder zich in detentie bevindt.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag niet af als de vreemdeling niet beschikt over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf.
|
||||
|
||||
### 4. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
|
||||
|
|
@ -2430,15 +2558,13 @@ In dit hoofdstuk zijn beleidsregels opgenomen voor vreemdelingen die in Nederlan
|
|||
• verblijf in afwachting van een verzoek ex artikel 17 RWN;
|
||||
• medische behandeling.
|
||||
|
||||
De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.46, 3.48 en 3.49 Vb.
|
||||
De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.6, 3.46, 3.48, 3.49, 3.99a, 3.102b, 61c en 6.1d Vb.
|
||||
|
||||
### 2. Eergerelateerd en huiselijk geweld
|
||||
|
||||
#### 2.1. Beleidsregels
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van eergerelateerd geweld als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, eerste lid, aanhef en onder e, Vb een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van eergerelateerd geweld als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
1. er is sprake van een dreiging met eergerelateerd geweld in Nederland én in het land van herkomst;
|
||||
2. er is een reële dreiging die niet op korte termijn kan worden weggenomen;
|
||||
|
|
@ -2461,12 +2587,11 @@ De IND verstaat onder een voldoende ernstige uiting van eergerelateerd geweld in
|
|||
• kinderontvoering; of
|
||||
• als het geweld leidt tot schrijnende omstandigheden, zoals gedwongen scheiding tussen ouder en kind of een gedwongen uithuwelijking.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag om verlening van de verblijfsvergunning niet af wegens:
|
||||
In aanvulling op artikel 3.48, derde lid, Vb wijst de IND de aanvraag om verlening van de verblijfsvergunning niet af wegens:
|
||||
|
||||
• het ontbreken van een geldige mvv, mits aan alle andere voorwaarden voor de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van eergerelateerd geweld is voldaan; en
|
||||
• het ontbreken van middelen van bestaan.
|
||||
• het ontbreken van een geldige mvv, mits aan alle andere voorwaarden voor de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van eergerelateerd geweld is voldaan.
|
||||
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb een verblijfsvergunning aan een slachtoffer van huiselijk geweld als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, eerste lid, aanhef en onder f, Vb een verblijfsvergunning aan een slachtoffer van huiselijk geweld als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
1. er is sprake van (een reële dreiging van) huiselijk geweld;
|
||||
2. het huiselijk geweld heeft geleid tot verbreking van de (huwelijks)relatie;
|
||||
|
|
@ -2480,10 +2605,9 @@ Uitsluitend bij minderjarige slachtoffers is het in verband met de leeftijd niet
|
|||
|
||||
De vreemdeling moet aannemelijk maken dat hij zich niet aan het geweld kan onttrekken als hij zich zou vestigen in het land van herkomst. Naast geweld of dreiging van geweld in Nederland moet ook in het land van herkomst dreiging aanwezig zijn. De vreemdeling moet aannemelijk maken dat van de kant van de familieleden die in het land van herkomst wonen, dreiging voor betrokkene uitgaat.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag om verlening van de verblijfsvergunning niet af wegens:
|
||||
In aanvulling op artikel 3.48, derde lid, Vb, wijst de IND de aanvraag om verlening van de verblijfsvergunning niet af wegens:
|
||||
|
||||
• het ontbreken van een geldige mvv, mits aan alle andere voorwaarden voor de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van huiselijk geweld is voldaan; en
|
||||
• het ontbreken van middelen van bestaan.
|
||||
• het ontbreken van een geldige mvv, mits aan alle andere voorwaarden voor de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een slachtoffer van huiselijk geweld is voldaan.
|
||||
|
||||
#### 2.2. Verlenging en intrekking
|
||||
|
||||
|
|
@ -2561,9 +2685,8 @@ Als de bedenktijd eindigt, heft de IND de opschorting van het vertrek op.
|
|||
|
||||
De IND merkt de kennisgeving van aangifte of het verlenen van medewerking aan het strafproces mensenhandel (Model M55) ambtshalve aan als een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning, zodra deze door de politie is doorgestuurd naar de IND.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning niet af als de vreemdeling:
|
||||
In aanvulling op artikel 3.48, derde lid, Vb wijst de IND de aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning niet af als de vreemdeling:
|
||||
|
||||
• niet beschikt over zelfstandige, duurzame en voldoende middelen van bestaan;
|
||||
• een gevaar vormt voor de openbare orde, waarbij sprake is van een inbreuk op de openbare orde die rechtstreeks verband houdt met het feit waarvan aangifte is gedaan of anderszins medewerking is verleend; of
|
||||
• niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2583,15 +2706,14 @@ De IND verleent de verblijfsvergunning niet ambtshalve als;
|
|||
• de vreemdeling die stelt slachtoffer van mensenhandel te zijn (nog) geen aangifte heeft gedaan noch op andere wijze medewerking heeft verleend aan het strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek;
|
||||
• geen sprake meer is van een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit waarvan de vreemdeling aangifte heeft gedaan of waaraan de vreemdeling op andere wijze medewerking heeft verleend.
|
||||
|
||||
De IND kan aan een slachtoffer van mensenhandel op grond van artikel 3.48, tweede lid, onder b, Vb een verblijfsvergunning verlenen, als het slachtoffer aantoont dat hij geen aangifte kan of wil doen of anderszins medewerking kan of wil verlenen aan de strafrechtelijke opsporing en vervolging van de mensenhandelaar in verband met:
|
||||
De IND kan aan een slachtoffer van mensenhandel op grond van artikel 3.48, eerste lid, onder d, Vb een verblijfsvergunning verlenen, als het slachtoffer aantoont dat hij geen aangifte kan of wil doen of anderszins medewerking kan of wil verlenen aan de strafrechtelijke opsporing en vervolging van de mensenhandelaar in verband met:
|
||||
|
||||
• een ernstige bedreiging; en/of
|
||||
• een medische of psychische beperking.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag tot verlening van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd van het slachtoffer dat niet kan of wil meewerken niet af als het slachtoffer:
|
||||
In aanvulling op artikel 3.48, derde lid Vb wijst de IND de aanvraag tot verlening van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd van het slachtoffer dat niet kan of wil meewerken niet af als het slachtoffer:
|
||||
|
||||
• niet beschikt over zelfstandige, duurzame en voldoende middelen van bestaan;
|
||||
• een gevaar vormt voor de openbare orde, waarbij sprake is van een inbreuk op de openbare orde die rechtstreeks verband houdt met het feit waarvan aangifte is gedaan of anderszins medewerking is verleend;
|
||||
• een gevaar vormt voor de openbare orde, waarbij sprake is van een inbreuk op de openbare orde die rechtstreeks verband houdt met het feit waar de vreemdeling slachtoffer van is;
|
||||
• niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding; of
|
||||
• niet beschikt over een geldige mvv, mits aan de overige voorwaarden voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor slachtoffers die niet kunnen of willen meewerken is voldaan.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2672,36 +2794,37 @@ De regiocoördinator draagt er zorg voor dat het slachtoffer goed wordt geïnfor
|
|||
|
||||
#### 4.1. Beleidsregels
|
||||
|
||||
De IND kan de aanvraag voor een verblijfsvergunning van een vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken afwijzen als de vreemdeling:
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef onder a, Vb, ambtshalve of op aanvraag, een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een vreemdeling die zonder resultaat heeft geprobeerd uit Nederland te vertrekken, als uit het ambtsbericht met positief zwaarwegend advies van de DT&V blijkt dat wordt voldaan aan alle volgende voorwaarden:
|
||||
|
||||
• een afwijzende beschikking op zijn asielaanvraag heeft ontvangen op grond van artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw wegens het toerekenbaar ontbreken van documenten die betrekking hebben op identiteit en nationaliteit van de vreemdeling; of
|
||||
• zich heeft onttrokken aan het vreemdelingentoezicht, dat wil zeggen, als hij is vertrokken ‘met onbekende bestemming’; of
|
||||
• op enig moment onjuiste gegevens heeft verstrekt om te bewerkstellingen dat hij in vreemdelingrechtelijke zin in een gunstiger positie komt te verkeren dan waarin hij zonder deze onjuiste gegevens zou verkeren.
|
||||
1. de vreemdeling heeft zelfstandig geprobeerd zijn vertrek te realiseren. Hij heeft aangetoond of aannemelijk gemaakt dat hij zich heeft gewend tot de vertegenwoordiging van het land of van de landen waarvan hij de nationaliteit heeft, dan wel tot het land of de landen waar hij als staatloze vreemdeling eerder zijn gewone verblijfsplaats had, en/of tot andere landen waarvan op basis van het geheel van feiten en omstandigheden kan worden aangenomen dat de vreemdeling aldaar de toegang zal worden verleend;
|
||||
2. er bestaat geen redelijke twijfel over zijn nationaliteit en identiteit; en
|
||||
3. de vreemdeling heeft de DT&V verzocht ten behoeve van hem een aanvraag voor een (vervangend) reisdocument in te dienen bij de autoriteiten van zijn land van herkomst of een ander land waarvan op basis van het geheel van feiten en omstandigheden kan worden aangenomen dat hem daar toegang zal worden verleend en deze aanvraag heeft niet het gewenste resultaat opgeleverd; en
|
||||
4. de DT&V heeft, op grond van objectieve, verifieerbare feiten en omstandigheden die zien op de persoon van betrokkene en die in beginsel zijn onderbouwd met bescheiden, vastgesteld dat sprake is van een samenhangend geheel van feiten en omstandigheden waaruit blijkt dat betrokkene buiten zijn schuld Nederland niet kan verlaten. Daarvan is in ieder geval sprake als:
|
||||
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef onder a, Vb, een verblijfsvergunning aan een vreemdeling die zonder resultaat heeft geprobeerd uit Nederland te vertrekken, als de vreemdeling aan alle volgende voorwaarden voldoet:
|
||||
1) uit een schriftelijke of mondelinge verklaring van de diplomatieke vertegenwoordiging is gebleken dat de vreemdeling niet in het bezit zal worden gesteld van een vervangend reisdocument, hoewel de autoriteiten van zijn land van herkomst of eerder verblijf niet twijfelen aan de door hem opgegeven identiteit en nationaliteit; of
|
||||
2) is gebleken dat de vreemdeling door de autoriteiten van zijn land van herkomst of eerder verblijf niet in het bezit zal worden gesteld van een vervangend reisdocument, en deze autoriteiten niet hebben aangegeven dat ze twijfelen aan de door de hem opgegeven identiteit en nationaliteit. Een buitenschuldsituatie wordt niet aangenomen als de vreemdeling:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling heeft:
|
||||
• heeft geweigerd de voor de indiening van de aanvraag voor een (vervangend) reisdocument vereiste handgeschreven verklaring op te stellen waarin hij de autoriteiten van zijn land van herkomst of eerder verblijf meedeelt zelfstandig te willen terugkeren;
|
||||
• zonder opgaaf van redenen niet is verschenen op de afspraak voor de presentatie in persoon bij de autoriteiten van zijn land van herkomst of eerder verblijf;
|
||||
• tijdens de presentatie in persoon aan de betreffende autoriteiten van zijn land van herkomst of eerder verblijf mondeling uitdrukkelijk heeft verklaard niet zelfstandig terug te willen keren; en
|
||||
5. de vreemdeling verblijft zonder verblijfstitel in Nederland;
|
||||
|
||||
• alles gedaan wat in zijn vermogen ligt om zijn vertrek zelfstandig te realiseren;
|
||||
• er bestaat geen twijfel over zijn nationaliteit en identiteit; en
|
||||
• het is niet aan hem te wijten dat hij Nederland niet kan verlaten.
|
||||
• de vreemdeling heeft:
|
||||
|
||||
• zich gewend tot de IOM voor facilitering van zijn vertrek; en
|
||||
• deze organisatie heeft aangegeven dat zij niet in staat is het vertrek van de vreemdeling te realiseren vanwege het feit dat de vreemdeling stelt niet te kunnen beschikken over reisbescheiden.
|
||||
• de vreemdeling heeft:
|
||||
|
||||
• om bemiddeling van de DT&V verzocht bij het verkrijgen van de benodigde bescheiden van de autoriteiten van het land waarnaar vertrek mogelijk is; en
|
||||
• de bemiddeling heeft niet het gewenste resultaat gehad; en
|
||||
• de vreemdeling:
|
||||
|
||||
• verblijft zonder verblijfstitel in Nederland;
|
||||
• voldoet niet aan andere voorwaarden voor een verblijfsvergunning; en
|
||||
• heeft evenmin een aanvraag voor een verblijfsvergunning op andere gronden ingediend.
|
||||
|
||||
De IND kan de verblijfsvergunning zowel ambtshalve als op aanvraag verlenen.
|
||||
Het aannemelijk maken kan worden geconcludeerd uit hetgeen de vreemdeling verklaart tegenover de DT&V en uit de door hem overgelegde documentatie, zoals (e-mail)correspondentie met zijn diplomatieke vertegenwoordiging.
|
||||
|
||||
De IND verleent de verblijfsvergunning aan het gezinslid van de vreemdeling buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken als de gezinsband al bestond vóórdat de gezinsleden Nederland binnenreisden.
|
||||
Van de vreemdeling wordt verwacht dat hij:
|
||||
|
||||
• zich wendt tot de autoriteiten van het land van herkomst en dat hij ter vaststelling van zijn identiteit en nationaliteit door de vertegenwoordiging van zijn land van herkomst de juiste gegevens verstrekt;
|
||||
• probeert op andere wijze in het bezit te komen van documenten om zijn identiteit en nationaliteit aan te tonen waarmee hij vervangende reisdocumenten kan verkrijgen, teneinde Nederland te kunnen verlaten, bij voorbeeld door het aanschrijven van familieleden in het land van herkomst, tenzij uit een schriftelijke dan wel mondelinge verklaring van de diplomatieke vertegenwoordiging is gebleken dat betrokkene, ondanks zijn bereidheid tot terugkeer, niet in het bezit zal worden gesteld van een vervangend reisdocument, hoewel de autoriteiten niet twijfelen aan de door hem opgegeven identiteit en nationaliteit. Op de website van de DT&V is een niet-limitatieve lijst van (soorten) documenten per land te vinden waarmee de identiteit en nationaliteit kan worden onderbouwd.
|
||||
• vertrekt naar een derde land, indien op basis van het geheel aan feiten en omstandigheden kan worden aangenomen dat hem aldaar de toegang zal worden verleend.
|
||||
|
||||
Indien het de vreemdeling buiten zijn schuld gedurende het terugkeertraject niet mogelijk is gebleken om de identiteit of nationaliteit middels documenten te onderbouwen, zal dit niet worden tegengeworpen in het kader van de vergunningverlening als de identiteit en nationaliteit tijdens eerdere toelatingsprocedures niet ongeloofwaardig zijn geacht en ook later in het vertrekproces, met name bij zijn diplomatieke vertegenwoordiging, geen redenen tot twijfel zijn opgekomen.
|
||||
|
||||
De DT&V verwijst tijdens de bemiddeling naar de diplomatieke vertegenwoordiging van het land en naar de niet-limitatieve lijst op de website van de DT&V. De DT&V zal door middel van een ambtsbericht aangeven aan de IND of al dan niet sprake is van buitenschuld.
|
||||
|
||||
De IND verleent de verblijfsvergunning aan het gezinslid van de vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken als de gezinsband al bestond vóórdat de gezinsleden Nederland binnenreisden.
|
||||
|
||||
De IND verleent de verblijfsvergunning aan de leden van één gezin met verschillende nationaliteiten en/of waarvan de leden afkomstig zijn uit verschillende landen van herkomst als zij aan alle volgende voorwaarden voldoen:
|
||||
|
||||
|
|
@ -2719,27 +2842,27 @@ De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder a, Vb een
|
|||
• door BMA is vastgesteld dat de vreemdeling vanwege zijn gezondheidstoestand blijvend niet kan reizen; of
|
||||
• is aangetoond dat de vreemdeling en de betrokken instanties alle inspanningen hebben verricht om het vertrek uit Nederland te realiseren, waaronder het verkrijgen van vervangende reisbescheiden, en gebleken is dat de voorgeschreven fysieke overdracht niet te realiseren is.
|
||||
|
||||
#### 4.2. Verlenging en intrekking
|
||||
#### 4.2. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder p, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking: ‘tijdelijke humanitaire gronden’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’.
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning af indien uit nieuwe informatie blijkt dat de vreemdeling alsnog terug kan keren naar zijn land van herkomst of een ander land.
|
||||
|
||||
De IND trekt de verblijfsvergunning in indien uit nieuwe informatie blijkt dat de vreemdeling alsnog terug kan keren naar zijn land van herkomst of een ander land.
|
||||
Op grond van artikel 3.58, elfde lid Vb, verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van het buitenschuldbeleid voor 1 jaar.
|
||||
|
||||
#### 4.3. Bewijsmiddelen
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel dat de vreemdeling bij tot de autoriteiten van zijn land van herkomst heeft geprobeerd een geldig document voor grensoverschrijding te krijgen:
|
||||
|
||||
• een schriftelijke verklaring van de autoriteiten van het land van herkomst waarin staat dat de vreemdeling niet in het bezit zal worden gesteld van een vervangend geldig document voor grensoverschrijding hoewel niet wordt getwijfeld aan de door de vreemdeling opgegeven identiteit en nationaliteit.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een schriftelijke verklaring van de IOM dat zij niet in staat is het vertrek van de vreemdeling te realiseren omdat hij stelt niet te beschikken over reisbescheiden als bewijsmiddel dat de vreemdeling zich tot de IOM heeft gewend om zijn vertrek te bewerkstelligen.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt uitsluitend een ambtsbericht van de DT&V, waarin wordt aangegeven dat de vreemdeling buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken, als bewijsmiddel dat de vreemdeling zich tot de DT&V heeft gewend en dat bemiddeling van de DT&V niet het gewenste resultaat heeft gehad.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een BMA-advies als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling om medische redenen niet kan reizen.
|
||||
|
||||
### 5. Verblijfsvergunning voor remigratie op grond van artikel 8 Remigratiewet
|
||||
#### 4.4. Verlenging en intrekking
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning af indien uit nieuwe informatie van de DT&V blijkt dat de vreemdeling alsnog terug kan keren naar zijn land van herkomst of een ander land.
|
||||
|
||||
De IND trekt de verblijfsvergunning in indien uit nieuwe informatie blijkt dat de vreemdeling alsnog terug kan keren naar zijn land van herkomst of een ander land.
|
||||
|
||||
### 5. Verblijfsvergunning voor remigratie op grond van
|
||||
|
||||
#### 5.1. Beleidsregels
|
||||
|
||||
|
|
@ -2763,11 +2886,21 @@ De IND beschouwt een verklaring dat de vreemdeling afstand heeft gedaan als bewi
|
|||
|
||||
De IND beschouwt een kopie van een verklaring van de SVB waarin staat dat positief zal worden beslist op de aanvraag voor remigratievoorzieningen als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat een aanvraag is ingediend voor remigratievoorzieningen op grond van de Remigratiewet.
|
||||
|
||||
#### 5.4. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder p, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking: ‘tijdelijke humanitaire gronden’.
|
||||
|
||||
De IND plaatst in het geldig document voor grensoverschrijding de aantekening ‘in afwachting van remigratievoorzieningen’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, zesde lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor de duur van ten hoogste zes maanden of zoveel korter als het daadwerkelijke vertrek uit Nederland binnen zes maanden ligt.
|
||||
|
||||
### 6. Amv die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken
|
||||
|
||||
#### 6.1. Beleidsregels
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.56 Vb verleent de IND een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van het specifieke buitenschuldbeleid aan een amv als de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden:
|
||||
Op grond van artikel 3.48 Vb verleent de IND een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van het specifieke buitenschuldbeleid aan een amv als de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling is alleenstaand;
|
||||
• de vreemdeling is (nog) minderjarig;
|
||||
|
|
@ -2854,14 +2987,10 @@ Op grond van artikel 19 juncto artikel 18, eerste lid, aanhef en onder c, Vw bez
|
|||
|
||||
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder p, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking: ‘tijdelijke humanitaire gronden’.
|
||||
|
||||
Als de IND vreemdeling in het bezit stelt van een verblijfsvergunning in verband met remigratie, plaatst de IND in het geldig document voor grensoverschrijding de aantekening ‘in afwachting van remigratievoorzieningen’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, elfde lid Vb, verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van het buitenschuldbeleid voor amv’s voor vijf jaar.
|
||||
|
||||
Als de IND de vreemdeling in het bezit stelt van een verblijfsvergunning in verband met remigratie, dan verleent de IND op grond van artikel 3.58, zesde lid, Vb de verblijfsvergunning voor de duur van ten hoogste zes maanden.
|
||||
|
||||
### 7. Overgangsrecht
|
||||
|
||||
#### 7.1. Overgangsrecht naar aanleiding van wijziging beleid voor amv’s per 1 juni 2013
|
||||
|
|
@ -3031,8 +3160,9 @@ De IND verleent de verblijfsvergunning als uit een advies van het BMA blijkt dat
|
|||
|
||||
De IND wijst de aanvraag van de vreemdeling af zonder advies aan het BMA te vragen als de vreemdeling:
|
||||
|
||||
• zijn medische situatie niet aantoont;
|
||||
• geen volledig ingevulde en ondertekende toestemmingsverklaring niet ouder dan zes maanden, overlegt; of
|
||||
• geen volledig ingevulde en ondertekende toestemmingsverklaring niet ouder dan zes maanden, overlegt;
|
||||
• geen bewijs omtrent de medische situatie overlegt;
|
||||
• geen of onvoldoende relevante medische gegevens overlegt (zie paragraaf A3/7.1 Vc);
|
||||
• tijdens de procedure om verlening van een verblijfsvergunning voor medische behandeling in verband met een medische noodsituatie (zie onder B8/9.1.2, onder 2 en 3), een aanvraag tot het verlenen van een terugkeervisum indient (zie A2/4.3.3.2) voor een bezoek aan het land van herkomst, met een langere duur dan één maand.
|
||||
|
||||
De IND vraagt het BMA geen informatie over behandelmogelijkheden in het land van herkomst als de vreemdeling zijn identiteit en nationaliteit onvoldoende aantoont (zie ook B1/4.2).
|
||||
|
|
@ -3058,19 +3188,17 @@ De IND past artikel 64 Vw toe in de volgende gevallen:
|
|||
|
||||
De IND past artikel 64 Vw toe voor de duur van het reisbeletsel met maximaal een jaar.
|
||||
|
||||
##### 9.1.9. Analoge toepassing van
|
||||
##### 9.1.9. Opvang in afwachting van definitieve besluitvorming op een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verband houdend met medische behandeling
|
||||
|
||||
De IND geeft (analoge) toepassing aan artikel 64 Vw in afwachting van de beslissing op een aanvraag voor een verblijfsvergunning onder de beperking 'medische behandeling' als de vreemdeling:
|
||||
De vreemdeling heeft recht op opvang in afwachting van de beslissing op de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verband houdend met medische behandeling als hij aan alle volgende voorwaarden voldoet:
|
||||
|
||||
• een uitgeprocedeerde asielzoeker is; of
|
||||
• een asielzoeker is die zich in de hoger beroepsfase van de asielprocedure bevindt; en
|
||||
• een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor medische behandeling heeft ingediend; en
|
||||
• voorafgaand aan de aanvraag voor een verblijfsvergunning de werkwijze zoals beschreven in A3/7.2 Vc heeft gevolgd; en
|
||||
• samen met zijn relevante medische gegevens een geldig document voor grensoverschrijding overlegt (B8/9.1.1 Vc is van overeenkomstige toepassing).
|
||||
|
||||
Paragrafen A3/7.2 en A3/7.3 Vc zijn verder van toepassing.
|
||||
|
||||
De analoge toepassing van artikel 64 Vw eindigt in deze gevallen van rechtswege als de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor het ondergaan van een medische behandeling afwijst of inwilligt.
|
||||
• de vreemdeling heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor medische behandeling ingediend;
|
||||
• de vreemdeling heeft voorafgaand aan de aanvraag voor de verblijfsvergunning bij de schriftelijke kennisgeving alle relevante bewijsmiddelen als genoemd in paragraaf A3/7.1 Vc overgelegd op de wijze zoals beschreven in die paragraaf (zie ook paragraaf B1/3.3.1.2 Vc);
|
||||
• de vreemdeling heeft een geldig document voor grensoverschrijding overgelegd (paragraaf B8/9.1.1 Vc is van overeenkomstige toepassing);
|
||||
• de vreemdeling is een:
|
||||
• uitgeprocedeerde asielzoeker; of
|
||||
• asielzoeker die zich in de hoger beroepsfase van de asielprocedure bevindt;
|
||||
• de vreemdeling heeft op de schriftelijke kennisgeving aangegeven dat hij in afwachting van de beslissing op de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verband houdend met medische behandeling in aanmerking wil komen voor opvang.
|
||||
|
||||
#### 9.2. Overgangsrecht
|
||||
|
||||
|
|
@ -3114,14 +3242,7 @@ De IND beschouwt een geldige polis van de afgesloten ziektekostenverzekering waa
|
|||
• de ziektekostenverzekering uit de algemene middelen wordt betaald; of
|
||||
• de premie van de ziektekostenverzekering wordt voldaan uit een uitkering die ten laste komt van de algemene middelen.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel dat de vreemdeling zich terecht beroept op medische gronden in ieder geval een gedagtekend, ondertekend schriftelijk bewijs van de medische behandelaar(s) waaruit blijkt:
|
||||
|
||||
• de naam, het adres en het registratienummer van het register van BIG of het NIP van de behandelaar(s);
|
||||
• dat de vreemdeling medische klachten heeft, waarvoor hij door de behandelaar wordt behandeld;
|
||||
• de datum van de start van de behandeling en indien dit bekend is de verwachte einddatum van de behandeling; en
|
||||
• wat de aard is van de medische klachten.
|
||||
|
||||
Het bewijs omtrent de medische situatie van de vreemdeling mag niet ouder zijn dan zes weken op het moment dat de vreemdeling dit overlegt.
|
||||
De IND beschouwt in ieder geval de bewijsmiddelen 2 en 3 genoemd in paragraaf A3/7.1 Vc, onder het kopje ‘bewijsmiddelen’ als bewijsmiddel dat de vreemdeling zich terecht beroept op medische gronden.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel van identiteit en nationaliteit als de vreemdeling niet beschikt over een geldig document voor grensoverschrijding:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3243,7 +3364,7 @@ De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als de vreem
|
|||
|
||||
### 3. Vreemdelingen die buiten hun schuld niet uit Nederland kunnen vertrekken
|
||||
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder c, Vb de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ als:
|
||||
De IND verleent op grond van artikel 3.51, eerste lid, onder a, 3, Vb de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ als:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling drie jaar rechtmatig verblijf heeft gehad onder de beperking ‘tijdelijke humanitaire gronden’ op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder a, Vb;
|
||||
• de vreemdeling op het moment van de indiening van de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor de verlening van de verblijfsvergunning voor vreemdelingen die buiten hun schuld niet uit Nederland kunnen vertrekken, en
|
||||
|
|
@ -3378,7 +3499,7 @@ Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de
|
|||
|
||||
1. gedurende vijf jaren geen grond is geweest voor intrekking van de verblijfsvergunning;
|
||||
2. de vreemdeling het inburgeringsexamen heeft behaald of hiervan is vrijgesteld of ontheven; en
|
||||
3. de vreemdeling voldoet aan de algemene toelatingsvoorwaarden van artikel 16, eerste lid, Vw, met uitzondering van de subcategorieën b, c en i.
|
||||
3. de vreemdeling voldoet aan de algemene toelatingsvoorwaarden van artikel 16, eerste lid, Vw, met uitzondering van de subcategorieën b, c en k.
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel 3.51, tweede lid, aanhef en onder a en b, Vb verleent de IND de gezinsleden van de houder van de Europese blauwe kaart een verblijfsvergunning als:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3423,7 +3544,7 @@ De IND maakt in ieder geval geen gebruik van de bevoegdheid om de hardheidsclaus
|
|||
|
||||
#### 8.2. Bijzondere voorwaarden na een (huwelijks)relatie
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning uitsluitend als de vreemdeling naast de in B9/7.1 genoemde voorwaarden ook voldoet aan alle volgende voorwaarden:
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning uitsluitend als de vreemdeling naast de in paragraaf B9/8.1 Vc genoemde voorwaarden ook voldoet aan alle volgende voorwaarden:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling is een huwelijk, geregistreerd partnerschap of duurzame en exclusieve relatie aangegaan met een referent die zelf verblijfsrecht van niet-tijdelijke aard heeft; en
|
||||
• de (huwelijks)relatie bestaat vijf jaren (of heeft vijf jaren bestaan) en de vreemdeling heeft ten minste vijf jaren op grond van die (huwelijks)relatie een verblijfsvergunning gehad.
|
||||
|
|
@ -3435,7 +3556,7 @@ Op grond van artikel 3.51, achtste lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunnin
|
|||
|
||||
#### 8.3. Bijzondere voorwaarden na verruimde gezinshereniging
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning alleen als de vreemdeling naast in B9/7.1 genoemde voorwaarden ook voldoet aan de voorwaarde dat hij vijf jaren in het kader van verruimde gezinshereniging een verblijfsvergunning heeft voor verblijf bij een referent die zelf verblijfsrecht van niet-tijdelijke aard heeft.
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning alleen als de vreemdeling naast de in paragraaf B9/ 8.1 Vc genoemde voorwaarden ook voldoet aan de voorwaarde dat hij vijf jaren in het kader van verruimde gezinshereniging een verblijfsvergunning heeft voor verblijf bij een referent die zelf verblijfsrecht van niet-tijdelijke aard heeft.
|
||||
|
||||
#### 8.4. Verblijfsvergunning na overlijden van de referent
|
||||
|
||||
|
|
@ -3454,6 +3575,13 @@ b. twee jaar als houder van een verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder
|
|||
• de vreemdeling dient tegelijkertijd met, of op een latere datum dan de hoofdpersoon een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’; en
|
||||
• de vreemdeling voldoet aan de algemene verblijfsvoorwaarden genoemd in artikel 16 Vw. De vreemdeling hoeft niet te beschikken over voldoende middelen van bestaan of een verklaring van een referent (als gevolg van art. 3.51, vierde lid, Vb).
|
||||
|
||||
#### 8.6. Verblijf wegens bijzondere individuele omstandigheden na verblijf als familie- of gezinslid
|
||||
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijk humanitaire gronden’ op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb als:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 3.50, eerste lid, aanhef en onder a en b, Vb of artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb; en
|
||||
• de vreemdeling heeft onderbouwd dat sprake is van bijzondere individuele omstandigheden (zie paragraaf B9/11 Vc) waardoor de vreemdeling blijvend op verblijf in Nederland is aangewezen.
|
||||
|
||||
### 9. Na verblijf in het kader van medische behandeling
|
||||
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met niet-tijdelijke humanitaire gronden op grond van artikel 3.51, eerste lid, onderdeel a, ten tweede, en artikel 3.51, eerste lid, onderdeel b, Vb, uitsluitend als de vreemdeling voldoet aan de volgende voorwaarden:
|
||||
|
|
@ -3464,26 +3592,24 @@ c. de medische behandeling is voor ten minste nog één jaar noodzakelijk; en
|
|||
d. de vreemdeling heeft gedurende de gehele periode voldaan aan de voorwaarden voor verlenging van de geldigheidsduur van de oorspronkelijke verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met medische behandeling; en
|
||||
e. de vreemdeling voldoet op het moment waarop hij de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met niet-tijdelijke humanitaire gronden indient, nog steeds aan alle voorwaarden voor verlenging van de oorspronkelijke verblijfsvergunning. De vreemdeling hoeft niet te beschikken over voldoende middelen van bestaan.
|
||||
|
||||
### 10. Bijzondere individuele omstandigheden
|
||||
### 10. Na verblijf als slachtoffer van mensenhandel die hiervan geen aangifte kan of wil doen
|
||||
|
||||
Een vreemdeling kan een aanvraag indienen om een verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ op grond van artikel 3.51 eerste lid, aanhef en onder h, Vb als hij:
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb, als:
|
||||
|
||||
• ten minste1 jaar in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning op grond van (dreigend) eergerelateerd geweld (zie B8/2);
|
||||
• ten minste 1 jaar in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning op grond van (een reële dreiging van) huiselijk geweld (zie B8/2);
|
||||
• ten minste1 jaar in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning als slachtoffer van mensenhandel die geen aangifte kan of wil doen of op een andere manier medewerking kan of wil verlenen aan de strafrechtelijke opsporing en vervolging van de mensenhandelaar (zie B8/3).
|
||||
• het slachtoffer aantoont dat de dreiging op grond waarvan de verblijfsvergunning is verleend voortduurt, waardoor het slachtoffer geen medewerking kan verlenen aan het strafproces; of
|
||||
• uit recente medische informatie blijkt dat een fysieke of psychische aandoening het slachtoffer (nog steeds) in de weg staat om medewerking te verlenen aan het strafproces.
|
||||
|
||||
In bovengenoemde gevallen verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ als de vreemdeling aantoont dat de dreiging op grond waarvan de verblijfsvergunning is verleend voortduurt.
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb, als:
|
||||
|
||||
In geval van de slachtoffers van mensenhandel verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ als uit de recente medische informatie blijkt dat een fysieke of psychische aandoening het slachtoffer in de weg staat om medewerking te verlenen aan het strafproces.
|
||||
• de vreemdeling ten minste één jaar in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning als slachtoffer van mensenhandel die hiervan om zwaarwegende redenen geen aangifte kan of wil doen of anderszins geen medewerking kan of wil verlenen aan de strafrechtelijke opsporing en vervolging van de mensenhandelaar; en
|
||||
• geen sprake meer is van een ernstige bedreiging of van een fysieke of psychische beperking, waardoor het slachtoffer geen medewerking kan verlenen aan het strafproces; en
|
||||
• er sprake is van een combinatie van klemmende redenen van humanitaire aard, die rechtstreeks verband houden met mensenhandel, waardoor van de vreemdeling niet gevergd kan worden dat hij Nederland verlaat.
|
||||
|
||||
Is van een voortduring van (de dreiging van) het geweld of van een medische of psychische beperking, waardoor het slachtoffer geen medewerking kan verlenen aan het strafproces, geen sprake meer, dan verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ als er sprake is van een combinatie van klemmende redenen van humanitaire aard.
|
||||
### 11. Na verblijf als slachtoffer van (dreigend) eergerelateerd geweld of van (dreigend) huiselijk geweld
|
||||
|
||||
De IND wijst de aanvraag voor de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet af als de vreemdeling niet (meer) beschikt over voldoende middelen van bestaan of een verklaring van een referent (als gevolg van art. 3.51, vierde lid, Vb).
|
||||
De IND verleent een verblijfsvergunning op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder i en j, Vb, als de vreemdeling aantoont dat de dreiging op grond waarvan de verblijfsvergunning is verleend voortduurt.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb verleent de IND een verblijfsvergunning als:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op één van de gronden die hiervoor zijn beschreven (paragrafen 2 tot en met 8); en
|
||||
• de vreemdeling heeft onderbouwd dat sprake is van bijzondere individuele omstandigheden waardoor de vreemdeling blijvend op verblijf in Nederland is aangewezen.
|
||||
Is van een voortduring van (de dreiging van) het geweld geen sprake meer, dan verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’, op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb, als er sprake is van een combinatie van klemmende redenen van humanitaire aard waardoor de vreemdeling blijvend op verblijf in Nederland is aangewezen.
|
||||
|
||||
De IND neemt aan dat bijzondere individuele omstandigheden in ieder geval gelegen kunnen zijn in:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3498,7 +3624,7 @@ De IND houdt bij de beoordeling rekening met de situatie van vreemdelingen en hu
|
|||
|
||||
De IND kent aan deze factoren zwaar gewicht toe als:
|
||||
|
||||
• er sprake is van gedwongen uithuwelijking in het land van herkomst; of
|
||||
• sprake is van gedwongen uithuwelijking in het land van herkomst; of
|
||||
• de eigen familie in het land van herkomst de vrouw heeft verstoten; of
|
||||
• de vrouw naar het recht van het land van herkomst niet de mogelijkheid heeft te scheiden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3511,7 +3637,9 @@ De IND kent aan deze factoren zwaar gewicht toe als:
|
|||
• sprake is van in Nederland geboren kinderen, of kinderen met (ook) de Nederlandse nationaliteit; en
|
||||
• aannemelijk wordt gemaakt dat deze kinderen niet eenvoudig op te lossen problemen ondervinden bij toegang tot een schoolopleiding in het land van herkomst.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning als de vreemdeling aangifte heeft gedaan als slachtoffer van mensenhandel of op andere wijze medewerking heeft verleend aan de opsporing en vervolging daarvan en voldoet aan één van de volgende voorwaarden:
|
||||
### 12. Na verblijf als slachtoffer of slachtoffer-aangever van mensenhandel
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning aan de vreemdeling bedoeld in artikel 3.48, eerste lid, aanhef en onder a en b, Vb, als de vreemdeling aan één van de volgende voorwaarden voldoet:
|
||||
|
||||
1. de strafzaak heeft uiteindelijk geleid tot een onherroepelijke veroordeling;
|
||||
2. de strafzaak heeft uiteindelijk niet geleid tot een veroordeling, maar het slachtoffer verblijft op het moment van de rechterlijke uitspraak al drie jaar of langer op basis van een verblijfsvergunning op grond van het beleid over mensenhandel in Nederland; of
|
||||
|
|
@ -3519,10 +3647,7 @@ Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb verleent de IND de
|
|||
|
||||
Een veroordeling op grond van één van de andere in de strafzaak ten laste gelegde misdrijven is voldoende, als mensenhandel een onderdeel vormt van de tenlastelegging.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb verleent de IND een verblijfsvergunning als:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op één van de gronden die onder 1 tot en met 3 zijn beschreven; en
|
||||
• de vreemdeling heeft onderbouwd dat op grond van bijzondere individuele omstandigheden niet gevergd kan worden dat hij Nederland verlaat.
|
||||
Als de vreemdeling niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op één van de gronden die onder 1 tot en met 3 zijn beschreven, verleent de IND een verblijfsvergunning als de vreemdeling heeft onderbouwd dat op grond van bijzondere individuele omstandigheden die rechtstreeks verband houden met mensenhandel, niet kan worden gevergd dat hij Nederland verlaat.
|
||||
|
||||
De IND betrekt in elk geval de volgende factoren bij de beoordeling of van de vreemdeling kan worden gevergd dat hij Nederland verlaat:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3530,9 +3655,9 @@ De IND betrekt in elk geval de volgende factoren bij de beoordeling of van de vr
|
|||
• risico van vervolging in het land van herkomst, bijvoorbeeld op grond van prostitutie; en
|
||||
• de mogelijkheden van sociale en maatschappelijke herintegratie in het land van herkomst.
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder h, Vb verleent de IND een verblijfsvergunning als:
|
||||
### 13. Na verblijf als getuige-aangever van mensenhandel
|
||||
|
||||
• de vreemdeling heeft onderbouwd dat op grond van bijzondere individuele omstandigheden niet gevergd kan worden dat hij Nederland verlaat.
|
||||
Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb verleent de IND een verblijfsvergunning aan de vreemdeling bedoeld in artikel 3.48, eerste lid, aanhef en onder c, Vb als:de vreemdeling heeft onderbouwd dat op grond van bijzondere individuele omstandigheden, die rechtstreeks verband houden met mensenhandel, niet gevergd kan worden dat hij Nederland verlaat.
|
||||
|
||||
De IND betrekt in elk geval de volgende factoren bij de beoordeling of van de vreemdeling kan worden gevergd dat hij Nederland verlaat:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3540,9 +3665,9 @@ De IND betrekt in elk geval de volgende factoren bij de beoordeling of van de vr
|
|||
• risico van vervolging in het land van herkomst, bijvoorbeeld op grond van prostitutie; en
|
||||
• de mogelijkheden van sociale en maatschappelijke herintegratie in het land van herkomst.
|
||||
|
||||
### 11. Privéleven als bedoeld in artikel 8 EVRM
|
||||
### 14. Privéleven als bedoeld in artikel 8 EVRM
|
||||
|
||||
#### 11.1. Privéleven
|
||||
#### 14.1. Privéleven
|
||||
|
||||
Volgens de jurisprudentie van het EHRM wordt het begrip privéleven gevormd door de volgende elementen:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3558,7 +3683,7 @@ De IND betrekt bij de beoordeling van een beroep op het uitoefenen van privélev
|
|||
• de verblijfsduur in Nederland; en
|
||||
• het totaal van de in het gastland aangegane sociale banden en de intensiteit daarvan.
|
||||
|
||||
#### 11.2. Inmenging
|
||||
#### 14.2. Inmenging
|
||||
|
||||
De IND neemt inmenging in het privéleven aan, als de vreemdeling:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3566,7 +3691,7 @@ De IND neemt inmenging in het privéleven aan, als de vreemdeling:
|
|||
• met toepassing van artikel 67 Vw ongewenst is verklaard; of
|
||||
• in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning.
|
||||
|
||||
#### 11.3. Belangenafweging
|
||||
#### 14.3. Belangenafweging
|
||||
|
||||
Om te kunnen bepalen of weigering van (voortzetting van) het verblijf van de vreemdeling in strijd is met artikel 8 EVRM, neemt de IND alle relevante feiten en omstandigheden van het geval in ogenschouw en brengt deze tot uitdrukking in een belangenafweging. Welke belangen de IND bij de belangenafweging betrekt, hangt af van de concrete individuele casus. Van belang is dat het altijd gaat om de feitelijke situatie in het individuele geval, die per casus verschilt. Aangezien het gaat om de beoordeling en afweging van diverse belangen van verschillende aard, komt in beide gevallen aan de IND een zekere beoordelingsvrijheid (a certain margin of appreciation) toe.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3574,7 +3699,7 @@ De IND bepaalt de uitgangspositie van de belangenafweging mede door de omstandig
|
|||
|
||||
Dit laat onverlet dat ook als geen sprake is van inmenging de IND een belangenafweging maakt tussen de belangen van de Staat en die van de vreemdeling.
|
||||
|
||||
### 12. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
### 15. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
|
@ -3586,7 +3711,7 @@ Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarkt
|
|||
|
||||
Op grond van artikel 3.58, achtste lid, Vb verleent de IND de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking: ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ voor de duur van vijf jaar.
|
||||
|
||||
### 13. Verlenging en intrekking
|
||||
### 16. Verlenging en intrekking
|
||||
|
||||
Op grond van artikel 3.59, vijfde lid, Vb verlengt de IND de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning voor de duur van vijf jaar.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3601,9 +3726,9 @@ Dit geldt ook voor de afhankelijke gezinsleden van Nederlanders die buiten Neder
|
|||
|
||||
Als de IND verblijfsrecht van de oud-Nederlander niet beëindigt, dan beëindigt de IND evenmin het verblijfsrecht van de afhankelijke gezinsleden als de afhankelijke gezinsleden niet zelfstandig en duurzaam beschikken over voldoende middelen van bestaan en niet samenwonen met de oud- Nederlander.
|
||||
|
||||
### 14. Bewijsmiddelen
|
||||
### 17. Bewijsmiddelen
|
||||
|
||||
#### 14.1. Algemeen
|
||||
#### 17.1. Algemeen
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
|
@ -3649,7 +3774,7 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling ondank
|
|||
• een verklaring van het ROC van Amsterdam, waarin deze aangeeft dat de vreemdeling analfabeet is en wegens beperkt leervermogen in samenhang met onder meer vooropleiding en leeftijd in redelijkheid niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen binnen vijf jaar af te leggen; en
|
||||
• de door DUO verstrekte resultatenbrief van het afleggen van de toets gesproken Nederlands (TGN), met het resultaat ‘geslaagd’ (A2-niveau).
|
||||
|
||||
#### 14.2. Verblijfsspecifiek
|
||||
#### 17.2. Verblijfsspecifiek
|
||||
|
||||
De IND beschouwt een geboorteakte als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling geboren is in Nederland.
|
||||
|
||||
|
|
@ -3679,8 +3804,9 @@ De IND beschouwt een afschrift van de overlijdensakte als bewijsmiddel waaruit m
|
|||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de medische behandeling van de vreemdeling voor ten minste één jaar noodzakelijk is:
|
||||
|
||||
• een door de medische behandelaars van de vreemdeling volledig ingevulde en ondertekende Bijlage bewijs omtrent medische situatie vreemdeling, die niet ouder is dan zes weken; en
|
||||
• een door de vreemdeling zelf volledig ingevulde en ondertekende Bijlage toestemmingsverklaring medische gegevens die niet ouder is dan zes maanden.
|
||||
• een door de medische behandelaars van de vreemdeling volledig ingevulde en ondertekende Bijlage bewijs omtrent medische situatie vreemdeling, die niet ouder is dan zes weken;
|
||||
• een door de vreemdeling zelf volledig ingevulde en ondertekende Bijlage toestemmingsverklaring medische gegevens die niet ouder is dan zes maanden; en
|
||||
• relevante medische gegevens zoals beschreven in paragraaf A3/7.1 Vc.
|
||||
|
||||
De IND beschouwt als bewijsmiddel van huiselijk geweld:
|
||||
|
||||
|
|
@ -3732,6 +3858,24 @@ In aanvulling op artikel 8.7 Vb geldt dat richtlijn 2004/38/EG niet van toepassi
|
|||
|
||||
Een familielid van een burger van de Unie verliest niet de rechten, die al aan het EU-recht werden ontleend als de burger van de Unie naturaliseert tot Nederlander (al dan niet met verlies van de oorspronkelijke nationaliteit).
|
||||
|
||||
Een vreemdeling heeft rechtmatig verblijf op grond van artikel 8 onder e, Vw als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
|
||||
|
||||
• de vreemdeling heeft een minderjarig kind dat in het bezit is van de Nederlandse nationaliteit;
|
||||
• dit kind komt ten laste van de vreemdeling, en woont in bij deze vreemdeling; en
|
||||
• dit kind moet, bij het onthouden van verblijfsrecht aan de vreemdeling, de vreemdeling volgen en het grondgebied van de EU verlaten.
|
||||
|
||||
De IND neemt in ieder geval aan dat het kind de vreemdeling niet moet volgen en het grondgebied van de Unie niet moet verlaten als er een andere ouder is die rechtmatig verblijf heeft op grond van artikel 8, aanhef en onder a t/m e, dan wel l, Vw of de Nederlandse nationaliteit heeft, tenzij deze ouder feitelijk niet voor het kind kan zorgen.
|
||||
|
||||
De IND neemt in ieder geval aan dat de andere ouder feitelijk voor het kind kan zorgen als:
|
||||
|
||||
• de andere ouder het gezag heeft over het kind, dan wel alsnog het gezag over het kind kan krijgen; en
|
||||
• de andere ouder gebruik kan maken van hulp en ondersteuning bij zorg en opvoeding die van overheidswege of door maatschappelijke organisaties wordt geboden. Hieronder verstaat de IND ook de verstrekking van een uitkering uit de algemene middelen waar Nederlanders in Nederland in beginsel aanspraak op kunnen maken.
|
||||
|
||||
De IND neemt in ieder geval aan dat de andere ouder feitelijk niet voor het kind kan zorgen als deze ouder:
|
||||
|
||||
• zich in detentie bevindt; of
|
||||
• aantoont dat het gezag niet aan hem kan worden toegekend.
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel 8.7, tweede lid, Vb stelt de IND adoptiefkinderen gelijk met rechtstreekse bloedverwanten in neergaande lijn.
|
||||
|
||||
Als een familielid als bedoeld in artikel 8.7, tweede lid, aanhef en onder c en d, Vb en artikel 8.7, derde lid, Vb stelt ten laste te zijn van een burger van de Unie, dan beoordeelt de IND of dit familielid, op het moment dat dit familielid verzocht om hereniging met de burger van de Unie, in het land van herkomst of het land vanwaar het familielid kwam (d.w.z. niet in Nederland) gezien zijn financiële en sociale toestand materiële steun nodig had om in zijn basisbehoeften te kunnen voorzien.
|
||||
|
|
@ -3740,8 +3884,7 @@ In aanvulling op artikel 8.7, vierde lid, Vb neemt de IND aan dat een duurzame r
|
|||
|
||||
• voorafgaand aan het moment van de aanvraag voor toetsing aan het EU-recht of het moment van beslissen gedurende een termijn van zes maanden een gezamenlijke huishouding voerden en gedurende die termijn feitelijk samenwoonden; of
|
||||
• gezamenlijk een kind hebben.
|
||||
|
||||
In alle gevallen moet het gaan om een bestaande duurzame relatie.
|
||||
• In alle gevallen moet het gaan om een bestaande duurzame relatie.
|
||||
|
||||
In aanvulling op artikel 8.12, eerste lid, aanhef en onder a, Vb beschouwt de IND een burger van de Unie als werknemer of zelfstandige als deze reële en daadwerkelijke arbeid verricht. Van reële en daadwerkelijke arbeid is in ieder geval sprake als:
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue