2007-02-16 | BWBR0014483 | Besluit fiscale eenheid 2003

This commit is contained in:
Coornhert 2007-02-16 12:00:00 +00:00
parent e382b493fd
commit b556b05bf4

View file

@ -27,7 +27,7 @@ d. maatschappij, voegingstijdstip of ontvoegingstijdstip: hetgeen daaronder word
### Artikel 2
Indien een dochtermaatschappij verschillende soorten aandelen heeft, moet de moedermaatschappij de juridische en economische eigendom bezitten van ten minste 95 percent van elke soort aandelen in het nominaal gestorte kapitaal.
Indien een dochtermaatschappij verschillende soorten aandelen heeft, moeten de aandelen waarvan de moedermaatschappij de juridische en economische eigendom bezit, gezamenlijk altijd recht geven op ten minste 95% van de winst en ten minste 95% van het vermogen van de dochtermaatschappij. Indien er één bijzonder aandeel is, waarvan de moedermaatschappij niet de juridische of economische eigendom bezit, met een symbolische nominale waarde en een recht op de winst van minder dan 10% van die waarde, wordt deze gerechtigdheid tot de winst voor de toepassing van de eerste volzin buiten beschouwing gelaten.
### Artikel 3
@ -55,9 +55,9 @@ e. alle kapitaalverschaffers in beginsel stemrecht hebben overeenkomstig hun aan
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder dochtermaatschappij ook verstaan een bestaande fiscale eenheid.
**3.** Indien het boekjaar van een met ingang van haar oprichting als dochtermaatschappij te voegen lichaam, met uitzondering van het eerste boekjaar, statutair samenvalt met dat van de moedermaatschappij, wordt geacht te zijn voldaan aan het vereiste van artikel 15, derde lid, onderdeel a, van de wet, mits die dochtermaatschappij haar eerste boekjaar afsluit op hetzelfde tijdstip als waarop de moedermaatschappij het op het voegingstijdstip lopende boekjaar afsluit.
**3.** Indien het boekjaar van een met ingang van een tijdstip in het boekjaar van haar oprichting als dochtermaatschappij te voegen lichaam, met uitzondering van het eerste boekjaar, statutair samenvalt met dat van de moedermaatschappij, wordt geacht te zijn voldaan aan het vereiste van artikel 15, derde lid, onderdeel a, van de wet, mits die dochtermaatschappij haar eerste boekjaar afsluit op hetzelfde tijdstip als waarop de moedermaatschappij het op het voegingstijdstip lopende boekjaar afsluit.
**4.** Voor de toepassing van artikel 15ae, eerste lid, onderdelen a en b, van de wet wordt de aan een in het eerste lid bedoelde dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid aangemerkt als winst van de maatschappijen die deze dochter hebben opgericht, naar rato van hun kapitaalinbreng.
**4.** Voor de toepassing van artikel 15ae, eerste lid, van de wet wordt de aan een met ingang van haar oprichting gevoegde dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid aangemerkt als winst van de maatschappijen die deze dochter hebben opgericht, naar rato van hun kapitaalinbreng.
**5.** Indien op het voegingstijdstip het boekjaar van een reeds bestaande dochtermaatschappij statutair nog niet, maar feitelijk reeds wel samenvalt met dat van de moedermaatschappij, wordt geacht te zijn voldaan aan het vereiste van artikel 15, derde lid, onderdeel a, van de wet, mits vóór het voegingstijdstip door het daartoe bevoegde orgaan van de dochtermaatschappij het besluit is genomen tot wijziging van het boekjaar in die zin dat het boekjaar samenvalt met dat van de moedermaatschappij en indien voor de wijziging van het boekjaar een statutenwijziging noodzakelijk is, mits voor het voegingstijdstip terzake de verklaring van geen bezwaar is aangevraagd en de statutenwijziging binnen twee weken na afgifte van de verklaring van geen bezwaar heeft plaatsgevonden. Indien de in de eerste volzin bedoelde termijn van twee weken door omstandigheden die zijn gelegen buiten de invloedsfeer van partijen wordt overschreden en aannemelijk is dat getracht is de statutenwijziging zo spoedig mogelijk na afgifte van de verklaring van geen bezwaar te doen plaatsvinden, blijft afwijzing van het verzoek achterwege.
@ -182,13 +182,15 @@ Indien tot het vermogen van een ontvoegde dochtermaatschappij een deelneming beh
**4.** De verkrijgende rechtspersonen treden met betrekking tot al hetgeen in het kader van de splitsing is verkregen in de plaats van de splitsende dochtermaatschappij.
**5.** Voor de toepassing van een regeling ter voorkoming van dubbele belasting, vindt de overbrenging van buitenlandse winsten en verliezen van de gesplitste dochtermaatschappij van voor het tijdstip van splitsing, plaats alsof de splitsing niet heeft plaatsgevonden
**5.** Voor de toepassing van een regeling ter voorkoming van dubbele belasting, vindt de overbrenging van buitenlandse winsten en verliezen en van vanwege een andere Mogendheid geheven belasting van de gesplitste dochtermaatschappij van voor het tijdstip van splitsing, plaats alsof de splitsing niet heeft plaatsgevonden
**6.** Aftrekbeperkingen uit hoofde van artikel 15ab, tweede lid, of 15ad van de wet blijven doorlopen alsof de splitsing niet heeft plaatsgevonden.
**6.** De overbrenging van deelnemingsverrekening van de gesplitste dochtermaatschappij van voor het tijdstip van splitsing, vindt plaats alsof de splitsing niet heeft plaatsgevonden.
**7.** Het verzoek bedoeld in het eerste lid wordt gedaan uiterlijk bij de aangifte over het boekjaar waarin de splitsing heeft plaatsgevonden.
**7.** Aftrekbeperkingen uit hoofde van artikel 15ab, tweede lid, van de wet blijven doorlopen alsof de splitsing niet heeft plaatsgevonden.
**8.** Met betrekking tot een verzoek als bedoeld in het derde lid is artikel 15af, derde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing.
**8.** Het verzoek bedoeld in het eerste lid wordt gedaan uiterlijk bij de aangifte over het boekjaar waarin de splitsing heeft plaatsgevonden.
**9.** Met betrekking tot een verzoek als bedoeld in het derde lid is artikel 15af, derde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 18
@ -200,13 +202,15 @@ Indien tot het vermogen van een ontvoegde dochtermaatschappij een deelneming beh
**4.** De verkrijgende rechtspersoon treedt met betrekking tot al hetgeen in het kader van de fusie is verkregen in de plaats van een verdwijnende dochtermaatschappij.
**5.** Voor de toepassing van een regeling ter voorkoming van dubbele belasting, vindt de overbrenging van buitenlandse winsten en verliezen van de verdwenen dochtermaatschappij van voor het tijdstip van fusie, plaats alsof de fusie niet heeft plaatsgevonden
**5.** Voor de toepassing van een regeling ter voorkoming van dubbele belasting, vindt de overbrenging van buitenlandse winsten en verliezen en van vanwege een andere Mogendheid geheven belasting van de verdwenen dochtermaatschappij van voor het tijdstip van fusie, plaats alsof de fusie niet heeft plaatsgevonden
**6.** Aftrekbeperkingen uit hoofde van artikel 15ab, tweede lid, of 15ad van de wet blijven doorlopen alsof de fusie niet heeft plaatsgevonden.
**6.** De overbrenging van deelnemingsverrekening van de verdwenen dochtermaatschappij van voor het tijdstip van fusie, vindt plaats alsof de fusie niet heeft plaatsgevonden.
**7.** Het verzoek bedoeld in het eerste lid wordt gedaan uiterlijk bij de aangifte over het boekjaar waarin de fusie heeft plaatsgevonden.
**7.** Aftrekbeperkingen uit hoofde van artikel 15ab, tweede lid, van de wet blijven doorlopen alsof de fusie niet heeft plaatsgevonden.
**8.** Met betrekking tot een verzoek als bedoeld het derde lid is artikel 15af, derde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing.
**8.** Het verzoek bedoeld in het eerste lid wordt gedaan uiterlijk bij de aangifte over het boekjaar waarin de fusie heeft plaatsgevonden.
**9.** Met betrekking tot een verzoek als bedoeld het derde lid is artikel 15af, derde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 18a
@ -392,7 +396,7 @@ g. hoofdhuis: een buitenlandse belastingplichtige als bedoeld in artikel 15, vie
### Artikel 31
**1.** Voor de toepassing van de artikelen 15aa, 15ab, tweede tot en met zesde lid, en 15ac tot en met 15aj van de wet, wordt een buitenlandse belastingplichtige slechts als maatschappij aangemerkt voorzover deze belastingplichtige op grond van artikel 15, vierde lid, tweede volzin, van de wet deel uitmaakt van een fiscale eenheid.
**1.** Voor de toepassing van de artikelen 15aa, 15ab, tweede tot en met zesde lid, 15ac en 15ae tot en met 15aj van de wet, wordt een buitenlandse belastingplichtige slechts als maatschappij aangemerkt voorzover deze belastingplichtige op grond van artikel 15, vierde lid, tweede volzin, van de wet deel uitmaakt van een fiscale eenheid.
**2.** Met betrekking tot een buitenlands belastingplichtige maatschappij wordt in artikel 15ae, eerste lid, onderdeel b, artikel 15af, eerste, vierde en zesde lid, en artikel 15ag, eerste lid, van de wet voor «belastbare winst» gelezen: Nederlands inkomen.
@ -428,35 +432,29 @@ Rechtsverhoudingen tussen een dochtermaatschappij van een fiscale eenheid en het
**3.** Onverminderd het eerste lid, is artikel 13c, derde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing op een deelneming als bedoeld in het eerste lid.
**4.** In afwijking van het eerste lid wordt met betrekking tot een deelneming als bedoeld in het eerste lid een afwaarderingsverlies op de voet van artikel 13ca, eerste lid, van de wet slechts in aanmerking genomen, voor zover aannemelijk is dat het afwaarderingsverlies wordt opgeroepen door werkzaamheden of vermogen van het hoofdhuis. Op een deelneming als bedoeld in het eerste lid, is artikel 13ca, vierde lid, tweede volzin, van de wet slechts van toepassing indien de deelneming daalt beneden een vierde gedeelte van het nominaal gestorte kapitaal in een vennootschap of wordt ontbonden.
**4.** Het opgeofferde bedrag voor een deelneming als bedoeld in het eerste lid, wordt slechts in aanmerking genomen voorzover de belastingplichtige aannemelijk maakt dat dit bedrag in absolute zin uitgaat boven de aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij sinds de voeging toe te rekenen winst van de fiscale eenheid, indien die per saldo uitkomt op een negatief bedrag.
**5.** Het opgeofferde bedrag voor een deelneming als bedoeld in het eerste lid, wordt slechts in aanmerking genomen voorzover de belastingplichtige aannemelijk maakt dat dit bedrag in absolute zin uitgaat boven de aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij sinds de voeging toe te rekenen winst van de fiscale eenheid, indien die per saldo uitkomt op een negatief bedrag.
**5.** Artikel 13d, achtste lid, van de wet, is niet van toepassing bij de ontvoeging van een deelneming als bedoeld in het eerste lid. Een beperking van het in aanmerking nemen van het opgeofferde bedrag op de voet van het vierde lid blijft onverminderd van toepassing na de ontvoeging van die deelneming.
**6.** Artikel 13d, achtste lid, van de wet, is niet van toepassing bij de ontvoeging van een deelneming als bedoeld in het eerste lid. Een beperking van het in aanmerking nemen van het opgeofferde bedrag op de voet van het vijfde lid blijft onverminderd van toepassing na de ontvoeging van die deelneming.
**6.** Voor de toepassing van artikel 13d van de wet met betrekking tot een deelneming als bedoeld in het eerste lid of een deelneming die voorheen kwalificeerde als een deelneming als bedoeld in het eerste lid, wordt de in de jaren, bedoeld in artikel 13d, derde lid, van de wet aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid geacht mede als positief voordeel uit hoofde van de deelneming te zijn genoten, indien deze winst per saldo uitkomt op een positief bedrag. De vorige volzin is niet van toepassing voorzover de belastingplichtige aannemelijk maakt dat hij deze winst niet feitelijk op enigerlei wijze direct of indirect als positief voordeel uit hoofde van de deelneming heeft genoten in de jaren, bedoeld in artikel 13d, derde lid, van de wet.
**7.** Voor de toepassing van artikel 13d van de wet met betrekking tot een deelneming als bedoeld in het eerste lid of een deelneming die voorheen kwalificeerde als een deelneming als bedoeld in het eerste lid, wordt de in de jaren, bedoeld in artikel 13d, derde lid, van de wet aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid geacht mede als positief voordeel uit hoofde van de deelneming te zijn genoten, indien deze winst per saldo uitkomt op een positief bedrag. De vorige volzin is niet van toepassing voorzover de belastingplichtige aannemelijk maakt dat hij deze winst niet feitelijk op enigerlei wijze direct of indirect als positief voordeel uit hoofde van de deelneming heeft genoten in de jaren, bedoeld in artikel 13d, derde lid, van de wet.
**7.** Bij de toepassing van het vierde en zesde lid is artikel 15ah van de wet van overeenkomstige toepassing.
**8.** Bij de toepassing van het vijfde en zevende lid is artikel 15ah van de wet van overeenkomstige toepassing.
**9.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de vaststelling van het opgeofferde bedrag en de positieve voordelen met betrekking tot een deelneming als bedoeld in het eerste lid indien meer dan één maatschappij een belang in die buitenlandse belastingplichtige heeft of indien het belang van een maatschappij in die buitenlandse belastingplichtige gedurende het bestaan van de fiscale eenheid is overgegaan op een andere maatschappij.
**8.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de vaststelling van het opgeofferde bedrag en de positieve voordelen met betrekking tot een deelneming als bedoeld in het eerste lid indien meer dan één maatschappij een belang in die buitenlandse belastingplichtige heeft of indien het belang van een maatschappij in die buitenlandse belastingplichtige gedurende het bestaan van de fiscale eenheid is overgegaan op een andere maatschappij.
### Artikel 36
**1.** Indien een buitenlandse belastingplichtige als dochtermaatschappij deel gaat uitmaken van een fiscale eenheid en ten aanzien van de aandelen als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de wet in die buitenlandse belastingplichtige aannemelijk is dat die aandelen als belegging worden gehouden, of die buitenlandse belastingplichtige niet vanwege de Nederlandse Antillen, Aruba, of een andere Mogendheid is onderworpen aan een belasting die aldaar in enige vorm naar de winst wordt geheven, stelt de buitenlandse belastingplichtige op het tijdstip onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop de fiscale eenheid ten aanzien van haar tot stand komt haar activa en passiva te boek op de waarde in het economische verkeer en voegt zij de door haar gevormde fiscale reserves toe aan de winst. Artikel 35, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
**1.** Indien een buitenlandse belastingplichtige als dochtermaatschappij deel gaat uitmaken van een fiscale eenheid en het belang in die dochtermaatschappij een laagbelaste beleggingsdeelneming betreft, stelt de buitenlandse belastingplichtige op het tijdstip onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop de fiscale eenheid ten aanzien van haar tot stand komt haar activa en passiva te boek op de waarde in het economische verkeer en voegt zij de door haar gevormde fiscale reserves toe aan de winst. Artikel 35, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Op gezamenlijk verzoek van de moedermaatschappij en de buitenlandse belastingplichtige blijft het eerste lid buiten aanmerking.
**3.** Positieve voordelen uit hoofde van de in het eerste lid bedoelde aandelen worden bij de bepaling van de winst van de fiscale eenheid niet in aanmerking genomen, voorzover aannemelijk is dat deze samenhangen met of voortvloeien uit aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid. Indien ten aanzien van de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij een verzoek is gedaan als bedoeld in het tweede lid, blijft de eerste volzin buiten toepassing tot het bedrag dat ingevolge dat verzoek niet in de heffing is betrokken.
**3.** Voor de toepassing van artikel 13aa van de wet worden positieve voordelen uit hoofde van het belang, bedoeld in het eerste lid, bij de bepaling van de winst van de fiscale eenheid niet in aanmerking genomen, voorzover aannemelijk is dat deze samenhangen met of voortvloeien uit aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid. Indien ten aanzien van de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij een verzoek is gedaan als bedoeld in het tweede lid, blijft de eerste volzin buiten toepassing tot het bedrag dat ingevolge dat verzoek niet in de heffing is betrokken.
**4.** Met in achtneming van artikel 13a van de wet, worden negatieve voordelen uit hoofde van de in het eerste lid bedoelde aandelen bij de bepaling van de winst van de fiscale eenheid slechts in aanmerking genomen voorzover aannemelijk is dat deze samenhangen met of voortvloeien uit werkzaamheden of vermogen van het hoofdhuis.
**4.** Voor de toepassing van artikel 13aa van de wet, worden negatieve voordelen uit hoofde van het belang, bedoeld in het eerste lid, met inachtneming van het zesde lid van dat artikel, bij de bepaling van de winst van de fiscale eenheid slechts in aanmerking genomen voorzover aannemelijk is dat deze samenhangen met of voortvloeien uit werkzaamheden of vermogen van het hoofdhuis.
**5.** Voor de toepassing van artikel 13a van de wet op een aandelenbezit als bedoeld in het eerste lid, wordt de vrijstelling van het derde lid, eerste volzin, geacht geen toepassing te hebben gevonden.
**5.** Indien op het ontvoegingstijdstip de waarde in het economische verkeer van een belang, bedoeld in het eerste lid, lager is dan de boekwaarde van dat belang, wordt dat belang op het onmiddellijk daaraan voorafgaande tijdstip teboekgesteld op de waarde in het economische verkeer.
**6.** Indien op het ontvoegingstijdstip de waarde in het economische verkeer van een aandelenbezit als bedoeld in het eerste lid lager is dan de boekwaarde van dat bezit, worden deze aandelen op het onmiddellijk daaraan voorafgaande tijdstip teboekgesteld op de waarde in het economische verkeer.
**7.** Voor de toepassing van het eerste lid zijn de artikelen 13, tweede lid, derde volzin, en 13g van de wet van overeenkomstige toepassing.
**8.** Voor de toepassing van het derde lid, wordt de aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid berekend alsof zij geen deel uitmaakt van de fiscale eenheid, waarbij winsten en verliezen van voor het voegingstijdstip buiten aanmerking blijven.
**6.** Voor de toepassing van het derde lid, wordt de aan de buitenlands belastingplichtige dochtermaatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid berekend alsof zij geen deel uitmaakt van de fiscale eenheid, waarbij winsten en verliezen van voor het voegingstijdstip buiten aanmerking blijven.
### Artikel 37
@ -474,7 +472,7 @@ Voor de toepassing van artikel 15b, vijfde lid, van de wet wordt niet als kapita
**1.** Indien de fiscale eenheid met een buitenlandse belastingplichtige eindigt omdat die belastingplichtige de plaats van werkelijke leiding verplaatst naar Nederland en direct aansluitend aan het ontvoegingstijdstip een nieuwe fiscale eenheid tot stand komt, wordt er voor de toepassing van de artikelen 15ae, 15af, 15ag, 15ai en 15aj, eerste lid, van de wet geacht geen ontvoeging te hebben plaatsgevonden.
**2.** De aansluitende fiscale eenheid treedt voor de toepassing van de artikelen 15ad, 15ai en 20, tweede lid, van de wet in de plaats van de voorafgaande fiscale eenheid.
**2.** De aansluitende fiscale eenheid treedt voor de toepassing van de artikelen 15ai en 20, tweede lid, van de wet in de plaats van de voorafgaande fiscale eenheid.
### Artikel 40
@ -482,7 +480,7 @@ Voor de toepassing van artikel 15b, vijfde lid, van de wet wordt niet als kapita
**2.** Bij een voortzetting van de fiscale eenheid op de voet van het eerste lid, wordt er voor de toepassing van artikel 15aj, eerste lid, van de wet geacht geen ontvoeging te hebben plaatsgevonden, behoudens voor zover de herinvesteringsreserve is gevormd door onderscheidenlijk het voornemen tot herinvestering uitsluitend bestond bij een onderdeel van de belastingplichtige dat als gevolg van de verplaatsing van de plaats van werkelijke leiding geen deel meer uitmaakt van de fiscale eenheid.
**3.** De aansluitende fiscale eenheid treedt voor de toepassing van de artikelen 15ad, 15ai en 20, tweede lid, van de wet in de plaats van de voorafgaande fiscale eenheid. Bij de toepassing van artikel 15ai van de wet geldt de in de plaats treding niet voorzover afrekening op grond van het eerste lid of artikel 15c van de wet heeft plaatsgevonden.
**3.** De aansluitende fiscale eenheid treedt voor de toepassing van de artikelen 15ai en 20, tweede lid, van de wet in de plaats van de voorafgaande fiscale eenheid. Bij de toepassing van artikel 15ai van de wet geldt de in de plaats treding niet voorzover afrekening op grond van het eerste lid of artikel 15c van de wet heeft plaatsgevonden.
## Hoofdstuk VIII. Voorkoming dubbele belasting
@ -494,7 +492,7 @@ Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder buitenlandse winst verstaan: wi
### Artikel 42
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de toedeling van de winst van een fiscale eenheid en te verrekenen buitenlandse belasting in het kader van het verlenen van verminderingen ter voorkoming van dubbele belasting in situaties waarin dit hoofdstuk van toepassing is, waarbij de winst van de fiscale eenheid en de te verrekenen buitenlandse belasting zoveel mogelijk zal worden toegerekend aan te verlenen verminderingen ter zake van buitenlandse resultaten die zijn begrepen in de na een voegingstijdstip behaalde winst van de fiscale eenheid.
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de toedeling van de winst van een fiscale eenheid en te verrekenen buitenlandse belasting in het kader van het verlenen van verminderingen ter voorkoming van dubbele belasting in situaties waarin dit hoofdstuk van toepassing is.
### Afdeling 2. Buitenlandse resultaten van vóór het voegingstijdstip
@ -504,7 +502,7 @@ Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de toedeling van de
Indien ingevolge een regeling ter voorkoming van dubbele belasting een positieve of negatieve buitenlandse winst van een maatschappij wordt overgebracht naar het jaar waarin de fiscale eenheid ten aanzien van die maatschappij tot stand komt, wordt in dat jaar bij het berekenen op de voet van artikel 15ac, vierde lid, van de wet van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting:
a. die positieve buitenlandse winst in aanmerking genomen voorzover de winst van de fiscale eenheid, na verrekening volgens de daarvoor geldende regels met verliezen uit andere jaren, aan die maatschappij is toe te rekenen, onderscheidenlijk
a. die positieve buitenlandse winst in aanmerking genomen voorzover het belastbare bedrag van de fiscale eenheid aan die maatschappij is toe te rekenen, onderscheidenlijk
b. die negatieve buitenlandse winst in aanmerking genomen voorzover de buitenlandse winst van de fiscale eenheid, na verrekening volgens de daarvoor geldende regels met verliezen uit andere jaren, aan die maatschappij is toe te rekenen.
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt buitenlandse winst die wordt behaald met een vermogensbestanddeel dat binnen de fiscale eenheid is overgedragen, toegerekend aan de maatschappij van wier vermogen dat vermogensbestanddeel op het voegingstijdstip deel uitmaakte. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot buitenlandse winst die wordt behaald met een onderneming die, of een gedeelte van een onderneming dat, wordt gedreven met behulp van een vaste vertegenwoordiger.
@ -517,7 +515,7 @@ b. die negatieve buitenlandse winst in aanmerking genomen voorzover de buitenlan
**1.** Indien ingevolge een regeling ter voorkoming van dubbele belasting een vanwege een andere mogendheid van een maatschappij geheven belasting een andere belasting dan bedoeld in artikel 45 ter verrekening wordt voortgewenteld naar het jaar waarin de fiscale eenheid ten aanzien van die maatschappij tot stand komt, wordt in dat jaar bij het berekenen op de voet van artikel 15ac, vierde lid, van de wet van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting, die belasting in aanmerking genomen tot ten hoogste het volgens het tweede lid te bepalen bedrag.
**2.** Van de ter verrekening voortgewentelde belasting wordt ten hoogste in aanmerking genomen het bedrag dat tot de belasting die over de winst van de fiscale eenheid zou zijn verschuldigd zonder de voortwenteling in dezelfde verhouding staat als het bedrag van de bij de verrekening van in dat jaar vanwege een andere Mogendheid geheven belasting, anders dan bedoeld in artikel 45, in aanmerking te nemen inkomsten, verminderd met de daarop drukkende kosten, die zijn begrepen in, en ten hoogste tot het bedrag van, de aan die maatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid, staat tot de winst van de fiscale eenheid verminderd, volgens de daarvoor geldende regels, met de te verrekenen verliezen uit andere jaren voorzover deze bestaan uit negatieve winst.
**2.** Van de ter verrekening voortgewentelde belasting wordt ten hoogste in aanmerking genomen het bedrag dat tot de belasting die over de winst van de fiscale eenheid zou zijn verschuldigd zonder de voortwenteling in dezelfde verhouding staat als het bedrag van de bij de verrekening van in dat jaar vanwege een andere Mogendheid geheven belasting, anders dan bedoeld in artikel 45, in aanmerking te nemen inkomsten, verminderd met de daarop drukkende kosten, die zijn begrepen in, en ten hoogste tot het bedrag van, het aan die maatschappij toe te rekenen belastbare bedrag van de fiscale eenheid, staat tot het belastbare bedrag van de fiscale eenheid.
**3.** Artikel 15ah van de wet en artikel 12 van dit besluit zijn van overeenkomstige toepassing.
@ -527,7 +525,7 @@ b. die negatieve buitenlandse winst in aanmerking genomen voorzover de buitenlan
### Artikel 45
**1.** Indien ingevolge een regeling ter voorkoming van dubbele belasting een aanspraak van een maatschappij op vermindering van vennootschapsbelasting ter zake van vanwege een andere mogendheid geheven belasting over winst behaald met een onderneming als bedoeld in artikel 32, vijfde lid, van het Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 (passieve winst uit buitenlandse onderneming) wordt voortgewenteld naar het jaar waarin de fiscale eenheid ten aanzien van die maatschappij tot stand komt, wordt in dat jaar bij het berekenen op de voet van artikel 15ac, vierde lid, van de wet van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting, het bedrag van die aanspraak in aanmerking genomen tot ten hoogste het bedrag dat tot de belasting die over de winst van de fiscale eenheid zou zijn verschuldigd zonder de voortwenteling in dezelfde verhouding staat als het gezamenlijke bedrag van de in de aan die maatschappij toe te rekenen winst van de fiscale eenheid begrepen passieve winst uit buitenlandse onderneming staat tot de winst van de fiscale eenheid verminderd, volgens de daarvoor geldende regels, met de te verrekenen verliezen uit andere jaren voorzover deze bestaan uit negatieve winst.
**1.** Indien ingevolge een regeling ter voorkoming van dubbele belasting een aanspraak van een maatschappij op vermindering van vennootschapsbelasting ter zake van vanwege een andere mogendheid geheven belasting over winst behaald met een onderneming als bedoeld in artikel 32, vijfde lid, van het Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 (passieve winst uit buitenlandse onderneming) wordt voortgewenteld naar het jaar waarin de fiscale eenheid ten aanzien van die maatschappij tot stand komt, wordt in dat jaar bij het berekenen op de voet van artikel 15ac, vierde lid, van de wet van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting, het bedrag van die aanspraak in aanmerking genomen tot ten hoogste het bedrag dat tot de belasting die over de winst van de fiscale eenheid zou zijn verschuldigd zonder de voortwenteling in dezelfde verhouding staat als het gezamenlijke bedrag van de passieve winst uit buitenlandse onderneming die is begrepen in, en ten hoogste tot het bedrag van, het aan die maatschappij toe te rekenen belastbare bedrag van de fiscale eenheid, staat tot het belastbare bedrag van de fiscale eenheid.
**2.** Artikel 15ah van de wet en artikel 12 van dit besluit zijn van overeenkomstige toepassing.