2019-03-07 | BWBR0011470 | Wet personenvervoer 2000
This commit is contained in:
parent
09d302946b
commit
c0d23494de
1 changed files with 50 additions and 48 deletions
|
|
@ -30,7 +30,9 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
- *concessiehouder:* vergunninghoudende vervoerder aan wie een concessie is verleend;
|
||||
- *concessieverlener:* het tot verlening van een concessie bevoegde gezag, bedoeld in artikel 20;
|
||||
- *dienstregeling:* voor een ieder kenbaar schema van reismogelijkheden waarin zijn aangeduid de halteplaatsen waartussen en de tijdstippen waarop openbaar vervoer wordt verricht, zo nodig onder de vermelding of de halteplaatsen of de tijdstippen door de reiziger kunnen worden beïnvloed;
|
||||
- *doorgaand ticket:* doorgaand ticket als bedoeld in artikel 3, onderdeel 35, van richtlijn 2012/34/EU;
|
||||
- *elektronisch vervoerbewijs:* bewijs dat toegang geeft tot en voorziet in betaling voor het gebruik van openbaar vervoer door elektronische registratie van de reis of een deel daarvan;
|
||||
- *hogesnelheidspassagiersvervoer:* hogesnelheidspassagiersvervoer als bedoeld in artikel 3, onderdeel 36, van richtlijn 2012/34/EU;
|
||||
- *internationale passagiersvervoerdienst:* een passagiervervoerdienst als bedoeld in artikel 3, onderdeel 5, van richtlijn 2012/34/EU;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;
|
||||
- *openbaar vervoer:* voor een ieder openstaand personenvervoer volgens een dienstregeling met een auto, bus, trein, metro, tram of een via een geleidesysteem voortbewogen voertuig;
|
||||
|
|
@ -255,9 +257,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 14a
|
||||
|
||||
**1.** Het jaarlijks te publiceren overzichtsverslag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van verordening (EG) 1370/2007 is voor eenieder elektronisch toegankelijk.
|
||||
|
||||
**2.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het in het eerste lid bedoelde overzichtsverslag.
|
||||
Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld met betrekking tot het overzichtsverslag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
|
||||
### Artikel 14b
|
||||
|
||||
|
|
@ -289,60 +289,52 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**1.** Het is verboden openbaar vervoer te verrichten zonder daartoe verleende concessie.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid kan, indien het openbaar vervoer uitvalt of dreigt uit te vallen, voor die situatie openbaar vervoer worden verricht zonder concessie overeenkomstig het bepaalde in artikel 5, vijfde lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
|
||||
**3.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor een internationale passagiersvervoerdienst waarbij slechts een station in Nederland wordt aangedaan.
|
||||
|
||||
**4.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor een internationale passagiersvervoerdienst indien daarvan overeenkomstig artikel 57, vierde lid, van de Spoorwegwet melding is gemaakt en daarvoor geen aanvraag als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, is gedaan.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor een internationale passagiersvervoerdienst indien daarvoor een of meer aanvragen als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, zijn gedaan en de Autoriteit Consument en Markt heeft vastgesteld dat:
|
||||
|
||||
a. het hoofddoel van het vervoer is passagiers vervoeren tussen stations in verschillende lidstaten of dat geen aanvraag het hoofddoel betreft, en
|
||||
b. het vervoer van passagiers tussen stations in Nederland het economisch evenwicht van een of meer concessies van een spoorwegonderneming niet in gedrang brengt of dat geen aanvraag het economisch evenwicht betreft.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor een internationale passagiersvervoerdienst indien daarvoor een of meer aanvragen als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, zijn gedaan, en de Autoriteit Consument en Markt heeft vastgesteld dat:
|
||||
|
||||
a. het hoofddoel van het vervoer is passagiers vervoeren tussen stations in verschillende lidstaten of dat geen aanvraag het hoofddoel betreft, en
|
||||
b. het vervoer van passagiers tussen stations in Nederland het economisch evenwicht van een of meer concessies van een spoorwegonderneming in gedrang brengt.
|
||||
|
||||
**7.** Het vierde tot en met zesde lid is van overeenkomstige toepassing op wijzigingen van het grensoverschrijdend personenvervoer per trein.
|
||||
|
||||
**8.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over onder meer de toepassing van dit artikel en de procedure en criteria, bedoeld in de artikelen 10, vierde lid, en 11, vierde lid, van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid kan, indien het openbaar vervoer uitvalt of dreigt uit te vallen, voor die situatie openbaar vervoer worden verricht zonder concessie overeenkomstig artikel 5, vijfde lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
|
||||
### Artikel 19a
|
||||
|
||||
**1.** De Autoriteit Consument en Markt doet zo spoedig mogelijk na ontvangst van een melding als bedoeld in artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet mededeling van die melding in de Staatscourant en aan de betrokken concessieverleners, de betrokken concessiehouders en Onze Minister en vermeldt daarbij de mogelijkheid van een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, en de termijn voor indiening van die aanvraag.
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 19 en onverminderd verordening (EG) 1370/2007 heeft een spoorwegonderneming die voornemens is capaciteit aan te vragen en naar aanleiding van dat voornemen daarvan overeenkomstig artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet melding heeft gemaakt, onder eerlijke, niet-discriminerende en transparante voorwaarden recht op toegang tot hoofdspoorweginfrastructuur als bedoeld in de Spoorwegwet met het oog op de exploitatie van passagiersvervoer per trein. Dit omvat het recht om passagiers te laten instappen op elk station en hen uit te laten stappen op een ander station.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De Autoriteit Consument en Markt stelt op daartoe strekkende aanvraag van een of meer betrokken concessieverleners, een of meer betrokken concessiehouders, Onze Minister of een beheerder als bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet vast of het ingevolge artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet, gemelde voorgenomen vervoer:
|
||||
Het recht op toegang tot de spoorinfrastructuur, bedoeld in het eerste lid, kan beperkt worden voor het passagiersvervoer tussen een bepaald vertrekpunt en een bepaalde bestemming wanneer:
|
||||
|
||||
a. het vervoeren van passagiers tussen stations in verschillende lidstaten als hoofddoel heeft, of
|
||||
b. het daarvan deel uitmakende vervoer van passagiers tussen stations in Nederland het economisch evenwicht van een of meer concessies van een spoorwegonderneming in gedrang brengt.
|
||||
a. voor dezelfde route of voor een alternatieve route een of meer concessies zijn verleend, en
|
||||
b. de uitoefening van het toegangsrecht het economisch evenwicht van de betreffende concessie of concessies in gevaar zou brengen.
|
||||
|
||||
**3.** De Autoriteit Consument en Markt neemt de in artikel 11, tweede lid, van richtlijn 2012/34/EU voorgeschreven procedurele eisen in acht.
|
||||
**3.** Het recht op toegang kan eveneens worden beperkt met betrekking tot hogesnelheidspassagiersvervoer overeenkomstig artikel 11 bis van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
|
||||
**4.** De Autoriteit Consument en Markt geeft de beschikking op de aanvraag binnen zes weken na ontvangst van de overeenkomstig artikel 6b van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt gevorderde gegevens en bescheiden.
|
||||
**4.** Om vast te stellen of het economisch evenwicht van de concessie of concessies in gevaar komt, als gevolg van het voorgenomen vervoer dat ingevolge artikel 57, vierde lid, van de Spoorwegwet is gemeld, geeft de Autoriteit Consument en Markt een beschikking op basis van een objectieve economische analyse met inachtneming van de uitvoeringshandelingen van de Europese Commissie, bedoeld in artikel 11, vierde lid, van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
|
||||
**5.** De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling van de aanvraag en van de beschikking, bedoeld in het zesde lid, aan een beheerder als bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet en doet mededeling van die beschikking in de Staatscourant.
|
||||
**5.** Indien een concessie voor het openbaar vervoer per trein is verleend vóór 16 juni 2015 is, met inachtneming van artikel 11, vijfde lid, van richtlijn 2012/34/EU, dit artikel niet van toepassing gedurende de looptijd van de concessie, of tot en met 25 december 2026, indien de laatst genoemde termijn korter is.
|
||||
|
||||
### Artikel 19b
|
||||
|
||||
**1.** Een concessieverlener als bedoeld in artikel 20, eerste en vierde lid, kan aan spoorwegondernemingen een heffing opleggen voor de exploitatie van een passagiersvervoerdienst op onder zijn concessiebevoegdheid vallende trajecten tussen twee stations in Nederland.
|
||||
**1.** De Autoriteit Consument en Markt doet zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen tien dagen na ontvangst van een melding als bedoeld in artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet mededeling van die melding in de Staatscourant en aan de betrokken concessieverleners, de betrokken concessiehouders en Onze Minister en vermeldt daarbij de mogelijkheid van een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, en de termijn voor indiening van die aanvraag.
|
||||
|
||||
**2.** De heffing, bedoeld in het eerste lid, voldoet aan de voorwaarden van artikel 12 van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
**2.** De Autoriteit Consument en Markt stelt op daartoe strekkende aanvraag van een of meer betrokken concessieverleners, een of meer betrokken concessiehouders, Onze Minister of een beheerder als bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet vast of door het ingevolge artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet gemelde voorgenomen vervoer het daarvan deel uitmakende vervoer van passagiers tussen stations in Nederland het economisch evenwicht van een of meer concessies van een spoorwegonderneming in gevaar komt. De aanvraag wordt ingediend binnen een maand na ontvangst van de informatie, bedoeld in artikel 11, tweede lid, tweede volzin, van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
|
||||
**3.** De in het eerste lid bedoelde concessieverleners houden de informatie, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van richtlijn 2012/34/EU bij. Een concessieverlener als bedoeld in artikel 20, eerste en vierde lid, verstrekt die gegevens desgevraagd aan Onze Minister voor zover Onze Minister die nodig heeft om te kunnen voldoen aan een verzoek van de Europese Commissie.
|
||||
**3.** De Autoriteit Consument en Markt neemt de in artikel 11, tweede lid en derde lid, eerste alinea, van richtlijn 2012/34/EU voorgeschreven procedurele eisen in acht.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de heffing, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
**4.** De Autoriteit Consument en Markt geeft de beschikking op de aanvraag binnen zes weken na ontvangst van de overeenkomstig artikel 6b van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt gevorderde gegevens en bescheiden. Indien de Autoriteit Consument en Markt besluit dat het economisch evenwicht, bedoeld in het tweede lid, door de voorgenomen passagiersvervoersdienst in gevaar komt, vermeldt zij welke aanpassingen van die dienst mogelijk zijn om alsnog te voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking voor het recht op toegang, bedoeld in artikel 19a, eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.** De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling van de aanvraag en van de beschikking, bedoeld in het vierde lid, aan een beheerder als bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet en doet mededeling van die beschikking in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
### Artikel 19c
|
||||
|
||||
Bij een internationale passagiersvervoerdienst hebben de desbetreffende spoorwegondernemingen het recht om op het internationale traject passagiers te laten instappen op elk station en hen te laten uitstappen op een ander station, ook wanneer die in Nederland zijn gelegen.
|
||||
**1.** Een concessieverlener als bedoeld in artikel 20, eerste en vierde lid, kan aan spoorwegondernemingen een heffing opleggen voor de exploitatie van een passagiersvervoerdienst op onder zijn concessiebevoegdheid vallende trajecten tussen twee stations in Nederland.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een spoorwegonderneming recht heeft op toegang als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, kan Onze Minister aan deze spoorwegonderneming een heffing opleggen voor de exploitatie van een passagiersvervoersdienst op de relevante trajecten tussen twee stations in Nederland.
|
||||
|
||||
**3.** De heffing, bedoeld in het eerste en tweede lid, voldoet aan de voorwaarden van artikel 12 van richtlijn 2012/34/EU.
|
||||
|
||||
**4.** De in het eerste lid bedoelde concessieverleners en Onze Minister indien er sprake is van een recht op toegang als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, houden de informatie, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van richtlijn 2012/34/EU bij. Een concessieverlener als bedoeld in artikel 20, eerste en vierde lid, verstrekt die gegevens desgevraagd aan Onze Minister voor zover Onze Minister die nodig heeft om te kunnen voldoen aan een verzoek van de Europese Commissie.
|
||||
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de heffing, bedoeld in het eerste en tweede lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 19c
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Concessieverlening
|
||||
|
||||
|
|
@ -554,6 +546,10 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omt
|
|||
|
||||
**2.** Voor zolang reizigers ernstig in hun belang worden geschaad als gevolg van de afwijking van de dienstregeling door werkzaamheden op de in de dienstregeling voorziene trajecten of door bijzondere omstandigheden, draagt de concessiehouder zorg voor vervangend vervoer voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is.
|
||||
|
||||
### Artikel 34a
|
||||
|
||||
Een spoorwegonderneming die passagiersdiensten exploiteert heeft noodplannen en draagt ervoor zorg dat de uitvoering ervan deugdelijk wordt gecoördineerd teneinde bij een ernstige verstoring van de dienstverlening bijstand te verlenen aan passagiers als bedoeld in artikel 18 van verordening 1371/2007/EG.
|
||||
|
||||
### Artikel 35
|
||||
|
||||
Een ieder die enig recht kan doen gelden op bij algemene maatregel van bestuur te bepalen infrastructuur met uitzondering van hoofdspoorweginfrastructuur als bedoeld in de Spoorwegwet, waarover openbaar vervoer per trein plaatsvindt, is verplicht het gebruik daarvan door de concessiehouder redelijkerwijs te gedogen voorzover dit voor de goede uitvoering van de concessie nodig is.
|
||||
|
|
@ -654,22 +650,24 @@ c. zodra een besluit tot intrekking van de verklaring van geen bezwaar inzake de
|
|||
|
||||
### Artikel 43a
|
||||
|
||||
**1.** Tenzij de voormalige concessiehouder en de nieuwe concessiehouder anders overeenkomen, is de voormalige concessiehouder gehouden bij overgang van een concessie voor openbaar vervoer per trein de in de concessie omschreven rechten en verplichtingen ten aanzien van productiemiddelen alsmede de daarbij behorende bedrijfsinformatie over te dragen aan die concessiehouder of ten behoeve van die concessiehouder te vestigen. Indien de overgang van de concessie het gedeeltelijk eindigen gevolgd door het gedeeltelijk ingaan van dezelfde concessie betreft, vormen de overgedragen of gevestigde rechten en verplichtingen een dienovereenkomstig deel van de concessie.
|
||||
**1.** De artikelen 43a tot en met 43c gelden onverminderd het bepaalde in artikel 5 bis, tweede lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
**2.** Tenzij de voormalige concessiehouder en de nieuwe concessiehouder anders overeenkomen, is de voormalige concessiehouder gehouden bij overgang van een concessie voor openbaar vervoer per trein de in de concessie omschreven rechten en verplichtingen ten aanzien van productiemiddelen alsmede de daarbij behorende bedrijfsinformatie over te dragen aan die concessiehouder of ten behoeve van die concessiehouder te vestigen. Indien de overgang van de concessie het gedeeltelijk eindigen gevolgd door het gedeeltelijk ingaan van dezelfde concessie betreft, vormen de overgedragen of gevestigde rechten en verplichtingen een dienovereenkomstig deel van de concessie.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
In een concessie voor openbaar vervoer per trein is opgenomen:
|
||||
|
||||
a. een omschrijving van de rechten en verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, en
|
||||
b. een methode waarmee de waarde op het moment van overgang van de concessie wordt bepaald van de rechten en verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, zodanig dat op evenwichtige wijze wordt recht gedaan aan de belangen van zowel de voormalige als de nieuwe concessiehouder.
|
||||
|
||||
**3.** Op verzoek van de concessieverlener verstrekt de concessiehouder met het oog op de verlening van een concessie binnen de bij het verzoek te bepalen termijn een gemotiveerde schatting van de waarde van de rechten en verplichtingen die worden overgedragen of gevestigd, volgens de methode, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b. Artikel 39, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**4.** Op verzoek van de concessieverlener verstrekt de concessiehouder met het oog op de verlening van een concessie binnen de bij het verzoek te bepalen termijn een gemotiveerde schatting van de waarde van de rechten en verplichtingen die worden overgedragen of gevestigd, volgens de methode, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b. Artikel 39, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** De concessieverlener stelt ten behoeve van de voormalige concessiehouder de betaling van de waarde van de rechten en verplichtingen, bedoeld in artikel 43b, tweede lid, zeker.
|
||||
**5.** De concessieverlener stelt ten behoeve van de voormalige concessiehouder de betaling van de waarde van de rechten en verplichtingen, bedoeld in artikel 43b, tweede lid, zeker.
|
||||
|
||||
**5.** De concessieverlener stelt ten behoeve van de nieuwe concessiehouder de ongestoorde uitoefening van gebruiksrechten van productiemiddelen zeker, voor zover de voormalige concessiehouder rechten of verplichtingen ten aanzien van die productiemiddelen heeft behouden.
|
||||
**6.** De concessieverlener stelt ten behoeve van de nieuwe concessiehouder de ongestoorde uitoefening van gebruiksrechten van productiemiddelen zeker, voor zover de voormalige concessiehouder rechten of verplichtingen ten aanzien van die productiemiddelen heeft behouden.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
**7.**
|
||||
|
||||
Het verlenen van een concessie voor openbaar vervoer per trein aan de nieuwe concessiehouder kan door de concessieverlener afhankelijk worden gesteld van een bankgarantie of een andere zekerheid:
|
||||
|
||||
|
|
@ -698,6 +696,10 @@ b. ten behoeve van de opvolgende concessiehouder voor de ongestoorde uitoefening
|
|||
|
||||
**2.** In een concessie voor openbaar vervoer per trein kan de toepasselijkheid van artikel 43a worden uitgesloten.
|
||||
|
||||
### Artikel 43d
|
||||
|
||||
De artikelen 43a tot met 43c zijn, voor zover het rollend materieel betreft enkel van toepassing indien de concessieverlener, na een beoordeling als bedoeld in artikel 5bis van verordening (EG) 1370/2007, de noodzaak hiervan aangeeft.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk III. Bepalingen inzake de aanbesteding en verlening van concessies
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1. Algemene bepalingen inzake verlening van concessies
|
||||
|
|
@ -811,7 +813,7 @@ Concessieverleners en vervoerders verstrekken de raad van bestuur van de mededin
|
|||
|
||||
**3.** Indien het openbaar vervoer uitvalt of dreigt uit te vallen kan, in afwijking van het eerste lid, een aanbesteding van dat openbaar vervoer achterwege blijven. Artikel 5, vijfde lid, van verordening (EG) 1370/2007 is van toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van het eerste lid kan een concessie voor openbaar vervoer, anders dan per trein, worden verleend zonder dat daartoe een aanbesteding is gehouden, indien die concessie voldoet aan een van de kenmerken, bedoeld in artikel 5, vierde lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
**4.** In afwijking van het eerste lid kan een concessie voor openbaar vervoer worden verleend zonder dat daartoe een aanbesteding is gehouden, indien die concessie voldoet aan een van de kenmerken, bedoeld in artikel 5, vierde lid, van verordening (EG) 1370/2007.
|
||||
|
||||
### Artikel 62
|
||||
|
||||
|
|
@ -928,7 +930,7 @@ a. de keuze van de voor het verlenen van een concessie te volgen procedures;
|
|||
b. de criteria voor toelating van ondernemingen tot de procedure voor het verlenen van een concessie, waaronder de uitsluiting van ondernemingen die door hun marktmacht of concurrentiepositie een eerlijke competitie belemmeren;
|
||||
c. de criteria voor het verlenen van een concessie.
|
||||
|
||||
**4.** Een concessie voor het hoofdrailnet wordt door Onze Minister niet eerder verleend, dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
**4.** Een concessie voor het hoofdrailnet wordt door Onze Minister niet eerder verleend, dan acht weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 65
|
||||
|
||||
|
|
@ -1307,8 +1309,8 @@ In afwijking van het eerste en tweede lid is de Autoriteit Consument en Markt be
|
|||
|
||||
a. het bepaalde krachtens artikel 30a, eerste en derde lid;
|
||||
b. artikel 63c, vierde, zesde tot en met tiende lid en elfde lid, onderdeel b, voor zover op dat vervoer artikel 87, vierde lid, bij algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 2, tweede of vierde lid, van toepassing is verklaard;
|
||||
c. uitvoeringsverordening (EU) nr. 869/2014 van de Commissie van 11 augustus 2014 inzake nieuwe spoorvervoersdiensten voor passagiers (PbEU 2014, L 239);
|
||||
d. de bij ministeriële regeling aangewezen bindende EU-rechtshandelingen van algemene strekking van de Europese Commissie op het gebied van internationale passagiersvervoerdiensten.
|
||||
c. vervallen;
|
||||
d. de bij ministeriële regeling aangewezen bindende EU-rechtshandelingen van algemene strekking van de Europese Commissie op het gebied van passagiersvervoerdiensten.
|
||||
|
||||
**6.** Met het toezicht op de naleving van verordening (EU) nr. 181/2011 zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue