2003-09-01 | BWBR0008498 | Arbeidsomstandighedenbesluit

This commit is contained in:
Coornhert 2003-09-01 12:00:00 +00:00
parent 9f6cd71da8
commit c91d937976

View file

@ -173,7 +173,7 @@ a. rechtspersoonlijkheid heeft;
b. haar zetel of een vestiging in Nederland heeft;
c. onafhankelijk is;
d. beschikt over voldoende deskundigheid en outillage om de uitvoering van de taken waarvoor zij is aangewezen, naar behoren te kunnen vervullen;
e. beschikt over een registratiesysteem waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op de uitvoering van haar taken, op een zodanig systematische wijze zijn vastgelegd, dat aan de hand van deze gegevens het gecertificeerde product of kwaliteitssysteem dan wel de gecertificeerde persoon afdoende kan worden geïdentificeerd;
e. beschikt over een registratiesysteem waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op de uitvoering van haar taken, op een systematische wijze zijn vastgelegd. Aan de hand van deze gegevens is het gecertificeerde product of kwaliteitssysteem dan wel de gecertificeerde persoon afdoende te identificeren;
f. naar behoren functioneert.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste lid.
@ -182,13 +182,13 @@ f. naar behoren functioneert.
**1.** De certificerende instelling stelt jaarlijks voor 1 maart een verslag op van de door haar in verband met haar taak verrichte werkzaamheden en de rechtmatigheid en doeltreffendheid van haar werkzaamheden en werkwijze in het afgelopen kalenderjaar. Het verslag wordt aan Onze Minister toegezonden. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de onderwerpen die in ieder geval in het jaarverslag worden behandeld.
**2.** De certificerende instelling verstrekt jaarlijks aan Onze Minister een afschrift van de afgesloten verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid tegen alle risico's die voortvloeien uit de uitoefening van de taken waarvoor zij is aangewezen.
**2.** De certificerende instelling verstrekt jaarlijks aan Onze Minister een afschrift van de polis van de afgesloten verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid tegen alle risico's die voortvloeien uit de uitoefening van de taken waarvoor zij is aangewezen.
### Artikel 1.5c
**1.** Indien een wijziging plaatsvindt in de gegevens op grond waarvan de certificerende instelling is aangewezen, doet de instelling hiervan terstond mededeling aan Onze Minister.
**2.** Indien een certificerende instelling voornemens is een of meer van de taken waarvoor zij is aangewezen, te beëindigen, doet de instelling hiervan terstond mededeling aan Onze Minister en andere belanghebbenden. In dat geval worden door de certificerende instelling de gegevens, bedoeld in artikel 1.5a, eerste lid, onder e, overgedragen aan Onze Minister dan wel, na toestemming van Onze Minister en de certificaathouder, een andere certificerende instelling die voor dezelfde taken is aangewezen.
**2.** Indien een certificerende instelling voornemens is een of meer van de taken waarvoor zij is aangewezen, te beëindigen, doet de instelling hiervan terstond mededeling aan Onze Minister en de certificaathouders. In dat geval worden door de certificerende instelling de gegevens, bedoeld in artikel 1.5a, eerste lid, onder e, overgedragen aan Onze Minister dan wel, na toestemming van Onze Minister en de certificaathouders, een andere certificerende instelling die voor dezelfde taken is aangewezen.
### Artikel 1.5d
@ -812,7 +812,7 @@ Ten behoeve van een bouwplaats waar twee of meer werkgevers dan wel één werkge
### Artikel 2.29
In de studie-, de ontwerp- en de uitwerkingsfase van het ontwerp van een bouwwerk worden bij de bouwkundige, technische of organisatorische keuzen in verband met de planning van de verschillende onderdelen van het bouwwerk of de fasen waarin het bouwwerk of de onderdelen daarvan tot stand worden gebracht, alsmede bij de raming van de duur van deze onderdelen of fasen, de artikelen 3, 5, eerste lid, tweede lid, en 8 van de wet in acht genomen. Voor zover van toepassing wordt daarbij tevens rekening gehouden met veiligheids- en gezondheidsplannen als bedoeld in artikel 2.27, die gedurende de ontwerpfase met betrekking tot verschillende onderdelen van het bouwwerk of de fasen waarin het bouwwerk of de onderdelen daarvan tot stand worden gebracht, zijn of worden opgesteld en met dossiers als bedoeld in artikel 2.30, onder *c* alsmede met de wijzigingen daarvan op grond van artikel 2.34, onder *g*.
In de studie-, de ontwerp- en de uitwerkingsfase van het ontwerp van een bouwwerk worden bij de bouwkundige, technische of organisatorische keuzen in verband met de planning van de verschillende onderdelen van het bouwwerk of de fasen waarin het bouwwerk of de onderdelen daarvan tot stand worden gebracht, alsmede bij de raming van de duur van deze onderdelen of fasen, de artikelen 3, 5, eerste en derde lid, en 8 van de wet in acht genomen. Voor zover van toepassing wordt daarbij tevens rekening gehouden met veiligheids- en gezondheidsplannen als bedoeld in artikel 2.27, die gedurende de ontwerpfase met betrekking tot verschillende onderdelen van het bouwwerk of de fasen waarin het bouwwerk of de onderdelen daarvan tot stand worden gebracht, zijn of worden opgesteld en met dossiers als bedoeld in artikel 2.30, onder *c* alsmede met de wijzigingen daarvan op grond van artikel 2.34, onder g.
### Artikel 2.30
@ -1753,8 +1753,8 @@ Voor benzinestations, waarvan de winkel tussen 21.00 uur en 06.00 uur geopend is
a. in de winkel in het benzinestation is ten minste één camera aanwezig die is aangesloten op een recorder, welke al dan niet met tijdsintervallen de camerabeelden opneemt;
b. het benzinestation is voorzien van een alarminstallatie, welke langs telecommunicatieverbindingen zo nodig een alarmsignaal afgeeft bij een door Onze Minister van Justitie toegelaten alarmcentrale;
c. de plaats in de winkel in een benzinestation waar de kassa zich bevindt, is omgeven door kogelwerend materiaal dat ten minste voor een deel bestaat uit kogelwerend glas, en
d. op het sluitingstijdstip van het benzinestation zijn ten minste twee personen ter plaatse aanwezig.
c. de plaats in de winkel in een benzinestation waar de kassa zich bevindt, is omgeven door kogelwerend en slagvast materiaal dat tenminste voor een deel doorzichtig is, en
d. op het sluitingstijdstip van het benzinestation zijn tenminste twee aldaar werkzame personen ter plaatse aanwezig.
### Afdeling 5. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers
@ -1940,7 +1940,7 @@ h. er wordt gebruik gemaakt van doeltreffende middelen voor het veilig verzamele
**4.** Voorts zijn zodanige voorzieningen getroffen dat in geval zich een ongewilde gebeurtenis als bedoeld in het eerste, respectievelijk het tweede lid voordoet, de gevolgen daarvan zoveel mogelijk worden beperkt.
**5.** De voorzieningen, bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid, zijn, voor zover van toepassing, in overeenstemming met het Besluit explosieveilig materieel.
**5.** De voorzieningen, bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid, zijn, voor zover van toepassing, in overeenstemming met het Warenwetbesluit explosieveilig materieel.
**6.** In ruimten waarin arbeid als bedoeld in het tweede lid wordt uitgevoerd, zijn stoffen in geen grotere hoeveelheden aanwezig dan voor de bedrijfsvoering strikt noodzakelijk is.
@ -2572,19 +2572,21 @@ c. de vervaardigde producten.
**1.** Op het slopen van gebouwen, constructies, apparaten, installaties en transportmiddelen waarin asbest of asbesthoudende producten dan wel crocidoliet of crocidoliethoudende producten is respectievelijk zijn verwerkt en bij het verwijderen van voornoemde stoffen of producten hieruit, zijn, met uitsluiting van de overige voorschriften van de afdelingen 1 en 2 en de paragrafen 3 en 4 van deze afdeling, de artikelen 4.3a, aanhef en onder d, 4.6a, vierde lid, onder b, c en e, en vijfde lid, 4.10a, 4.10d, vierde lid, 4.18, 4.19, aanhef en onder b en c, 4.20, eerste tot en met vierde lid, 4.45, eerste en tweede lid, onder a, c en d, 4.51, 4.52 en 4.53 van overeenkomstige toepassing alsmede de artikelen 4.46 en 4.47, met dien verstande dat voor de toepassing van beide laatstgenoemde artikelen ten aanzien van crocidoliet de in artikel 4.56, tweede lid, genoemde grenswaarde geldt.
**2.** Voordat met de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden wordt begonnen zijn de locatie, de datum en het tijdstip waarop deze werkzaamheden zullen worden verricht, tijdig gemeld aan een daartoe aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet.
**2.** In afwijking van artikel 4.45, tweede lid, onder d, kunnen bij het uitvoeren van werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid elektrisch of pneumatisch aangedreven verspanende werktuigen worden gebruikt met een toerental hoger dan 100 omwentelingen per minuut of met een lineaire zaagsnelheid groter dan 25 meter per minuut, indien deze zijn voorzien van een afzuigsysteem of een andere voorziening, zodanig dat de concentratie van asbest- of crocidolietstof in de lucht, bedoeld in artikel 4.55, eerste lid, onder d, niet wordt overschreden.
**3.** Voorts wordt, voordat met de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden wordt begonnen, een schriftelijk werkplan opgesteld dat doeltreffende maatregelen bevat ter bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de betrokken werknemers.
**3.** Voordat met de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden wordt begonnen zijn de locatie, de datum en het tijdstip waarop deze werkzaamheden zullen worden verricht, tijdig gemeld aan een daartoe aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet.
**4.** De in het eerste lid bedoelde werkzaamheden worden verricht door of onder toezicht van een persoon die in het bezit is van een certificaat van vakbekwaamheid verwijdering asbest en crocidoliet, dat is afgegeven door Onze Minister of een certificerende instelling.
**4.** Voorts wordt, voordat met de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden wordt begonnen, een schriftelijk werkplan opgesteld dat doeltreffende maatregelen bevat ter bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de betrokken werknemers.
**5.** Het in het derde lid respectievelijk vierde lid, bedoelde werkplan en certificaat van vakbekwaamheid verwijdering asbest en crocidoliet of een afschrift daarvan zijn op de arbeidsplaats aanwezig en worden desgevraagd getoond aan een ambtenaar als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet.
**5.** De in het eerste lid bedoelde werkzaamheden worden verricht door of onder toezicht van een persoon die in het bezit is van een certificaat van vakbekwaamheid verwijdering asbest en crocidoliet, dat is afgegeven door Onze Minister of een certificerende instelling.
**6.** Het in het vierde lid respectievelijk vijfde lid, bedoelde werkplan en certificaat van vakbekwaamheid verwijdering asbest en crocidoliet of een afschrift daarvan zijn op de arbeidsplaats aanwezig en worden desgevraagd getoond aan een ambtenaar als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet.
### Artikel 4.55
**1.**
Het in artikel 4.54, derde lid, bedoelde werkplan bevat:
Het in artikel 4.54, vierde lid, bedoelde werkplan bevat:
a. de maatregelen genoemd in artikel 4.47, derde lid, alsmede, voor zover zulks redelijkerwijs uitvoerbaar is, de maatregel om eerst asbest of asbesthoudende producten dan wel crocidoliet of crocidoliethoudende producten te verwijderen alvorens andere slooptechnieken toe te passen;
b. de maatregelen, bedoeld in de artikelen 4.3a, aanhef en onder d, 4.6a, vierde lid, onder b, c en e, en vijfde lid, 4.18, 4.19, aanhef en onder b en c, 4.20, eerste tot en met vierde lid, 4.45, eerste en tweede lid, onder a, c en d, en 4.51;
@ -2592,7 +2594,7 @@ c. de voorzieningen die worden getroffen om de plaats waar de werkzaamheden word
d. de maatregel om metingen te verrichten overeenkomstig het bepaalde krachtens artikel 4.50, tweede lid, en om monsters te nemen overeenkomstig artikel 4.50, achtste lid, nadat de ruimte is gereinigd, teneinde vast te stellen of de concentratie van asbeststof in de lucht niet hoger is dan 1/20 van de in artikel 4.46, eerste lid, genoemde grenswaarde dan wel of de concentratie van crocidolietstof in de lucht niet hoger is dan 1/20 van de in artikel 4.56, tweede lid, genoemde grenswaarde;
e. een beschrijving van de aard, duur en plaats van de werkzaamheden alsmede van de werkmethode;
f. een beschrijving van de werktuigen, machines, toestellen en overige hulpmiddelen die bij de werkzaamheden worden gebruikt;
g. de naam van de in artikel 4.54, vierde lid, bedoelde persoon.
g. de naam van de in artikel 4.54, vijfde lid, bedoelde persoon.
**2.** Het slopen of het verwijderen van asbest of asbesthoudende producten dan wel van crocidoliet of van crocidoliethoudende producten wordt volgens het in het eerste lid bedoelde werkplan uitgevoerd.
@ -3744,7 +3746,7 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder keuring: een onderzoek of een beproeving.
**6.** Schriftelijke bewijsstukken van de uitgevoerde keuringen zijn op de arbeidsplaats aanwezig en worden desgevraagd getoond aan een ambtenaar als bedoeld in artikel 24 van de wet.
**7.** Dit artikel is niet van toepassing op attractie- en speeltoestellen waarop het Besluit veiligheid attractie- en speeltoestellen van toepassing is.
**7.** Dit artikel is niet van toepassing op attractie- en speeltoestellen waarop het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen van toepassing is.
**8.** Het eerste tot en met het vijfde lid zijn niet van toepassing op steigers waarop artikel 7.34 van toepassing is.
@ -3752,21 +3754,22 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder keuring: een onderzoek of een beproeving.
Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing op:
a. hijskranen waarop artikel 7.19 van toepassing is;
b. hijs- en hefwerktuigen en hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen waarop artikel 7.29 van toepassing is;
c. liften waarop het Liftenbesluit l, dan wel het Besluit liften van toepassing is;
d. stoom- en damptoestellen waarop het Stoombesluit van toepassing is.
a. hijs- en hefwerktuigen en hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen waarop artikel 7.29 van toepassing is;
b. liften en bouwliften voor personenvervoer waarop het Warenwetbesluit liften van toepassing is;.
c. stoom- en damptoestellen waarop het Stoombesluit van toepassing is.
**10.** Dit lid is nog niet in werking getreden.
**11.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op drukapparatuur, samenstellen en druksystemen waarop artikel 12b van het Besluit drukapparatuur van toepassing is.
**11.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op drukapparatuur, samenstellen en druksystemen waarop artikel 12b van het Warenwetbesluit drukapparatuur van toepassing is.
**12.**
Het derde lid is niet van toepassing op:
a. hijs- en hefgereedschap waarop artikel 7.20 van toepassing is;
b. containers waarop het Besluit containers van toepassing is.
b. containers waarop het Warenwetbesluit containers van toepassing is;
c. hijskranen waarop de artikelen 6d tot en met 6f van het Warenwetbesluit machines van toepassing zijn;
d. transportsteigers waarop het Warenwetbesluit liften van toepassing is.
### Artikel 7.5
@ -4022,27 +4025,7 @@ c. een persoon die van het hijs- of hefwerktuig gebruik maakt wordt verpletterd,
### Artikel 7.19
**1.** Een hijskraan met een bedrijfslast die gelijk is aan of hoger is dan twee ton, en die, na te zijn vervaardigd, ingrijpend te zijn hersteld of gewijzigd, voor de eerste maal in gebruik wordt genomen, wordt onderzocht op de deugdelijkheid van materiaal, constructie, inrichting en stabiliteit. Bij dit onderzoek wordt de kraan doelmatig beproefd.
**2.** De ondersteuning van een hijskraan als bedoeld in het eerste lid, wordt in de gevallen, bedoeld in dat lid, onderzocht op de ligging en draagkracht, de deugdelijkheid van materiaal en constructie en de aanwezigheid en deugdelijkheid van beveiligingsmiddelen.
**3.** Het eerste lid is niet van toepassing op hijskranen die, na te zijn vervaardigd, voor de eerste maal in gebruik worden genomen en die overeenkomstig de bepalingen van het Besluit machines zijn voorzien van een CE-markering, vergezeld van een EG-verklaring van overeenstemming.
**4.** Een hijskraan met een bedrijfslast als genoemd in het eerste lid, en de ondersteuning van die kraan worden, voordat de kraan in gebruik wordt genomen, op hun goede staat onderzocht in geval de kraan langdurig heeft stilgestaan of buiten gebruik is geweest. Bij dit onderzoek wordt de kraan doelmatig beproefd.
**5.** Voorts worden een hijskraan en de ondersteuning van die kraan, voordat de kraan in gebruik wordt genomen, op hun goede staat onderzocht en doelmatig beproefd, zo dikwijls dit ter waarborging van een veilig gebruik van de kraan redelijkerwijs noodzakelijk is en in ieder geval ten minste eenmaal per jaar.
**6.** Indien de hijskraan na demontage voor opstelling elders, aanstonds opnieuw is opgesteld, wordt de kraan, voordat deze in gebruik wordt genomen, op veilige werking onderzocht en beproefd.
**7.** Onderzoeken en beproevingen als bedoeld in het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, worden uitgevoerd door een deskundige natuurlijke persoon, rechtspersoon of instelling.
**8.** In de nabijheid van een hijskraan met een bedrijfslast als genoemd in het eerste lid, bevindt zich een kraanboek. In dit boek zijn in ieder geval de resultaten van de op grond van het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, uitgevoerde onderzoeken en beproevingen op adequate wijze vermeld.
**9.** Bij ministeriële regeling kan met betrekking tot alle hijskranen dan wel met betrekking tot hijskranen die behoren tot een bij die regeling omschreven categorie, in afwijking van het zevende lid, worden bepaald, welke van de onderzoeken en beproevingen, bedoeld in het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, worden uitgevoerd door een certificerende instelling.
**10.** Een instelling als bedoeld in het negende lid, geeft een certificaat van goedkeuring af indien zij heeft vastgesteld dat een hijskraan als bedoeld in het negende lid, voldoet aan bij ministeriële regeling vastgestelde criteria.
**11.** Het in het achtste respectievelijk tiende lid, bedoelde kraanboek en certificaat van goedkeuring of een afschrift daarvan zijn op de arbeidsplaats aanwezig en worden desgevraagd getoond aan een ambtenaar als bedoeld in artikel 24 van de wet.
Vervallen
### Artikel 7.20
@ -4132,7 +4115,7 @@ Tijdens het laden en lossen van containers zijn deugdelijke middelen aanwezig di
### Artikel 7.29
**1.** In afwijking van de artikelen 7.19 en 7.20, zesde, zevende, achtste en negende lid, gelden voor hijs- en hefwerktuigen alsmede hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen, die gebruikt worden voor het laden en lossen, de volgende bepalingen.
**1.** In afwijking van artikel 7.20, zesde, zevende, achtste en negende lid, gelden voor hijs- en hefwerktuigen alsmede hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen, die gebruikt worden voor het laden en lossen, de volgende bepalingen.
**2.** Hijs- en hefwerktuigen met inbegrip van de daarbij behorende hulpstukken, onderdelen, bevestigingspunten, verankeringen en steunen, en hijs- en hefgereedschappen worden, voordat zij voor de eerste maal in gebruik worden genomen, doelmatig beproefd en op hun goede staat onderzocht.
@ -4291,7 +4274,7 @@ Op thuiswerk zijn de afdelingen 1, 2 en 3 van dit hoofdstuk van overeenkomstige
### Artikel 8.1
**1.** Een door de werkgever aan de werknemer ter beschikking gesteld persoonlijk beschermingsmiddel is in overeenstemming met de betreffende bepalingen inzake ontwerp en constructie op het gebied van veiligheid en gezondheid, bedoeld in het Besluit persoonlijke beschermingsmiddelen en het Warenwetbesluit persoonlijke beschermingsmiddelen. De vorige volzin is slechts van toepassing voor zover bedoeld persoonlijk beschermingsmiddel onder het toepassingsgebied van genoemde besluiten valt.
**1.** Een door de werkgever aan de werknemer ter beschikking gesteld persoonlijk beschermingsmiddel is in overeenstemming met de betreffende bepalingen inzake ontwerp en constructie op het gebied van veiligheid en gezondheid, bedoeld in het Warenwetbesluit persoonlijke beschermingsmiddelen. De vorige volzin is slechts van toepassing voor zover bedoeld persoonlijk beschermingsmiddel onder het toepassingsgebied van genoemd besluit valt.
**2.**
@ -4424,9 +4407,9 @@ g. van hoofdstuk 8: de artikelen 8.1 tot en met 8.3.
Voorts is de werknemer verplicht tot naleving van de voorschriften en verboden welke zijn opgenomen in de volgende artikelen:
a. van hoofdstuk 2: artikel 2.22 en 2.42g;
a. van hoofdstuk 2: de artikelen 2.22 en 2.42g;
b. van hoofdstuk 3: artikel 3.5;
c. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.2b, 4.4, achtste lid, 4.5, 4.6, eerste lid, 4.6a, vierde lid, onder c, 4.7, tweede, vierde en vijfde lid, 4.8, tweede, derde en vierde lid, 4.8a, tweede en derde lid, 4.19, onder a, 4.38, 4.39, eerste en tweede lid, 4.41, eerste en tweede lid, 4.45, eerste lid, 4.46, vijfde lid, 4.47 eerste lid, 4.51, 4.54, vierde en vijfde lid, 4.56, derde lid, 4.58, eerste lid, 4.59, eerste lid, 4.60, eerste lid, 4.61, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 4.78, 4.83, eerste lid, 4.86, derde lid, 4.87, vierde lid, onder d, 4.89, eerste en vierde lid, 4.108 en 4.109, alsmede ten aanzien van arbeid met asbest of asbesthoudende producten en crocidoliet of crocidoliethoudende producten als bedoeld in artikel 4.37, de artikelen 4.19, aanhef en onder a, en 4.20, derde lid;
c. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.2b, 4.4, achtste lid, 4.5, 4.6, eerste lid, 4.6a, vierde lid, onder c, 4.7, tweede, vierde en vijfde lid, 4.8, tweede, derde en vierde lid, 4.8a, tweede en derde lid, 4.19, onder a, 4.38, 4.39, eerste en tweede lid, 4.41, eerste en tweede lid, 4.45, eerste lid, 4.46, vijfde lid, 4.47 eerste lid, 4.51, 4.54, vijfde en zesde lid, 4.56, derde lid, 4.58, eerste lid, 4.59, eerste lid, 4.60, eerste lid, 4.61, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 4.78, 4.83, eerste lid, 4.86, derde lid, 4.87, vierde lid, onder d, 4.89, eerste en vierde lid, 4.108 en 4.109, alsmede ten aanzien van arbeid met asbest of asbesthoudende producten en crocidoliet of crocidoliethoudende producten als bedoeld in artikel 4.37, de artikelen 4.19, aanhef en onder a, en 4.20, derde lid;
d. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.8, tweede lid, 6.14, 6.14a, vijfde lid, 6.15, eerste lid, onder c, 6.16, eerste tot en met derde lid en vijfde tot en met achtste lid, 6.18, vierde lid, 6.19, eerste lid, 6.20, vierde lid en 6.29;
e. van hoofdstuk 7: de artikelen 7.5, tweede en derde lid, 7.13, zevende lid, 7.17c, tweede, derde, vierde, achtste en negende lid, 7.18, tweede, vijfde tot en met zevende lid, en achtste lid, wat betreft de toepassing van de vastgestelde procedures, bedoeld in dit lid, 7.18a, tweede lid, derde lid, tiende lid, wat betreft de toepassing van de vastgestelde procedure, bedoeld in dit lid, en dertiende lid, 7.20, vierde lid, 7.21, tweede lid, 7.22, eerste, tweede en derde lid, onder c, 7.24, eerste lid, 7.25, zesde lid, en 7.32, eerste en tweede lid.
@ -4478,8 +4461,8 @@ Als een strafbaar feit wordt aangemerkt de handeling of het nalaten in strijd me
a. van hoofdstuk 2: de artikelen 2.2b, 2.2c, eerste lid, 2.2d en 2.42e en 2.42f, eerste en derde lid;
b. van hoofdstuk 3: 3.37v.
c. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.5, eerste en tweede lid, 4.6, eerste en tweede lid, 4.36, eerste en derde lid, 4.38, 4.39, 4.41, 4.58, 4.59, eerste en tweede lid, 4.60, eerste en vijfde lid, 4.61, tweede lid, 4.78, eerste lid, 4.83, 4.105, 4.108, 4.109 en 4.110;
d. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.27 en 6.29;
e. van de Arbeidsomstandighedenregeling: de artikelen 4.18, eerste lid en 6.29a.
d. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.27, 6.29 en 629a;
e. van de Arbeidsomstandighedenregeling: artikelen 4.18, eerste lid.
**2.** Voor zover van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, ontheffing onder voorschriften is verleend, wordt de handeling of het nalaten in strijd met die voorschriften mede aangemerkt als een strafbaar feit.
@ -4494,13 +4477,13 @@ Als beboetbaar feit ter zake waarvan een boete kan worden opgelegd van de eerste
a. van hoofdstuk 1: de artikelen 1.36, 1.37, eerste lid, 1.38, 1.41, 1.42 en 1.44 tot en met 1.46;
b. van hoofdstuk 2: de artikelen 3.1b 2.17, 2.18, 2.19, eerste tot en met vierde lid, 2.20, 2.21, eerste lid, 2.22, 2.26, 2.27, eerste en derde lid, 2.28 tot en met 2.30, 2.31, onderdelen b en c, 2.32, tweede lid, 2.33 tot en met 2.35, 2.37, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, 2.38, eerste en derde lid, 2.41, 2.42, tweede tot en met vierde lid, 2.42a, eerste en tweede lid, 2.42b, 2.42c, eerste en tweede lid, 2.42g, 2.42h en 2.43, tweede lid;
c. van hoofdstuk 3: de artikelen 3.2, 3.4, derde lid, 3.5, eerste en tweede lid, 3.5b, tweede lid, 3.5c, 3.5d, vierde, vijfde en zesde lid, 3.5e, onder c, d, f, g en i, 3.5f, onder a tot en met e, 3.7, derde tot en met zesde lid, 3.8, 3.9, 3.11 tot en met 3.15, 3.18, tweede en derde lid, 3.19 tot en met 3.25, 3.27, 3.28, tweede lid, 3.29, eerste en vierde lid, 3.31, eerste lid, 3.33, 3.34, tweede lid, 3.35, derde lid, 3.36, 3.37, 3.37b, 3.37f, eerste lid, 3.37i, 3.37l, eerste lid, onder b, en derde lid, 3.37s, eerste, vijfde en zesde lid, 3.37w, eerste lid, derde en vierde lid, 3.37x, 3.39, eerste lid, onderdelen a tot en met c, tweede en derde lid, 3.40, onderdelen a tot en met d, en 3.48;
d. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.2, eerste tot en met zevende lid, 4.2a, eerste en tweede lid, 4.2b, 4.3, tweede en derde lid, 4.4, zesde, zevende lid en achtste lid, 4.5, derde lid, 4.6a, eerste, tweede, vierde lid, onder b, d en e, zesde en zevende lid, 4.7, tweede, vierde en vijfde lid, 4.8, eerste tot en met vierde lid, 4.8a, tweede en derde lid, 4.9, negende lid, 4.10a, eerste, tweede en vierde lid, 4.10b, eerste en tweede lid, 4.10c, tweede lid, 4.10d, vierde en vijfde, 4.10e, eerste, derde en vierde lid, 4.13, 4.15, 4.18, vijfde lid, 4.19, onderdelen a, b en c, 4.20, 4.23, tweede lid, 4.46, derde lid, 4.49, 4.50, eerste, tweede en vierde lid, en zevende tot en met negende lid, 4.51, 4.52, eerste en vierde lid, 4.53, eerste en tweede lid, 4.54, tweede tot en met vijfde lid, 4.57, 4.60, derde en vierde lid, 4.79, 4.80, 4.85, 4.86, derde lid, 4.88 tot en met 4.90, 4.91, eerste tot en met derde lid, zesde en tiende lid, 4.94, eerste, derde en vijfde lid, 4.95 tot en met 4.97, 4.102, 4.111, 4.112, tweede lid, en 4.114;
d. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.2, eerste tot en met zevende lid, 4.2a, eerste en tweede lid, 4.2b, 4.3, tweede en derde lid, 4.4, zesde, zevende lid en achtste lid, 4.5, derde lid, 4.6a, eerste, tweede, vierde lid, onder b, d en e, zesde en zevende lid, 4.7, tweede, vierde en vijfde lid, 4.8, eerste tot en met vierde lid, 4.8a, tweede en derde lid, 4.9, negende lid, 4.10a, eerste, tweede en vierde lid, 4.10b, eerste en tweede lid, 4.10c, tweede lid, 4.10d, vierde en vijfde, 4.10e, eerste, derde en vierde lid, 4.13, 4.15, 4.18, vijfde lid, 4.19, onderdelen a, b en c, 4.20, 4.23, tweede lid, 4.46, derde lid, 4.49, 4.50, eerste, tweede en vierde lid, en zevende tot en met negende lid, 4.51, 4.52, eerste en vierde lid, 4.53, eerste en tweede lid, 4.54, derde tot en met zesde lid, 4.57, 4.60, derde en vierde lid, 4.79, 4.80, 4.85, 4.86, derde lid, 4.88 tot en met 4.90, 4.91, eerste tot en met derde lid, zesde en tiende lid, 4.94, eerste, derde en vijfde lid, 4.95 tot en met 4.97, 4.102, 4.111, 4.112, tweede lid, en 4.114;
e. van hoofdstuk 5: de artikelen 6.2, vijfde lid 5.3, tweede lid, 5.4, 5.5, 5.9, 5.10, 5.11 en 5.15, eerste lid;
f. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.1, 6.2, eerste tot en met derde lid, 6.3, 6.4, eerste lid, 6.5, 6.7, eerste tot en met derde lid, en vijfde lid, 6.8, vierde lid, en achtste tot en met twaalfde lid, 6.9, tweede lid, 6.10, eerste tot en met derde lid, 6.11, 6.12, vijfde lid, 6.14, 6.14a, eerste tot en met derde en vijfde lid, 6.15, eerste lid, onderdelen a en c, en tweede lid, 6.15a, derde lid, 6.16, derde, en vijfde tot en met achtste lid, 6.17, eerste, tweede en derde lid, 6.19, tweede tot en met vierde lid, 6.20b, derde lid, onder b en vierde lid, 6.23, vierde, zesde en achtste lid, en 6.30, eerste lid;
g. van hoofdstuk 7: de artikelen 7.3, 7.4a, eerste tot en met zesde lid, 7.5, vierde lid, 7.6, 7.8, 7.10, 7.11a, 7.13, 7.17a, zevende lid, 7.17b, tweede lid, onderdelen a, b en g, en derde en vierde lid, 7.17c, eerste, vijfde, zesde, zevende en negende lid, 7.17d, 7.18, eerste, derde, vierde en achtste lid, 7.18a, vierde tot en met tiende lid, en twaalfde lid, 7.18b, vierde lid, 7.19, eerste en tweede lid, vierde tot en met achtste lid, en elfde lid, 7.20, tweede en derde lid, en vijfde tot en met negende lid, 7.24, 7.25, eerste tot en met vijfde lid, en zevende lid, 7.27, eerste lid, 7.28, 7.29, tweede tot en met achtste lid, en tiende lid, 7.30, eerste lid, 7.32, eerste en tweede lid, 7.34, eerste en tweede lid, 7.35, 7.36, 7.36b, vierde lid, 7.41, derde lid, en 7.42;
g. van hoofdstuk 7: de artikelen 7.3, 7.4a, eerste tot en met zesde lid, 7.5, vierde lid, 7.6, 7.8, 7.10, 7.11a, 7.13, 7.17a, zevende lid, 7.17b, tweede lid, onderdelen a, b en g, en derde en vierde lid, 7.17c, eerste, vijfde, zesde, zevende en negende lid, 7.17d, 7.18, eerste, derde, vierde en achtste lid, 7.18a, vierde tot en met tiende lid, en twaalfde lid, 7.18b, vierde lid, 7.20, tweede en derde lid, en vijfde tot en met negende lid, 7.24, 7.25, eerste tot en met vijfde lid, en zevende lid, 7.27, eerste lid, 7.28, 7.29, tweede tot en met achtste lid, en tiende lid, 7.30, eerste lid, 7.32, eerste en tweede lid, 7.34, eerste en tweede lid, 7.35, 7.36, 7.36b, vierde lid, 7.41, derde lid, en 7.42;
h. van hoofdstuk 8: de artikelen 8.1 tot en met 8.3 en 8.4, eerste lid;
i. van hoofdstuk 9: artikel 9.36, eerste lid;
j. van de Arbeidsomstandighedenregeling: de artikelen 4.4, vierde lid, 4.5, 4.9, derde lid, 4.13, 4.19, tweede lid, 4.20, tweede lid, 4.20a, 4.21b, eerste, derde, vierde en vijfde lid, 4.22 tot en met 4.26, 5.1 tot en met 5.3, 8.2, 8.3, 8.4, derde lid, 8.5 tot en met 8.11, 8.12, eerste en tweede lid, 8.13 tot en met 8.29.
j. van de Arbeidsomstandighedenregeling: de artikelen 3.4, 3.5, 3.11, 3.12, 3.13, 4.4, vierde lid, 4.5, 4.9, derde lid, 4.13, 4.19, tweede lid, 4.20, tweede lid, 4.20a, 4.21b, eerste, derde, vierde en vijfde lid, 4.22 tot en met 4.26, 5.1 tot en met 5.3, 8.2, 8.3, 8.4, derde lid, 8.5 tot en met 8.11, 8.12, eerste en tweede lid, 8.13 tot en met 8.29.
**2.** Voor zover van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, ontheffing onder voorschriften is verleend, wordt de handeling of het nalaten in strijd met die voorschriften mede aangemerkt als beboetbaar feit ter zake waarvan een boete van de eerste categorie kan worden opgelegd.
@ -4513,7 +4496,7 @@ Als beboetbaar feit ter zake waarvan een boete kan worden opgelegd van de tweede
a. van hoofdstuk 1: artikel 1.37, tweede lid;
b. van hoofdstuk 2: artikel 2.42, zesde lid en 2.42f, tweede lid;
c. Abusievelijk is door Stb. 2000/211 onderdeel a. i.p.v. c gewijzigd.van hoofdstuk 3: de artikelen 3.1b, 3.3, 3.4, eerste en tweede lid, 3.5, derde, vierde en zevende lid, 3.5d, eerste, tweede en derde lid, 3.5e, onder a, b, e en h, 3.5f, onder f, 3.6, 3.7, eerste en tweede lid, 3.10, 3.16, eerste en derde lid, 3.17, 3.18, eerste lid, 3.28, eerste lid, 3.29, tweede, derde en vijfde lid, 3.30, 3.31, tweede lid, 3.34, eerste lid, 3.35, eerste en tweede lid, 3.37c, 3.37d, 3.37e, 3.37f, tweede lid, 3.37g, 3.37h, 3.37k, 3.37l, eerste lid, onder a, 3.37m, 3.37n, 3.37p, 3.37q, eerste en derde lid, 3.37r, 3.37s, tweede tot en met vierde lid, 3.37t, 3.37u, 3.37w, tweede lid, en 3.37y en 3.46;
d. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.3a, 4.4, eerste tot en met vierde lid, 4.6, derde lid, 4.6a, derde en vierde lid, onder a en c, 4.7, derde lid, 4.8a, eerste lid, 4.8b, derde en vierde lid, 4.9, eerste tot en met achtste lid, 4.10, eerste lid, 4.16, tweede en derde lid, 4.17, 4.18, eerste tot en met vierde lid, 4.19, onderdelen d en e, 4.36, tweede en derde lid, 4.45, eerste lid, 4.46, eerste, tweede en vijfde lid, 4.47, eerste lid, 4.52, derde lid, 4.55, tweede lid, 4.56, tweede en derde lid, 4.61, derde tot en met vijfde lid, 4.62b, 4.87, eerste tot en met derde lid, 4.91, vijfde lid, 4.98, 4.99, 4.100, eerste lid, 4.101, 4.106, 4.113 en 4.115;
d. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.3a, 4.4, eerste tot en met vierde lid, 4.6, derde lid, 4.6a, derde en vierde lid, onder a en c, 4.7, derde lid, 4.8a, eerste lid, 4.8b, derde en vierde lid, 4.9, eerste tot en met achtste lid, 4.10, eerste lid, 4.16, tweede en derde lid, 4.17, 4.18, eerste tot en met vierde lid, 4.19, onderdelen d en e, 4.36, tweede en derde lid, 4.45, eerste lid, 4.46, eerste, tweede en vijfde lid, 4.47, eerste lid, 4.52, derde lid, 4.54, tweede lid, 4.55, tweede lid, 4.56, tweede en derde lid, 4.61, derde tot en met vijfde lid, 4.62b, 4.87, eerste tot en met derde lid, 4.91, vijfde lid, 4.98, 4.99, 4.100, eerste lid, 4.101, 4.106, 4.113 en 4.115;
e. van hoofdstuk 5 : de artikelen 5.2 en 5.3, eerste lid;
f. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.2, vijfde lid, 6.8, eerste tot en met derde lid, vijfde en zevende lid, 6.9, eerste lid, 6.12, eerste tot en met vierde lid, 6.15, eerste lid, onderdelen b en d, 6.15a, eerste en tweede lid, 6.16, eerste lid, 6.16, tweede lid, 6.18, 6.19, eerste lid, 6.20, 6.20b, eerste, tweede en derde lid, onder a, 6.20c, 6.20e en 6.23, eerste tot en met derde lid, vijfde en zevende lid;
g. van hoofdstuk 7: de artikelen 7.4, 7.5, eerste tot en met derde lid, en vijfde lid, 7.7, 7.9, 7.11, 7.14, eerste lid, 7.15, 7.16, 7.17a, eerste en tweede lid, en vierde tot en met zesde lid, 7.17b, tweede lid, onderdelen c, d, e en f, vijfde en zesde lid, 7.17c, tweede tot en met vierde lid, en achtste lid, 7.18, tweede lid, en vijfde tot en met zevende lid, 7.18a, tweede, derde, elfde en dertiende lid, 7.18b, eerste tot en met derde lid, 7.20, eerste en vierde lid, 7.21, 7.22, eerste lid, 7.25, zesde lid, 7.26, 7.27, tweede lid, 7.33, 7.34, derde en vierde lid, 7.36b, eerste tot en met derde, vijfde en zesde lid, 7.39, 7.41, eerste en tweede lid;
@ -4625,7 +4608,7 @@ c. van hoofdstuk 3: artikel 3.1b, de artikelen van de afdelingen 2, 3, 3a, 3b en
d. van hoofdstuk 4: de artikelen van afdeling 1, met uitzondering van de artikelen 4.3, 4.5, 4.7 en 4.8, de artikelen van de afdelingen 2, 3 en 4, de artikelen 4.38, 4.39, 4.40, vierde lid, 4.42, vierde lid, de artikelen van de paragrafen 3, 4, 6 en 7 van afdeling 5, de artikelen van de afdelingen 7, 8 en 9 en de artikelen van de paragrafen 2 en 3 van afdeling 10;
e. van hoofdstuk 5: de artikelen van de afdelingen 1 en 2 en artikel 5.14;
f. van hoofdstuk 6: de artikelen van de afdelingen 1 en 2, artikel 6.8, eerste tot en met zesde lid, zevende lid, tweede volzin, achtste lid, en elfde tot en met veertiende lid, afdeling 5a en de artikelen van de paragrafen 3 en 4 van afdeling 6;
g. van hoofdstuk 7: de artikelen van de afdelingen 2, 3, 4, met uitzondering van de artikelen 7.17b, tweede lid, onder b, 7.19, eerste tot en met zesde lid, 7.20, zesde tot en met achtste lid, en 7.21 en de artikelen van de afdeling 5, met uitzondering van artikel 7.32, afdeling 5a en paragraaf 2 van afdeling 6;
g. van hoofdstuk 7: de artikelen van de afdelingen 2, 3, 4, met uitzondering van de artikelen 7.17b, tweede lid, onder b, 7.20, zesde tot en met achtste lid, en 7.21 en de artikelen van de afdeling 5, met uitzondering van artikel 7.32, afdeling 5a en paragraaf 2 van afdeling 6;
h. van hoofdstuk 8: de artikelen van de afdelingen 1 en 2;
i. van hoofdstuk 9: de artikelen 9.15 en 9.16.