2021-07-01 | BWBR0002629 | Wet op de omzetbelasting 1968
This commit is contained in:
parent
9de2e21c63
commit
e39fd68041
1 changed files with 487 additions and 123 deletions
|
|
@ -56,7 +56,8 @@ In deze wet en in de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
a. BTW-richtlijn 2006: Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PbEU 2006, L 347);
|
||||
b. lidstaat: een lidstaat van de Europese Unie;
|
||||
c. Unie: het geheel van de grondgebieden van de lidstaten zoals die gebieden zijn omschreven in artikel 5, onder 2, van de BTW-richtlijn 2006, met dien verstande dat ook het Vorstendom Monaco en het eiland Man worden behandeld als gebied van de Franse Republiek respectievelijk het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland en dat ook de zones Akrotiri en Dhekelia van Cyprus, die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen, worden behandeld als gebied van de Republiek Cyprus;
|
||||
d. derde-land: elk ander grondgebied dan dat van de Unie;
|
||||
d. 1°. *derde-land:* elke staat of elk grondgebied waarop het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie niet van toepassing is met uitzondering van het land en de gebieden, genoemd in onderdeel c;
|
||||
2°. *derdelandsgebieden:* de gebieden, genoemd in artikel 6 van BTW-richtlijn 2006.
|
||||
e. accijnsgoederen: bier, wijn, tussenprodukten, overige alcoholhoudende produkten, minerale oliën en tabaksprodukten als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de accijns, kolen als bedoeld in artikel 32, onderdeel a, van de Wet belastingen op milieugrondslag, alsmede aardgas als bedoeld in artikel 47, eerste lid, onderdeel m, van de Wet belastingen op milieugrondslag in verbinding met artikel 48, tweede lid, van die wet, maar met uitzondering van gas dat wordt geleverd via een op het grondgebied van de Unie gesitueerd aardgassysteem of een op een dergelijk systeem aangesloten net;
|
||||
f. nieuwe vervoermiddelen: voor het personen- of goederenvervoer bestemde schepen met een lengte van meer dan 7,5 m, luchtvaartuigen met een totaal opstijggewicht van meer dan 1550 kg en landvoertuigen die zijn uitgerust met een motor van meer dan 48 cc cilinderinhoud of met een vermogen van meer dan 7,2 kW, met uitzondering van schepen en luchtvaartuigen als bedoeld in de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel a, post 3, onder a, onderscheidenlijk e, wanneer op het tijdstip van de levering:
|
||||
|
||||
|
|
@ -83,7 +84,15 @@ s. normale waarde:
|
|||
– met betrekking tot diensten: een waarde die niet lager is dan de door de ondernemer voor het verrichten van de dienst gemaakte uitgaven;
|
||||
t. *voucher:* een instrument ten aanzien waarvan de verplichting bestaat dat instrument als tegenprestatie of gedeeltelijke tegenprestatie voor goederenleveringen of diensten te aanvaarden en waarbij de te verrichten goederenleveringen of diensten, of de identiteit van de potentiële verrichters ervan, vermeld staan op het instrument zelf of in de bijbehorende documentatie, inclusief de voorwaarden voor het gebruik van het instrument;
|
||||
u. *voucher voor enkelvoudig gebruik:* een voucher waarbij de plaats van de goederenlevering of dienstverrichting waarop de voucher betrekking heeft, alsmede het bedrag van de over die goederen of diensten verschuldigde belasting, bekend zijn op het tijdstip van uitgifte van de voucher;
|
||||
v. *voucher voor meervoudig gebruik:* alle vouchers, uitgezonderd vouchers voor enkelvoudig gebruik.
|
||||
v. *voucher voor meervoudig gebruik:* alle vouchers, uitgezonderd vouchers voor enkelvoudig gebruik;
|
||||
w. *intracommunautaire afstandsverkopen van goederen:* de leveringen van goederen die worden verzonden of vervoerd door of voor rekening van de leverancier, ook wanneer de leverancier indirect tussenkomt bij het vervoer of de verzending van de goederen, vanuit een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
1°. de levering van goederen wordt verricht aan een ondernemer of aan een rechtspersoon, andere dan ondernemer, van wie de intracommunautaire verwervingen van goederen krachtens artikel 1a, tweede lid, niet aan de belasting zijn onderworpen, of aan enige andere niet-ondernemer;
|
||||
2°. de geleverde goederen zijn geen nieuwe vervoermiddelen, noch goederen, geleverd na montage of installatie, door of voor rekening van de leverancier, met of zonder beproeven van de geïnstalleerde of gemonteerde goederen;
|
||||
x. *afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde-land ingevoerde goederen:* de leveringen van goederen die worden verzonden of vervoerd door of voor rekening van de leverancier, met inbegrip van gevallen waarin de leverancier indirect tussenkomt bij het vervoer of de verzending van de goederen, vanuit een derdelandsgebied of een derde-land naar een afnemer in een lidstaat, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
1°. de levering van goederen wordt verricht aan een ondernemer of aan een rechtspersoon, andere dan ondernemer, van wie de intracommunautaire verwervingen van goederen krachtens artikel 1a, tweede lid, niet aan de belasting zijn onderworpen, of aan enige andere niet-ondernemer;
|
||||
2°. de geleverde goederen zijn geen nieuwe vervoermiddelen, noch goederen, geleverd na montage of installatie, door of voor rekening van de leverancier, met of zonder beproeven van de geïnstalleerde of gemonteerde goederen.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de wijze waarop moet worden aangetoond of een vervoermiddel als nieuw aangemerkt dient te worden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -187,6 +196,12 @@ a. indien de goederen worden geleverd aan een andere persoon dan de ondernemer,
|
|||
b. indien de goederen na aankomst in de lidstaat van bestemming worden verzonden of vervoerd naar een ander land dan de lidstaat vanwaar zij oorspronkelijk werden verplaatst: onmiddellijk vóór de aanvang van een dergelijke verzending of een dergelijk vervoer; of
|
||||
c. indien de goederen worden vernietigd of gestolen of verloren zijn gegaan: op de datum waarop de goederen daadwerkelijk werden vernietigd of gestolen of verloren zijn gegaan, of indien het onmogelijk is om deze datum te bepalen, op de datum waarop werd vastgesteld dat de goederen waren vernietigd of gestolen of verloren zijn gegaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 3c
|
||||
|
||||
**1.** Indien een ondernemer via het gebruik van een elektronische interface, zoals een marktplaats, platform, portaal of soortgelijk middel, afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde-land ingevoerde goederen in zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan € 150, faciliteert, wordt die ondernemer geacht die goederen zelf te hebben ontvangen en geleverd.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een ondernemer via het gebruik van een elektronische interface, zoals een marktplaats, platform, portaal of soortgelijk middel, de levering van goederen binnen de Unie door een niet in de Unie gevestigde ondernemer aan een andere dan ondernemer, faciliteert, wordt de ondernemer die de levering faciliteert geacht die goederen zelf te hebben ontvangen en geleverd.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
**1.** Diensten zijn alle prestaties, niet zijnde leveringen van goederen in de zin van artikel 3.
|
||||
|
|
@ -214,19 +229,19 @@ a. ingeval het goed in verband met de levering, anders dan in de zin van artikel
|
|||
b. in andere gevallen de plaats waar het goed zich bevindt op het tijdstip van de levering;
|
||||
c. in afwijking van onderdeel *b*, in geval van een levering van goederen aan boord van een schip, vliegtuig of trein en tijdens het gedeelte van een binnen de Unie verricht passagiersvervoer, de plaats van vertrek van het vervoer van passagiers.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel *a*, worden, in de gevallen waarin de plaats van vertrek van de verzending of het vervoer van de goederen in een derde-land ligt, de plaats waar de levering wordt verricht alsmede de plaats waar eventuele volgende leveringen worden verricht, geacht in de lidstaat van invoer van de goederen te liggen, voor zover de goederen door de leverancier of in diens opdracht worden ingevoerd.
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel *a*, worden, in de gevallen waarin de plaats van vertrek van de verzending of het vervoer van de goederen in een derdelandsgebied of derde-land ligt, de plaats waar de levering wordt verricht alsmede de plaats waar eventuele volgende leveringen worden verricht, geacht in de lidstaat van invoer van de goederen te liggen, voor zover de goederen door de leverancier of in diens opdracht worden ingevoerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 5, eerste lid, onderdeel a, wordt de levering van goederen, andere dan nieuwe vervoermiddelen en andere dan goederen die worden geleverd met toepassing van een van de in de artikelen 312 tot en met 325 en 333 tot en met 340 van de BTW-richtlijn 2006 bedoelde bijzondere regelingen, die, direct of indirect, door of voor rekening van de ondernemer die de levering verricht worden verzonden of vervoerd uit een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer, verricht op de plaats van aankomst van de verzending of het vervoer.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is alleen van toepassing op de levering van goederen aan afnemers als bedoeld in artikel 33, lid 1, onder a, van de BTW-richtlijn 2006.
|
||||
In afwijking van artikel 5, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, wordt de plaats van levering:
|
||||
|
||||
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde goederen worden verzonden of vervoerd uit een derde-land en door de ondernemer die de levering verricht worden ingevoerd in een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer, worden deze goederen geacht te zijn verzonden of vervoerd vanuit de lidstaat van invoer. Artikel 5, tweede lid, is niet van toepassing.
|
||||
a. van intracommunautaire afstandsverkopen van goederen geacht de plaats te zijn waar de goederen zich bevinden op het tijdstip van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer;
|
||||
b. van afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde-land ingevoerde goederen geacht de plaats te zijn waar de goederen zich bevinden op het tijdstip van aankomst van de verzending of het vervoer naar de afnemer, indien de invoer plaatsvindt in een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer naar de afnemer;
|
||||
c. van afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde-land ingevoerde goederen geacht zich in de lidstaat van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer in die lidstaat te bevinden, indien de invoer in die lidstaat plaatsvindt, mits de belasting op deze goederen moet worden aangegeven in het kader van de invoerregeling, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 7, paragraaf 4.
|
||||
|
||||
**4.** Het eerste lid is niet van toepassing op leveringen van goederen, andere dan accijnsgoederen, die worden verzonden of vervoerd naar eenzelfde lidstaat, voor zover het totaal van de vergoedingen ter zake van deze leveringen in het lopende kalenderjaar niet meer beloopt dan het bedrag dat hiervoor bij ministeriële regeling voor die lidstaat is aangewezen, mits het totaal van de vergoedingen ter zake van dergelijke leveringen in het voorafgaande kalenderjaar niet meer heeft belopen dan dit bedrag. Voor goederen die worden verzonden of vervoerd naar Nederland geldt een drempelbedrag van € 100 000.
|
||||
|
||||
**5.** Ondernemers die leveringen verrichten als bedoeld in het vierde lid kunnen aan de inspecteur verzoeken om dat lid op hen niet van toepassing te doen zijn. Bij inwilliging van het verzoek geldt zulks tot wederopzegging door belanghebbende doch ten minste voor twee kalenderjaren. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld inzake de toepassing van dit lid.
|
||||
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op de leveringen van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten die aan de btw zijn onderworpen overeenkomstig de toepasselijke bijzondere regelingen van BTW-richtlijn 2006.
|
||||
|
||||
### Artikel 5b
|
||||
|
||||
|
|
@ -244,6 +259,10 @@ c. in afwijking van onderdeel *b*, in geval van een levering van goederen aan bo
|
|||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van dit artikel wordt onder tussenhandelaar verstaan de leverancier in de keten die de goederen ofwel zelf verzendt of vervoert ofwel voor zijn rekening door een derde laat verzenden of vervoeren. De hier bedoelde tussenhandelaar kan niet de eerste leverancier in de keten zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 5d
|
||||
|
||||
Indien een ondernemer geacht wordt goederen te hebben ontvangen en geleverd als bedoeld in artikel 3c wordt de verzending of het vervoer van de goederen toegerekend aan de levering die door die ondernemer is verricht.
|
||||
|
||||
### Afdeling 1b. Plaats van een dienst
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Algemene bepalingen
|
||||
|
|
@ -315,22 +334,6 @@ c. elektronische diensten.
|
|||
|
||||
**2.** Het feit dat de dienstverrichter en de afnemer langs elektronische weg berichten uitwisselen, betekent op zich niet dat de verrichte dienst een elektronische dienst is.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Het eerste lid is niet van toepassing wanneer:
|
||||
|
||||
a. de dienstverrichter is gevestigd, of bij gebreke van een vestiging, heeft zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats in slechts één lidstaat;
|
||||
b. de diensten worden verricht voor andere dan ondernemers die gevestigd zijn, hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats hebben in een andere lidstaat dan de lidstaat, bedoeld in onderdeel a; en
|
||||
c. het totaal van de vergoedingen ter zake van de diensten, bedoeld in onderdeel b, in het lopende kalenderjaar niet meer beloopt dan € 10.000 of de tegenwaarde daarvan in de nationale munteenheid, en in het voorafgaande kalenderjaar ook niet meer heeft belopen dan dit bedrag.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer de drempel, genoemd in het derde lid, onderdeel c, in de loop van een kalenderjaar wordt overschreden, is het eerste lid vanaf die datum van toepassing.
|
||||
|
||||
**5.** In afwijking van het derde lid, is het eerste lid van toepassing wanneer de dienstverrichter, bedoeld in het derde lid, in de lidstaat op het grondgebied waar hij is gevestigd of, bij gebreke van een vestiging zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft, daarvoor kiest overeenkomstig de in die lidstaat geldende regels.
|
||||
|
||||
**6.** Wanneer de lidstaat, bedoeld in het vijfde lid, Nederland is, meldt de dienstverrichter die het eerste lid wil toepassen dit bij de inspecteur. Deze melding geldt tot wederopzegging door die dienstverrichter doch ten minste voor twee kalenderjaren. De melding wordt gedaan op een door de inspecteur vast te stellen wijze. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de melding.
|
||||
|
||||
**7.** De tegenwaarde in de nationale munteenheid van het in het tweede lid, onderdeel c, bedoelde bedrag wordt berekend volgens de wisselkoers die op 5 december 2017 door de Europese Centrale Bank bekend is gemaakt.
|
||||
|
||||
### Artikel 6i
|
||||
|
||||
De plaats van de volgende diensten, verricht voor een andere dan ondernemer die buiten de Unie gevestigd is of aldaar zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft, is de plaats waar deze persoon gevestigd is of zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft:
|
||||
|
|
@ -353,6 +356,26 @@ De hierna genoemde diensten die worden verricht door ondernemers die buiten de U
|
|||
a. diensten, bestaande in de verhuur van vervoermiddelen, die worden verricht voor andere dan ondernemers die in Nederland wonen of zijn gevestigd dan wel aldaar een vaste inrichting hebben waarvoor de diensten worden verricht;
|
||||
b. diensten als bedoeld in artikel 6i, onderdelen a tot en met g, die worden verricht voor in Nederland gevestigde lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, andere dan ondernemers.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 4. Drempel voor ondernemers die onder
|
||||
|
||||
### Artikel 6k
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Artikel 5a, eerste lid, onderdeel a, en artikel 6h, eerste lid, zijn niet van toepassing wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
||||
|
||||
a. de leverancier of dienstverrichter is gevestigd of, bij gebreke van een vestiging, heeft zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats in slechts één lidstaat;
|
||||
b. de diensten worden verleend aan andere dan ondernemers die gevestigd zijn, hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats hebben in een andere dan de lidstaat, bedoeld in onderdeel a, of de goederen worden verzonden of vervoerd naar een andere dan de lidstaat bedoeld in onderdeel a; en
|
||||
c. het totale bedrag van de leveringen van diensten of goederen, bedoeld in onderdeel b, de belasting niet inbegrepen, is in het lopende kalenderjaar niet hoger dan € 10 000 of de tegenwaarde daarvan in de nationale munteenheid, en heeft dit bedrag ook niet overschreden in de loop van het voorafgaande kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer de drempel, genoemd in het eerste lid, onderdeel c, in de loop van een kalenderjaar wordt overschreden, zijn artikel 5a, eerste lid, onderdeel a, en artikel 6h vanaf die datum van toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid, zijn artikel 5a, eerste lid, onderdeel a, en artikel 6h van toepassing wanneer de leverancier of dienstverrichter, bedoeld in het eerste lid, in de lidstaat op het grondgebied waarvan hij is gevestigd of, bij gebreke van een vestiging zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft, daarvoor kiest overeenkomstig de in die lidstaat geldende regels.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer de lidstaat, bedoeld in het derde lid, Nederland is, meldt de leverancier of dienstverrichter die artikel 5a, eerste lid, onderdeel a, en artikel 6h wil toepassen dit bij de inspecteur. Deze melding geldt tot wederopzegging door die ondernemer doch ten minste voor twee kalenderjaren. De melding wordt gedaan op een door de inspecteur vast te stellen wijze. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de melding.
|
||||
|
||||
**5.** De tegenwaarde in de nationale munteenheid van het bedrag, genoemd in het eerste lid, onderdeel c, wordt berekend volgens de wisselkoers die op 5 december 2017 door de Europese Centrale Bank bekend is gemaakt.
|
||||
|
||||
### Afdeling 1c. Ondernemer
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
|
@ -572,6 +595,10 @@ b. in andere gevallen op het tijdstip waarop de levering of de dienst wordt verr
|
|||
|
||||
**7.** Goederenleveringen en diensten, andere dan die bedoeld in het vierde, vijfde en zesde lid, die gedurende een zekere periode doorlopend worden verricht, worden geacht ten minste eenmaal per jaar te zijn voltooid.
|
||||
|
||||
### Artikel 13a
|
||||
|
||||
In afwijking in zoverre van artikel 13 vindt het belastbare feit van de levering van goederen door een ondernemer die geacht wordt die goederen te hebben ontvangen en geleverd overeenkomstig artikel 3c en van de levering van goederen aan die ondernemer, plaats, en wordt de belasting verschuldigd, op het tijdstip waarop de betaling is aanvaard.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** De in een tijdvak verschuldigd geworden belasting moet op aangifte worden voldaan.
|
||||
|
|
@ -648,7 +675,7 @@ Ingeval de voor aftrek in aanmerking komende belasting meer bedraagt dan de in h
|
|||
|
||||
**1.** Intracommunautaire verwerving van goederen is de verwerving van goederen ingevolge een levering van deze goederen door een als zodanig handelende ondernemer, welke goederen worden verzonden of vervoerd van een lidstaat naar een andere lidstaat.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer door rechtspersonen, andere dan ondernemers, verworven goederen worden verzonden of vervoerd uit een derde-land en door deze rechtspersonen worden ingevoerd in een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer, worden deze goederen geacht te zijn verzonden of vervoerd vanuit de lidstaat van invoer van de goederen.
|
||||
**2.** Wanneer door rechtspersonen, andere dan ondernemers, verworven goederen worden verzonden of vervoerd uit een derdelandsgebied of derde-land en door deze rechtspersonen worden ingevoerd in een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer, worden deze goederen geacht te zijn verzonden of vervoerd vanuit de lidstaat van invoer van de goederen.
|
||||
|
||||
**3.** Met een intracommunautaire verwerving van goederen onder bezwarende titel als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, wordt gelijkgesteld het beschikken voor bedrijfsdoeleinden over een goed dat door of voor rekening van de ondernemer wordt verzonden of vervoerd uit een andere lidstaat waar het goed is vervaardigd, gewonnen, bewerkt, gekocht, onderworpen aan heffing van belasting ter zake van intracommunautaire verwerving, of door hem is ingevoerd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -726,7 +753,7 @@ De belasting wordt geheven van degene die de intracommunautaire verwerving verri
|
|||
Invoer van goederen is:
|
||||
|
||||
a. het brengen in Nederland van goederen die niet voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 28 en 29 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;
|
||||
b. het brengen in Nederland vanuit een derde-land van andere dan de in onderdeel a bedoelde goederen;
|
||||
b. het brengen in Nederland vanuit een derdelandsgebied van andere dan de in onderdeel a bedoelde goederen;
|
||||
c. het in Nederland beëindigen van, dan wel het in Nederland onttrekken van goederen aan een douaneregime;
|
||||
d. de bevoorrading in Nederland van vervoermiddelen met goederen welke niet in het vrije verkeer zijn.
|
||||
|
||||
|
|
@ -778,10 +805,11 @@ c. nihil voor de invoer van gas via een aardgassysteem of een op een dergelijk s
|
|||
|
||||
Bij ministeriële regeling wordt, onder daarbij te stellen voorwaarden en beperkingen, vrijstelling van belasting verleend voor:
|
||||
|
||||
a. de invoer van goederen waarvoor aanspraak op vrijstelling van douanerechten bestaat;
|
||||
a. de invoer van goederen waarvoor aanspraak op vrijstelling van douanerechten bestaat, met uitzondering van goederen die worden aangemerkt als afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde-land ingevoerde goederen;
|
||||
b. de invoer van goederen in de zin van artikel 18, eerste lid, onderdeel b, indien aanspraak op vrijstelling van rechten bij invoer zou bestaan indien de goederen zouden zijn ingevoerd in de zin van artikel 18, eerste lid, onderdeel a;
|
||||
c. de invoer van goederen waarvan de levering in Nederland in elk geval is vrijgesteld;
|
||||
d. de invoer van goederen die worden verzonden of vervoerd naar een andere lidstaat wanneer degene die de goederen heeft ingevoerd deze levert met toepassing van de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel a, post 6.
|
||||
d. de invoer van goederen die worden verzonden of vervoerd naar een andere lidstaat wanneer degene die de goederen heeft ingevoerd deze levert met toepassing van de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel a, post 6;
|
||||
e. de invoer van goederen wanneer de btw moet worden aangegeven in het kader van de bijzondere regeling, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 7, paragraaf 4, en wanneer uiterlijk bij de indiening van de invoeraangifte het individuele btw-identificatienummer, bedoeld in artikel 28tf, aan het bevoegde douanekantoor in de lidstaat van invoer is verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 21a
|
||||
|
||||
|
|
@ -796,7 +824,7 @@ d. particuliere plezierluchtvaart of plezierzeevaart: het gebruik van een luchtv
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Voor de invoer van goederen wordt vrijstelling verleend indien deze invoer geen handelskarakter heeft en deze goederen deel uitmaken van de persoonlijke bagage van reizigers komende uit derde-landen. De vrijstelling wordt verleend voor:
|
||||
Voor de invoer van goederen wordt vrijstelling verleend indien deze invoer geen handelskarakter heeft en deze goederen deel uitmaken van de persoonlijke bagage van reizigers komende uit derdelandsgebieden of derde-landen. De vrijstelling wordt verleend voor:
|
||||
|
||||
a. goederen, niet zijnde goederen bedoeld in de onderdelen b tot en met e, waarvan de totale waarde niet meer dan € 430 per reiziger bedraagt. Voor de toepassing van dit onderdeel wordt de waarde van een afzonderlijk goed niet gesplitst;
|
||||
b. de volgende tabaksproducten per reiziger tot een maximum van:
|
||||
|
|
@ -819,7 +847,7 @@ e. brandstof die zich in het normale reservoir van een voertuig bevindt, alsmede
|
|||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De maximale hoeveelheden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, c en d, worden voor personeel van vervoermiddelen die worden gebruikt in het verkeer tussen de Unie en derde-landen beperkt tot de volgende hoeveelheden:
|
||||
De maximale hoeveelheden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, c en d, worden voor personeel van vervoermiddelen die worden gebruikt in het verkeer tussen de Unie en derdelandsgebieden of derde-landen beperkt tot de volgende hoeveelheden:
|
||||
|
||||
a. voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel b:
|
||||
|
||||
|
|
@ -849,7 +877,7 @@ c. voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel d:
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Op goederen als bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel b , die Nederland binnenkomen uit een derde-land dat deel uitmaakt van het douanegebied van de Unie, bedoeld in artikel 4 van het Douanewetboek van de Unie zijn de volgende bepalingen van toepassing:
|
||||
Op goederen als bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel b , die Nederland binnenkomen uit een derdelandsgebied dat deel uitmaakt van het douanegebied van de Unie, bedoeld in artikel 4 van het Douanewetboek van de Unie zijn de volgende bepalingen van toepassing:
|
||||
|
||||
a. de formaliteiten betreffende het in Nederland brengen zijn dezelfde als zijn voorzien in de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet, ten aanzien van goederen die in het vrije verkeer worden gebracht in de zin van die wettelijke bepalingen;
|
||||
b. indien de plaats van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen zich buiten de lidstaat van binnenkomen in de Unie bevindt, zijn de goederen binnen de Unie in het verkeer onder de regeling intern douanevervoer als bedoeld in artikel 18, vierde lid, indien de goederen bij het binnenkomen in de Unie onder die regeling zijn gebracht;
|
||||
|
|
@ -857,9 +885,9 @@ c. indien op de goederen op het tijdstip van binnenkomen in de Unie een van de d
|
|||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Op goederen, andere dan bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel a , die worden verzonden of vervoerd uit de Unie naar een derde-land dat deel uitmaakt van het douanegebied van de Unie als bedoeld in het eerste lid, aanhef, zijn de volgende bepalingen van toepassing:
|
||||
Op goederen, andere dan bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel a , die worden verzonden of vervoerd uit de Unie naar een derdelandsgebied dat deel uitmaakt van het douanegebied van de Unie als bedoeld in het eerste lid, aanhef, zijn de volgende bepalingen van toepassing:
|
||||
|
||||
a. de formaliteiten betreffende de verzending of het vervoer naar een derde-land zijn dezelfde als zijn voorzien in de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet, ten aanzien van goederen die worden uitgevoerd in de zin van die wettelijke bepalingen;
|
||||
a. de formaliteiten betreffende de verzending of het vervoer naar een derdelandsgebied zijn dezelfde als zijn voorzien in de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet, ten aanzien van goederen die worden uitgevoerd in de zin van die wettelijke bepalingen;
|
||||
b. op goederen die tijdelijk zijn uitgevoerd uit de Unie met het oog op hun wederinvoer zijn de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet, ter zake van de uitvoer van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 23
|
||||
|
|
@ -1067,120 +1095,450 @@ In geval een ondernemer een levering of een dienst verricht die een verwerking o
|
|||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld inzake de toepassing van deze afdeling.
|
||||
|
||||
### Afdeling 7. Regeling voor niet in de Unie gevestigde ondernemers die telecommunicatie diensten, omroepdiensten of elektronische diensten verrichten voor andere dan ondernemers
|
||||
### Afdeling 7. Bijzondere regelingen voor ondernemers die diensten verrichten voor andere dan ondernemers, of goederen op afstand verkopen, of bepaalde goederen binnenlands leveren
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Algemene bepaling
|
||||
|
||||
### Artikel 28q
|
||||
|
||||
In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
Voor de toepassing van deze afdeling en de daarop gebaseerde bepalingen wordt onder btw-melding verstaan de melding waarin alle gegevens staan die nodig zijn om het bedrag van de in elke lidstaat verschuldigde btw vast te stellen.
|
||||
|
||||
a. niet in de Unie gevestigde ondernemer: een ondernemer die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt;
|
||||
b. lidstaat van identificatie: de lidstaat waar de niet in de Unie gevestigde ondernemer zich identificeert teneinde een nummer van registratie te verkrijgen vanwege het begin van zijn activiteit als ondernemer op het grondgebied van de Unie overeenkomstig deze afdeling;
|
||||
c. lidstaat van verbruik: de lidstaat waar overeenkomstig artikel 6h telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten worden verricht;
|
||||
d. melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten: het elektronische bericht waarin alle gegevens staan die nodig zijn om het bedrag te bepalen van de in elke lidstaat van verbruik verschuldigde belasting ter zake van telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten die zijn verricht aan andere dan ondernemers die in de Unie wonen of zijn gevestigd alsmede het bedrag van die belasting.
|
||||
#### Paragraaf 2. Bijzondere regeling voor diensten verricht door niet in de Unie gevestigde ondernemers (niet-Unieregeling)
|
||||
|
||||
### Artikel 28r
|
||||
|
||||
**1.** Een niet in de Unie gevestigde ondernemer die telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten verricht aan anderen dan ondernemers die in de Unie wonen of zijn gevestigd, kan ten aanzien van de heffing van belasting kiezen voor Nederland als lidstaat van identificatie.
|
||||
Voor de toepassing van deze paragraaf en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
**2.** Ingeval de niet in de Unie gevestigde ondernemer kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie, dient hij onverwijld opgave te doen van het begin of de beëindiging van het verrichten van telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten, alsook van wijziging van deze activiteit in die zin dat de in deze afdeling opgenomen regeling niet langer van toepassing is.
|
||||
a. *niet in de Unie gevestigde ondernemer:* een ondernemer die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt;
|
||||
b. *lidstaat van identificatie:* de lidstaat waar de niet in de Unie gevestigde ondernemer verkiest opgave te doen van het begin van zijn activiteit als ondernemer op het grondgebied van de Unie overeenkomstig deze paragraaf;
|
||||
c. *lidstaat van verbruik:* de lidstaat waar de dienst overeenkomstig hoofdstuk II, afdeling 1b, wordt geacht te zijn verricht;
|
||||
d. *niet-Unieregeling:* de bijzondere regeling, bedoeld in deze paragraaf.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
### Artikel 28ra
|
||||
|
||||
De in het tweede lid bedoelde opgave vindt langs elektronische weg bij de inspecteur plaats en bevat de volgende gegevens:
|
||||
Een niet in de Unie gevestigde ondernemer die diensten verricht voor een andere dan ondernemer die in een lidstaat gevestigd is of er zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats heeft, kan gebruik maken van de niet-Unieregeling. Deze niet-Unieregeling is van toepassing op alle aldus in de Unie verrichte diensten.
|
||||
|
||||
a. naam, postadres en elektronische adressen, met inbegrip van websites, van de ondernemer;
|
||||
b. het eventuele belastingnummer dat aan de ondernemer is verstrekt door zijn nationale belastingautoriteit;
|
||||
c. een verklaring dat de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt.
|
||||
### Artikel 28rb
|
||||
|
||||
**4.** Indien degene die heeft gekozen voor Nederland als lidstaat van identificatie niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden voor identificatie, wordt de identificatie door de inspecteur geweigerd respectievelijk beëindigd. De weigering of beëindiging geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
**1.** De niet in de Unie gevestigde ondernemer doet aan de lidstaat van identificatie opgave van het begin en de beëindiging van zijn activiteit als ondernemer, alsook van wijziging ervan in die mate dat hij niet langer aan de voorwaarden voldoet om van de niet-Unieregeling gebruik te mogen maken. Deze opgave gebeurt langs elektronische weg.
|
||||
|
||||
### Artikel 28s
|
||||
**2.** De ondernemer die kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie, doet de opgave, bedoeld in het eerste lid, bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 14 is de niet in de Unie gevestigde ondernemer die met toepassing van artikel 28r voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie, gehouden met betrekking tot de in een tijdvak verschuldigd geworden belasting een melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten bij de inspecteur in te dienen, onder vermelding van het hem toegekende nummer van registratie.
|
||||
|
||||
**2.** Het in het eerste lid bedoelde tijdvak is een kalenderkwartaal. De melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten dient ook te worden ingediend indien in een tijdvak geen telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten zijn verricht.
|
||||
|
||||
**3.** De in het eerste lid bedoelde melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten vindt plaats langs elektronische weg en bevat ten aanzien van elke lidstaat van verbruik waar belasting is verschuldigd, het totale bedrag dat ter zake van de telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten in rekening is gebracht, de omzetbelasting niet daaronder begrepen, alsmede het totale bedrag van de daarover verschuldigde belasting. Voorts worden de in de desbetreffende lidstaten geldende belastingtarieven en het totale verschuldigde bedrag aan belasting vermeld.
|
||||
|
||||
**4.** De in het eerste lid bedoelde melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten wordt gedaan uiterlijk 20 dagen na het einde van het tijdvak waarop die melding betrekking heeft. De ingevolge de melding verschuldigde belasting wordt uiterlijk 20 dagen na het einde van het tijdvak waarop de melding betrekking heeft in euro betaald aan de ontvanger.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de belasting die verschuldigd is over in Nederland verrichte telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten, ongeacht de keuze van lidstaat van identificatie, geheel of gedeeltelijk niet is betaald, kan de inspecteur met overeenkomstige toepassing van artikel 20 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de te weinig geheven belasting naheffen. De artikelen 30h, 30ha, 67c en 67f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** In afwijking van artikel 2 vindt geen aftrek van belasting plaats, maar wordt teruggaaf van belasting verleend overeenkomstig de Dertiende Richtlijn 86/560/EEG van de Raad van 17 november 1986 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting – Regeling voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet op het grondgebied van de Gemeenschap gevestigde belastingplichtigen (PbEG 1986, L 326). Artikel 2, tweede en derde lid, en artikel 4, tweede lid, van deze Richtlijn zijn niet van toepassing op een verzoek om teruggaaf van belasting dat verband houdt met telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten waarop de in deze afdeling opgenomen regeling van toepassing is.
|
||||
|
||||
**7.** De bedragen in de melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten worden uitgedrukt in eurobedragen. Indien de vergoeding voor telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten is uitgedrukt in een andere munteenheid dan de euro wordt, in afwijking van artikel 8, zesde lid, voor de bepaling van de in het derde lid genoemde bedragen de wisselkoers gehanteerd die gold op de laatste dag van de periode waarop de melding betrekking heeft. De omrekening vindt plaats volgens de wisselkoersen die de Europese Centrale Bank voor de desbetreffende dag bekend heeft gemaakt of, als er op de desbetreffende dag geen bekendmaking heeft plaatsgevonden, volgens de wisselkoersen op de eerstvolgende dag van bekendmaking.
|
||||
|
||||
**8.** Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing als ware de betaalde belasting op aangifte voldaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 28t
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 52 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is een niet in de Unie gevestigde ondernemer die telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten verricht aan anderen dan ondernemers die in de Unie wonen of zijn gevestigd, gehouden aantekening te houden van alle handelingen die betrekking hebben op elektronische diensten en waarvan de raadpleging van belang kan zijn voor de vaststelling van feiten welke van invloed kunnen zijn op de heffing van belasting in Nederland en in andere lidstaten van verbruik.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde ondernemer is verplicht boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan – zulks ter keuze van de inspecteur – betreffende telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten te bewaren gedurende tien jaren na afloop van het jaar waarin de dienst is verricht.
|
||||
|
||||
**3.** Desgevraagd dienen de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan langs elektronische weg ter beschikking te worden gesteld aan de inspecteur, aan de ontvanger, of aan de belastingautoriteit van een andere lidstaat van verbruik.
|
||||
|
||||
### Afdeling 8. Regeling voor niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemers die telecommunicatie diensten, omroepdiensten of elektronische diensten verrichten voor andere dan ondernemers
|
||||
|
||||
### Artikel 28u
|
||||
### Artikel 28rc
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
De mededeling die de niet in de Unie gevestigde ondernemer aan de lidstaat van identificatie doet wanneer zijn belastbare activiteiten beginnen, bevat de volgende bijzonderheden:
|
||||
|
||||
a. lidstaat van verbruik: de lidstaat waar overeenkomstig artikel 6h telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten worden verricht;
|
||||
b. niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemers: ondernemers die de zetel van hun bedrijfsuitoefening of een vaste inrichting op het grondgebied van de Unie hebben gevestigd, maar in de lidstaat van verbruik noch de zetel van hun bedrijfsuitoefening, noch een vaste inrichting hebben;
|
||||
c. lidstaat van identificatie: de lidstaat waar de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening heeft gevestigd, of, indien hij de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet in de Unie heeft gevestigd, de lidstaat waar hij een vaste inrichting heeft;
|
||||
d. btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten: het elektronische bericht waarin alle gegevens staan die nodig zijn om het bedrag te bepalen van de in elke lidstaat van verbruik verschuldigde belasting ter zake van telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten die door niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemers zijn verricht aan andere dan ondernemers die in de Unie wonen of zijn gevestigd.
|
||||
a. de naam;
|
||||
b. het postadres;
|
||||
c. de elektronische adressen, met inbegrip van websites;
|
||||
d. in voorkomend geval, het nationale belastingnummer; en
|
||||
e. een verklaring dat de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de ondernemer niet in de Unie is gevestigd, maar daarin meer dan één vaste inrichting heeft, dan is de lidstaat van identificatie de lidstaat waar zich een vaste inrichting bevindt, waarin die ondernemer meldt dat hij van deze regeling gebruik maakt. De ondernemer is gedurende het betreffende kalenderjaar en de twee daaropvolgende kalenderjaren aan deze keuze gebonden.
|
||||
**2.** De niet in de Unie gevestigde ondernemer doet de lidstaat van identificatie mededeling van alle wijzigingen in de verstrekte informatie.
|
||||
|
||||
**3.** De ondernemer die kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie, doet de mededelingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, aan de inspecteur.
|
||||
|
||||
**4.** De ondernemer, bedoeld in het derde lid, wordt opgenomen in het identificatieregister niet-Unieregeling.
|
||||
|
||||
**5.** Indien degene die heeft gekozen voor Nederland als lidstaat van identificatie niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden voor identificatie, wordt de identificatie door de inspecteur geweigerd respectievelijk beëindigd. De weigering of beëindiging geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rd
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de niet-Unieregeling wordt door de lidstaat van identificatie aan de ondernemer een individueel btw-identificatienummer toegekend dat hem langs elektronische weg wordt meegedeeld.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie verkrijgt het individueel btw-identificatienummer, bedoeld in het eerste lid, van de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28re
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De niet in de Unie gevestigde ondernemer wordt door de lidstaat van identificatie verwijderd uit het identificatieregister in de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. indien hij meldt dat hij niet langer diensten verricht die onder de niet-Unieregeling vallen;
|
||||
b. indien anderszins kan worden aangenomen dat zijn aan de niet-Unieregeling onderworpen belastbare activiteiten beëindigd zijn;
|
||||
c. hij vervult niet langer de voorwaarden om van de niet-Unieregeling gebruik te mogen maken;
|
||||
d. hij voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de niet-Unieregeling.
|
||||
|
||||
**2.** De verwijdering, bedoeld in het eerste lid, geschiedt ingeval Nederland de lidstaat van identificatie is, bij voor bezwaar vatbare beschikking van de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rf
|
||||
|
||||
**1.** De niet in de Unie gevestigde ondernemer die van de niet-Unieregeling gebruikmaakt, dient langs elektronische weg bij de lidstaat van identificatie een btw-melding in voor elk kalenderkwartaal, ongeacht of al dan niet onder de niet-Unieregeling vallende diensten zijn verricht. De btw-melding wordt uiterlijk voor het einde van de maand volgend op het verstrijken van het belastingtijdvak waarop de melding betrekking heeft, ingediend.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie dient de in het eerste lid bedoelde btw-melding in bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rg
|
||||
|
||||
**1.** De btw-melding bevat het individueel btw-identificatienummer voor de toepassing van de niet-Unieregeling en, voor elke lidstaat van verbruik waar de btw verschuldigd is, het totale bedrag, de btw niet inbegrepen, van de gedurende het belastingtijdvak verrichte diensten die onder de niet-Unieregeling vallen, en het totale bedrag van de belasting daarover, uitgesplitst naar belastingtarieven. De geldende btw-tarieven en de totale verschuldigde belasting worden eveneens op de btw-melding vermeld.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een reeds ingediende btw-melding naderhand moet worden gewijzigd, worden deze wijzigingen in een volgende btw-melding opgenomen, uiterlijk drie jaren na de datum waarop de oorspronkelijke btw-melding moest worden ingediend overeenkomstig artikel 28rf. In die volgende btw-melding staan de betrokken lidstaat van verbruik, het belastingtijdvak en het btw-bedrag waarvoor wijzigingen nodig zijn, vermeld.
|
||||
|
||||
**3.** Met betrekking tot de in Nederland ingediende btw-melding is Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing als ware de betaalde belasting op aangifte voldaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rh
|
||||
|
||||
**1.** De btw-melding wordt in euro verricht.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de vergoeding voor diensten is uitgedrukt in een andere munteenheid dan de euro hanteert de niet in de Unie gevestigde ondernemer, in afwijking van artikel 8, zesde lid, bij de invulling van de btw-melding de wisselkoers die gold op de laatste dag van het belastingtijdvak. De omwisseling geschiedt volgens de wisselkoersen die de Europese Centrale Bank voor die dag bekend heeft gemaakt of, wanneer die dag geen bekendmaking heeft plaatsgevonden, op de eerstvolgende dag van bekendmaking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28ri
|
||||
|
||||
**1.** De niet in de Unie gevestigde ondernemer voldoet de btw onder verwijzing naar de betreffende btw-melding, zulks op het moment dat de btw-melding wordt ingediend, doch uiterlijk bij het verstrijken van de termijn waarbinnen de btw-melding moet worden ingediend. De belasting wordt overgemaakt naar een door de lidstaat van identificatie opgegeven bankrekening in euro, dan wel naar een bankrekening in hun eigen valuta van lidstaten die de euro niet als munteenheid hebben aangenomen, indien die lidstaten dat eisen.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie voldoet de btw bij de ontvanger.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rj
|
||||
|
||||
De niet in de Unie gevestigde ondernemer die van de niet-Unieregeling gebruikmaakt, past geen aftrek van belasting toe als bedoeld in artikel 168 van BTW-richtlijn 2006. In afwijking van artikel 1, eerste lid, van de Dertiende Richtlijn 86/560/EEG van de Raad van 17 november 1986 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting – Regeling voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet op het grondgebied van de Gemeenschap gevestigde belastingplichtigen (PbEG 1986, L 326) wordt deze ondernemer teruggaaf verleend overeenkomstig die richtlijn. Artikel 2, tweede en derde lid, en artikel 4, tweede lid, van die richtlijn zijn niet van toepassing op de teruggaaf die verband houdt met onder de niet-Unieregeling vallende diensten.
|
||||
|
||||
Indien de ondernemer die van de niet-Unieregeling gebruikmaakt, in een lidstaat moet worden geïdentificeerd voor activiteiten die niet onder de niet-Unieregeling vallen, brengt hij de in die lidstaat betaalde voorbelasting die verband houdt met zijn aan de niet-Unieregeling onderworpen belastbare activiteiten, in aftrek op de overeenkomstig artikel 250 van BTW-richtlijn 2006 in te dienen aangifte.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rk
|
||||
|
||||
Indien de belasting die verschuldigd is over in Nederland verrichte diensten, ongeacht de keuze van lidstaat van identificatie, geheel of gedeeltelijk niet is betaald, kan de inspecteur met toepassing van artikel 20 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de te weinig geheven belasting naheffen. De artikelen 30h, 30ha, 67c en 67f van die wet zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 28rl
|
||||
|
||||
**1.** De niet in de Unie gevestigde ondernemer voert van alle handelingen waarop de niet-Unieregeling van toepassing is, een boekhouding. Deze boekhouding moet voldoende gegevens bevatten om de belastingautoriteiten van de lidstaat van verbruik in staat te stellen de juistheid van de btw-melding te bepalen.
|
||||
|
||||
**2.** Desgevraagd moet de in het eerste lid bedoelde boekhouding langs elektronische weg aan de lidstaat van identificatie en aan de lidstaat van verbruik beschikbaar worden gesteld. De boekhouding wordt bewaard gedurende tien jaar na afloop van het jaar waarin de handeling is verricht.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 3. Bijzondere regeling voor intracommunautaire afstandsverkopen van goederen, voor leveringen van goederen binnen een lidstaat door elektronische interfaces die die leveringen faciliteren, en voor diensten verricht door in de Unie doch niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemers (Unieregeling)
|
||||
|
||||
### Artikel 28s
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van deze paragraaf en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. *niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemer:* een ondernemer die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening of een vaste inrichting op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd, maar in de lidstaat van verbruik noch de zetel van zijn bedrijfsuitoefening, noch een vaste inrichting heeft;
|
||||
b. *lidstaat van identificatie:*
|
||||
|
||||
1°. in het geval de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening in de Unie heeft gevestigd: de lidstaat waar die zetel zich bevindt; of
|
||||
2°. in het geval de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet in de Unie heeft gevestigd: de lidstaat waar hij een vaste inrichting heeft; of
|
||||
3°. in het geval de ondernemer niet in de Unie is gevestigd, maar daarin meer dan één vaste inrichting heeft: de lidstaat waar zich een vaste inrichting bevindt, waarin de ondernemer meldt dat hij van de Unieregeling gebruik maakt. De ondernemer is gedurende het betreffende kalenderjaar en de twee daaropvolgende kalenderjaren aan deze keuze gebonden; of
|
||||
4°. in het geval de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet in de Unie heeft gevestigd en aldaar geen vaste inrichting heeft: de lidstaat waar de verzending of het vervoer van de goederen aanvangt. Indien er meer dan één lidstaat is waar de verzending of het vervoer van de goederen aanvangt, vermeldt de ondernemer welke van deze lidstaten de lidstaat van identificatie is. De ondernemer is gedurende het betreffende kalenderjaar en de twee daaropvolgende kalenderjaren aan deze keuze gebonden;
|
||||
c. *lidstaat van verbruik:*
|
||||
|
||||
1°. in het geval van de verrichting van een dienst: de lidstaat waar de dienst overeenkomstig hoofdstuk II, afdeling 1b, wordt geacht te zijn verricht; of
|
||||
2°. in het geval van een intracommunautaire afstandsverkoop van goederen: de lidstaat van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer; of
|
||||
3°. in het geval van de levering van goederen door een ondernemer die deze levering faciliteert overeenkomstig artikel 3c, tweede lid, indien de verzending of het vervoer van de geleverde goederen in dezelfde lidstaat begint en eindigt: deze lidstaat;
|
||||
d. *Unieregeling:* de bijzondere regeling, bedoeld in deze paragraaf.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sa
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Van de Unieregeling kan worden gebruik gemaakt door:
|
||||
|
||||
a. een ondernemer die intracommunautaire afstandsverkopen van goederen verricht;
|
||||
b. een ondernemer die de levering van goederen faciliteert overeenkomstig artikel 3c, tweede lid, indien het vervoer van de geleverde goederen in dezelfde lidstaat begint en eindigt;
|
||||
c. een niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemer die diensten verricht voor andere dan ondernemers.
|
||||
|
||||
**2.** De Unieregeling is van toepassing op alle door de betrokken ondernemer in de Unie geleverde goederen of verrichte diensten, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sb
|
||||
|
||||
**1.** Een ondernemer doet aan de lidstaat van identificatie opgave van het begin en de beëindiging van zijn onder de Unieregeling vallende activiteiten, alsmede van de wijzigingen ervan waardoor hij niet langer voldoet aan de voorwaarden om van de Unieregeling gebruik te mogen maken. Deze opgave wordt langs elektronische weg verstrekt.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie doet de in het eerste lid bedoelde opgave bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
**3.** De ondernemer wordt bij opgave van het begin van zijn onder de Unieregeling vallende activiteiten opgenomen in het identificatieregister Unieregeling.
|
||||
|
||||
**4.** Indien degene die heeft gekozen voor Nederland als lidstaat van identificatie niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden voor identificatie, wordt de identificatie door de inspecteur geweigerd respectievelijk beëindigd. De weigering of beëindiging geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sc
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemer wordt door de lidstaat van identificatie uitgesloten van de Unieregeling en verwijderd uit het identificatieregister in elk van de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. indien hij meldt dat hij niet langer leveringen van goederen of diensten verricht die onder de Unieregeling vallen;
|
||||
b. indien anderszins kan worden aangenomen dat zijn aan de Unieregeling onderworpen belastbare activiteiten beëindigd zijn;
|
||||
c. hij vervult niet langer de voorwaarden om van de Unieregeling gebruik te mogen maken;
|
||||
d. hij voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de Unieregeling.
|
||||
|
||||
**2.** De uitsluiting bedoeld in het eerste lid geschiedt ingeval Nederland de lidstaat van identificatie is, bij voor bezwaar vatbare beschikking van de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sd
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de Unieregeling gebruikmaakt, dient voor elk kalenderkwartaal langs elektronische weg een btw-melding in bij de lidstaat van identificatie, ongeacht of al dan niet leveringen van goederen of diensten zijn verricht die onder de Unieregeling vallen. De btw-melding wordt vóór het einde van de maand volgend op het verstrijken van het kalenderkwartaal waarop de aangifte betrekking heeft, ingediend.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie dient de in het eerste lid bedoelde btw-melding in bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28se
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De btw-melding bevat het aan de ondernemer toegekende btw-identificatienummer en, voor elke lidstaat van verbruik waar de btw verschuldigd is, het totale bedrag exclusief btw, de toepasselijke btw-tarieven, het totale bedrag van de overeenkomstige belasting, uitgesplitst naar belastingtarieven, en de totale verschuldigde belasting over de volgende gedurende het kalenderkwartaal verrichte leveringen die onder de Unieregeling vallen:
|
||||
|
||||
a. intracommunautaire afstandsverkopen van goederen;
|
||||
b. goederenleveringen overeenkomstig artikel 3c, tweede lid, indien de verzending of het vervoer van die goederen in dezelfde lidstaat begint en eindigt;
|
||||
c. diensten.
|
||||
|
||||
**2.** De btw-melding bevat ook de wijzigingen met betrekking tot voorgaande belastingtijdvakken, bedoeld in het achtste lid.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Wanneer goederen worden verzonden of vervoerd vanuit een andere lidstaat dan de lidstaat van identificatie, bevat de btw-melding ook:
|
||||
|
||||
a. het totale bedrag exclusief btw;
|
||||
b. de toepasselijke btw-tarieven;
|
||||
c. het totale bedrag van de overeenkomstige belasting, uitgesplitst naar belastingtarieven; en
|
||||
d. de totale verschuldigde belasting over de volgende leveringen die onder de Unieregeling vallen, voor elke lidstaat waaruit die goederen zijn verzonden of vervoerd:
|
||||
|
||||
i. intracommunautaire afstandsverkopen van goederen die niet via een ondernemer verlopen overeenkomstig artikel 3c, tweede lid;
|
||||
ii. intracommunautaire afstandsverkopen van goederen en goederenleveringen door een ondernemer overeenkomstig artikel 3c, tweede lid, indien de verzending of het vervoer van de goederen in dezelfde lidstaat begint en eindigt.
|
||||
|
||||
**4.** Met betrekking tot de leveringen, bedoeld in het derde lid, onderdeel d, onder i, bevat de btw-melding ook het individuele btw-identificatienummer of het fiscale registratienummer dat door elk van de desbetreffende lidstaten is toegekend.
|
||||
|
||||
**5.** Met betrekking tot de leveringen, bedoeld in het derde lid, onderdeel d, onder ii, bevat de btw-melding ook het individuele btw-identificatienummer of het fiscale registratienummer dat door elk van de desbetreffende lidstaten is toegekend, indien beschikbaar.
|
||||
|
||||
**6.** De btw-melding bevat de informatie, bedoeld in het derde, vierde en vijfde lid, uitgesplitst naar lidstaat van verbruik.
|
||||
|
||||
**7.**
|
||||
|
||||
Indien de ondernemer die onder de Unieregeling vallende diensten verricht, behalve in de lidstaat van identificatie in een of meer andere lidstaten één of meer vaste inrichtingen heeft van waaruit de diensten worden verricht, bevat de btw-melding, per lidstaat waar hij een vaste inrichting heeft gevestigd en uitgesplitst naar lidstaat van verbruik:
|
||||
|
||||
a. het totale bedrag exclusief btw;
|
||||
b. de toepasselijke btw-tarieven;
|
||||
c. het totale bedrag van de overeenkomstige belasting en de totale verschuldigde belasting over die leveringen; en
|
||||
d. het individueel btw-identificatienummer of het fiscaal registratienummer van de inrichting.
|
||||
|
||||
**8.** Indien een reeds ingediende btw-melding naderhand moet worden gewijzigd, worden deze wijzigingen in een volgende btw-melding opgenomen uiterlijk drie jaar na de datum waarop de oorspronkelijke melding moest worden ingediend overeenkomstig artikel 28sd. In die volgende btw-melding staan de betrokken lidstaat van verbruik, het kalenderkwartaal en het btw-bedrag waarvoor de wijzigingen nodig zijn, vermeld.
|
||||
|
||||
**9.** Met betrekking tot de in Nederland ingediende btw-melding is Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing als ware de betaalde belasting op aangifte voldaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sf
|
||||
|
||||
**1.** De btw-melding wordt in euro verricht.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de goederenleveringen en diensten in een andere munteenheid luiden, hanteert de ondernemer die van de Unieregeling gebruikmaakt, bij het invullen van de btw-melding de wisselkoers die gold op de laatste dag van het belastingtijdvak. De omwisseling geschiedt volgens de wisselkoersen die de Europese Centrale Bank voor die dag bekend heeft gemaakt of, wanneer die dag geen bekendmaking heeft plaatsgevonden, op de eerstvolgende dag van bekendmaking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sg
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die gebruikmaakt van de Unieregeling, betaalt de btw, onder verwijzing naar de betreffende btw-melding, uiterlijk bij het verstrijken van de termijn waarbinnen de btw-melding moet worden ingediend. De btw wordt overgemaakt naar een door de lidstaat van identificatie opgegeven bankrekening in euro, dan wel naar een bankrekening in hun eigen valuta van lidstaten die de euro niet als munteenheid hebben aangenomen, indien die lidstaten dat eisen.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie betaalt de btw bij de ontvanger.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sh
|
||||
|
||||
De ondernemer die van de Unieregeling gebruikmaakt, past met betrekking tot zijn aan de Unieregeling onderworpen belastbare activiteiten, geen aftrek toe als bedoeld in artikel 168 van BTW-richtlijn 2006 voor de betaalde voorbelasting. In afwijking van artikel 2, eerste lid, artikel 3 en artikel 8, eerste lid, onderdeel e, van Richtlijn 2008/9/EG van de Raad van 12 februari 2008 tot vaststelling van nadere voorschriften voor de in Richtlijn 2006/112/EG vastgestelde teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan belastingplichtigen die niet in de lidstaat van teruggaaf maar in een andere lidstaat gevestigd zijn (PbEU 2008, L 44) wordt deze ondernemer teruggaaf verleend overeenkomstig die richtlijn.
|
||||
|
||||
Indien de ondernemer die van de Unieregeling gebruikmaakt, in een lidstaat moet worden geïdentificeerd voor activiteiten die niet onder de Unieregeling vallen, brengt hij de in die lidstaat betaalde voorbelasting die verband houdt met zijn aan de Unieregeling onderworpen belastbare activiteiten, in aftrek op de overeenkomstig artikel 250 van BTW-richtlijn 2006 in te dienen aangifte.
|
||||
|
||||
### Artikel 28si
|
||||
|
||||
Indien de belasting die verschuldigd is over in Nederland verrichte handelingen als bedoeld in deze paragraaf, ongeacht de keuze van de lidstaat van identificatie, geheel of gedeeltelijk niet is betaald, kan de inspecteur met toepassing van artikel 20 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de te weinig geheven belasting naheffen. De artikelen 30h, 30ha, 67c en 67f van die wet zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 28sj
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de Unieregeling gebruikmaakt, voert van alle onder de Unieregeling vallende handelingen een boekhouding. Deze boekhouding moet voldoende gegevens bevatten om de belastingautoriteiten van de lidstaat van verbruik in staat te stellen de juistheid van de btw-melding te bepalen.
|
||||
|
||||
**2.** Desgevraagd moet de in het eerste lid bedoelde boekhouding langs elektronische weg aan de lidstaat van verbruik en aan de lidstaat van identificatie beschikbaar worden gesteld. De boekhouding wordt bewaard gedurende tien jaar na afloop van het jaar waarin de handeling is verricht.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 4. Bijzondere regeling voor afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen (invoerregeling)
|
||||
|
||||
### Artikel 28t
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van deze paragraaf en de daarop gebaseerde bepalingen hebben afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen uitsluitend betrekking op goederen, met uitzondering van accijnsgoederen, in zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan € 150.
|
||||
|
||||
### Artikel 28ta
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van deze paragraaf en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. *niet in de Unie gevestigde ondernemer:* een ondernemer die de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet op het grondgebied van de Unie heeft gevestigd noch daar over een vaste inrichting beschikt;
|
||||
b. *tussenpersoon:* een in de Unie gevestigde persoon die door de ondernemer die afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verricht, is aangewezen als de persoon die gehouden is tot voldoening van de btw en die in naam en voor rekening van de ondernemer de in de invoerregeling vastgestelde verplichtingen moet nakomen;
|
||||
c. *lidstaat van identificatie:*
|
||||
|
||||
1°. wanneer de ondernemer niet in de Unie is gevestigd, de lidstaat waar hij verkiest zich te registreren;
|
||||
2°. wanneer de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet in de Unie heeft gevestigd maar daar wel één of meer vaste inrichtingen heeft, de lidstaat met een vaste inrichting waar de ondernemer meldt dat hij van de invoerregeling gebruik zal maken;
|
||||
3°. wanneer de ondernemer de zetel van zijn bedrijfsuitoefening in een lidstaat heeft gevestigd, deze lidstaat;
|
||||
4°. wanneer de tussenpersoon de zetel van zijn bedrijfsuitoefening in een lidstaat heeft gevestigd, deze lidstaat;
|
||||
5°. wanneer de tussenpersoon de zetel van zijn bedrijfsuitoefening niet in de Unie heeft gevestigd, maar daar wel één of meer vaste inrichtingen heeft, de lidstaat met een vaste inrichting waar de tussenpersoon meldt dat hij van de invoerregeling gebruik zal maken;
|
||||
d. *lidstaat van verbruik:* de lidstaat van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer;
|
||||
e. *invoerregeling:* de bijzondere regeling, bedoeld in deze paragraaf.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel c, onder 2° en 5°, is de ondernemer of tussenpersoon wanneer hij meer dan één vaste inrichting in de Unie heeft, gebonden door zijn beslissing betreffende de aanwijzing van de lidstaat van vestiging gedurende het betreffende kalenderjaar en de twee daaropvolgende jaren.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tb
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De volgende ondernemers die afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verrichten kunnen gebruik maken van de invoerregeling:
|
||||
|
||||
a. elke in de Unie gevestigde ondernemer die afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verricht;
|
||||
b. elke al dan niet in de Unie gevestigde ondernemer die afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verricht, en die door een in de Unie gevestigde tussenpersoon is vertegenwoordigd;
|
||||
c. elke ondernemer die gevestigd is in een derde-land waarmee de Unie een overeenkomst betreffende wederzijds bijstand heeft gesloten waarvan het toepassingsgebied vergelijkbaar is met Richtlijn 2010/24/EU van de Raad van 16 maart 2010 betreffende de wederzijdse bijstand inzake de invordering van schuldvorderingen die voortvloeien uit belastingen, rechten en andere maatregelen (PbEU 2010, L 84) en Verordening (EU) nr. 904/2010 van de Raad van 7 oktober 2010 betreffende de administratieve samenwerking en de bestrijding van fraude op het gebied van de belasting over de toegevoegde waarde (PbEU 2010, L 268), en die afstandsverkopen van goederen vanuit dat derde-land verricht.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemers passen de invoerregeling toe op al hun afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, kan een ondernemer slechts één tussenpersoon tegelijk aanwijzen.
|
||||
|
||||
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, ter verzekering van de heffing en de invordering, regels worden gesteld met betrekking tot de tussenpersoon.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tc
|
||||
|
||||
**1.** Voor afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen waarvan de btw-melding wordt gedaan in het kader van de invoerregeling, vindt het belastbare feit plaats en wordt de belasting verschuldigd op het tijdstip van levering.
|
||||
|
||||
**2.** De goederen worden geacht te zijn geleverd op het tijdstip waarop de betaling is aanvaard.
|
||||
|
||||
### Artikel 28td
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de invoerregeling gebruik maakt, of een voor zijn rekening handelende tussenpersoon, doet aan de lidstaat van identificatie opgave van het begin en de beëindiging van zijn activiteit in het kader van de invoerregeling, alsmede van de wijzigingen ervan waardoor hij niet langer voldoet aan de voorwaarden om van de invoerregeling gebruik te mogen maken. Deze informatie wordt langs elektronische weg verstrekt.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer de ondernemer kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie doet hij of zijn tussenpersoon de in het eerste lid bedoelde opgave bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
**3.** De ondernemer en de tussenpersoon bedoeld in het tweede lid worden opgenomen in het identificatieregister invoerregeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 28te
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De mededeling die de ondernemer die geen beroep doet op een tussenpersoon, aan de lidstaat van identificatie doet voordat hij van de invoerregeling gebruik begint te maken, bevat de volgende bijzonderheden:
|
||||
|
||||
a. de naam;
|
||||
b. het postadres;
|
||||
c. het elektronisch adres, met inbegrip van websites;
|
||||
d. het btw-identificatienummer of nationaal belastingnummer.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De mededeling die de tussenpersoon aan de lidstaat van identificatie doet voordat hij van de invoerregeling gebruik begint te maken voor rekening van een ondernemer, bevat de volgende bijzonderheden:
|
||||
|
||||
a. de naam;
|
||||
b. het postadres;
|
||||
c. het elektronisch adres;
|
||||
d. het btw-identificatienummer.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De informatie die de tussenpersoon moet verstrekken aan de lidstaat van identificatie voor elke ondernemer die hij vertegenwoordigt voordat die ondernemer van de invoerregeling gebruik begint te maken, dient de volgende gegevens te bevatten:
|
||||
|
||||
a. de naam;
|
||||
b. het postadres;
|
||||
c. het elektronisch adres, met inbegrip van websites;
|
||||
d. het btw-identificatienummer of nationaal belastingnummer;
|
||||
e. het individuele identificatienummer, bedoeld in artikel 28tf, tweede lid.
|
||||
|
||||
**4.** Een ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt of, in voorkomend geval, zijn tussenpersoon doet de lidstaat van identificatie mededeling van alle wijzigingen in de verstrekte informatie. Voor Nederland als lidstaat van identificatie wordt deze mededeling gedaan aan de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tf
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die gebruikmaakt van de invoerregeling wordt voor de toepassing van de invoerregeling een individueel btw-identificatienummer toegekend door de lidstaat van identificatie die hem dit nummer langs elektronische weg meedeelt.
|
||||
|
||||
**2.** Een tussenpersoon wordt door de lidstaat van identificatie een individueel identificatienummer toegekend dat hem door die lidstaat langs elektronische weg wordt meegedeeld.
|
||||
|
||||
**3.** De tussenpersoon wordt door de lidstaat van identificatie een individueel btw-identificatienummer toegekend voor de toepassing van de invoerregeling ten aanzien van iedere ondernemer waarvoor hij is aangesteld.
|
||||
|
||||
**4.** Het btw-identificatienummer, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, wordt uitsluitend gebruikt voor de toepassing van de invoerregeling.
|
||||
|
||||
**5.** De ondernemer of tussenpersoon die kiest voor Nederland als lidstaat van identificatie verkrijgt de btw-identificatienummers, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, van de inspecteur.
|
||||
|
||||
**6.** Indien degene die heeft gekozen voor Nederland als lidstaat van identificatie niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden voor identificatie, wordt de identificatie door de inspecteur geweigerd respectievelijk beëindigd. De weigering of beëindiging geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tg
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De niet van een tussenpersoon gebruikmakende ondernemer wordt door de lidstaat van identificatie uit het identificatieregister invoerregeling verwijderd in de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. de ondernemer deelt de lidstaat van identificatie mee dat hij niet langer afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verricht;
|
||||
b. er kan anderszins worden aangenomen dat zijn belastbare activiteiten betreffende afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen, beëindigd zijn;
|
||||
c. hij vervult niet langer de voorwaarden om van de invoerregeling gebruik te mogen maken;
|
||||
d. hij voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de invoerregeling.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De tussenpersoon wordt door de lidstaat van identificatie verwijderd uit het identificatieregister invoerregeling in de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. hij heeft gedurende twee opeenvolgende kalenderkwartalen niet gehandeld als tussenpersoon voor rekening van een ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt;
|
||||
b. hij vervult niet langer de andere voorwaarden om als tussenpersoon te kunnen optreden;
|
||||
c. hij voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de invoerregeling.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De door een tussenpersoon vertegenwoordigde ondernemer wordt door de lidstaat van identificatie verwijderd uit het identificatieregister invoerregeling in de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. de tussenpersoon deelt de lidstaat van identificatie mee dat deze ondernemer niet langer afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen verricht;
|
||||
b. er kan anderszins worden aangenomen dat de belastbare activiteiten van deze ondernemer betreffende afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen, beëindigd zijn;
|
||||
c. de ondernemer vervult niet langer de voorwaarden om van de invoerregeling gebruik te mogen maken;
|
||||
d. de ondernemer voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de invoerregeling;
|
||||
e. de tussenpersoon deelt de lidstaat van identificatie mee dat hij deze ondernemer niet langer vertegenwoordigt.
|
||||
|
||||
**4.** De verwijdering bedoeld in de voorgaande leden geschiedt ingeval Nederland de lidstaat van identificatie is bij voor bezwaar vatbare beschikking van de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28th
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de invoerregeling gebruik maakt, of zijn tussenpersoon dient langs elektronische weg bij de lidstaat van identificatie een btw-melding in voor elke kalendermaand, ongeacht of al dan niet afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen zijn verricht. De btw-melding wordt uiterlijk ingediend voor het einde van de kalendermaand volgend op het verstrijken van het belastingtijdvak waarop de melding betrekking heeft.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer de ondernemer voor Nederland als lidstaat van identificatie heeft gekozen dient hij of zijn tussenpersoon de in het eerste lid bedoelde btw-melding in bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
### Artikel 28ti
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De btw-melding bevat het btw-identificatienummer, bedoeld in artikel 28tf, van de ondernemer en in voorkomend geval van zijn tussenpersoon en, voor elke lidstaat van verbruik waar de btw verschuldigd is:
|
||||
|
||||
a. het totale bedrag, de btw niet inbegrepen, van de afstandsverkopen van uit derdelandsgebieden of derde-landen ingevoerde goederen waarvoor de btw gedurende het belastingtijdvak verschuldigd is geworden;
|
||||
b. het totale bedrag van de btw daarover, uitgesplitst naar belastingtarieven; en
|
||||
c. de geldende btw-tarieven en de totale verschuldigde belasting.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een reeds ingediende btw-melding naderhand moet worden gewijzigd, worden deze wijzigingen uiterlijk drie jaren na de datum waarop de oorspronkelijke btw-melding overeenkomstig artikel 28th moest worden ingediend in een volgende btw-melding opgenomen. In die volgende btw-melding staan de betrokken lidstaat van verbruik, het belastingtijdvak en het btw-bedrag waarvoor wijzigingen nodig zijn, vermeld.
|
||||
|
||||
**3.** Met betrekking tot de in Nederland ingediende btw-melding is Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing als ware de betaalde belasting op aangifte voldaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tj
|
||||
|
||||
**1.** De btw-melding wordt in euro verricht.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de leveringen in een andere munteenheid luiden, hanteert de ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt, of zijn tussenpersoon, bij het invullen van de btw-melding de wisselkoers die gold op de laatste dag van de desbetreffende kalendermaand. De omwisseling geschiedt volgens de wisselkoersen die de Europese Centrale Bank voor die dag bekend heeft gemaakt of, wanneer die dag geen bekendmaking heeft plaatsgevonden, op de eerstvolgende dag van bekendmaking.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tk
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt, of zijn tussenpersoon, voldoet de btw onder verwijzing naar de betreffende btw-melding, uiterlijk bij het verstrijken van het moment waarop de btw-melding moet worden ingediend. De belasting wordt overgemaakt naar een door de lidstaat van identificatie opgegeven bankrekening in euro, dan wel naar een bankrekening in hun eigen valuta van lidstaten die de euro niet als munteenheid hebben aangenomen, indien die lidstaten dat eisen.
|
||||
|
||||
**2.** De ondernemer die voor Nederland heeft gekozen als lidstaat van identificatie voldoet de btw bij de ontvanger.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tl
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de invoerregeling gebruik maakt, past met betrekking tot de voorbelasting die verband houdt met zijn aan de invoerregeling onderworpen belastbare activiteiten geen btw-aftrek toe in de lidstaten van verbruik overeenkomstig artikel 168 van BTW-richtlijn 2006. In afwijking van artikel 1, onderdeel 1, van de Dertiende Richtlijn 86/560/EEG van de Raad van 17 november 1986 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting – Regeling voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet op het grondgebied van de Gemeenschap gevestigde belastingplichtigen (PbEG 1986, L 326) en artikel 2, eerste lid, en artikel 3 van Richtlijn 2008/9/EG van de Raad van 12 februari 2008 tot vaststelling van nadere voorschriften voor de in Richtlijn 2006/112/EG vastgestelde teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan belastingplichtigen die niet in de lidstaat van teruggaaf maar in een andere lidstaat gevestigd zijn (PbEU 2008, L 44) wordt deze ondernemer teruggaaf verleend overeenkomstig die richtlijnen. Artikel 2, tweede en derde lid, en artikel 4, tweede lid, van genoemde Richtlijn 86/560/EEG zijn niet van toepassing op de teruggaaf die verband houdt met onder de invoerregeling vallende goederen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt, in een lidstaat moet worden geïdentificeerd voor activiteiten die niet onder de invoerregeling vallen, brengt hij de in die lidstaat betaalde voorbelasting die verband houdt met zijn aan de invoerregeling onderworpen belastbare activiteiten, in aftrek op de overeenkomstig artikel 250 van BTW-richtlijn 2006 in te dienen aangifte.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tm
|
||||
|
||||
Indien de belasting die verschuldigd is over in Nederland geleverde goederen als bedoeld in deze paragraaf, ongeacht de keuze van de lidstaat van identificatie, geheel of gedeeltelijk niet is betaald, kan de inspecteur met toepassing van artikel 20 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de te weinig geheven belasting naheffen. De artikelen 30h, 30ha, 67c en 67f van die wet zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 28tn
|
||||
|
||||
**1.** De ondernemer die van de invoerregeling gebruikmaakt, voert van alle onder de invoerregeling vallende handelingen een boekhouding. Een tussenpersoon voert voor alle door hem vertegenwoordigde ondernemers een boekhouding. Deze boekhouding moet voldoende gegevens bevatten om de belastingautoriteiten van de lidstaat van verbruik in staat te stellen de juistheid van de aangifte te bepalen.
|
||||
|
||||
**2.** Desgevraagd moet de boekhouding, bedoeld in het eerste lid, langs elektronische weg aan de lidstaat van verbruik en aan de lidstaat van identificatie beschikbaar worden gesteld. De boekhouding wordt bewaard gedurende tien jaren na afloop van het jaar waarin de handeling is verricht.
|
||||
|
||||
### Afdeling 8. Bijzondere regeling voor de aangifte en de betaling van belasting bij invoer (regeling post- en koeriersdiensten)
|
||||
|
||||
### Artikel 28u
|
||||
|
||||
Indien voor de invoer van goederen, met uitzondering van accijnsgoederen, in zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan € 150 geen gebruik wordt gemaakt van de invoerregeling, bedoeld in afdeling 7, paragraaf 4, kan de persoon die voor de goederen voor het plaatsen onder de regeling in het vrije verkeer brengen in Nederland een douaneaangifte doet voor rekening van de persoon voor wie de goederen bestemd zijn, gebruikmaken van de regeling post- en koeriersdiensten met betrekking tot goederen waarvan de verzending of het vervoer in Nederland wordt beëindigd.
|
||||
|
||||
### Artikel 28v
|
||||
|
||||
**1.** Een niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer die telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten verricht aan andere dan ondernemers die in een lidstaat gevestigd zijn of er hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats hebben, kan gebruik maken van deze regeling. Deze regeling is van toepassing op alle aldus in de Unie verrichte diensten.
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de regeling post- en koeriersdiensten wordt de belasting bij invoer overeenkomstig artikel 22, eerste lid, geheven van de persoon die de douaneaangifte doet voor het plaatsen van de goederen onder de regeling in het vrije verkeer brengen in Nederland, met dien verstande dat voor de toepassing van deze regeling geen zekerheid behoeft te worden gesteld voor de verschuldigde omzetbelasting wanneer uitstel van betaling als bedoeld in artikel 110 van het Douanewetboek van de Unie wordt verleend.
|
||||
|
||||
**2.** Ingeval de niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer kiest voor deze regeling, dient hij onverwijld opgave te doen van het begin of de beëindiging van het verrichten van telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten, alsook van wijziging ervan in die mate dat hij niet langer aan de voorwaarden voldoet om van deze regeling gebruik te mogen maken.
|
||||
|
||||
**3.** De in het tweede lid bedoelde opgave vindt langs elektronische weg bij de inspecteur plaats.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer wordt van deze regeling uitgesloten in elk van de volgende gevallen:
|
||||
|
||||
a. hij meldt dat hij niet langer telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten verricht;
|
||||
b. anderszins kan worden aangenomen dat zijn aan deze regeling onderworpen belastbare activiteiten beëindigd zijn;
|
||||
c. hij vervult niet langer de voorwaarden om van de regeling gebruik te mogen maken;
|
||||
d. hij voldoet bij voortduring niet aan de voorschriften van de bijzondere regeling.
|
||||
|
||||
**5.** De in het vierde lid bedoelde uitsluiting van deze regeling geschiedt bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
**2.** De persoon voor wie de goederen bestemd zijn, is gehouden tot betaling van de omzetbelasting die de persoon, bedoeld in het eerste lid, bij hem in rekening brengt, voor zover deze belasting door die laatste is verschuldigd ingevolge dat eerste lid. Deze persoon neemt passende maatregelen om te garanderen dat het juiste bedrag aan belastingen wordt betaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 28w
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 14 is de niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer, die met toepassing van artikel 28v heeft gekozen voor deze regeling, gehouden een btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten bij de inspecteur in te dienen, onder vermelding van het hem toegekende btw-identificatienummer.
|
||||
**1.** De personen die gebruikmaken van de regeling post- en koeriersdiensten houden van alle onder de regeling post- en koeriersdiensten vallende handelingen een boekhouding bij. Deze boekhouding moet voldoende gegevens bevatten voor de inspecteur om de juistheid van de aangegeven belasting te beoordelen.
|
||||
|
||||
**2.** Het in het eerste lid bedoelde tijdvak is een kalenderkwartaal. De btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten dient ook te worden ingediend indien in een tijdvak geen telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten zijn verricht.
|
||||
|
||||
**3.** De in het eerste lid bedoelde btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten vindt plaats langs elektronische weg en bevat ten aanzien van elke lidstaat van verbruik waar belasting is verschuldigd, het totale bedrag dat ter zake van telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten in rekening is gebracht, de omzetbelasting niet daaronder begrepen, alsmede het totale bedrag van de daarover verschuldigde belasting. Voorts worden de in de desbetreffende lidstaten geldende belastingtarieven en het totale verschuldigde bedrag aan belasting vermeld.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer behalve in Nederland in een andere lidstaat een of meer vaste inrichtingen heeft van waaruit de diensten worden verricht, bevat de btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten, per lidstaat waar hij een vaste inrichting heeft gevestigd en uitgesplitst naar lidstaat van verbruik, naast de in het derde lid bedoelde gegevens, tevens het totale bedrag van de gedurende het belastingtijdvak verrichte telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten die onder deze regeling vallen, alsmede het hem toegekende btw-identificatienummer of het fiscaal registratienummer van de vaste inrichting.
|
||||
|
||||
**5.** De in het eerste lid bedoelde btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten wordt gedaan uiterlijk 20 dagen na het einde van het tijdvak waarop die melding betrekking heeft. De ingevolge de btw-melding verschuldigde belasting wordt uiterlijk 20 dagen na het einde van het tijdvak waarop de melding betrekking heeft in euro betaald aan de ontvanger.
|
||||
|
||||
**6.** Indien de belasting die verschuldigd is over in Nederland verrichte telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten, ongeacht de keuze van lidstaat van identificatie, geheel of gedeeltelijk niet is betaald, kan de inspecteur met overeenkomstige toepassing van artikel 20 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de te weinig geheven belasting naheffen. De artikelen 30h, 30ha, 67c en 67f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**7.** De niet in de lidstaat van verbruik maar in Nederland gevestigde ondernemer die van deze regeling gebruik maakt, past met betrekking tot de voorbelasting die verband houdt met aan deze regeling onderworpen activiteiten geen aftrek van belasting uit hoofde van artikel 2 toe. Niettegenstaande artikel 2, lid 1, en artikel 3 van Richtlijn 2008/9/EG van de Raad van 12 februari 2008 tot vaststelling van nadere voorschriften voor de in Richtlijn 2006/112/EG vastgestelde teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan belastingplichtigen die niet in de lidstaat van teruggaaf maar in een andere lidstaat gevestigd zijn (PbEU 2008, L 44) kan deze ondernemer daarvoor teruggaaf worden verleend overeenkomstig die richtlijn. Indien de niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemer die van deze bijzondere regeling gebruik maakt, in de lidstaat van verbruik ook niet aan deze regeling onderworpen activiteiten verricht waarvoor hij voor btw-doeleinden geïdentificeerd moet zijn, kan hij de voorbelasting die verband houdt met de aan deze bijzondere regeling onderworpen activiteiten bij de indiening van de in artikel 14 bedoelde aangifte in aftrek brengen.
|
||||
|
||||
**8.** De bedragen in de btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten worden uitgedrukt in eurobedragen. Indien de vergoeding voor telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten is uitgedrukt in een andere munteenheid dan de euro wordt, in afwijking van artikel 8, zesde lid, voor de bepaling van de in het derde lid en vierde lid genoemde bedragen de wisselkoers gehanteerd die gold op de laatste dag van de periode waarop de btw-melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten betrekking heeft. De omrekening vindt plaats volgens de wisselkoersen die de Europese Centrale Bank voor de desbetreffende dag bekend heeft gemaakt of, als er op de desbetreffende dag geen bekendmaking heeft plaatsgevonden, volgens de wisselkoersen op de eerstvolgende dag van bekendmaking.
|
||||
|
||||
**9.** Hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing als ware de betaalde belasting op aangifte voldaan.
|
||||
**2.** Desgevraagd moet de boekhouding, bedoeld in het eerste lid, langs elektronische weg aan de inspecteur beschikbaar worden gesteld. De boekhouding wordt bewaard gedurende tien jaren na afloop van het kalenderjaar waarin de aangiften zijn gedaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 28x
|
||||
|
||||
**1.** Een niet in de lidstaat van verbruik gevestigde ondernemer die telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten verricht aan anderen dan ondernemers die in de Unie wonen of zijn gevestigd, is gehouden aantekening te houden van alle handelingen die betrekking hebben op telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten en waarvan de raadpleging van belang kan zijn voor de vaststelling van feiten die van invloed kunnen zijn op de heffing van belasting in Nederland en in andere lidstaten van verbruik.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde ondernemer is verplicht boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan – zulks ter keuze van de inspecteur – betreffende telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten te bewaren gedurende tien jaren na afloop van het jaar waarin de dienst is verricht.
|
||||
|
||||
**3.** Desgevraagd dienen de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan langs elektronische weg ter beschikking te worden gesteld aan de inspecteur, aan de ontvanger, of aan de belastingautoriteit van een andere lidstaat van verbruik.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Afdeling 9. Regeling voor vis
|
||||
|
||||
|
|
@ -1303,7 +1661,7 @@ Onverminderd het bepaalde in artikel 8, eerste en tweede lid, is de maatstaf van
|
|||
|
||||
**2.** Op verzoek wordt naar evenredigheid teruggaaf verleend van de belasting ter zake van intracommunautaire verwerving van accijnsgoederen in de gevallen waarin na het tijdstip waarop die intracommunautaire verwerving van accijnsgoederen is verricht de in de lidstaat van vertrek van de verzending of het vervoer van die goederen voldane accijns door de afnemer is terugontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** Op verzoek wordt teruggaaf verleend van de belasting ter zake van invoer van goederen door een rechtspersoon, andere dan ondernemer, welke goederen zijn verzonden of vervoerd uit een derde-land met als bestemming een andere lidstaat, indien belanghebbende aantoont dat in die andere lidstaat ter zake van intracommunautaire verwerving van die goederen belasting is geheven.
|
||||
**3.** Op verzoek wordt teruggaaf verleend van de belasting ter zake van invoer van goederen door een rechtspersoon, andere dan ondernemer, welke goederen zijn verzonden of vervoerd uit een derdelandsgebied of derde-land met als bestemming een andere lidstaat, indien belanghebbende aantoont dat in die andere lidstaat ter zake van intracommunautaire verwerving van die goederen belasting is geheven.
|
||||
|
||||
### Artikel 31
|
||||
|
||||
|
|
@ -1611,6 +1969,12 @@ d. een register bij te houden van de goederen die aan hem in het kader van de re
|
|||
|
||||
**4.** De ondernemer die goederen levert met toepassing van artikel 28b, 28c of 28d, is tevens gehouden, met inachtneming van bij ministeriële regeling te stellen regels, afzonderlijk aantekening te houden van de met toepassing van de onderscheiden artikelen geleverde goederen, alsmede van de invoer en van de leveringen daarvan aan hem.
|
||||
|
||||
**5.** Indien een ondernemer, via het gebruik van een elektronische interface, zoals een marktplaats, platform, portaal of soortgelijk middel, de levering van goederen of diensten aan een andere dan ondernemer binnen de Unie, overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk II, afdelingen 1a en 1b, faciliteert, wordt de ondernemer die de levering faciliteert, verplicht een boekhouding van die leveringen bij te houden. Deze boekhouding bevat voldoende gegevens om de belastingautoriteiten van de lidstaat waarin deze goederenleveringen of diensten belastbaar zijn, in staat te stellen de juistheid van de aangifte te bepalen.
|
||||
|
||||
**6.** Op verzoek moet de boekhouding, bedoeld in het vijfde lid, langs elektronische weg aan de betrokken lidstaten beschikbaar worden gesteld.
|
||||
|
||||
**7.** De boekhouding, bedoeld in het vijfde lid, wordt bewaard gedurende tien jaren na afloop van het jaar waarin de handeling is verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 34a
|
||||
|
||||
De ondernemer is verplicht boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan – zulks ter keuze van de inspecteur – betreffende onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen gedurende negen jaren, volgende op het jaar waarin hij het goed is gaan gebruiken, te bewaren.
|
||||
|
|
@ -1627,7 +1991,7 @@ a. de regels die van toepassing zijn in de lidstaat waar de leverancier of diens
|
|||
|
||||
1°. de leverancier of dienstverrichter die niet gevestigd is in de lidstaat waar de goederenlevering of de dienst overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk II van deze wet geacht wordt te zijn verricht, of zijn inrichting in die lidstaat niet betrokken is bij het verrichten van de goederenlevering of de dienst in de zin van artikel 192bis, onder b, van de BTW-richtlijn 2006, en de tot voldoening van de belasting gehouden persoon degene is voor wie de goederenlevering of de dienst wordt verricht, tenzij de afnemer zelf de factuur uitreikt («self-billing»);
|
||||
2°. de goederenlevering of de dienst overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk II van deze wet, niet geacht wordt in de Unie te zijn verricht; of
|
||||
b. de regels die van toepassing zijn in de lidstaat waar de leverancier of de dienstverrichter die gebruikmaakt van een van de regelingen, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 7 en 8, is geïdentificeerd.
|
||||
b. de regels die van toepassing zijn in de lidstaat waar de leverancier of de dienstverrichter die gebruikmaakt van een van de regelingen, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 7, is geïdentificeerd.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste en het tweede lid zijn van toepassing onverminderd het bepaalde in artikel 52 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 35c.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1638,7 +2002,7 @@ b. de regels die van toepassing zijn in de lidstaat waar de leverancier of de di
|
|||
Iedere ondernemer zorgt ervoor dat door hemzelf dan wel, in zijn naam en voor zijn rekening, door zijn afnemer of een derde, in de volgende gevallen een factuur wordt uitgereikt ter zake van:
|
||||
|
||||
a. de goederenleveringen of diensten die hij heeft verricht voor een andere ondernemer of een rechtspersoon, andere dan ondernemer;
|
||||
b. de goederenleveringen, bedoeld in artikel 5a, eerste lid;
|
||||
b. de goederenleveringen, bedoeld in artikel 5a, eerste lid, onderdeel a, behalve wanneer een ondernemer gebruik maakt van de Unieregeling, bedoeld in hoofdstuk V, afdeling 7, paragraaf 3;
|
||||
c. de goederenleveringen, bedoeld in de bij deze wet behorende tabel II, onderdeel a, post 6;
|
||||
d. de vooruitbetalingen die aan hem worden gedaan voordat een van de in de onderdelen a en b bedoelde goederenleveringen is verricht;
|
||||
e. de vooruitbetalingen die door een andere ondernemer of een rechtspersoon, andere dan ondernemer, aan hem worden gedaan voordat de dienst is verricht.
|
||||
|
|
@ -1816,9 +2180,9 @@ b. andere in het kader van de wet passende nadere regels worden gesteld ter aanv
|
|||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
||||
**1.** Indien de ondernemer de in artikel 28s, eerste lid, bedoelde melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten of de in artikel 37a bedoelde lijst niet of niet tijdig heeft ingediend, dan wel een onvolledige of een onjuiste lijst of melding telecommunicatiediensten, omroepdiensten of elektronische diensten heeft ingediend, vormt dat een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 5.514 kan opleggen.
|
||||
**1.** Indien de ondernemer een btw-melding als bedoeld in artikel 28q die hij in Nederland moet doen of de lijst, bedoeld in artikel 37a, niet of niet tijdig heeft ingediend, dan wel een onvolledige of onjuiste btw-melding of lijst heeft ingediend, vormt dat een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 5.514 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot het opleggen van de in het eerste lid bedoelde boete vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, door het verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de in artikel 28s, eerste lid, of artikel 37a, eerste lid, genoemde verplichting is ontstaan.
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot het opleggen van de in het eerste lid bedoelde boete vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, door het verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de in artikel 28q of artikel 37a, eerste lid, genoemde verplichting is ontstaan.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het eerste lid.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue