2018-01-01 | BWBR0008657 | Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
This commit is contained in:
parent
8dd5c748a1
commit
efa3ee75ef
1 changed files with 22 additions and 50 deletions
|
|
@ -396,7 +396,7 @@ De jonggehandicapte heeft op aanvraag recht op arbeidsondersteuning op grond van
|
|||
a. hij sinds de dag waarop hij jonggehandicapte werd niet in staat is gebleven meer dan 75% van het maatmaninkomen te verdienen;
|
||||
b. op hem geen uitsluitingsgrond als bedoeld in artikel 2:11 van toepassing is;
|
||||
c. hij de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt;
|
||||
d. hij de aanvraag, bedoeld in de aanhef, heeft ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de Wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 580).
|
||||
d. hij de aanvraag, bedoeld in de aanhef, heeft ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de Wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 2009, 580).
|
||||
|
||||
**2.** Het recht op arbeidsondersteuning op grond van dit hoofdstuk ontstaat op de dag dat aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, wordt voldaan doch niet eerder dan zestien weken na de dag waarop de aanvraag om het recht op arbeidsondersteuning, bedoeld in dit artikel, werd ingediend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -510,7 +510,7 @@ b. binnen drie jaar na de aanvang van de arbeid als zelfstandige is ontstaan, in
|
|||
De onbeloonde werkzaamheden op een proefplaats als bedoeld in het eerste lid zijn:
|
||||
|
||||
a. werkzaamheden, waartoe de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, met zijn krachten en bekwaamheden in staat is;
|
||||
b. werkzaamheden, waarbij de werkgever, bij wie de proefplaatsing geschiedt, een aansprakelijkheids- en ongevallenverzekering ten behoeve van de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, heeft afgesloten;
|
||||
b. werkzaamheden, waarbij de werkgever, bij wie de proefplaatsing geschiedt, een aansprakelijkheidsverzekering ten behoeve van de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, heeft afgesloten;
|
||||
c. werkzaamheden, die de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, niet reeds eerder onbeloond op een proefplaats bij die werkgever of diens rechtsvoorganger heeft verricht; en
|
||||
d. werkzaamheden, waarbij er, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, een reeël uitzicht is op een op de onbeloonde werkzaamheden aansluitende dienstbetrekking van dezelfde of grotere omvang voor ten minste 6 maanden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -520,43 +520,15 @@ d. werkzaamheden, waarbij er, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werk
|
|||
|
||||
### Artikel 2:25
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan op aanvraag loonsuppletie verstrekken aan de ingezetene:
|
||||
|
||||
a. die zeventien jaar is;
|
||||
b. die niet meer dan 75% van het maatmaninkomen kan verdienen;
|
||||
c. die arbeid in dienstbetrekking aanvaardt of verricht; en
|
||||
d. wiens loon lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
|
||||
**2.** De loonsuppletie wordt verstrekt over perioden waarin loon uit dienstbetrekking wordt ontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** Als perioden waarin loon uit dienstbetrekking wordt ontvangen als bedoeld in het tweede lid worden eveneens aangemerkt, perioden waarin een uitkering op grond van de Ziektewet of op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg wordt ontvangen, tenzij de dienstbetrekking is geëindigd.
|
||||
|
||||
**4.** De loonsuppletie wordt voor de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake premieheffing aangemerkt als een uitkering op grond van deze wet.
|
||||
|
||||
**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de hoogte van de loonsuppletie.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 2:26
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan op aanvraag inkomenssuppletie verstrekken aan de ingezetene:
|
||||
|
||||
a. die zeventien jaar is;
|
||||
b. die niet meer dan 75% van het maatmaninkomen kan verdienen;
|
||||
c. die arbeid als zelfstandige verricht of gaat verrichten; en
|
||||
d. wiens inkomen uit het bedrijf of beroep lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
|
||||
**2.** De inkomenssuppletie wordt verstrekt over perioden waarin het bedrijf of beroep wordt uitgeoefend.
|
||||
|
||||
**3.** De inkomenssuppletie wordt voor de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake premieheffing aangemerkt als een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
|
||||
|
||||
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de hoogte van de inkomenssuppletie.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 2:27
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie, bedoeld in artikel 2:25, van inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 2:26, de termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede omtrent de rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en met betrekking tot de aanvraag van voorzieningen, bedoeld in de artikelen 2:22 en 2:23 en van toestemming als bedoeld in artikel 2:24.
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van voorzieningen, bedoeld in de artikelen 2:22 en 2:23 en van toestemming als bedoeld in artikel 2:24.
|
||||
|
||||
### Artikel 2:28
|
||||
|
||||
|
|
@ -669,13 +641,13 @@ g. geen eisen stelt in verband met door hem te verrichten arbeid die het aanvaar
|
|||
|
||||
De inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 2:39, eerste lid, bedraagt per dag:
|
||||
|
||||
a. bij een inkomen per dag van minder dan 20% van het minimumloon: 0,55 * G;
|
||||
b. bij een inkomen per dag van ten minste 20% van het minimumloon maar minder dan 70% van het minimumloon: 0,55 * G - 0,5 * (I - 0,2 * G); en
|
||||
c. bij een inkomen per dag van ten minste 70% van het minimumloon: G – I,
|
||||
a. bij een inkomen per dag van minder dan 20% van het minimumloon: 0,5 * G;
|
||||
b. bij een inkomen per dag van ten minste 20% van het minimumloon maar minder dan 80% van het minimumloon: 0,5 * G - 0,5 * (I - 0,2 * G); en
|
||||
c. bij een inkomen per dag van ten minste 80% van het minimumloon: G – I,
|
||||
|
||||
waarbij G staat voor de grondslag en I voor het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de jonggehandicapte aantoont dat hem niet kan worden verweten dat hij een inkomen per dag verwerft van minder dan 20% van het minimumloon, dan bedraagt, in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, de inkomensondersteuning per dag: 0,75 * G - I, waarbij G staat voor de grondslag en I voor het inkomen per dag.
|
||||
**2.** Indien de jonggehandicapte aantoont dat hem niet kan worden verweten dat hij een inkomen per dag verwerft van minder dan 20% van het minimumloon, dan bedraagt, in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, de inkomensondersteuning per dag: 0,7 * G - I, waarbij G staat voor de grondslag en I voor het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
### Artikel 2:41
|
||||
|
||||
|
|
@ -689,7 +661,7 @@ b. het recht op arbeidsondersteuning van de jonggehandicapte op grond van artike
|
|||
De inkomensondersteuning van de jonggehandicapte, bedoeld in artikel 2:41 bedraagt per dag:
|
||||
|
||||
a. bij een inkomen per dag van ten minste 20% van het minimumloon: G – I;
|
||||
b. indien de jonggehandicapte een inkomen per dag van minder dan 20% van het minimumloon heeft: 0,75 * G – I,
|
||||
b. indien de jonggehandicapte een inkomen per dag van minder dan 20% van het minimumloon heeft: 0,7 * G – I,
|
||||
|
||||
waarbij G staat voor de grondslag en I voor het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
|
|
@ -885,7 +857,7 @@ Inkomensvoorzieningen op grond van dit hoofdstuk die niet in ontvangst zijn geno
|
|||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen herziet beschikkingen op grond van dit hoofdstuk of trekt dergelijke beschikkingen in, indien:
|
||||
|
||||
a. als gevolg van het niet nakomen van de artikelen 2:7, 2:8, 2:31 en 2:32 en de daarop berustende bepalingen het recht op arbeidsondersteuning op grond van dit hoofdstuk niet of niet meer kan worden vastgesteld of ten onrechte is vastgesteld of een inkomensvoorziening ten onrechte op een te hoog bedrag is vastgesteld;
|
||||
b. de verstrekking van een voorziening als bedoeld in artikel 2:22, 2:23, 2:25 of 2:26 ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend;
|
||||
b. de verstrekking van een voorziening als bedoeld in artikel 2:22 of 2:23 ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend;
|
||||
c. anderszins het recht op arbeidsondersteuning ten onrechte of een inkomensvoorziening tot een te hoog bedrag is vastgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een voorziening als bedoeld in artikel 2:23 in de vorm van een subsidie wordt verstrekt, wijzigt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de beschikking tot vaststelling van de subsidie of trekt het die beschikking in, indien sprake is van een omstandigheid als bedoel in artikel 4:49, eerste lid, onderdeel a, b, of c, van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
|
|
@ -962,7 +934,7 @@ Een vordering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als bedoeld i
|
|||
|
||||
### Artikel 2:64
|
||||
|
||||
**1.** Een inkomensvoorziening op grond van dit hoofdstuk en een voorziening als bedoeld in de artikelen 2:22, 2:23, 2:25 of 2:26 zijn onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding of belening.
|
||||
**1.** Een inkomensvoorziening op grond van dit hoofdstuk en een voorziening als bedoeld in de artikelen 2:22 en 2:23 zijn onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding of belening.
|
||||
|
||||
**2.** Volmacht tot ontvangst van een inkomensvoorziening op grond van dit hoofdstuk onder welke vorm of benaming ook verleend, is steeds herroepelijk.
|
||||
|
||||
|
|
@ -970,7 +942,7 @@ Een vordering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als bedoeld i
|
|||
|
||||
### Artikel 2:65
|
||||
|
||||
De voorzieningen, bedoeld in de artikelen 2:22, 2:23, 2:25 en 2:26, de verhoging, bedoeld in artikel 2:51, alsmede de overlijdensuitkering, bedoeld in artikel 2:56, zijn niet vatbaar voor beslag.
|
||||
De voorzieningen, bedoeld in de artikelen 2:22 en 2:23, de verhoging, bedoeld in artikel 2:51, alsmede de overlijdensuitkering, bedoeld in artikel 2:56, zijn niet vatbaar voor beslag.
|
||||
|
||||
### Artikel 2:66
|
||||
|
||||
|
|
@ -1114,9 +1086,9 @@ De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschi
|
|||
|
||||
### Artikel 3:6
|
||||
|
||||
**1.** De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering indien hij de aanvraag, bedoeld in artikel 3:28, voor het eerst heeft ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 580).
|
||||
**1.** De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering indien hij de aanvraag, bedoeld in artikel 3:28, voor het eerst heeft ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 2009, 580).
|
||||
|
||||
**2.** De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij de leeftijd van zeventien jaar niet had bereikt op de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 580).
|
||||
**2.** De jonggehandicapte, bedoeld in artikel 3:3, heeft geen recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij de leeftijd van zeventien jaar niet had bereikt op de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 2009, 580).
|
||||
|
||||
### Artikel 3:7
|
||||
|
||||
|
|
@ -1140,7 +1112,7 @@ De arbeidsongeschiktheidsuitkering bedraagt per dag, de zaterdagen en zondagen n
|
|||
| 45-55%: | 35% van de grondslag; |
|
||||
| 55-65%: | 42% van de grondslag; |
|
||||
| 65-80%: | 50,75% van de grondslag; |
|
||||
| 80% of meer: | 75% van de grondslag. |
|
||||
| 80% of meer: | 70% van de grondslag. |
|
||||
|
||||
**2.** Bij de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid wordt, zoveel doenlijk, rekening gehouden met verkregen nieuwe bekwaamheden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1872,7 +1844,7 @@ De jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft
|
|||
|
||||
### Artikel 3:67
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de jonggehandicapte die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt en de jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en die arbeid in dienstbetrekking aanvaardt of verricht op aanvraag loonsuppletie toekennen, indien het loon lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en die arbeid in dienstbetrekking aanvaardt of verricht op aanvraag loonsuppletie toekennen, indien het loon lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
|
||||
**2.** De loonsuppletie wordt verstrekt over perioden waarin loon uit dienstbetrekking wordt ontvangen, doch ten hoogste over een periode van vier jaar te rekenen vanaf de dag met ingang waarvan voor de eerste maal loonsuppletie is toegekend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1884,7 +1856,7 @@ De jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft
|
|||
|
||||
### Artikel 3:68
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de jonggehandicapte die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt en de jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, die arbeid als zelfstandige verricht of gaat verrichten op aanvraag inkomenssuppletie toekennen, indien zijn inkomen uit het bedrijf of beroep lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan aan de jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, die arbeid als zelfstandige verricht of gaat verrichten op aanvraag inkomenssuppletie toekennen, indien zijn inkomen uit het bedrijf of beroep lager is dan zijn resterende verdiencapaciteit.
|
||||
|
||||
**2.** De inkomenssuppletie wordt verstrekt over perioden waarin het bedrijf of beroep wordt uitgeoefend, doch ten hoogste over een periode van vier jaar te rekenen vanaf de dag met ingang waarvan voor de eerste maal inkomenssuppletie is toegekend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1903,7 +1875,7 @@ De jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft
|
|||
De onbeloonde werkzaamheden op een proefplaats als bedoeld in het eerste lid zijn:
|
||||
|
||||
a. werkzaamheden, waartoe de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, met zijn krachten en bekwaamheden in staat is;
|
||||
b. werkzaamheden, waarbij de werkgever, bij wie de proefplaatsing geschiedt, een aansprakelijkheids- en ongevallenverzekering ten behoeve van de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, heeft afgesloten;
|
||||
b. werkzaamheden, waarbij de werkgever, bij wie de proefplaatsing geschiedt, een aansprakelijkheidsverzekering ten behoeve van de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, heeft afgesloten;
|
||||
c. werkzaamheden, die de jonggehandicapte, bedoeld in het eerste lid, niet reeds eerder onbeloond op een proefplaats bij die werkgever of diens rechtsvoorganger heeft verricht; en
|
||||
d. werkzaamheden, waarbij er, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, een reëel uitzicht is op een op de onbeloonde werkzaamheden aansluitende dienstbetrekking van dezelfde of grotere omvang voor ten minste 6 maanden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1947,7 +1919,7 @@ De artikelen 3:63, 3:66, 3:69 en 3:73 zijn niet van toepassing op de jonggehandi
|
|||
|
||||
**1.** De persoon die op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer of recht heeft op arbeidsondersteuning, heeft recht op een tegemoetkoming.
|
||||
|
||||
**2.** De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 176,27.
|
||||
**2.** De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 177,68.
|
||||
|
||||
**3.** Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt jaarlijks per 1 januari gewijzigd overeenkomstig de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Het gewijzigde bedrag wordt door of namens Onze Minister bekend gemaakt in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2119,7 +2091,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 8:9
|
||||
|
||||
Artikel 3:63, zoals dat luidde voor de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 580), blijft van toepassing op de vermindering van de hoogte van de aanspraak op een geldelijke beloning die voor de dag waarop die wet in werking trad was verstrekt, met dien verstande dat de op grond van artikel 3:63, eerste lid, onderdeel b, verstrekte vermindering geacht wordt te zijn gebaseerd op artikel 2:20, eerste lid, onderdeel a, vanaf de dag waarop de werknemer die de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt recht heeft op arbeidsondersteuning, als bedoeld in hoofdstuk 2, tenzij de werknemer niet aan de overige voorwaarden van artikel 2:20, eerste lid, voldoet.
|
||||
Artikel 3:63, zoals dat luidde voor de datum van inwerkingtreding van de wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met het bevorderen van de participatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Stb. 2009, 580), blijft van toepassing op de vermindering van de hoogte van de aanspraak op een geldelijke beloning die voor de dag waarop die wet in werking trad was verstrekt, met dien verstande dat de op grond van artikel 3:63, eerste lid, onderdeel b, verstrekte vermindering geacht wordt te zijn gebaseerd op artikel 2:20, eerste lid, onderdeel a, vanaf de dag waarop de werknemer die de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt recht heeft op arbeidsondersteuning, als bedoeld in hoofdstuk 2, tenzij de werknemer niet aan de overige voorwaarden van artikel 2:20, eerste lid, voldoet.
|
||||
|
||||
### Artikel 8:10
|
||||
|
||||
|
|
@ -2139,7 +2111,7 @@ Artikel 3:63, zoals dat luidde voor de datum van inwerkingtreding van de wet van
|
|||
|
||||
### Artikel 8:10a
|
||||
|
||||
Artikel 2:23 is niet van toepassing op de jonggehandicapte, wiens arbeid als zelfstandige is aangevangen voor de dag van inwerkingtreding van de Wet van 3 december 2009 tot uitbreiding van de mogelijkheid om voorzieningen te verstrekken bij arbeid als zelfstandige (Stb. 589).
|
||||
Artikel 2:23 is niet van toepassing op de jonggehandicapte, wiens arbeid als zelfstandige is aangevangen voor de dag van inwerkingtreding van de Wet van 3 december 2009 tot uitbreiding van de mogelijkheid om voorzieningen te verstrekken bij arbeid als zelfstandige (Stb. 2009, 589).
|
||||
|
||||
### Artikel 8:10b
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue