40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
11 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit burgerservicenummer | BWBR0022829 | AMvB | geldend | 2007-11-16 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0022829 | Besluit burgerservicenummer |
Besluit burgerservicenummer
Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a. wet: de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer; b. b. systeembeschrijving: de systeembeschrijving, bedoeld in artikel 2; c. c. geautomatiseerde systeem van het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege: het geautomatiseerde systeem waarmee het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege uitvoering geeft aan het bepaalde in en krachtens artikel 8, vijfde en zesde lid, en artikel 22, tweede lid, in samenhang met artikel 8, vijfde en zesde lid, van de wet; d. d. geautomatiseerde systeem van de gebruiker: het geautomatiseerde systeem waarmee de gebruiker uitvoering geeft aan de regels, bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de wet.
Hoofdstuk 2. De beheervoorziening
Paragraaf 1. Inrichting, instandhouding, werking en beveiliging van de beheervoorziening
Artikel 2
Bij ministeriële regeling wordt een systeembeschrijving vastgesteld.
Artikel 3
De systeembeschrijving bevat een beschrijving van:
a. a. de hoofdlijnen van de inrichting van de beheervoorziening; b. b. de wijze waarop nummers worden aangemaakt en ter beschikking gesteld aan het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege, onderscheidenlijk Onze Minister, teneinde als burgerservicenummer te worden toegekend; c. c. de wijze waarop gegevens in het nummerregister worden opgenomen; d. d. de gevallen waarin en de wijze waarop gegevens in het nummerregister worden gewijzigd of uit het nummerregister worden verwijderd; e. e. de uitwisseling van gegevens, die verband houdt met de bijhouding van het nummerregister; f. f. de inrichting en de werking van de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder c en d, van de wet, met inbegrip van de gegevens die worden uitgewisseld tussen de beheervoorziening en de registraties, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, van de wet, en de wijze waarop die gegevensuitwisselingen plaatsvinden; g. g. de wijze waarop de beheervoorziening het geautomatiseerde systeem van een gebruiker of van een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege in staat stelt, aan te sluiten op de beheervoorziening, alsmede van de beveiliging van de aansluiting op de beheervoorziening; h. h. de gevallen waarin en de wijze waarop aantekening wordt gehouden van het gebruik dat van de beheervoorziening wordt gemaakt; i. i. de hoofdlijnen van het beheer van de beheervoorziening.
Artikel 4
Onze Minister draagt zorg dat de beheervoorziening functioneert op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.
Artikel 5
1. Onze Minister draagt zorg voor de nodige maatregelen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van de in het nummerregister opgenomen gegevens tegen verlies of aantasting van deze gegevens en tegen onbevoegde kennisneming, opneming, wijziging, verwijdering of verstrekking van deze gegevens.
2. Onze Minister draagt zorg voor de nodige maatregelen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van de beheervoorziening tegen onbevoegd gebruik en belemmering van de goede werking van de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet.
3.
De maatregelen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, hebben ten minste betrekking op:
a. a. de personen die werkzaam zijn voor Onze Minister; b. b. de toegang tot de beheervoorziening, met inbegrip van de verbindingen met de beheervoorziening; c. c. de toegang tot gebouwen en ruimten waar de beheervoorziening of onderdelen daarvan aanwezig zijn; d. d. de apparatuur en de programmatuur van de beheervoorziening; e. e. de gegevens en het beheer van de gegevens die in de beheervoorziening zijn opgenomen; f. f. het geval dat de geheimhouding van de in het nummerregister opgenomen gegevens is geschaad; g. g. het voorkomen van calamiteiten en het afhandelen daarvan.
Paragraaf 2. Het nummerregister
Artikel 6
Het nummerregister bevat met betrekking tot de nummers die daarin zijn opgenomen de administratieve gegevens die zijn vermeld in bijlage 1 bij dit besluit.
Artikel 7
Vervallen
Hoofdstuk 3. De aansluiting op en het gebruik van de beheervoorziening
Paragraaf 1. De aansluiting op de beheervoorziening
Artikel 8
Een gebruiker die is aangesloten op de beheervoorziening draagt er zorg voor dat de verbinding van zijn geautomatiseerde systeem met de beheervoorziening en de uitwisseling van gegevens tussen zijn geautomatiseerde systeem en de beheervoorziening functioneren op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
Artikel 9
1. De verantwoordelijke voor een registratie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, van de wet draagt er zorg voor dat zijn geautomatiseerde systeem ten behoeve van de uitwisseling van gegevens tussen hem en Onze Minister functioneert op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
2. Een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege draagt er zorg voor dat zijn geautomatiseerde systeem ten behoeve van de uitwisseling van gegevens tussen het college en Onze Minister in verband met de toekenning van burgerservicenummers functioneert op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
Paragraaf 2. De verstrekking van gegevens in verband met de toekenning van burgerservicenummers
Artikel 10
Onze Minister deelt desgevraagd aan een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege in verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet mede of een door het college opgegeven nummer een burgerservicenummer is.
Artikel 11
1. In verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet verstrekt Onze Minister aan het bestuursorgaan dat het burgerservicenummer toekent op verzoek de gegevens die zijn vermeld in bijlage 2.
2. Uit de basisregistratie personen worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het eerste lid.
Artikel 12
1.
In verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet verstrekt Onze Minister aan het bestuursorgaan dat het burgerservicenummer toekent op verzoek over een Nederlands document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1°, 2° of 4°, van de Wet op de identificatieplicht, met behulp waarvan een persoon zich identificeert:
a. a. de mededeling of ten aanzien van het desbetreffende document is geregistreerd dat het niet in het verkeer behoort te zijn, dan wel b. b. een ander gegeven waaruit de geldigheid of ongeldigheid van het document kan worden afgeleid.
2. Uit het basisregister reisdocumenten, bedoeld in artikel 4a van de Paspoortwet, het register betreffende de afgifte van rijbewijzen, bedoeld in artikel 126 van de Wegenverkeerswet 1994, en door Onze Minister van Justitie en Veiligheid worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het eerste lid.
Paragraaf 3. De verstrekking van gegevens aan gebruikers
Artikel 13
Onze Minister deelt op verzoek van een gebruiker in verband met de uitvoering van artikel 14 van de wet mede of het door de gebruiker opgegeven nummer een burgerservicenummer is.
Artikel 14
1. Aan een gebruiker worden op verzoek in verband met de uitvoering van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de wet de gegevens verstrekt, die zijn vermeld in bijlage 3.
2. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden verstrekt door Onze Minister, indien de gebruiker bij zijn verzoek gebruik maakt van de beheervoorziening.
3. Uit de basisregistratie personen worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het tweede lid.
Artikel 15
1.
Aan een gebruiker wordt op verzoek in verband met de uitvoering van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de wet medegedeeld:
a. a. of ten aanzien van het desbetreffende document is geregistreerd dat het niet in het verkeer behoort te zijn, dan wel b. b. een ander gegeven waaruit de geldigheid of ongeldigheid van het document kan worden afgeleid.
2. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, worden verstrekt door Onze Minister, indien de gebruiker bij zijn verzoek gebruik maakt van de beheervoorziening.
3. Uit het basisregister reisdocumenten, bedoeld in artikel 4a van de Paspoortwet, het register betreffende de afgifte van rijbewijzen, bedoeld in artikel 126 van de Wegenverkeerswet 1994, en door Onze Minister van Justitie en Veiligheid worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het tweede lid.
Hoofdstuk 4. Transparantie en controle
Artikel 16
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop de inlichtingen, bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, worden verstrekt.
Artikel 17
Het onderzoek, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de wet, leidt tot een oordeel over:
a. a. de volledigheid, begrijpelijkheid en juistheid van de beschrijving van de inrichting, werking en beveiliging van de beheervoorziening, gelet op de geldende regelgeving; b. b. de mate waarin de beheervoorziening functioneert overeenkomstig de onder a bedoelde beschrijving.
Hoofdstuk 5. Wijziging van het besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
Artikel 18
Wijzigt het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
Artikel 19
Wijzigt het Wijzigingsbesluit Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (invoering verstrekkingsvoorziening).
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 20
Het Besluit burgerservicenummer treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, met uitzondering van artikel 19, aanhef en onder 1, dat in werking treedt met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het Besluit burgerservicenummer wordt geplaatst. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 november 2007, treedt artikel 19, aanhef en onder 1, in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het besluit wordt geplaatst en werkt het terug tot en met 2 november 2007.
Artikel 21
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit burgerservicenummer.
Bijlage 1. Bijlage behorende bij
In het nummerregister worden over de daarin opgenomen nummers de volgende administratieve gegevens opgenomen:
Bijlage 2. Bijlage behorende bij
Gegevens met behulp waarvan kan worden vastgesteld of aan een persoon reeds een burgerservicenummer is toegekend, en zo ja, welk nummer aan de betrokken persoon is toegekend
Bijlage 3. Bijlage behorende bij
De gegevens die aan een gebruiker worden verstrekt ter beantwoording van