rijk/amvb/besluit-elektronisch-procederen/BWBR0044275/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

6.8 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit elektronisch procederen BWBR0044275 AMvB geldend 2021-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0044275 Besluit elektronisch procederen

Besluit elektronisch procederen

Artikel 1

Dit besluit is van toepassing op het langs elektronische weg procederen in het civiele recht of in het bestuursrecht bij:

a. a. de rechtbanken, de gerechtshoven en de Hoge Raad; b. b. de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; c. c. de Centrale Raad van Beroep; d. d. het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

Artikel 2

1. Als bij een rechterlijke instantie in een categorie van zaken een verplichting tot elektronisch procederen geldt, wordt daartoe in een voor die rechterlijke instantie vastgesteld procesreglement een digitaal systeem voor gegevensverwerking aangewezen.

2. Voor andere gevallen kan de rechterlijke instantie in een categorie van zaken de mogelijkheid van elektronisch procederen geheel of gedeeltelijk openstellen door daartoe in een voor die rechterlijke instantie vastgesteld procesreglement een digitaal systeem voor gegevensverwerking aan te wijzen.

3. Een grosse kan niet via een digitaal systeem voor gegevensverwerking worden verzonden.

Artikel 3

1.

Een op grond van artikel 2, eerste of tweede lid, aangewezen digitaal systeem voor gegevensverwerking voldoet aan de volgende eisen:

a. a. de gebruiker van het systeem wordt geïdentificeerd; b. b. een procespartij, procesvertegenwoordiger of een bij de procedure betrokken derde die toegang verkrijgt tot het systeem anders dan via een koppeling met een ander digitaal systeem voor gegevensverwerking, wordt geauthenticeerd; c. c. na te gaan is wie wordt beschouwd als de indiener van een bericht; d. d. na te gaan is of een bericht is gewijzigd na het moment van verzending; e. e. na te gaan is op welk tijdstip een bericht door een rechterlijke instantie elektronisch is ontvangen, respectievelijk door de griffie elektronisch is verzonden; f. f. de berichten in het systeem, alsmede, indien van toepassing, het digitale dossier, zijn uitsluitend toegankelijk voor personen die daarvoor zijn geautoriseerd; en g. g. na te gaan is wanneer zich een verstoring in het digitale systeem voordoet of heeft voorgedaan.

2. Toegang tot een aangewezen digitaal systeem voor gegevensverwerking via een koppeling met een ander digitaal systeem voor gegevensverwerking wordt slechts verleend als het betrouwbaarheidsniveau van dat systeem ten minste gelijkwaardig is aan het betrouwbaarheidsniveau van het aangewezen digitale systeem.

Artikel 4

De authenticatie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, vindt plaats met een middel dat in het desbetreffende procesreglement is aangewezen en dat:

a. a. is uitgegeven door:

      1°.
      de overheid;
    
    
      2°.
      een daartoe onder toezicht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties staande organisatie; of
    
    
      3°.
      de Nederlandse orde van advocaten; en

1°. 1°. de overheid; 2°. 2°. een daartoe onder toezicht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties staande organisatie; of 3°. 3°. de Nederlandse orde van advocaten; en b. b. uitgaat van tweefactorauthenticatie of voldoet aan het betrouwbaarheidsniveau substantieel of hoog.

Artikel 5

1. Tenzij de wet anders bepaalt, ondertekent degene die op grond van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering of de Algemene wet bestuursrecht een stuk dient te ondertekenen, het stuk voorafgaand aan de indiening, verzending of plaatsing in het aangewezen systeem. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van een gewone elektronische handtekening, tenzij bij procesreglement een gekwalificeerde of geavanceerde elektronische handtekening is voorgeschreven. Artikel 15a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is van toepassing.

2. In afwijking van het eerste lid, geldt een stuk dat langs elektronische weg is ingediend in een daartoe aangewezen digitaal systeem voor gegevensverwerking door een op persoonsniveau geauthenticeerde procespartij, procesvertegenwoordiger of bij de procedure betrokken derde, als ondertekend door die persoon. Dit is niet van toepassing op de ondertekening van akten als bedoeld in artikel 156 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en van documenten in een arbitrageprocedure ingevolge het Vierde Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Artikel 6

1.

Als een natuurlijk persoon over een burgerservicenummer beschikt, zijn de volgende personen bevoegd om dit nummer van de persoon die hij vertegenwoordigt of in wiens opdracht hij handelt, te verwerken ten behoeve van de procedure:

a. a. degene die beroepsmatig rechtsbijstand verleent; b. b. de gerechtsdeurwaarder; of c. c. een andere gemachtigde in zaken waarin partijen in persoon kunnen procederen.

2. De gerechtsdeurwaarder is tevens bevoegd om bij het indienen van de dagvaarding of de procesinleiding en bij het exploot van betekening het burgerservicenummer van de gedaagde of verweerder te verwerken.

Artikel 7

Een onderneming of rechtspersoon die niet op grond van artikel 5 of 6 van de Handelsregisterwet 2007 staat ingeschreven in het handelsregister is niet verplicht elektronisch te procederen tenzij de onderneming of rechtspersoon in de procedure wordt vertegenwoordigd door een derde die in Nederland verplicht is tot elektronisch procederen.

Artikel 8

Als op de laatste dag van een voor de indiener geldende termijn voor indiening van een bericht een niet aan hem toerekenbare verstoring plaatsvindt van de toegang tot het aangewezen digitale systeem voor gegevensverwerking, is een daardoor veroorzaakte overschrijding van de termijn verschoonbaar als het bericht uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen.

Artikel 9

De volgende besluiten en regeling worden ingetrokken:

a. a. het Besluit van 3 juli 2008, houdende regels aangaande de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van het elektronisch verzenden van verzoeken en mededelingen met betrekking tot de rol (Stb. 2008, 275); b. b. het Besluit elektronische indiening dagvaarding; c. c. het Besluit elektronisch verkeer met de bestuursrechter; d. d. het Besluit digitalisering burgerlijk procesrecht en bestuursprocesrecht; e. e. de Regeling aanwijzing betrouwbaarheidsniveau authentificatie bij elektronisch verkeer bij de bestuursrechter.

Artikel 10

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2021.

Artikel 11

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit elektronisch procederen.