40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
6.2 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit FEZ van het Rijk | BWBR0041910 | AMvB | geldend | 2019-02-16 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0041910 | Besluit FEZ van het Rijk |
Besluit FEZ van het Rijk
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
1. De begrippen van artikel 1.1 van de Comptabiliteitswet 2016 zijn van overeenkomstige toepassing op dit besluit.
2.
In dit besluit wordt verstaan onder:
- directeur FEZ: de persoon die belast is met de dagelijkse leiding van de directie Financieel-Economische Zaken;
- directie FEZ: het dienstonderdeel van een ministerie dat belast is met de financieel-economische aangelegenheden van het ministerie;
- zelfstandig bestuursorgaan: een bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen.
Paragraaf 2. Organisatie
Artikel 2
Onze Minister die belast is met de leiding van een ministerie draagt er zorg voor dat de directie FEZ rechtstreeks ressorteert onder de secretaris-generaal van het ministerie, tenzij in overeenstemming met Onze Minister van Financiën anders is overeengekomen.
Artikel 3
1. Het aangaan van de arbeidsovereenkomst met de directeur FEZ van een ministerie geschiedt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën.
2. Het beëindigen van de arbeidsovereenkomst met de directeur FEZ van een ministerie geschiedt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën.
Paragraaf 3. Taken
Artikel 4
1.
Onze Minister die belast is met de leiding van een ministerie draagt aan de directie FEZ met betrekking tot het ministerie de taak op tot:
a. a. het opstellen van de begroting, de wijzigingen van de begroting en de slotverschillen, bedoeld in de artikelen 2.1, tweede lid, 2.26 en 2.30 van de Comptabiliteitswet 2016; b. b. het opstellen van het jaarverslag, bedoeld in artikel 2.31 van de Comptabiliteitswet 2016; c. c. de deelname aan het interdepartementale overleg over financieel-economische aangelegenheden en de relevante departementale overleggen met Onze Minister die het aangaat, de secretaris-generaal en directeuren-generaal van het betreffende ministerie; d. d. het houden van toezicht op:
1°.
de onderzoeken naar de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het beleid en de bedrijfsvoering;
2°.
de voorstellen, voornemens en toezeggingen met financiële gevolgen voor het Rijk die aan de ministerraad of de Kamers der Staten-Generaal worden voorgelegd;
3°.
de uitvoering van departementale risicoanalyses;
4°.
de uitvoering van het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties;
1°. 1°. de onderzoeken naar de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het beleid en de bedrijfsvoering; 2°. 2°. de voorstellen, voornemens en toezeggingen met financiële gevolgen voor het Rijk die aan de ministerraad of de Kamers der Staten-Generaal worden voorgelegd; 3°. 3°. de uitvoering van departementale risicoanalyses; 4°. 4°. de uitvoering van het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties; e. e. de ondersteuning van het departementale audit committee en f. f. het op verzoek en uit eigen beweging in elk geval adviseren over:
1°.
de financiële gevolgen van het beleid en de bedrijfsvoering;
2°.
de onderzoeken, voorstellen, voornemens, toezeggingen en risicoanalyses, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, subonderdelen 1 tot en met 3;
3°.
het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties;
4°.
het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties van de zelfstandige bestuursorganen en de rechtspersonen met een wettelijke taak voor zover dat betrekking heeft op de financiële middelen die ten laste van de rijksbegroting, bedoeld in artikel 2.1 van de Comptabiliteitswet 2016, zijn ontvangen.
1°. 1°. de financiële gevolgen van het beleid en de bedrijfsvoering; 2°. 2°. de onderzoeken, voorstellen, voornemens, toezeggingen en risicoanalyses, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, subonderdelen 1 tot en met 3; 3°. 3°. het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties; 4°. 4°. het begrotingsbeheer, het financieel beheer, de materiële bedrijfsvoering en de daartoe gevoerde administraties van de zelfstandige bestuursorganen en de rechtspersonen met een wettelijke taak voor zover dat betrekking heeft op de financiële middelen die ten laste van de rijksbegroting, bedoeld in artikel 2.1 van de Comptabiliteitswet 2016, zijn ontvangen.
2. Onverminderd het eerste lid kan Onze Minister die belast is met de leiding van een ministerie andere taken aan de directeur FEZ opdragen.
Artikel 5
Het toezicht, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, is gericht op de naleving van:
de voorschriften, bedoeld in de artikelen 3.1 tot en met 3.10, van de Comptabiliteitswet 2016.
Artikel 6
1. Nadat overleg met de secretaris-generaal van het betrokken ministerie is gevoerd kan de directeur FEZ Onze Minister die het aangaat rechtstreeks informeren, indien de taken, bedoeld in artikel 4, daartoe aanleiding geven.
2. De dienstonderdelen van het betrokken ministerie verstrekken de directeur FEZ op zijn verzoek de informatie die naar zijn oordeel noodzakelijk voor de uitoefening van zijn taken, bedoeld in artikel 4.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 7
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2018.
Artikel 8
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit FEZ van het Rijk.