rijk/amvb/besluit-gelden-regionaal-verkeersveiligheidsbeleid/BWBR0006974/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

4.4 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit gelden regionaal verkeersveiligheidsbeleid BWBR0006974 AMvB geldend 1995-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0006974 Besluit gelden regionaal verkeersveiligheidsbeleid

Besluit gelden regionaal verkeersveiligheidsbeleid

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. Onze Minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat; b. b. bijdrage: bedrag dat ter beschikking wordt gesteld aan een provincie als bijdrage in de kosten van de uitvoering van het regionaal verkeersveiligheidsbeleid; c. c. verkeersslachtoffer: bij de Adviesdienst Verkeer en Vervoer, Hoofdafdeling Basisgegevens, van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, als zodanig geregistreerd persoon.

Artikel 2

Onze Minister verstrekt met ingang van 1 januari 1995 jaarlijks tot en met het jaar 2004 aan provincies een bijdrage.

Artikel 3

1.

Het Interprovinciaal Overleg doet jaarlijks vóór 1 oktober een voordracht aan Onze Minister inzake de verdeling over de provincies van de door Onze Minister aan de provincies ter beschikking te stellen gelden, uitgedrukt in percentages.

Het Interprovinciaal Overleg houdt bij de voordracht rekening met:

a. a. de ontwikkelingen ter zake van het aantal verkeersslachtoffers per provincie in het jaar voorafgaande aan de voordracht alsmede met de ontwikkelingen in de eerste helft van het jaar van de desbetreffende voordracht, b. b. bijzondere activiteiten in een provincie in het kader van het streven naar een duurzaam veilig verkeers- en vervoerssysteem, c. c. bijzondere activiteiten in een provincie ter versterking van de regionale samenwerking op het gebied van de verkeersveiligheid, en d. d. de mate waarin de in het daaraan voorafgaande jaar verstrekte bijdragen per provincie zijn besteed.

2. Indien de in het eerste lid bedoelde voordracht niet voor 1 oktober tot stand komt, gaat Onze Minister over tot verdeling van de bijdragen over de provincies. Onze Minister houdt daarbij rekening met het bepaalde in het eerste lid, onder a tot en met d.

3.

Onze Minister kan na overleg met het Interprovinciaal Overleg een andere verdeling, dan bedoeld in het eerste lid, toepassen:

a. a. indien geen verslag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, is overgelegd; b. b. indien onvoorziene ontwikkelingen in de verkeersveiligheid in een provincie noodzaken tot een extra financiële impuls in die provincie, of c. c. indien de mate of de wijze van besteding van de bijdrage door een provincie daartoe aanleiding geven.

4. Van de toepassing van het bepaalde in het tweede en derde lid stelt Onze Minister de provincies alsmede het Interprovinciaal Overleg zo spoedig mogelijk op de hoogte.

Artikel 4

Uiterlijk 1 november, voorafgaande aan het jaar waarvoor de uitkering is bestemd, stelt Onze Minister op basis van de overeenkomstig artikel 3 vastgestelde verdeling de bijdrage per provincie vast.

Artikel 5

De bijdrage wordt in twee termijnen betaald. De eerste termijn, groot 80% van de bijdrage, wordt uiterlijk 1 maart van het jaar waarop de bijdrage betrekking heeft, aan de betrokken provincie betaald. De tweede termijn wordt uiterlijk 1 juli van het desbetreffende jaar betaald.

Artikel 6

1. De bijdrage wordt door de provincie besteed aan activiteiten in het kader van de regionale samenwerking gericht op de bestrijding van de verkeersonveiligheid in die provincie.

2. Indien een deel van de ontvangen bijdrage niet in het jaar van ontvangst wordt besteed, blijven de niet bestede gelden bij de provincie gereserveerd ten behoeve van activiteiten, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 7

1. Gedeputeerde staten brengen jaarlijks vóór 1 oktober van het jaar, volgende op het jaar waarvoor de bijdrage is toegekend, over het desbetreffende jaar aan Onze Minister een financieel verslag over de besteding van de bijdrage uit.

2. Het financieel verslag gaat vergezeld van een accountantsverklaring en het jaarverslag van het Regionaal orgaan voor de verkeersveiligheid.

3. Onze Minister stelt een model vast voor het financieel verslag en voor de accountantsverklaring.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip en vervalt met ingang van 1 januari 2005.

Artikel 9

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gelden regionaal verkeersveiligheidsbeleid.