40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
3.6 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit leges Wet beheer rijkswaterstaatswerken | BWBR0012927 | AMvB | geldend | 2002-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0012927 | Besluit leges Wet beheer rijkswaterstaatswerken |
Besluit leges Wet beheer rijkswaterstaatswerken
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a. vergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken; b. b. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat; c. c. kostprijs: de aannemingssom als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken «UAV 89» van het werk of voor zover deze ontbreekt een raming van de kostprijs van het werk als bedoeld in het normblad NEN 2631, van het Nederlands Normalisatie-Instituut; d. d. de hoofdingenieur-directeur: de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat onder wie het waterstaatswerk ressorteert.
Artikel 2
1. De aanvrager is voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening of wijziging van een vergunning een recht van € 200 verschuldigd.
2. Indien Onze Minister heeft besloten de aanvraag te behandelen met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht wordt het in het eerste lid bedoelde recht verhoogd met € 720.
3. Het in het eerste lid bedoelde recht kan door Onze Minister worden verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager medegedeelde externe advieskosten, blijkend uit een begroting die terzake door Onze Minister is opgesteld.
4. De aanvraag wordt niet eerder in behandeling genomen dan op het tijdstip waarop de aanvrager het verschuldigde recht heeft betaald.
5.
Er is geen recht verschuldigd voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
a. a. van Onze Minister; b. b. ter zake van een werk met betrekking tot welke de aanvrager aantoont dat de kostprijs niet meer dan € 2400 bedraagt.
Artikel 3
1.
De aanvrager betaalt het verschuldigde recht aan Onze Minister:
a. a. binnen drie weken na de indiening van de aanvraag; b. b. in het in artikel 2, tweede lid, bedoelde geval binnen drie weken na de bekendmaking van het in dat artikel bedoelde besluit; c. c. in het in artikel 2, derde lid, bedoelde geval, binnen drie weken na de bekendmaking van het besluit inzake het in dat artikel bedoelde bedrag; d. d. in het in artikel 2, tweede en derde lid bedoelde geval, binnen drie weken na het laatste van de onder b en onder c bedoelde tijdstippen.
2. Indien de betaling van het verschuldigde recht door de aanvrager geschiedt door de bijschrijving op een rekening voor girale betaling ten name van de Staat vindt de betaling plaats op de dag waarop bijschrijving op die rekening heeft plaatsgevonden.
Artikel 4
Aan de aanvrager wordt door Onze Minister een teruggaaf verleend van het ingevolge artikel 2 betaalde recht van:
a. a. 100 percent, indien Onze Minister besluit de aanvraag niet te behandelen; b. b. 50 percent, indien Onze Minister besluit de aanvraag te behandelen met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en de aanvraag wordt ingetrokken voor het tijdstip van de in artikel 3:12 van die wet bedoelde kennisgeving; c. c. 10 percent, indien de aanvraag wordt ingetrokken voor het tijdstip van de bekendmaking van het besluit op de aanvraag.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit leges Wet beheer rijkswaterstaatswerken.