40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
18 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2019 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk | BWBR0041760 | circulaire | geldend | 2019-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0041760 | Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2019 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk |
Circulaire wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2019 voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk
. Inleiding
Zoals te doen gebruikelijk ontvangt u aan het einde van het kalenderjaar een circulaire over de wijzigingen in de financiële arbeidsvoorwaarden voor de ambtenaren werkzaam in de sector Rijk.
U treft in deze circulaire informatie aan over de volgende onderwerpen:
1 1 Vergoeding van reis- en verblijfkosten bij binnenlandse dienstreizen 2 2 Tegemoetkomingen in het woon-werkverkeer 3 3 Emolumenten 4 4 Tegemoetkoming representatiekosten 5 5 Te werken uren op jaarbasis 6 6 Arbeidsduur detachering Europese Unie 7 7 Werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel 8 8 Werkkostenregeling/IKAP-regeling 9 9 Stagevergoedingen en pensionkosten voor stagiairs 10 10
Klokkenluidersregeling: vergoeding rechtsbijstand
11 11 Maximale stimuleringspremie VWNW-beleid 12 12 Maximale tegemoetkoming kosten beeldschermbril 13 13 Wijzigingen algemene wet- en regelgeving 14 14 Wijzigingen sectorale regelgeving en circulaires 15 15 Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk
1. Vergoeding van reis- en verblijfkosten bij binnenlandse dienstreizen
De bedragen voor lunch en avondmaaltijd worden geïndexeerd met de gemiddelde wijziging van de consumentenprijsindexen voor restaurants en café’s en voor fastfood en afhaalservice. De bedragen voor logies en ontbijt worden geïndexeerd met de consumentenprijsindex voor accommodaties. De bedragen voor de vergoeding van kleine uitgaven overdag en kleine uitgaven ’s avonds worden geïndexeerd met de gewogen gemiddelde stijging van het totaal van de componenten ontbijt, lunch en avondmaaltijd.
De vergoedingen voor verblijfkosten tijdens binnenlandse dienstreizen worden met ingang van 1 januari 2019:
| Totaal | Netto | Bruto | |
|---|---|---|---|
| Lunch | 15,67 | 9,16 | 6,51 |
| Avondmaaltijd | 23,71 | 22,99 | 0,72 |
| Logies | 103,72 | 102,59 | 1,13 |
| Ontbijt | 10,13 | 10,13 | |
| Kleine uitgaven overdag | 5,07 | 4,52 | 0,55 |
| Kleine uitgaven ‘s avonds | 15,12 | 9,05 | 6,07 |
De vergoedingsbedragen voor het gebruik van een privé vervoermiddel bij dienstreizen, € 0,37 en € 0,09 per kilometer, wijzigen niet.
2. Tegemoetkomingen in het woon-werkverkeer
Het maximumbedrag per maand van de hoge tegemoetkoming per kilometer wordt vastgesteld op een twaalfde deel van de grootverbruikcontractprijs van een OV jaarkaart 2e klasse per 1 januari 2018. Deze grootverbruikcontractprijs bedraagt € 4809,30 op 1 januari 2019.
Het maximumbedrag per maand van de lage tegemoetkoming per kilometer wordt geïndexeerd met de prijsstijging van een OV jaarkaart 2e klasse. Deze prijsstijging bedraagt 4,09%.
De bedragen per dag worden vastgesteld door de betreffende maandbedragen te vermenigvuldigen met twaalf (maanden) en te delen door 214 (het reguliere aantal reisdagen per jaar, zoals opgenomen in de formule in artikel 12 van de Verplaatsingskostenregeling 1989).
De hoge tegemoetkoming per kilometer wordt vastgesteld, door het niet afgeronde bedrag van 1 januari 2018 (18,99 eurocent) te indexeren met de prijsstijging van een OV jaarkaart 2e klasse van 4,09% en de uitkomst (19,77 cent) rekenkundig af te ronden op hele eurocenten (20 cent).
De lage tegemoetkoming wordt vastgesteld, op een derde deel van de niet afgeronde hoge tegemoetkoming per kilometer, dat resulteert in een bedrag van 6,59 eurocent, en is rekenkundig afgerond op hele eurocenten (7 cent).
Samenvattend wijzigen met ingang van 1 januari 2019 de bedragen die in het kader van het woon-werkverkeer als tegemoetkoming voor het gebruik van eigen vervoer kunnen worden verstrekt als volgt:
– – het bedrag van de hoge kilometervergoeding wordt € 0,20; – – het bedrag van de lage kilometervergoeding wordt € 0,07; – – het maximum bedrag per maand voor de hoge kilometervergoeding wordt € 400,78 en per dag € 22,47; – – het maximumbedrag per maand van de lage kilometervergoeding wordt € 59,35 en per dag € 3,33.
De hoogte van een tegemoetkoming in het woon-werkverkeer wordt berekend met toepassing van de AND-routeplanner. Een nieuwe berekening van deze tegemoetkoming vindt plaats als er sprake is van een wijziging van de plaats van tewerkstelling of van een adreswijziging en wanneer de vergoeding opnieuw wordt aangevraagd nadat deze eerder is stopgezet wegens afwezigheid van zes weken of langer (bijvoorbeeld bij langdurige ziekte of buitengewoon verlof).
3. Emolumenten
De bedragen, die de ambtenaar maximaal verschuldigd is voor het genot van verwarming, energie en leidingwater genoemd in artikel 3, eerste lid, onder b tot en met e, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, wijzigen op de gebruikelijke wijze aan de hand van de consumentenprijsindex. Met ingang van 1 januari 2019 worden deze bedragen:
| Verwarming van de woning | 127,29 |
|---|---|
| Energie voor kookdoeleinden | 40,22 |
| Elektrische energie anders dan voor verwarming van de woning en voor kookdoeleinden | 27,84 |
| Leidingwater | 15,75 |
Voor de volledigheid wordt erop gewezen dat in de definitie van de berekeningsbasis van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel (artikel 1, onderdeel c) de aflopende toelage bedoeld in artikel 18b van het BBRA 1984 ontbreekt in de opsomming van toelagen die niet moeten worden betrokken bij het vaststellen van de berekeningsbasis.
De bedragen van de huurwaarde van dienstwoningen, die mede van belang zijn voor de uitvoering van artikel 3, tweede lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, dienen per 1 januari 2019 met 3,9% te worden verhoogd.
Woningen die op of na 1 januari 2018 gereed zijn gekomen, vallen buiten deze verhoging.
Er dient een extra huurverhoging in aanmerking te worden genomen in gevallen waarin de economische huurwaarde van een dienstwoning, behalve door de algemene verhoging van 3,9%, mede door andere factoren is beïnvloed. Bijvoorbeeld als gevolg van een door of vanwege de inhoudingsplichtige aangebrachte verbetering aan de dienstwoning.
Het verschuldigde bedrag voor het privé-gebruik van een dienstauto, zoals genoemd in artikel 3a, eerste lid van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, blijft gehandhaafd op € 0,22 per afgelegde kilometer.
4. Tegemoetkoming representatiekosten
Het bedrag dat de ambtenaar per maand maximaal kan ontvangen als vaste tegemoetkoming voor representatiekosten wordt aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex in de periode september 2017 – september 2018. Hierdoor wordt met ingang van 1 januari 2019 de maximale tegemoetkoming per maand € 560,48.
5. Te werken uren op jaarbasis
Het aantal te werken uren op jaarbasis bedraagt in 2019 bij een volledige arbeidsduur van gemiddeld 36 uur per week afgerond 1836 uren.
Dit aantal is het resultaat van de volgende berekening
| Aantal dagen in 2019 | 365 | |
|---|---|---|
| Aantal zaterdagen | 52 | |
| Aantal zondagen | 52 | |
| Nieuwjaarsdag, dinsdag 1 januari | 1 | |
| Tweede Paasdag, maandag 22 april | 1 | |
| Koningsdag, zaterdag 27 april | – | |
| Bevrijdingsdag, zondag 5 mei | – | |
| Hemelvaartsdag, donderdag 30 mei | 1 | |
| Tweede Pinksterdag, maandag 10 juni | 1 | |
| Eerste Kerstdag, woensdag 25 december | 1 | |
| Tweede Kerstdag, donderdag 26 december | 1 | |
| Totaal zaterdagen, zondagen en feestdagen | 110 | |
| Totaal aantal te werken dagen 2019 | 255 | |
| Aantal te werken hele uren (255 x 7,2) | 1.836 |
6. Arbeidsduur detachering Europese Unie
De standaard werkweek bij de Europese instellingen bedraagt 40 uur per week. Deze werkweek geldt ook voor de Experts Nationaux Détachés (END’ers) die door de ministeries zijn gedetacheerd. Rijksbreed is afgesproken om de arbeidsduur voor deze gedetacheerden op hun verzoek voor de duur van de detachering uit te breiden naar gemiddeld 38 uur per week. Per week wordt dan gemiddeld twee uur compensatieverlof opgebouwd welk verlof verminderd wordt met de bij de EU verplichte feestdagen voor zover die in aantal uitgaan boven de voor de sector Rijk geldende Nederlandse feestdagen.
Voor 2019 zijn de volgende vrije dagen voor de instellingen van de Europese Unie vastgesteld*:
| 1 januari | Nieuwjaarsdag, dinsdag |
|---|---|
| 2 januari | Dag na Nieuwjaarsdag, woensdag |
| 18 april | Witte Donderdag |
| 19 april | Goede Vrijdag |
| 22 april | Paasmaandag |
| 1 mei | Dag van de Arbeid, woensdag |
| 9 mei | Verklaring President Robert Schuman in 1950, donderdag |
| 30 mei | Hemelvaartsdag, donderdag |
| 31 mei | Dag na Hemelvaartsdag, vrijdag |
| 10 juni | Pinkstermaandag |
| 15 augustus | Maria-hemelvaart, donderdag |
| 1 november | Allerheiligen, vrijdag |
| 24 t/m 31 december | Zes dagen eindejaarsvakantie, dinsdag t/m dinsdag |
- afhankelijk van de standplaats kunnen er verschillen zijn in door de EU vastgestelde feestdagen.
7. Werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel
In de Regeling werkgeversbijdrage kinderopvang uitgezonden rijkspersoneel wordt bij het vaststellen van de hoogte van de bijdrage een uurprijs in aanmerking genomen die niet hoger is dan de op basis van artikel 7 van de Wet kinderopvang vastgestelde uurprijzen. Deze uurprijzen (zie Staatsblad 2018, 327) bedragen vanaf 1 januari 2019:
a. a. dagopvang: een bedrag van maximaal € 8,02; b. b. buitenschoolse opvang: een bedrag van maximaal € 6,89; c. c. gastouderopvang: een bedrag van maximaal € 6,15.
8. Werkkostenregeling/
De Werkkostenregeling (WKR) is per 1 januari 2013 rijksbreed ingevoerd. De toepassing van de WKR ten opzichte van 2018 wordt ongewijzigd voortgezet. Voor nadere informatie over de toepassing van de WKR binnen het Rijk verwijs ik u naar de circulaire over dit onderwerp, die met een jaar wordt verlengd. Daarbij is van belang dat met ingang van 1 januari 2016 in de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 de vrije vergoeding of verstrekking voor de fiets voor woon-werkverkeer, vakbondscontributie en bedrijfsfitness zijn vervallen en daarmee ook de daaraan gekoppelde specifieke voorwaarden. Deze specifieke voorwaarden zijn daarom opgenomen in de IKAP-regeling rijkspersoneel.
9. Stagevergoedingen en pensionkosten voor stagiairs
De stagevergoedingen worden vanwege de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Rijk 2018–2020 als volgt vastgesteld:
– – Voor wo- en hbo-studenten wordt sinds 1 juli 2018 een vaste stagevergoeding gehanteerd van € 604,00 bruto per maand bij een stage van 40 uur per week. Met ingang van 1 juli 2019 wordt dat € 616,00. – – Voor stages op mbo-niveau wordt sinds juli 2018 een vaste stagevergoeding gehanteerd van € 439,00 bruto per maand bij een stage van 40 uur per week. Met ingang van 1 juli 2019 wordt dat € 448,00.
De maximale vergoeding voor eventueel te verstrekken pensionkosten bij binnenlandse en buitenlandse stages wordt geïndexeerd overeenkomstig de vergoedingsbedragen van logies bij dienstreizen en wordt daarom € 394,00 per maand met ingang van 1 januari 2019.
10
In de Interne Klokkenluidersregeling Rijk, Politie en Defensie is in artikel 17 de maximale vergoeding voor kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand opgenomen. Deze vergoeding wordt aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex in de periode september 2017–september 2018. Als gevolg daarvan wordt met ingang van 1 januari 2019 het maximale bedrag per uur € 258,57 en het maximale bedrag per afzonderlijke procedure € 6205,71.
11. Maximale stimuleringspremie VWNW-beleid
De maximale transitievergoeding wordt per 1 januari 2019 € 81.000 (Staatscourant 2018, 57904). Omdat voor het maximumbedrag van de VWNW-stimuleringspremie dezelfde indexering wordt gehanteerd als voor de transitievergoeding, bedraagt ook het maximum bedrag van de stimuleringspremie € 81.000 met ingang van 1 januari 2019.
12. Maximale tegemoetkoming kosten beeldschermbril
De circulaire tegemoetkoming kosten beeldschermbril sector Rijk stelt onder welke voorwaarden rijksambtenaren in dienst bij de ministeries in aanmerking komen voor een tegemoetkoming in de kosten van een beeldschermbril en de hoogte daarvan.
De tegemoetkoming in de kosten van de beeldschermbril (montuur, glazen en eventuele kosten van de oogmeting) wordt aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex in de periode september 2017–september 2018. Als gevolg daarvan wordt de maximale tegemoetkoming € 204,00 met ingang van 1 januari 2019.
13. Wijzigingen algemene wet- en regelgeving
De op 1 januari 2019 in werking tredende belastingmaatregelen bevatten, behoudens de gebruikelijke aanpassingen van tarieven, voor afdelingen personeelszaken geen relevante wijzigingen.
De planning is erop gericht dat de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) op 1 januari 2020 in werking treedt. In november is de daarvoor benodigde aanpassingswetgeving aan de Tweede Kamer aangeboden.
Over de implementatie van de Wnra bij de sector Rijk zijn met de vakbonden afspraken gemaakt in de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst 2018–2020; waaronder over de inhoud en vormgeving van de eerste privaatrechtelijke CAO Rijk die de bijna vijftig rijksbrede rechtspositionele regelingen gaat vervangen.
Ter ondersteuning van met name de medewerkers p&o binnen het Rijk is het Kennispunt Nieuwe Rechtspositie ingericht. Daar zijn factsheets en animaties over de gevolgen van de Wnra te vinden en ook het op de sector Rijk toegespitste opleidingsaanbod voor arbeidsjuristen en HR-adviseurs. P-Direkt verzorgt de informatievoorziening voor alle medewerkers en heeft over de gevolgen van de Wnra een pagina ingericht met informatie, veel gestelde vragen en een animatie.
De Wet invoering extra geboorteverlof (WIEG) treedt 1 januari 2019 in werking en regelt uitbreiding van het adoptie- en pleegzorgverlof en introductie van het geboorteverlof en aanvullend geboorteverlof. Deze wijzigingen zijn rechtstreeks van toepassing op rijksambtenaren. In het sectoroverleg Rijk is gesproken over de gevolgen van de WIEG. Daarbij zijn de volgende afspraken gemaakt:
• • Voor de extra twee weken adoptie- en pleegzorgverlof wordt dezelfde handelwijze toegepast als voor de vier huidige weken van dit verlof (ofwel: verlof met behoud van bezoldiging). Artikel 33h, tweede lid, van het Algemeen rijksambtenarenreglement (ARAR) wordt vanwege de Wnra hierop niet meer aangepast. De aanvullende afspraak wordt wel opgenomen in bovengenoemde CAO Rijk. • • Voor de introductie van het geboorteverlof zijn geen aanvullende afspraken nodig en artikel 33d, eerste lid, onderdeel e, van het ARAR wordt niet meer aangepast aan deze wijziging. Vanwege het uitgangspunt om in de CAO Rijk geen bepalingen op te nemen van wat al wettelijk geregeld is, zullen de bepalingen in het ARAR over het verlof voor de partner bij en na de bevalling niet worden opgenomen in de CAO Rijk. • • Over het aanvullend geboorteverlof, dat ingaat per 1 juli 2020 wordt medio 2019 in het Sectoroverleg Rijk gesproken.
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat in de huidige verlofbepalingen in het ARAR de gevolgen van de Wet modernisering verlofregelingen met het oog op de Wnra ook niet zijn verwerkt. De gevolgen van deze wet voor de rechtspositie zijn destijds wel bekend gemaakt via een circulaire (Staatscourant 2017, 17375).
Op Rijksportaal en op www.pdirekt.nl wordt de uitleg over deze aanspraken aangepast aan de wijzigingen vanwege de WIEG en de daarover gemaakte aanvullende afspraken.
Voor meer informatie verwijs ik u naar de website Rijksoverheid.nl, naar de website van de Belastingdienst en naar de nieuwsberichten op Rijksportaal Personeel.
14. Wijzigingen sectorale regelgeving en circulaires
Met de circulaire Toepassen Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Rijk 2018–2020 van 28 augustus 2018 is de overeenkomst met toelichting en instructies voor de uitvoering bekend gemaakt. In de overeenkomst staat het voornemen om in het Sectoroverleg Rijk uiterlijk 1 november 2018 afspraken te maken over de invoering van een rijksbreed roosterstatuut en bijbehorende rechtspositionele afspraken. In het Sectoroverleg Rijk is afgesproken dat partijen hier meer tijd voor willen uittrekken. De verwachting is dat de afspraken hierover in de eerste helft van 2019 worden gemaakt.
In de circulaire staat ook vermeld dat de eenmalige uitkering van € 450 die wordt uitbetaald in januari 2019, onderdeel uitmaakt van het ABP-jaarinkomen 2019. Deze uitkering zal echter onderdeel uitmaken van het ABP-jaarinkomen van 2020.
De in de circulaire aangekondigde formalisering van de algemene salarismaatregelen en de afspraken over betaald ouderschapsverlof worden naar verwachting in de eerste helft van 2019 gerealiseerd.
In de bijlage vindt u een overzicht van de (wijzigingen van) algemene maatregelen van bestuur, ministeriële regelingen en circulaires die tot stand zijn gekomen sinds de vorige eindejaarscirculaire en circulaires die worden verlengd dan wel ingetrokken.
15. Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk
Via Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie Rijk wordt melding gemaakt van in het Staatsblad en de Staatscourant gepubliceerde regelgeving en circulaires. Deze worden niet per post verzonden. Indien u de signalering automatisch wilt ontvangen, kunt u zich aanmelden via https://abonneren.rijksoverheid.nl en vervolgens via Aanmelden nieuwsbrieven de volgende selectie toepassen:
– – Afzender: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties – – Thema: Werk en loopbaan
om de Signalering Arbeidsvoorwaarden & Rechtspositie te vinden.
Ik verzoek u met de inhoud van deze circulaire rekening te houden en daaraan voor zover nodig uitvoering te geven.
Bijlage . bij circulaire 2018-0000956848
^1 Omdat de inhoud is verwerkt in regelgeving