rijk/kb/tijdelijk-besluit-notariële-tarieven-onroerendgoedpraktijk/BWBR0014030/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

28 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Tijdelijk besluit notariële tarieven onroerendgoedpraktijk BWBR0014030 KB geldend 2002-10-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0014030 Tijdelijk besluit notariële tarieven onroerendgoedpraktijk

Tijdelijk besluit notariële tarieven onroerendgoedpraktijk

Artikel 1

1. De notariële tarieven die betrekking hebben op de overdracht van onroerende zaken en teboekgestelde schepen en de vestiging, de overdracht en de afstand van een beperkt recht daarop, alsmede op andere notariële werkzaamheden betreffende registergoederen, bevatten, voor zover niet anders aangegeven, minimum- en maximumtarieven waarbinnen de notaris zijn honorarium bepaalt. De tarieven voor deze werkzaamheden en de grondslag voor het tarief zijn opgenomen in de bijlage van dit besluit.

2. Het tarief omvat alle gebruikelijke werkzaamheden, verband houdende met de notariële akte, waaronder begrepen adviezen, besprekingen, correspondentie, het ontwerpen en het verlijden van akten, alsmede de normale kantoorverschotten, zoals porti, telefoonkosten en dergelijke.

3. Andere verschotten, zoals de kosten van registratie, de kosten van inschrijving in de openbare registers en de kadastrale kosten, zijn niet in de tarieven begrepen. Zij worden, evenals de overdrachtsbelasting, afzonderlijk op de rekening vermeld.

4. Het honorarium wordt op hele euro's naar boven afgerond indien de berekening eindigt op  € 0,50 of meer en op hele euro's naar beneden indien de berekening eindigt op minder dan  € 0,50.

Artikel 2

Indien in één en dezelfde zaak om utiliteitsredenen meer akten worden opgemaakt, moet het tarief voor één enkele akte worden toegepast. Wel kunnen de extra verschotten in rekening worden gebracht.

Artikel 3

Indien om een bepaald rechtsgevolg te bereiken in een akte een constructie wordt gevolgd die afwijkt van de gebruikelijke, wordt desalniettemin het tarief toegepast dat is voorgeschreven voor de gebruikelijke constructie.

Artikel 4

1. Van de toepassing van het minimumtarief kan door het bestuur van de KNB ontheffing worden verleend, indien dit in het bijzondere geval redelijk is.

2. Een verzoek tot ontheffing moet door de notaris schriftelijk en met redenen omkleed worden ingediend.

3. Het bestuur zendt binnen twee weken een afschrift van het verzoek om ontheffing en de daarop gegeven beslissing aan de Minister van Justitie.

Artikel 5

Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 2002 en vervalt op 1 april 2003.

Artikel 6

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijk besluit notariële tarieven onroerendgoedpraktijk.

Bijlage . Bijlage behorende bij

Veilingtarief voor onroerende zaken, ook geldend voor teboekgestelde schepen.

Onder het tarief zijn de kosten begrepen welke onder het transporttarief begrepen zijn doch niet de verdere veilingkosten zoals die van advertenties en biljetten, afslagersloon en zaalhuur.

Het tarief wordt berekend over het bedrag dat tot grondslag strekt voor de berekening van de overdrachtsbelasting, ongeacht of de akte al dan niet is vrijgesteld van die belasting, met dien verstande dat daarbij buiten beschouwing worden gelaten de lasten welke door de koper voor zijn rekening zijn genomen.

Bij veiling van meer percelen wordt bij de vaststelling van het tarief uitgegaan van de opbrengst van elk afzonderlijk gegunde perceel of van elke afzonderlijke gegunde combinatie, met dien verstande evenwel, dat splitsing van in combinatie gegunde percelen, hetzij voor de sluiting van het procesverbaal van veiling en gunning, hetzij bij akte de command of bij de akte van gunning na beraad, als afzonderlijke gunningen worden beschouwd.

Het tarief wordt bij de onderstaande intervallen van de grondslag begrensd door de daarbij vermelde minimum- en maximumtarieven. Bij een waardegrondslag van  € 18 151 209, of hoger geldt een minimumtarief.

Het tarief wordt bij de onderstaande intervallen van de grondslag begrensd door de daarbij vermelde minimum- en maximumtarieven. Bij een grondslag van  € 18 151 209, of hoger geldt een minimumtarief.

Bij ophouding wordt als honorarium bij verkoper in rekening gebracht een bedrag dat ligt tussen 2/3 van het geldende minimum- respectievelijk maximumtarief volgens de veilingtarieven I 2 en 3.

Indien een veiling na aankondiging door biljetten of advertenties geen doorgang vindt, wordt als honorarium bij verkoper in rekening gebracht een bedrag dat ligt tussen de helft van het geldende minimum- respectievelijk maximumtarief volgens de veilingtarieven I 2 en 3, met dien verstande dat het tarief berekend wordt over de door de notaris te schatten grondslag als in I 1 bedoeld.

Op een openbare verkoop bij inschrijving zijn de veilingtarieven I, II, III en IV van overeenkomstige toepassing.

Voor een akte de command, uitgebracht binnen 6 dagen (zulks met inachtneming van de Algemene Termijnenwet) na de gunning geldt een minimumtarief van  € 76,.

Op een akte de command, welke na verloop van deze termijn verleden wordt, is het transporttarief I 2 casu quo het transporttarief V 2 van toepassing.

Tenzij de bijzondere veilingvoorwaarden anders bepalen komen ten laste van:

Indien samen met het onroerend goed melkquotum wordt geveild geldt voor de veiling van het melkquotum geen tarief.

Kosten en/of bemoeiingen terzake van rechterlijke machtigingen en dergelijke worden afzonderlijk berekend.

Voor de extra bemoeiingen nodig ter verkrijging van de vrijstelling van overdrachtsbelasting op grond van artikel 15 lid 1 sub q van de Wet op belastingen van rechtsverkeer, dient in rekening gebracht te worden een bedrag van ten minste  € 68,, vermeerderd met de extra verschotten aan kadastrale recherches, kadastrale plans, enz.

Bij verkoop vrij op naam wordt het tarief berekend over de overeengekomen koopsom, na aftrek van de transportkosten berekend over die overeengekomen koopsom.

Is ter zake van de levering omzetbelasting verschuldigd, dan dient het honorarium te worden berekend over de tegenprestatie exclusief de omzetbelasting.

Grondslag

Het tarief wordt, tenzij hierna anders is vermeld (zie b.v. bij grond waarop zal worden gebouwd, erfpacht en blote eigendom), berekend over het bedrag dat tot grondslag strekt voor de berekening van de overdrachtsbelasting, ongeacht of de akte al dan niet is vrijgesteld van die belasting.

Indien in de akte geen waarde is uitgedrukt, wordt het tarief toegepast op de door de notaris te schatten waarde.

Zie hetgeen hierboven over de grondslag is bepaald.

Het tarief wordt bij de onderstaande intervallen van de grondslag begrensd door de daarbij vermelde minimum- en maximumtarieven. Bij een grondslag van € 18 151 209, of hoger geldt een minimumtarief.

Bij ruiling wordt het transporttarief I 2 voor iedere partij berekend over de waarde van het door haar verkregen lot.

Indien de ruiling een overdracht als bedoeld onder transporttarief II inhoudt wordt gerekend: transporttarief II over de waarde van het lot, dat op de overdracht als bedoeld onder II betrekking heeft en transporttarief I 2 over de waarde van het andere lot.

Indien de Staat partij is bij ruiling geldt transporttarief III, berekend over de waarde van het door de Staat verkregen lot en transporttarief I 2 over de waarde van het andere lot.

Overeenkomstig de algemene regel wordt bij erfpacht, voorzover hierna niet anders is bepaald, het transporttarief I 2 berekend over het bedrag dat tot grondslag voor de berekening van de overdrachtsbelasting strekt.

Indien in verband met de mogelijkheid van verhoging van de canon voor de berekening van de overdrachtsbelasting een schatting moet plaatshebben, geldt de verhoogde grondslag niet voor de toepassing van het tarief.

Voor zover in een wijziging van de erfpachtsvoorwaarden (conversie) een verhoging van de canon is begrepen, alsmede bij uitsluitend verhogen van de canon, wordt het tarief berekend als volgt: honorarium over de nieuwe gekapitaliseerde canon minus het honorarium over de oude gekapitaliseerde canon, berekend naar het ten tijde van de verhoging geldende tarief en naar dezelfde kapitalisatiefactor (d.w.z. de factor die behoort bij de tijd dat de erfpacht na de verhoging van de canon nog zal duren), echter met een minimum van € 95, per geval.

In geval van met elkaar samenhangende conversies met canonverhoging of uitsluitend verhogen van de canon, waarbij één erfverpachter en meer dan twee erfpachters zijn betrokken en welke betrekking hebben op naburig gelegen onroerende goederen, wordt voor elke conversie/canonverhoging voormeld tarief met 15% verlaagd. Tevoren dient tussen de erfverpachter en de notaris vastgesteld te worden welke erfpachtsrechten aan deze eis voldoen. De desbetreffende akten hoeven niet op dezelfde dag te worden gepasseerd.

Bij uitgifte in erfpacht van onroerend goed aan de pachter of huurder daarvan wordt het honorarium berekend als volgt, mits de pacht- of huurverhouding voor ten minste zes jaren was aangegaan:

Indien een opstalrecht verleend wordt in samenhang met een huurovereenkomst hetzelfde onroerend goed betreffende, wordt de grondslag van het tarief, indien en voor zover bij de berekening van de overdrachtsbelasting geen rekening met de huurprijs wordt gehouden, verhoogd met het tienvoud van de jaarlijkse huurprijs, met dien verstande dat het tarief over niet meer berekend wordt dan de waarde van het gehele onroerend goed, waarop de huurovereenkomst en het opstalrecht betrekking hebben.

Bij overdracht van eigendom, belast met erfpacht, opstal, beklemming, vruchtgebruik of recht van gebruik en bewoning wordt het transporttarief I 2 berekend over de waarde (in normale gevallen gelijk aan het bedrag van prijs en lasten) voor zover van toepassing zonder aftrek van de gekapitaliseerde schuldplichtigheid of bijtelling van de waarde van door de erfpachter, opstalhouder of beklemde meier of (vrucht-)gebruiker gestichte opstallen.

Bij overdracht van eigendom, onder voorbehoud van vruchtgebruik, recht van gebruik en bewoning, erfpacht, opstal of beklemming, wordt het transporttarief I 2 berekend over de waarde van de volle eigendom.

Indien meer dan één overdracht bij één akte plaatsvindt, wordt het tarief over elke overdracht afzonderlijk berekend, tenzij het betreft meer overdrachten door dezelfde overdragende partij aan dezelfde verkrijgende partij. In dit laatste geval wordt het tarief berekend over de totale waarde van wat door dezelfde partij wordt overgedragen.

Met elkaar samenhangende overdrachten van naburig gelegen grond, waarop door of namens de overdragende partij of door een tussenpersoon krachtens aannemings- of andere bouwovereenkomst wordt of zal worden gebouwd

A. Voor elke overdracht van grond, waarop door of namens de overdragende partij of door een tussenpersoon gebouwd wordt, of zal worden gebouwd, wordt in rekening gebracht de helft van het transporttarief I 2 berekend over het bedrag dat gelijk is aan de totale tegenprestatie (koop-/aannemingssom), exclusief de omzetbelasting.

Dit tarief geldt per over te dragen kavel. Indien het gehele bouwcomplex in totaal aan koop-/aannemingssommen (excl. B.T.W.) meer dan  € 1 815 121, vertegenwoordigt, dan dient in afwijking van het vorengaande per kavel minimaal in rekening gebracht te worden hetgeen als minimumtarief zou hebben gegolden indien de koop-/aannemingssommen voor de kavels in totaal € 1 815 121, zouden hebben bedragen. Indien dit bedrag lager uitvalt moet te allen tijde minimaal  € 226, per kavel in rekening worden gebracht.

B. Werkzaamheden voor het vestigen van erfdienstbaarheden zijn normaliter in het transporttarief begrepen. Moeten er echter bij bouwcomplexen bijzondere regelingen getroffen worden (centraal antennesysteem, ingewikkelde erfdienstbaarheden e.d.), dan zullen voor die werkzaamheden extra kosten in rekening kunnen worden gebracht.

C. Bij vestiging van een recht van erfpacht, opstal of beklemming (zie sub I 4) en bij overdracht van blote eigendom (zie sub I 5), dient het transporttarief I 7 naar analogie te worden toegepast.

D. Als tussenpersoon wordt aangemerkt ieder, die met betrekking tot de overdracht direct of indirect in zakelijke relatie staat met de overdragende partij en/of de verkrijger.

E. In het tarief is begrepen de medewerking van de notaris aan de opleveringsregeling (de zogenaamde 5%-regeling).

Indien ten aanzien van eenzelfde onroerende zaak op dezelfde dag voor dezelfde notaris meer dan één akte van overdracht wordt gepasseerd, is het tarief slechts eenmaal verschuldigd en wel over het hoogste bedrag, vermeerderd met een tarief van ten minste  € 190, en ten hoogste € 508, voor iedere extra akte plus alle extra verschotten.

In geval van een project anders dan bedoeld onder transporttarief I 7 van met elkaar samenhangende overdrachten door één verkoper van naburig gelegen onroerende goederen aan meer dan twee verschillende kopers, wordt voor elke overdracht de minimum- en maximumbedragen van het transporttarief I 2 met 15% verlaagd. Tevoren dient tussen verkoper en de notaris vastgesteld te worden welke onroerende goederen onder dit project vallen. De overdrachten hoeven niet op dezelfde dag plaats te vinden. Dit tarief geldt per overdracht. Indien de tariefgrond-slagen van alle overdrachten uit het project in totaal meer dan  € 1 815 121, bedragen, dan dient per overdracht minimaal in rekening te worden gebracht hetgeen als tarief zou hebben gegolden indien de grondslagen voor de overdrachten in totaal  € 1 815 121, zouden hebben bedragen. Indien het berekende bedrag lager uitvalt moet te allen tijde per overdracht minimaal  € 226, in rekening worden gebracht.

II. A. a. Verkrijgingen door krachtens artikel 70 van de Woningwet toegelaten instellingen (verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid en stichtingen) van zgn. woningwetwoningen of van grond of woningen bestemd voor (de bouw van) zgn. woningwetwoningen.

b. Overdrachten op grond van de onderwijswetgeving van schoolgebouwen of van grond bestemd voor de bouw daarvan.

c. Overdrachten van ziekenhuizen of van grond bestemd voor de bouw daarvan.

Het tarief bedraagt de helft van de minimum- respectievelijk maximumbedragen van het gewone transporttarief I 2, met een minimum van  € 190,1Bij een waarde beneden  € 908, is het transporttarief 1.2 van toepassing..

In de hierboven bedoelde gevallen wordt het tarief alleen over de waarde van de grond berekend indien duidelijk blijkt dat bij de stichting van de opstallen reeds vaststond dat de betrokken overdracht in het voornemen lag.

Voor het overige is van toepassing de grondslag sub I 1 vermeld en hetgeen sub I 3, I 4, I 5 en I 6 is bepaald.

Het tarief bedraagt 2/3 van de minimum- respectievelijk maximumbedragen van het gewone transporttarief I 2, met een minimum van  € 190,2Bij een waarde beneden  € 908, is het transporttarief 1.2 van toepassing..

Het tarief geldt:

Het tarief bedraagt de helft van de minimum- respectievelijk maximumbedragen van het gewone transporttarief I 2, met een minimum van  € 190,3Bij een waarde beneden  € 908, is het transporttarief 1.2 van toepassing..

Het tarief wordt toegepast over de totale tegenprestatie inclusief alle bijkomende vergoedingen.

Het transporttarief III 2 is op deze overdrachten van toepassing, indien de provincie over een goed geoutilleerd apparaat beschikt, dat de akten voorbereidt. De beslissing of een dergelijk apparaat aanwezig is en het staatstransporttarief III 2 derhalve kan worden toegepast, berust bij het bestuur van de KNB.

Het tarief wordt berekend over het bedrag van de tegenprestatie of, zo deze hoger mocht zijn, over de waarde, behoudens het sub I 5 bepaalde, dat te dezen mede van toepassing is, evenals het sub I 3 en I 6 bepaalde.

Kosten van teboekstelling zijn niet in het tarief begrepen; evenmin kosten van merking bij schepen.

Het tarief is gelijk aan het gewone transporttarief I 2.

Bij een waardegrondslag van  € 2 268 901, of hoger geldt een minimumtarief behorend bij een grondslag van  € 2 268 901,.

Grondslag is de waarde der overgedragen zaken, behoudens het sub I 4 en I 5 bepaalde, dat te dezen mede van toepassing is.

Het opmaken van een schenkingsaangifte is onder het tarief begrepen.

Meer schenkingen bij één akte worden als afzonderlijke schenkingen beschouwd, tenzij het betreft meer schenkingen bij één akte door dezelfde schenker aan bloed- of aanverwanten in de rechte neerdalende lijn.

Transporttarief I 2, voor zover de transporttarieven III en IV niet van toepassing zijn.

In geval van ruilverkaveling krachtens overeenkomst, zijnde een zogenaamde kavelruil, geldt het (normale) transporttarief I 2 en wel per overgedragen kavel.

Het transporttarief I 2 toe te passen over de waarde van de onroerende zaak of het schip, behoudens het sub I 5 bepaalde, dat te dezen mede van toepassing is, evenals het sub I 6 bepaalde. Indien naast de notariële akte, die de huurkoopovereenkomst bevat, (tegelijkertijd) een afzonderlijke akte van levering moet worden opgemaakt, dient voor elk van deze akten de helft van het tarief berekend over de waarde van de onroerende zaak, het schip ten tijde van het opmaken van de betrokken akte te worden berekend. In geval de akte van levering binnen drie maanden na de akte houdende huurkoopovereenkomst wordt opgemaakt en wel voor dezelfde notaris, mag voor de berekening van het honorarium van de eerstgenoemde akte in mindering worden gebracht een bedrag dat gelijk is aan de helft van het honorarium dat gedeclareerd is voor de akte houdende huurkoopovereenkomst.

Het transporttarief I 2 over de waarde van de flat, waarvan men door het lidmaatschap het gebruik verkrijgt.

Verder is van toepassing het sub I 3 en I 6 bepaalde.

Bij scheiding van onroerende zaken en teboekgestelde schepen, gemeen uit welken hoofde dan ook, geldt het transporttarief I 2 resp. V 2 over de waarde van de bij de scheiding betrokken onroerende zaken of schepen, met dien verstande dat het honorarium niet hoger kan zijn dan het zou hebben bedragen indien de transaktie in de vorm van een overdracht zou zijn gegoten.

a. Voor een notariële akte houdende economische eigendomsoverdracht van onroerend goed dient het normale transporttarief in rekening te worden gebracht.

b. Voor een akte houdende de juridische levering van het onroerend goed dient eveneens het normale transporttarief in rekening te worden gebracht.

c. Ingeval de juridische levering binnen drie maanden na het verlijden van de notariële akte van economische eigendomsoverdracht plaatsvindt bij een akte voor dezelfde notaris, waarbij partijen dezelfde zijn, mag voor de berekening van het honorarium van de laatst opgemaakte akte in mindering worden gebracht, een bedrag dat gelijk is aan de helft van het honorarium dat gedeclareerd is voor de economische eigendomsoverdracht.

N.B. Indien ter nakoming van de verplichting tot levering door de juridische eigenaar hypotheek wordt verleend, zie voor berekening van het tarief onder hypotheektarief XI.

In geval van afgifte van een legaat van onroerende zaken of schepen wordt het gewone transporttarief I 2 c.q. V 2 toegepast; het bij het transporttarief sub I 4, I 5 en I 6 bepaalde is daarbij van toepassing.

Op toedeling van vruchtgebruik dan wel afgifte van een legaat houdende vruchtgebruik is, voorzover het vruchtgebruik betrekking heeft op onroerende zaken en schepen, het vorenstaande eveneens van toepassing.

In geval van inbreng van onroerende zaken en schepen hetzij bij een akte van oprichting, hetzij bij een akte van wijziging of andere akte in een N.V./B.V. dan wel in maat- of vennootschappen welker kapitaal niet in aandelen is verdeeld, wordt in rekening gebracht de helft van het transporttarief I 2 c.q. V 2 over de waarde van de ingebrachte onroerende zaken of schepen, zulks met een minimum van  € 190,4Bij een waarde beneden  € 908, is het transporttarief 1.2 van toepassing.. Het bij het transporttarief sub I 4, I 5 en I 6 bepaalde is daarbij van toepassing.

Dit tarief geldt ook indien de onroerende zaken of schepen deel uitmaken van een ingebrachte onderneming.

Indien bij de inbreng in voormelde maat- of vennootschappen (welker kapitaal niet in aandelen is verdeeld) de ingebrachte onroerende zaken of schepen vóór de inbreng reeds aan alle maten tezamen toebehoorden wordt 1/4 van het tarief in rekening gebracht, met een minimum van  € 190,5Zie voetnoot 1..

Het tarief wordt berekend over de hoofdsom tot zekerheid waarvan de hypotheek wordt verleend. Het meestal begrote bedrag voor rente en kosten blijft dus buiten beschouwing.

Kosten en/of bemoeiingen terzake van rechterlijke machtigingen en dergelijke worden afzonderlijk berekend. Kosten van merking en teboekstelling van schepen zijn evenmin in het tarief begrepen.

Indien de hypotheek deel uitmaakt van diverse zekerheden voor een aangegane lening of verleend crediet zoals bij praktijkfinanciering het geval is wordt het hypotheektarief beperkt tot de door de notaris te schatten waarde van de hypothecair verbonden zaken. Voor het restant van de schuld gelden dan derhalve geen tarieven.

1. Het tarief bedraagt 2/3 van het transporttarief I 2.

2. Indien op dezelfde dag waarop een akte van hypotheekverlening wordt verleden een akte tot verkrijging van het onroerend goed waarop het recht van hypotheek zal worden verleend, wordt gepasseerd, wordt het hypotheektarief met 25% verlaagd.

Indien het recht van hypotheek wordt verleend op meer onroerende goederen die niet alle dezelfde dag zijn verkregen, wordt de 25% verlaging berekend over dat deel van het honorarium dat, naar verhouding van de waarden van de ondergezette onroerende goederen, toegerekend kan worden aan de op dezelfde dag verkregen en ondergezette onroerende goederen.

Op hypotheekverlening op schepen is hypotheektarief I van toepassing.

**1. **Bij fusie van bankinstellingen:

Hiervoor geldt geen tariefregeling.

2. Bij conversie van erfpacht: 3/4 van het hypotheektarief I, met een minimum van  € 127,.

3. In verband met inbreng van een met hypotheek belaste zaak in een maat- of vennootschap: de helft van hypotheektarief I c.q. de helft van hypotheektarief II, met een minimum van € 127,.

4. In alle gevallen behalve die genoemd onder III 1, 2 en 3, mits de hypotheeknemer, de hypotheekgever en, indien er sprake is van een derdenhypotheek, de schuldenaar, alsmede het onderpand dezelfde blijven: de helft van hypotheektarief I.

Getuigschrift van bezwaardheid, royement en al hetgeen de crediteur meer verlangt dan grosse, afschrift, ingeschreven afschrift, één kadastraal extract en één assurantieverklaring, worden in deze gevallen afzonderlijk berekend.

Hypotheektarief I te berekenen over de verhoging, met dien verstande dat minimaal in rekening wordt gebracht de helft van het minimum hypotheektarief I over de hoofdsom, onverminderd de kosten van royement.

Hypotheektarief I te berekenen over de waarde van het toegevoegde onderpand, met dien verstande, dat nimmer meer in rekening wordt gebracht dan het hypotheektarief I over de hoofdsom.

Het tarief bedraagt 1/3 van het hypotheektarief I, met een minimum van  € 127,.

Voor hypotheekstellingen ten behoeve van bloed- of aanverwanten in de rechte lijn, tot zekerheid van schuldig gebleven uitkeringen wegens overbedeling bij boedelscheiding, wordt in rekening gebracht de helft van het hypotheektarief I, met een minimum van  € 127,.

Het maakt geen verschil of de schuldeiser meerderjarig of minderjarig is en of de hypotheek bij de akte van boedelscheiding dan wel bij afzonderlijke akte wordt verleend.

Indien de debiteur een onherroepelijke volmacht tot hypotheekverlening aan de crediteur verstrekt, terwijl het niet de bedoeling is dat laatstgenoemde terstond hypotheek neemt, doch eerst wanneer hem dit gewenst voorkomt, wordt voor deze volmacht berekend:

⅓ van het hypotheektarief I met een minimum van  € 127,. Wanneer t.z.t. de hypotheekakte met gebruikmaking van de volmacht voor dezelfde notaris wordt verleden, zal het voor de volmacht berekende bedrag in mindering worden gebracht op de kosten van de hypotheekakte vermeerderd met de extra verschotten, met dien verstande dat het honorarium voor de hypotheekakte minimaal €  127, bedraagt.

Gehele doorhaling: tussen  € 19, en  € 50,.

Gedeeltelijke doorhaling: tussen  € 28, en  € 76,.

In het tarief zijn de kosten van registratie begrepen, echter niet het kadastraal recht dat voor de doorhaling ten hypotheekkantore verschuldigd is.

Voor vernieuwing van de op de ingebrachte onroerende zaken of schepen rustende hypotheken wordt de helft van het hypotheektarief I c.q. II berekend, met een minimum van  € 127,.

Wanneer een tot een onderneming behorend onroerend goed niet wordt ingebracht in een nieuwe maat- of vennootschap, doch opnieuw hypothecair moet worden verbonden voor dezelfde schuld/kredietverhouding, geldt hetzelfde tarief als voor vernieuwing van een hypotheek wegens inbreng op een ingebrachte zaak.

Wordt ter nakoming van de verplichting van de overdragende partij tot levering van het onroerend goed het recht van hypotheek verleend, dan dient hiervoor het normale hypotheektarief in rekening te worden gebracht, tenzij de juridische eigenaar ten behoeve van de economische eigenaar, ter nakoming van zijn verplichting, het hypotheekrecht verleent uitsluitend en alleen op het betrokken onroerend goed bij een akte voor dezelfde notaris als degene ten overstaan van wie de economische eigendomsoverdracht plaatsvond. In dat geval dient de helft van het normale hypotheektarief in rekening te worden gebracht.

Indien de juridische eigenaar een onherroepelijke volmacht tot hypotheek verlening aan de economische eigenaar verstrekt, terwijl het niet de bedoeling is dat laatstgenoemde terstond hypotheek neemt, doch eerst wanneer hem dit gewenst voorkomt, wordt voor deze volmacht berekend: ⅓ van het hypotheektarief I, met een minimum van €  127,.

Het hypotheektarief I is van toepassing over de hoofdsom tot zekerheid waarvan in pand wordt gegeven.

Onderscheiden kunnen worden:

Het is mogelijk, dat de sub a bedoelde akten worden gecombineerd met de sub b respectievelijk c bedoelde akten. Dit maakt voor de berekening van het tarief geen verschil.

Hetgeen bij het transporttarief opgemerkt over verschotten, omzetbelasting, e.d. geldt ook voor het appartemententarief.

a. Bij een grondslag boven  € 1 815 121, geldt geen tariefregeling, met dien verstande dat minimaal het minimumtarief bij een grondslag van  € 1 815 121, in rekening gebracht moet worden, vermeerderd met onderstaand bedrag per ontstaan appartementsrecht.

b. Het tarief is gelijk aan het transporttarief I 2 over de waarde van het onroerend goed in voltooide staat (de optelsom van de onderhandse verkoopwaarden van de bij de splitsing betrokken appartementsrechten), zulks met een minimum van  181,. Het aldus berekende bedrag wordt verhoogd met een bedrag van ten minste  € 27, en ten hoogste  € 72, per na splitsing ontstaan appartementsrecht.

Onder dit tarief zijn niet begrepen het architecten-honorarium en de kosten verbonden aan het maken van de vereiste tekeningen.

1. Indien er sprake is van een (appartementen)bouwcomplex als omschreven onder transporttarief I 7 en het appartementsrecht vóór het eerste gebruik als afzonderlijk geheel (is verkocht en) wordt overgedragen: transporttarief I 7 is van toepassing.

2. In de overige gevallen: het gewone transporttarief I 2 is van toepassing, zulks met inachtneming van transporttarief I 9.

3. In geval van opheffing van onverdeeldheden tussen appartementseigenaren (zie aanhef sub c) is transporttarief X van overeenkomstige toepassing.

N.B.

Indien bij dezelfde notaris:

wordt het transporttarief dat bij de aankoop in rekening is gebracht in mindering gebracht op de toedelingskosten (appartemententarief II sub 3).