40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
163 lines
7 KiB
Markdown
163 lines
7 KiB
Markdown
---
|
|
titel: Aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen), schooljaar
|
|
2001 - 2002 en 2002 - 2003
|
|
bwb_id: BWBR0014244
|
|
type: ministeriele-regeling
|
|
status: geldend
|
|
datum_inwerkingtreding: '2002-11-13'
|
|
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0014244
|
|
citeertitel: Aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen),
|
|
schooljaar 2001 - 2002 en 2002 - 2003
|
|
---
|
|
|
|
# Aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen), schooljaar 2001 - 2002 en 2002 - 2003
|
|
|
|
### Paragraaf I. Begripsbepalingen
|
|
|
|
### Artikel 1
|
|
|
|
Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
|
|
|
|
### Paragraaf II. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 januari 2002
|
|
|
|
### Artikel 2
|
|
|
|
**1.** Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
|
|
|
|
**2.**
|
|
|
|
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule: cf x ggl +c.
|
|
|
|
Daarbij is:
|
|
|
|
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
|
|
|
|
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 34.873,87, ongeacht de schoolsoortgroep.
|
|
|
|
### Artikel 3
|
|
|
|
**1.** Indien een aanvullende bekostiging op grond van artikel 85a, eerste lid, van de WVO wordt verstrekt, zijn op de vaststelling van de bekostiging het tweede tot en met vierde lid van toepassing.
|
|
|
|
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 2, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
**3.** Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor
|
|
|
|
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 2, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
### Paragraaf III. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 juli 2002
|
|
|
|
### Artikel 4
|
|
|
|
**1.** Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
|
|
|
|
**2.**
|
|
|
|
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule: cf x ggl +c.
|
|
|
|
Daarbij is:
|
|
|
|
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
|
|
|
|
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet. Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 35.468,21, ongeacht de schoolsoortgroep.
|
|
|
|
### Artikel 5
|
|
|
|
**1.**
|
|
|
|
Indien een aanvullende bekostiging op grond van artikel 85a, eerste lid, van de WVO wordt verstrekt, zijn op de vaststelling van de bekostiging het tweede tot en
|
|
|
|
met vierde lid van toepassing.
|
|
|
|
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 4, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
**3.** Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor
|
|
|
|
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 4, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
### Paragraaf IV. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 augustus 2002
|
|
|
|
### Artikel 6
|
|
|
|
**1.** Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
|
|
|
|
**2.**
|
|
|
|
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule: cf x ggl +c.
|
|
|
|
Daarbij is:
|
|
|
|
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
|
|
|
|
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet. Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 35.498,38, ongeacht de schoolsoortgroep.
|
|
|
|
### Artikel 7
|
|
|
|
**1.** Indien een aanvullende bekostiging op grond van artikel 85a, eerste lid, van de WVO wordt verstrekt, zijn op de vaststelling van de bekostiging het tweede tot en met vierde lid van toepassing.
|
|
|
|
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 6, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
**3.** Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
|
|
|
|
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 6, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
### Paragraaf V. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 januari 2003
|
|
|
|
### Artikel 8
|
|
|
|
**1.** Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
|
|
|
|
**2.**
|
|
|
|
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule: cf x ggl +c.
|
|
|
|
Daarbij is:
|
|
|
|
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet.
|
|
|
|
Deze bedraagt voor:
|
|
|
|
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 35.458,43, ongeacht de schoolsoortgroep.
|
|
|
|
### Artikel 9
|
|
|
|
**1.** Indien een aanvullende bekostiging op grond van artikel 85a, eerste lid, van de WVO wordt verstrekt, zijn op de vaststelling van de bekostiging het tweede tot en met vierde lid van toepassing.
|
|
|
|
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 6, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
**3.** Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor
|
|
|
|
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 6, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
|
|
|
|
### Paragraaf VI. Slotbepalingen
|
|
|
|
### Artikel 10
|
|
|
|
Deze regeling zal met toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.
|
|
|
|
### Artikel 11
|
|
|
|
Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg Gele katern waarin deze regeling is bekendgemaakt en werkt wat betreft de artikelen 2 en 3 terug tot en met 1 januari 2002, wat betreft de artikelen 4 en 5 tot en met 1 juli 2002 en wat betreft de artikelen 6 en 7 tot met met 1 augustus 2002.
|