40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.2 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Aanwijzings- en mandaatbesluit Wwft 2018 | BWBR0041190 | ministeriele-regeling | geldend | 2025-12-07 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0041190 | Aanwijzings- en mandaatbesluit Wwft 2018 |
Aanwijzings- en mandaatbesluit Wwft 2018
Artikel 1
Met het toezicht op de naleving van de bij en krachtens de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme gestelde regels worden belast, voor zover het natuurlijke personen, rechtspersonen of vennootschappen betreft als bedoeld in artikel 1a, vierde lid, onderdeel g, h, i, j, k, m en n, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, de medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit.
Artikel 2
1. Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in de paragrafen 4.2 en 4.3 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
2. De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, ondermandaat verlenen aan de medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit.
Artikel 3
1. Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt mandaat verleend voor het nemen van besluiten in het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, met uitzondering van het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning.
2. Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt volmacht verleend voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
3. De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden ondermandaat respectievelijk ondervolmacht verlenen aan medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit.
Artikel 3a
1. Aan de algemeen directeur van het CJIB wordt machtiging verleend voor het verrichten van feitelijke handelingen die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
2. In het kader van de invordering van verbeurde dwangsommen of opgelegde boetes die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, wordt aan de algemeen directeur van het CJIB mandaat verleend voor het in rekening brengen van een vergoeding voor een aanmaning als bedoeld in artikel 4:113 van de Algemene wet bestuursrecht, alsmede voor het treffen van betalingsregelingen en het verlenen van uitstel van betaling als bedoeld in artikel 4:94 van de Algemene wet bestuursrecht.
3. De algemeen directeur van het CJIB kan voor de in het eerste en tweede lid bedoelde aangelegenheden machtiging respectievelijk ondermandaat verlenen aan medewerkers van het CJIB.
Artikel 4
1. Aan de secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën wordt mandaat verleend om te beslissen op bezwaarschriften tegen op grond van de artikelen 2, eerste lid, en 3, tweede lid, in mandaat genomen besluiten.
2. De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën kan ondermandaat verlenen aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit, voor zover dit ziet op besluiten die de directeur niet in mandaat neemt.
Artikel 5
De secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën en de in artikel 4, tweede lid, bedoelde directeur zijn gemachtigd tot het voeren van verweer in gerechtelijke procedures die voortvloeien uit de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme. Zij kunnen aan onder hen ressorterende ambtenaren ter zake ondermachtiging verlenen.
Artikel 6
Het krachtens mandaat, machtiging of volmacht ondertekenen van stukken geschiedt als volgt:
DE MINISTER VAN FINANCIËN,
namens deze,
(handtekening)
gevolgd door naam en functie van de gemandateerde functionaris
Artikel 7
Het Besluit van de Minister van Financiën van 27 november 2009, nr. FM/2009/3373, betreffende bekendmaking mandaatverlening handhaving en sanctionering Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Stcrt. 2009, 18645) wordt ingetrokken.
Artikel 8
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Implementatiewet vierde anti-witwasrichtlijn in werking treedt.
Artikel 9
Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzings- en mandaatbesluit Wwft 2018.