rijk/ministeriele-regeling/besluit-bevoegdhedencommissie-vo-ii/BWBR0042309/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

4.4 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit Bevoegdhedencommissie vo II BWBR0042309 ministeriele-regeling geldend 2019-06-21 https://wetten.overheid.nl/BWBR0042309 Besluit Bevoegdhedencommissie vo II

Besluit Bevoegdhedencommissie vo II

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *commissie:* commissie als bedoeld in artikel 2;

b. b.

    *minister:* Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media;

c. c.

    *vak:* algemeen gebruikelijk vak als bedoeld in artikel 33, lid 1c, onder b, van de Wet op het voortgezet onderwijs.

Artikel 2

1. Er is een Bevoegdhedencommissie vo.

2. De commissie heeft tot taak ten behoeve van het onderwijs te adviseren over passende bevoegdheden voor nieuwe vakken in het voortgezet onderwijs.

Artikel 3

1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten hoogste zeven leden.

2. De voorzitter en de andere leden worden door de minister benoemd.

3. De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.

4. Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister een ander lid benoemen.

5. De voorzitter en overige leden kunnen worden geschorst en ontslagen door de minister.

Artikel 4

De commissie wordt ingesteld tot 1 april 2020.

Artikel 5

1.

Tot bezoldigd lid van de commissie worden benoemd:

a. a. B.S. Eilander te Zoetermeer, tevens voorzitter; b. b. namens Platform Vakinhoudelijke Verenigingen Voortgezet Onderwijs: A. van der Drift te Winsum; c. c. namens Federatie van Onderwijsvakorganisaties: drs. H. van der Ree te Nieuwerkerk aan de IJssel; d. d. namens Stichting Platforms VMBO: W.C. Wijnen te Grubbenvorst; e. e. namens Algemeen Directeurenoverleg Educatieve Faculteiten: drs. J.F. van Meegen te Leiden.

2.

Tot onbezoldigd lid van de commissie worden benoemd:

a. a. namens VO-raad: A.S.M. Peters te Goirle; b. b. namens Interuniversitaire Commissie Lerarenopleidingen: prof. dr. P.J. den Brok te Wijchen.

Artikel 6

1. De commissie wordt ondersteund door een secretariaat.

2. Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie.

Artikel 7

1. De commissie kan zich, na toestemming van de minister, door andere personen doen bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

2. De commissie stelt een protocol vast over de wijze waarop zij tot een besluit komt en de manier waarop zij verslag doet van dit besluit.

Artikel 8

De leden van de commissie zijn bevoegd zich voor het inwinnen van inlichtingen te wenden tot personen en instellingen en hen te verzoeken die medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van de opdracht van de commissie.

Artikel 9

De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 10

1. De commissie brengt een eindrapportage uit aan het eind van haar instellingstermijn.

2. De commissie kan uit eigen beweging of op verzoek van de minister gedurende het jaar een of meerdere tussenrapportages uitbrengen.

Artikel 11

Rapporten, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht of overgedragen.

Artikel 12

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Directie Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 13

1. Dit besluit treedt in werking de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant, waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 oktober 2018, met dien verstande dat de bezoldigde leden genoemd onder d. en e. van artikel 5, eerste lid, voor de periode van 1 oktober 2018 tot en met 31 december 2018 als onbezoldigd lid waren aangesteld en per 1 januari 2019 bezoldigd lid zijn geworden.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2021.

Artikel 14

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Bevoegdhedencommissie vo II.