40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2.9 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar LID 2007 | BWBR0021704 | ministeriele-regeling | geldend | 2007-04-18 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0021704 | Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar LID 2007 |
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar LID 2007
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a. buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 2; b. b. LID: Stichting Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming.
Artikel 2
Maximaal 30 personen, werkzaam bij de LID als inspecteur dierenbescherming, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel 3
1. De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu en Welzijn, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
2. De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
3. De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld.
Artikel 4
1. Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie van het Functioneel Parket.
2. Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het Korps landelijke politiediensten.
Artikel 5
De directeur van de LID brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand, aan de Minister van Justitie verslag uit over:
a. a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij de LID; b. b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen voor dat examen zijn geslaagd; d. d. het aantal klachten dat tegen buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend en de aard van die klachten.
Artikel 6
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 6 april 2007, nr. 5477893/07/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Artikel 7
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na inwerkingtreding.
Artikel 8
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar LID 2007.