rijk/ministeriele-regeling/besluit-ondermandaat-nederlandse-vertegenwoordigingen/BWBR0037762/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

5.6 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit ondermandaat Nederlandse vertegenwoordigingen BWBR0037762 ministeriele-regeling geldend 2016-03-25 https://wetten.overheid.nl/BWBR0037762 Besluit ondermandaat Nederlandse vertegenwoordigingen

Besluit ondermandaat Nederlandse vertegenwoordigingen

Artikel

tot het verlenen van ondermandaat aan:

(1) (1) het hoofd van de afdeling Koninkrijksverhoudingen van de directie Koninkrijksrelaties; (2) (2) het hoofd van de afdeling Financieel-Economische verhoudingen van de directie Koninkrijksrelaties; (3) (3) de vertegenwoordiger van Nederland op Aruba, Curaçao en Sint Maarten; (4) (4) het vestigingshoofd van de vertegenwoordiging van Nederland op Aruba; (5) (5) het vestigingshoofd van de vertegenwoordiging van Nederland op Curaçao; en (6) (6) het vestigingshoofd van de vertegenwoordiging van Nederland op Sint Maarten;

met betrekking tot de bevoegdheid van de onder (1) en (2) genoemden:

tot het namens de Directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties afdoen en tekenen van stukken voor zover deze tot het werkterrein van de betreffend diensteenheid behoren, een organisatorische, procedurele, administratieve of algemeen informatieve strekking hebben, berusten op geldende besluitvorming en beleidsinzichten bij de directie respectievelijk het ministerie, en redelijkerwijs niet behoren to worden voorgelegd aan het hoger gezag.

met betrekking tot de bevoegdheid van de onder (3) genoemde:

tot het namens de Directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties afdoen en tekenen van stukken voor zover deze tot het werkterrein van de betreffend diensteenheid behoren, een organisatorische, procedurele, administratieve of algemeen informatieve strekking hebben, berusten op geldende besluitvorming en beleidsinzichten bij de directie respectievelijk het ministerie, en redelijkerwijs niet behoren to worden voorgelegd aan het hoger gezag;

alsmede

tot het namens de Directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties verrichten van werkzaamheden en het nemen van besluiten inzake kiezers woonachtig op Aruba, Curaçao en Sint-Maarten voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de verkiezing van de leden van het Europees Parlement alsmede het raadgevend referendum op grond van de Wet raadgevend referendum.

De werkzaamheden en besluiten die onder dit mandaat vallen betreffen in elk geval de werkzaamheden en besluiten op grond van de volgende bepalingen in de wetgeving en daarop gebaseerde regelgeving (al dan niet in samenhang gelezen met artikel Y 2 Kieswet):

    artikel D 3a, eerste lid, Kieswet

    artikel D 3c, tweede lid, Kieswet

    artikel D 6 Kieswet

    artikel D 8 Kieswet

    artikel K 7, tweede lid, Kieswet

    artikel L 9, tweede lid, Kieswet

    artikel M 3, derde lid, Kieswet

    artikel M 9, tweede lid, juncto M 16 Kieswet

    artikel 8 derde lid Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming

    artikel 21a, eerste lid, Wet raadgevend referendum

    artikel 22 Wet raadgevend referendum in samenhang met de artikelen D 6 en D 8 Kieswet

    artikel 60 Wet raadgevend referendum in samenhang met artikel K 7, tweede lid, Kieswet

    artikel 61 Wet raadgevend referendum in samenhang met artikel L 9, tweede lid, Kieswet

    artikel 62 Wet raadgevend referendum in samenhang met de artikelen M 3, derde lid, artikel M 9, tweede lid, en M 16 Kieswet

met betrekking tot de bevoegdheid van de onder (4), (5) en (6) genoemden:

tot het namens de Directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties verrichten van werkzaamheden en het nemen van besluiten inzake kiezers woonachtig op Aruba, Curaçao en Sint-Maarten voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de verkiezing van de leden van het Europees Parlement alsmede het raadgevend referendum op grond van de Wet raadgevend referendum.

De werkzaamheden en besluiten die onder dit mandaat vallen betreffen in elk geval de werkzaamheden en besluiten op grond van de volgende bepalingen in de wetgeving en daarop gebaseerde regelgeving (al dan niet in samenhang gelezen met artikel Y 2 Kieswet):

    artikel D 3a, eerste lid, Kieswet

    artikel D 3c, tweede lid, Kieswet

    artikel D 6 Kieswet

    artikel D 8 Kieswet

    artikel K 7, tweede lid, Kieswet

    artikel L 9, tweede lid, Kieswet

    artikel M 3, derde lid, Kieswet

    artikel M 9, tweede lid, juncto M 16 Kieswet

    artikel 8 derde lid Tijdelijk experimentenbesluit stembiljetten en centrale stemopneming

    artikel 21a, eerste lid, Wet raadgevend referendum

    artikel 22 Wet raadgevend referendum in samenhang met de artikelen D 6 en D 8 Kieswet

    artikel 60 Wet raadgevend referendum in samenhang met artikel K 7, tweede lid, Kieswet

    artikel 61 Wet raadgevend referendum in samenhang met artikel L 9, tweede lid, Kieswet

    artikel 62 Wet raadgevend referendum in samenhang met de artikelen M 3, derde lid, artikel M 9, tweede lid, en M 16 Kieswet

Dit besluit werkt terug tot 18 augustus 2015.

Het besluit tot het verlenen van mandaat en volmacht van 25 oktober 2013, kenmerk 2013-0000542714, komt hiermee te vervallen.