rijk/ministeriele-regeling/instelling-commissie-indisch-verzet/BWBR0003348/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

119 lines
5.3 KiB
Markdown
Raw Permalink Blame History

This file contains ambiguous Unicode characters

This file contains Unicode characters that might be confused with other characters. If you think that this is intentional, you can safely ignore this warning. Use the Escape button to reveal them.

---
titel: Instelling Commissie Indisch Verzet
bwb_id: BWBR0003348
type: ministeriele-regeling
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1980-11-05'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0003348
citeertitel: Instelling Commissie Indisch Verzet
---
# Instelling Commissie Indisch Verzet
### Artikel 1
In deze beschikking wordt verstaan onder:
### Artikel 2
**1.** Er is een Commissie Indisch Verzet.
**2.** De Commissie bestaat uit drie leden, onder wie een voorzitter.
**3.**
*Tot lid* van de Commissie worden benoemd:
a. a.
mr. J. H. van der Meide te Voorburg, tevens *voorzitter*,
b. b.
mevrouw dr. D. van Velden te 's-Gravenhage en
c. c.
dr. mr. N. H. Wiarda te Klimmen.
**4.**
Aan de Commissie worden *als adviseurs* toegevoegd:
a. a.
drs. C. J. F. Stuldreher, wetenschappelijk medewerker van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie en
b. b.
W. Nijsse. Hoofd van de Directie Verzetsdeelnemers en Vervolgden van het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk.
**5.**
Aan de Commissie wordt *als secretaris* toegevoegd:
mr. drs. A. P. J. van der Eyden.
**6.** De Commissie heeft haar zetel te Rijswijk.
### Artikel 3
De Commissie heeft tot taak:
a. a.
het bestuderen van de vraag of er aanleiding is tot erkenning van de claim tot toekenning van buitengewoon pensioen krachtens of naar analogie van de Wet buitengewoon pensioen 19401945 aan daarvoor in beginsel in aanmerking te brengen oud-verzetsdeelnemers uit het voormalige Nederlands-Indië, respectievelijk van het ter zake ingenomen regeringsstandpunt en van de omtrent deze kwestie door de Tweede Kamer geuite denkbeelden en gevoelens;
b. b.
het leveren van een eigen bijdrage in het door de Tweede Kamer gevraagde onderzoek, omvattende:
1.
het nagaan of er overeenkomstige elementen zijn aan te wijzen tussen het verzet in Europa en mogelijke verzetssituaties in Indië;
2.
het stellen van normen voor verzetsgedrag;
3.
het nagaan hoeveel mensen (voor een buitengewoon pensioen als geclaimd) in aanmerking komen, en
4.
het afwegen van de financiële consequenties;
1. 1.
het nagaan of er overeenkomstige elementen zijn aan te wijzen tussen het verzet in Europa en mogelijke verzetssituaties in Indië;
2. 2.
het stellen van normen voor verzetsgedrag;
3. 3.
het nagaan hoeveel mensen (voor een buitengewoon pensioen als geclaimd) in aanmerking komen, en
4. 4.
het afwegen van de financiële consequenties;
c. c.
het bestuderen van de vraag of, na kennisneming van de overwegingen welke de Regering bij haar besluitvorming heeft betrokken niettemin aanleiding zou kunnen worden gevonden om alsnog op enigerlei wijze aan de sub a bedoelde claim tegemoet te komen;
d. d.
indien de sub c omschreven vraag in positieve zin wordt beantwoord;
het doen van aanbevelingen met betrekking tot de globale opzet van een regeling, die:
1.
met inachtneming van aspecten als bij voorbeeld de aard en omvang van het gepleegde verzet en de bewijsbaarheid van de individuele deelname daaraan, op beheersbare wijze toepassing en uitvoering kan vinden, en
2.
naar aard en niveau geen repercussies zal hebben op de structuur van het vigerende stelsel van pensioen- en uitkeringsregelingen voor personen, afkomstig uit het voormalige Nederlands-Indië:
alsmede het uitbrengen van rapport aan de Minister over de bevindingen betreffende het gestelde onder a tot en met d.
1. 1.
met inachtneming van aspecten als bij voorbeeld de aard en omvang van het gepleegde verzet en de bewijsbaarheid van de individuele deelname daaraan, op beheersbare wijze toepassing en uitvoering kan vinden, en
2. 2.
naar aard en niveau geen repercussies zal hebben op de structuur van het vigerende stelsel van pensioen- en uitkeringsregelingen voor personen, afkomstig uit het voormalige Nederlands-Indië:
alsmede het uitbrengen van rapport aan de Minister over de bevindingen betreffende het gestelde onder a tot en met d.
### Artikel 4
De voorstellen, nota 's en rapporten van de Commissie worden vastgesteld bij meerderheid van stemmen van de leden en schriftelijk aan de Minister aangeboden.
Ieder lid is bevoegd een afwijkende mening daarin te doen opnemen.
### Artikel 5
De kosten voortvloeiende uit de door of namens, dan wel in opdracht van de Commissie verrichte werkzaamheden komen na verkregen goedkeuring door de Minister, ten laste van het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk.
### Artikel 6
Aan de leden van de Commissie wordt uit 's Rijks kas vergoeding voor reis- en verblijfkosten verleend volgens de regelen, welke voor de vergoeding van reis- en verblijfkosten wegens reizen voor 's Rijks dienst gelden voor categorie A.
### Artikel 7
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de Commissie geschiedt met inachtneming van de ter zake geldende bepalingen van het besluit Post- en Archiefzaken Rijksadministratie 1950 (Stb. K 425) op overeenkomstige wijze als ten departemente van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk. De bescheiden worden bij opheffing van de Commissie in het archief van dat departement opgenomen.