40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
4.4 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds | BWBR0008324 | ministeriele-regeling | geldend | 1997-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0008324 | Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds |
Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds
Paragraaf 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
2.
De waarden bedoeld in artikel 23, derde lid, van het besluit zijn:
a. a. de waarden die op grond van artikel 220d van de Gemeentewet buiten aanmerking gelaten worden, met uitzondering van de waarden bedoeld in onderdeel i van dat artikel; b. b. de waarden van onroerende zaken ten aanzien waarvan op grond van artikel 243 van de Gemeentewet dan wel op grond van rechtstreeks werkende internationale overeenkomsten vrijstelling is verleend.
Paragraaf 2. Voorschriften inzake het verslag van gedeputeerde staten en het toepassen van enkele begrippen
Artikel 2
1.
Het verslag van gedeputeerde staten, bedoeld in artikel 20 van het besluit, bevat in ieder geval:
a. a. een beschrijving van de maatregelen die gedeputeerde staten hebben getroffen om evenwicht in de begroting van de gemeente te brengen of te houden; b. b. een analyse van de ontwikkelingen in de lasten en baten van de gemeente; c. c. een analyse van de ontwikkelingen in de reserves en voorzieningen van de gemeente; d. d. een analyse van de ontwikkelingen in de gegevens over de fysieke, sociale en financiële structuur van de gemeente; e. e. een berekening en beoordeling van de mate waarin sprake is van een aanmerkelijk en structureel tekort van de gemeente en van het in artikel 24 van het besluit juncto artikel 4 van deze regeling bedoelde redelijk peil.
2.
Bij het verslag worden betrokken:
a. a. de vastgestelde begroting van de gemeente voor het jaar waarover de aanvullende uitkering wordt aangevraagd; b. b. de begrotingswijzigingen die gelijktijdig met de begroting zijn vastgesteld; c. c. de begrotingen voor de vijf jaren voorafgaand aan het onder a bedoelde jaar; d. d. de rekeningen over de vier jaren die voorafgaan aan het jaar waarin een aanvullende uitkering voor een volgend jaar wordt aangevraagd.
3. Gedeputeerde staten zenden het verslag gelijktijdig aan de ministers en de gemeenteraad.
Artikel 3
Vervallen
Artikel 4
Het percentage van de heffingsmaatstaf, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van het besluit bedraagt 0,1164.
Paragraaf 3. Beleidsregels bij het gebruik van de bevoegdheid tot het verlenen van een aanvullende uitkering
Artikel 5
1.
Bij het nemen van een besluit omtrent de verstrekking van een aanvullende uitkering aan de gemeente laten de ministers bij de bepaling van de financiële positie van de gemeente buiten beschouwing de besluiten van de gemeente, genomen na de indiening van de aanvraag, die:
a. a. leiden tot nieuwe lasten of tot verhoging van bestaande lasten of tot een verlaging van bestaande baten; b. b. in de toekomst kunnen leiden tot nieuwe lasten of verhoging van bestaande lasten, verlaging van bestaande baten of de vermindering van het vermogen van de gemeente.
2. De ministers kunnen afwijken van het eerste lid indien de gemeente het besluit neemt nadat de ministers te kennen hebben gegeven dat het besluit naar hun oordeel onontkoombaar en onuitstelbaar is en door de gemeente is voorzien van dekking.
3. De ministers geven het in het tweede lid bedoelde oordeel op basis van een verzoek van de gemeente, dat hen bereikt door tussenkomst van gedeputeerde staten.
Artikel 6
De ministers verlenen slechts een aanvullende uitkering indien de eigen inkomsten van de gemeente vanaf het jaar waarover wordt aangevraagd ten minste liggen op het in artikel 24 van het besluit juncto artikel 4 van deze regeling bedoelde redelijk peil.
Artikel 7
De ministers verbinden aan een besluit tot verlening van een aanvullende uitkering aan de gemeente in ieder geval voorschriften die er toe strekken dat de eigen inkomsten van de gemeente ten minste op het in artikel 24 van het besluit juncto artikel 4 van deze regeling bedoelde redelijk peil blijven.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 8
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1997.
Artikel 9
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds.