rijk/ministeriele-regeling/regeling-diergezondheid/BWBR0045053/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

19 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling diergezondheid BWBR0045053 ministeriele-regeling geldend 2021-04-21 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045053 Regeling diergezondheid

Regeling diergezondheid

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1.1

1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • besluit: Besluit diergezondheid;
  • verordening (EU) nr. 999/2001: verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees parlement en de Raad van 22 mei 2001 houdende vaststelling van voorschriften inzake preventie, bestrijding en uitroeiing van bepaalde overdraagbare spongiforme encefalopathieën (PbEU 2001, L 147);
  • verordening (EU) nr. 2018/1882: uitvoeringsverordening (EU) 2018/1882 van de Commissie van 3 december 2018 betreffende de toepassing, op de categorieën in de lijst opgenomen ziekten, van bepaalde regels voor de preventie en bestrijding van ziekten en tot vaststelling van een lijst van soorten en groepen soorten die een aanzienlijk risico vormen in verband met de verspreiding van die ziekten (PbEU 2018, L 308);
  • verordening (EU) nr. 2019/2035: gedelegeerde verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (PbEU 2019, L 314);
  • verordening (EU) nr. 2020/990: gedelegeerde verordening (EU) 2020/990 van de commissie van 28 april 2020 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees parlement en de Raad wat betreft de diergezondheids- en certificeringsvoorschriften voor verplaatsingen binnen de Unie van waterdieren en producten van dierlijke oorsprong van waterdieren (PbEU 2020, L 221).

2. De begripsbepalingen van artikel 4 van verordening (EU) nr. 2016/429 zijn van toepassing.

Hoofdstuk 2. Aanwijzing ziekten en zoönosen

Artikel 2.1

Als dierziekten als bedoeld in artikel 5.3 van de wet worden aangewezen:

a. a. de in de onderstaande tabel genoemde ziekten bij de daarbij genoemde soorten:

            apenpokken
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van herkauwers (Ruminantia), paarden (equidae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            aviaire chlamydiose
          
          
            Vogels (Aves) met uitzondering van papegaaiachtigen (Psittaciformes)
          
        
        
          
            hoogpathogene aviaire influenza
          
          
            runderen (Bovinae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            Infectie met Echinoccus spp.
          
          
            Zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van infecties met Echinoccus multilocularis bij vleeseters (canidae)
          
        
        
          
            infectie met het nodulaire-dermatosevirus
          
          
            schapen (Ovis) en geiten (Capra)
          
        
        
          
            infectie met Mycoplasma mycoides subsp. mycoides SC (besmettelijke runderpleuropneumonie)
          
          
            schapen (Ovis) en geiten (Capra)
          
        
        
          
            infectie met het rabiësvirus
          
          
            zoogdieren (Mammalia) met uitzondering van roofdieren (Carnivora), holhoornigen (Bovidae), varkens (Suidae), paardachtigen (Equidae), hertachtigen (Cervidae) en kameelachtigen (Camelidae)
          
        
        
          
            infectie met het virus van de ziekte van Aujeszky
          
          
            zoogdieren (Mammalia) met uitzondering van varkens (Suidae)
          
        
        
          
            infecties met virussen van de familie Filoviridae, met uitzondering van Ebola
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van herkauwers (Ruminantia), paarden (equidae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            Japanse encefalitis
          
          
            varkens (Suidae)
          
        
        
          
            miltvuur
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van onevenhoevigen (Perissodactyla), evenhoevigen (Artiodactyla) en olifantachtigen (Proboscidea)
          
        
        
          
            mond- en klauwzeer
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van evenhoevigen (Artiodactyla)
          
        
        
          
            simian immunodeficiency virusinfecties
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van herkauwers (Ruminantia), paarden (equidae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            trichinellose
          
          
            herkauwers (Ruminantia), paarden (equidae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            tularemie
          
          
            zoogdieren (Mammalia), met uitzondering van herkauwers (Ruminantia), paarden (equidae) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            Venezolaanse, oosterse of westerse paardenencefalomyelitis
          
          
            herkauwers (Ruminantia) en varkens (Suidae)
          
        
        
          
            brucellose, met uitzondering van infecties met *Brucella abortus*, *Brucella melitensis* en *Brucella suis*
          
          
            zoogdieren (Mammalia)
          
        
        
          
            Q-koorts
          
          
            hertachtigen (Cervidae) en kameelachtigen (Camelidae)

b. b. de ziekten, genoemd in artikel 5, eerste lid, onder a, van verordening (EU) 2016/429 en in bijlage II bij die verordening, bij de in de tabel in de bijlage bij verordening (EU) nr. 2018/1882, bij de desbetreffende dierziekte genoemde soorten of groepen van soorten; c. c. overdraagbare spongiforme encefalopathieën (TSEs) als bedoeld in verordening in verordening (EG) nr. 999/2001 bij zoogdieren (Mammalia).

Artikel 2.2

Als zoönosen als bedoeld in artikel 5.3 van de wet worden aangewezen de in de onderstaande tabel genoemde ziekten bij de daarbij genoemde soorten:

Artikel 2.3

Als regio als bedoeld in artikel 21 van verordening (EU) nr. 2020/990 wordt aangewezen het grondgebied van Nederland.

Artikel 2.4

1. Als dierziekte als bedoeld in artikel 1.30, eerste lid, onderdeel b, van het Besluit houders van dieren wordt aangewezen hoog pathogene aviaire influenza bij gehouden of in het wild levende zoogdieren met uitzondering van runderen en varkens.

2. Aan eenieder wordt vrijstelling verleend van de verplichting van melding, bedoeld in artikel 1.30, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van het Besluit houders van dieren van de in het eerste lid aangewezen dierziekte voor zover sprake is van een vermoeden van besmetting.

Artikel 2.5

Aan eenieder wordt vrijstelling verleend van de verplichting van melding, bedoeld in artikel 1.30, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van het Besluit houders van dieren van hoogpathogene aviaire influenza bij runderen en varkens voor zover sprake is van een vermoeden van besmetting.

Hoofdstuk 3. Waardevaststelling bij ziektebestrijdingsmaatregelen

Artikel 3.1

De indeling, bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, van het besluit, is:

a. a. van diersoorten of -categorieën:

      1°.
      runderen;
    
    
      2°.
      varkens;
    
    
      3°.
      schapen of geiten;
    
    
      4°.
      paardachtigen;
    
    
      5°.
      pluimvee;
    
    
      6°.
      in gevangenschap levende vogels;
    
    
      7°.
      bijen;
    
    
      8°.
      andere landdieren dan die genoemd in de onderdelen 1° tot en met 7°;
    
    
      9°.
      de in bijlage bij verordening (EU) nr. 2018/1882 genoemde soorten of groep van soorten aquacultuurdieren die gevoelig zijn voor één of meer van de volgende ziekten:
      
        
          i.
          epizoötische hematopoëtische necrose;
        
        
          ii.
          virale hemorragische septikemie;
        
        
          iii.
          infectieuze hematopoëtische necrose;
        
        
          iv.
          een infectie met zalmanemievirus met HPR-deletie;
        
        
          v.
          koiherpesvirusziekte;
        
        
          vi.
          een infectie met mikrocytis mackini;
        
        
          vii.
          een infectie met perkinsus marinus;
        
        
          viii.
          een infectie met bonamia exitiosa;
        
        
          ix.
          een infectie met bonamia ostreae;
        
        
          x.
          een infectie met marteilia refringens;
        
        
          xi.
          een infectie met het taurasyndroomvirus;
        
        
          xii.
          een infectie met het yellowheadvirus;
        
        
          xiii.
          een infectie met het wittevlekkensyndroomvirus

1°. 1°. runderen; 2°. 2°. varkens; 3°. 3°. schapen of geiten; 4°. 4°. paardachtigen; 5°. 5°. pluimvee; 6°. 6°. in gevangenschap levende vogels; 7°. 7°. bijen; 8°. 8°. andere landdieren dan die genoemd in de onderdelen 1° tot en met 7°; 9°. 9°. de in bijlage bij verordening (EU) nr. 2018/1882 genoemde soorten of groep van soorten aquacultuurdieren die gevoelig zijn voor één of meer van de volgende ziekten:

          i.
          epizoötische hematopoëtische necrose;
        
        
          ii.
          virale hemorragische septikemie;
        
        
          iii.
          infectieuze hematopoëtische necrose;
        
        
          iv.
          een infectie met zalmanemievirus met HPR-deletie;
        
        
          v.
          koiherpesvirusziekte;
        
        
          vi.
          een infectie met mikrocytis mackini;
        
        
          vii.
          een infectie met perkinsus marinus;
        
        
          viii.
          een infectie met bonamia exitiosa;
        
        
          ix.
          een infectie met bonamia ostreae;
        
        
          x.
          een infectie met marteilia refringens;
        
        
          xi.
          een infectie met het taurasyndroomvirus;
        
        
          xii.
          een infectie met het yellowheadvirus;
        
        
          xiii.
          een infectie met het wittevlekkensyndroomvirus

i. i. epizoötische hematopoëtische necrose; ii. ii. virale hemorragische septikemie; iii. iii. infectieuze hematopoëtische necrose; iv. iv. een infectie met zalmanemievirus met HPR-deletie; v. v. koiherpesvirusziekte; vi. vi. een infectie met mikrocytis mackini; vii. vii. een infectie met perkinsus marinus; viii. viii. een infectie met bonamia exitiosa; ix. ix. een infectie met bonamia ostreae; x. x. een infectie met marteilia refringens; xi. xi. een infectie met het taurasyndroomvirus; xii. xii. een infectie met het yellowheadvirus; xiii. xiii. een infectie met het wittevlekkensyndroomvirus b. b. van producten en voorwerpen:

      1°.
      dierlijke producten;
    
    
      2°.
      diervoeder;
    
    
      3°.
      diergeneesmiddelen;
    
    
      4°.
      overige producten of voorwerpen.

1°. 1°. dierlijke producten; 2°. 2°. diervoeder; 3°. 3°. diergeneesmiddelen; 4°. 4°. overige producten of voorwerpen.

Hoofdstuk 4. Financiële bepalingen

Paragraaf 4.1. Diergezondheidsheffing

Artikel 4.1

Het aantal:

a. a. schapen; b. b. geiten; of c. c. runderen die één jaar oud of ouder zijn;

dat in een kalenderjaar wordt gehouden, bedoeld in artikel 9.18, eerste lid, van de wet, wordt berekend door het aantal aanwezige dieren op 1 februari, 1 mei, 1 augustus en 1 november van dat kalenderjaar op te tellen en te delen door vier.

Paragraaf 4.2. Tegemoetkomingen

Artikel 4.2

1.

De vergoeding, bedoeld in artikel 9.12, eerste lid, van de wet, omvat, voor zover deze kosten niet uit andere hoofde worden vergoed, de kosten voor:

a. a. diervoeders; b. b. bodembedekking; c. c. diergeneesmiddelen; d. d. de diensten van een dierenarts, voor zover die kosten betrekking hebben op het verlenen van zorg die volgens de dierenarts noodzakelijk wordt geacht; of e. e. de diensten van een ander dan een dierenarts, voor zover die kosten betrekking hebben op diensten die volgens de dierenarts noodzakelijk zijn met het oog op het dierenwelzijn.

2. Ingeval toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 9.12, eerste lid, van de wet, kan de houder, bedoeld in dat artikel, binnen de periode van een maand nadat de mededeling dat een maatregel als bedoeld in hoofdstuk 5, paragraaf 2, van de wet wordt toegepast, een aanvraag indienen voor de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, met gebruikmaking van een middel dat daartoe door de minister beschikbaar is gesteld.

3.

De aanvraag voor de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, bevat in ieder geval:

a. a. de volgende gegevens ter identificatie van de houder van de dieren en zijn inrichting:

        1°.
        naam;
      
      
        2°.
        adres;
      
      
        3°.
        het unieke registratienummer, bedoeld in artikel 93, slot, van verordening (EU) nr. 2016/429, het unieke erkenningsnummer, bedoeld in artikel 2, onderdeel 16, van verordening (EU) nr. 2019/2035, dan wel het unieke subregistratienummer, bedoeld in artikel 5a.1, derde lid, van de Regeling houders van dieren;
      
      
        4˚.
        het relatienummer, bedoeld in artikel 1.1 Regeling houders van dieren;

1°. 1°. naam; 2°. 2°. adres; 3°. 3°. het unieke registratienummer, bedoeld in artikel 93, slot, van verordening (EU) nr. 2016/429, het unieke erkenningsnummer, bedoeld in artikel 2, onderdeel 16, van verordening (EU) nr. 2019/2035, dan wel het unieke subregistratienummer, bedoeld in artikel 5a.1, derde lid, van de Regeling houders van dieren; 4˚. 4˚. het relatienummer, bedoeld in artikel 1.1 Regeling houders van dieren; b. b. facturen en betaalbewijzen waaruit blijkt dat kosten als bedoeld in het eerste lid zijn gemaakt; c. c. indien van toepassing, een verklaring van een dierenarts dat de diensten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen d of e, noodzakelijk zijn geacht; d. d. andere gegevens ter onderbouwing van de noodzaak van de gemaakte kosten voor verzorging, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c; e. e. andere gegevens ter onderbouwing van de hoogte van gemaakte kosten voor verzorging, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b en c; f. f. indien van toepassing, gegevens waaruit blijkt dat gemaakte kosten als bedoeld in het eerste lid uit andere hoofde is of zal worden vergoed.

4. De periode waarop de vergoeding, bedoeld in artikel 9.12, eerste lid, van de wet, betrekking heeft, vangt aan op de dag nadat de mededeling dat een maatregel als bedoeld in hoofdstuk 5, paragraaf 2, van de wet wordt toegepast en eindigt de dag voorafgaand aan de toepassing van die maatregel.

Hoofdstuk 5. Waarschuwingsborden en kentekenen

Artikel 5.1

Als modellen als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van het besluit worden aangewezen:

a. a. voor waarschuwingsborden, de in bijlage 1 opgenomen modellen; b. b. voor kentekenen, de in bijlage 2 opgenomen modellen.

Hoofdstuk 6. Wijziging andere regelingen

Artikel 6.1

Wijzigt de Regeling diergeneesmiddelen.

Artikel 6.2

Wijzigt de Regeling dierlijke producten.

Artikel 6.3

Wijzigt de Regeling diergeneeskundigen.

Artikel 6.4

Wijzigt de Regeling diervoeders 2012.

Artikel 6.5

Wijzigt de Regeling handhaving en overige zaken Wet dieren.

Artikel 6.6

Wijzigt de Regeling houders van dieren.

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 7.1

De volgende regelingen worden ingetrokken:

a. a. de Regeling aanwijzing ambtenaar ex artikel 19 Gezondheids- en welzijnswet voor dieren; b. b. de Regeling aanwijzing ambtenaren Gezondheids- en welzijnswet voor dieren; c. c. de Regeling aquacultuur; d. d. de Regeling bestuurlijke boetes GWWD; e. e. de Regeling diergezondheidsheffing; f. f. de Regeling erkenning en aanwijzing veterinaire laboratoria; g. g. de Regeling handel levende dieren en levende producten; h. h. de Regeling maatregelen Sars-CoV-2 bij nertsen; i. i. de Regeling maatregelen preventie vogelgriep 2020; j. j. de Regeling paardensperma 2015; k. k. de Regeling preventie, bestrijding en monitoring van besmettelijk dierziekten en zoönosen en TSEs; l. l. de Regeling preventieve maatregelen Afrikaanse varkenspest 2018; m. m. de Regeling rundersperma; n. n. de Regeling tijdelijke maatregelen dierziekten; o. o. de Regeling varkenssperma; p. p. de Regeling veterinairrechtelijke voorschriften handel dierlijke producten; q. q. de Tijdelijke vrijstellingsregeling enten AI-gevoelige vogels dierentuinen 2003.

Artikel 7.2

Wijzigt de Regeling identificatie en registratie van dieren.

Artikel 7.3

Deze regeling treedt in werking met ingang van 21 april 2021.

Artikel 7.4

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling diergezondheid.

Bijlage 1. Als bedoeld bij

Wit van kleur met een rode rand en bedrukt met rode letters:

[afbeelding]

Blauw van kleur met een witte opdruk:

[afbeelding]

Bijlage 2. Als bedoeld bij

Blauw van kleur en bedrukt met zwarte letters:

[afbeelding]

Blauw van kleur met een witte opdruk:

[afbeelding]