40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.3 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling hygiënecontroles voor de opvang en het bewaren van bloed van slachtdieren bestemd voor menselijke consumptie | BWBR0013756 | ministeriele-regeling | geldend | 2002-07-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013756 | Regeling hygiënecontroles voor de opvang en het bewaren van bloed van slachtdieren bestemd voor menselijke consumptie |
Regeling hygiënecontroles voor de opvang en het bewaren van bloed van slachtdieren bestemd voor menselijke consumptie
Artikel 1
De exploitant, de eigenaar of diens vertegenwoordiger van het slachthuis waar bloed, bestemd voor menselijke consumptie, wordt opgevangen:
a. a. controleert bij ieder slachtdier tijdens de winning van bloed of er geen visueel waarneembare verontreiniging van het bloed optreedt; b. b. controleert ten minste 1 x per maand de juiste identificatie tussen het slachtdier en het bloed en laat ten minste 1 x per jaar het gehele identificatiesysteem valideren; c. c. draagt zorg voor de volgende kwaliteitsbeheersing:
1º.
ten minste 1 x per week wordt een monster bloed uit de opslagtank en ten minste 1 x per kwartaal wordt een monster antistollingsmiddel uit het doseerpunt, bacteriologisch onderzocht op aeroob koloniegetal (PCA, 3 dagen 30° C) en worden de uitslagen van dit onderzoek geregistreerd;
2º.
de onder 1° bedoelde monstername geschiedt binnen 2 uur na afloop van het slachten;
3º.
de richtwaarden voor het aeroob koloniegetal, bedoeld onder 1°, zijn voor varkensbloed 4,5.104 kve/ml en voor runderbloed 2,0.104 kve/ml en voor antistollingsmiddel 1.103 kve/ml;
4º.
bij overschrijding van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, worden in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees, direct maatregelen genomen ter voorkoming van het opnieuw overschrijden van de richtwaarden;
5º.
na overschrijding van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, wordt dagelijks, met inachtneming van het onder 2° bepaalde, een monster bloed uit de opslagtank of een monster antistollingsmiddel uit het doseerpunt, bacteriologisch gecontroleerd op aeroob koloniegetal, totdat aan de richtwaarden wordt voldaan;
6º.
na overschrijding met een factor 10 van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, in een aaneengesloten periode van 10 werkdagen, worden in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees direct na deze periode maatregelen genomen, zodat het bloed niet meer wordt bestemd voor menselijke consumptie.
7º.
de maatregelen, bedoeld onder 6°, kunnen in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees worden ingetrokken, indien na een aaneengesloten periode van 3 werkdagen wordt aangetoond dat overschrijding met een factor 10 van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, niet meer plaatsvindt.
1º. 1º. ten minste 1 x per week wordt een monster bloed uit de opslagtank en ten minste 1 x per kwartaal wordt een monster antistollingsmiddel uit het doseerpunt, bacteriologisch onderzocht op aeroob koloniegetal (PCA, 3 dagen 30° C) en worden de uitslagen van dit onderzoek geregistreerd; 2º. 2º. de onder 1° bedoelde monstername geschiedt binnen 2 uur na afloop van het slachten; 3º. 3º. de richtwaarden voor het aeroob koloniegetal, bedoeld onder 1°, zijn voor varkensbloed 4,5.104 kve/ml en voor runderbloed 2,0.104 kve/ml en voor antistollingsmiddel 1.103 kve/ml; 4º. 4º. bij overschrijding van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, worden in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees, direct maatregelen genomen ter voorkoming van het opnieuw overschrijden van de richtwaarden; 5º. 5º. na overschrijding van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, wordt dagelijks, met inachtneming van het onder 2° bepaalde, een monster bloed uit de opslagtank of een monster antistollingsmiddel uit het doseerpunt, bacteriologisch gecontroleerd op aeroob koloniegetal, totdat aan de richtwaarden wordt voldaan; 6º. 6º. na overschrijding met een factor 10 van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, in een aaneengesloten periode van 10 werkdagen, worden in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees direct na deze periode maatregelen genomen, zodat het bloed niet meer wordt bestemd voor menselijke consumptie. 7º. 7º. de maatregelen, bedoeld onder 6°, kunnen in overleg met de betrokken officiële dierenarts van de Rijksdienst voor de keuring van vee en vlees worden ingetrokken, indien na een aaneengesloten periode van 3 werkdagen wordt aangetoond dat overschrijding met een factor 10 van de richtwaarden, bedoeld onder 3°, niet meer plaatsvindt.
Artikel 2
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2002.
Artikel 3
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling hygiënecontroles voor de opvang en het bewaren van bloed van slachtdieren bestemd voor menselijke consumptie.