rijk/ministeriele-regeling/regeling-instelling-commissie-kuipers/BWBR0011644/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

3.3 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling instelling commissie Kuipers BWBR0011644 ministeriele-regeling geldend 2000-09-22 https://wetten.overheid.nl/BWBR0011644 Regeling instelling commissie Kuipers

Regeling instelling commissie Kuipers

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder SZW: Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Artikel 2

1. Er is een commissie Kuipers, verder te noemen de commissie.

2. De commissie wordt ingesteld voor de duur van drie jaar.

Artikel 3

1.

De commissie heeft tot taak, ten aanzien van de aangekondigde maatregelen op het terrein van de sociale verzekeringen ter verlichting van de administratieve lasten, dan wel nieuwe onderwerpen, die relevant zijn in het kader van administratieve lasten, op het terrein van de sociale verzekeringen, te bezien:

a. a. of het aspect administratieve lasten voldoende in de afweging is betrokken; b. b. op welke wijze administratieve lasten kunnen worden voorkomen dan wel zoveel mogelijk kunnen worden beperkt; c. c. op welke wijze inzicht kan worden verkregen in de effecten van maatregelen op de omvang van de administratieve lasten.

2. De commissie streeft niet naar een eindproduct of rapport.

Artikel 4

1.

Als leden van de commissie worden benoemd:

a. a. drs. R.IJ.M. Kuipers, tevens voorzitter; b. b. de heer P.A. Schoormans; c. c. mevrouw drs. K. Kuiper; d. d. de heer drs. E. Tasma; e. e. de heer drs. M. Kastelein; f. f. de heer drs. E.R. Haket; g. g. de heer mr. M.J.P.M. Kieviet; h. h. de heer mr. drs. P. Pronk; i. i. de heer drs. C. Kortleve.

2.

Als plaatsvervangende leden van de commissie worden benoemd:

a. a. de heer drs. P.J.L. van Rintel, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder b; b. b. de heer mr. J.G.S. Warmerdam, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder c; c. c. de heer drs. C.C.H.J. Driessen, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder d; d. d. de heer drs. P. Kroon, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder e; e. e. de heer J.S. Vroon, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder f; f. f. mevrouw mr. M.L. de Vroom, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder g; g. g. de heer mr. G.N.C. Corino, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder h; h. h. de heer drs. C.M.F. Burger, ter vervanging van het lid, genoemd in het eerste lid, onder i.

3. Als secretarissen van de commissie worden aangewezen de heer drs. M.H.W. Rovers en de heer drs. M. Holling.

Artikel 5

1. De commissie zal periodiek, te weten ongeveer één keer per twee maanden, bijeenkomen.

2. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast in de vorm van een plan van aanpak.

Artikel 6

Het beheer van de bescheiden geschiedt op overeenkomstige wijze als waarop dit bij het Ministerie van SZW plaatsvindt. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie in het archief van dit ministerie opgeborgen.

Artikel 7

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt drie jaar na het tijdstip van inwerkingtreding.