rijk/ministeriele-regeling/regeling-nevenwerkzaamheden-defensie/BWBR0011309/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

3.1 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling nevenwerkzaamheden Defensie BWBR0011309 ministeriele-regeling geldend 2000-06-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0011309 Regeling nevenwerkzaamheden Defensie

Regeling nevenwerkzaamheden Defensie

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

1. De werknemer die voornemens is nevenwerkzaamheden te verrichten die kunnen raken aan de dienstuitoefening meldt dit met gebruikmaking van het in de bijlage opgenomen registratieformulier aan het hoofd van de diensteenheid.

2. Bij wijziging van functie of van relevante omstandigheden, de nevenwerkzaamheden betreffende, wordt een nieuwe melding gedaan.

Artikel 3

1. Het hoofd van de diensteenheid beziet of de nevenwerkzaamheden schadelijk zijn of kunnen zijn voor de functievervulling, dan wel niet in overeenstemming zijn met het aanzien van het ambt dan wel of anderszins door de nevenwerkzaamheden de goede vervulling van de functie of het goede functioneren van de openbare dienst, voorzover dit in verband staat met de functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.

2. Al naar gelang de uitkomst van de afweging bedoeld in het eerste lid geeft het hoofd van de diensteenheid voorlopig toestemming voor de nevenwerkzaamheden, legt een voorlopig verbod op of maakt met de werknemer afspraken over de uitoefening van de nevenwerkzaamheden dan wel de functievervulling.

3. Het hoofd van de diensteenheid zendt het registratieformulier, voorzien van zijn bevindingen, binnen vier weken na ontvangst aan de autoriteit.

Artikel 4

1. De autoriteit wint het advies in van het desbetreffende Bureau Bijzondere Opdrachten en geeft namens de Minister van Defensie zo spoedig mogelijk zijn oordeel omtrent de nevenwerkzaamheden.

2. Indien door de nevenwerkzaamheden de goede vervulling van de functie of het goede functioneren van de openbare dienst, voorzover dit in verband staat met de functievervulling, niet in redelijkheid is verzekerd en het naar het oordeel van de autoriteit niet mogelijk is om door het maken van afspraken omtrent de uitoefening van de nevenwerkzaamheden dan wel van de functievervulling hierin te voorzien, deelt de autoriteit door tussenkomst van het hoofd van de diensteenheid aan de werknemer mede, dat de nevenwerkzaamheden zijn verboden.

Artikel 5

De autoriteit houdt een registratie bij van aangemelde nevenwerkzaamheden. De registratie is een persoonsregistratie in de zin van de wet persoonsregistraties.

Artikel 6

Werknemers die op de datum van inwerkingtreding van deze regeling reeds nevenwerkzaamheden verrichten die kunnen raken aan de dienstuitoefening, melden deze binnen twee maanden na deze datum op de in artikel 2 bedoelde wijze aan het hoofd van de diensteenheid.

Artikel 7

De regeling nevenwerkzaamheden (ministeriële regeling van 4 november 1982, MP 31-111, 1220) wordt ingetrokken.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking op 1 juni 2000.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling nevenwerkzaamheden Defensie.

Bijlage