rijk/ministeriele-regeling/regeling-paraveterinairen/BWBR0006492/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

13 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling paraveterinairen BWBR0006492 ministeriele-regeling geldend 1994-03-06 https://wetten.overheid.nl/BWBR0006492 Regeling paraveterinairen

Regeling paraveterinairen

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a.

    * besluit:*
    Besluit paraveterinairen;

b. b.

    *aangewezen opleiding:* op grond van artikel 2, onderdeel b, van het besluit aangewezen opleiding;

c. c.

    *examen:* examen bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van het besluit;

d. d.

    *kandidaat:* degene die een examen gaat afleggen, aflegt of heeft afgelegd;

e. e.

    *minister:* Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

f. f.

    *bevoegd gezag:* bestuur van de onderwijsinstelling;

g. g.

    *leerplan fysiotherapie bij dieren:* leerplan, neergelegd in bijlage I bij deze regeling.

Hoofdstuk II. Fysiotherapie bij dieren

Paragraaf 1. Aanwijzing in de zin van

Artikel 2

Als opleiding bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van het besluit wordt aangewezen iedere opleiding die tenminste uitvoering geeft aan het leerplan fysiotherapie bij dieren bedoeld in de bij dit besluit behorende bijlage 1.

Artikel 2a

Vervallen

Paragraaf 2. Inrichting, inhoud en toelating tot het examen bedoeld in

Artikel 3

1. Het bevoegd gezag van de aangewezen opleiding stelt een examencommissie in die is belast met het afnemen van het examen, bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van het besluit, en het vaststellen van de uitslag daarvan.

2. De examencommissie draagt zorg voor de organisatie van het examen en voor de goede gang van zaken tijdens het examen. De examencommissie bepaalt de data en tijdstippen voor het afleggen van de examenonderdelen, en maakt deze aan de kandidaten bekend.

Artikel 4

1.

De examencommissie bestaat uit:

a. a. de directeur van de aangewezen opleiding; b. b. de door het bevoegd gezag, na overleg met de directie, aan te wijzen docenten, die belast zijn met de verzorging van het onderwijs in de dierfysiotherapeutische vakken, en c. c. een stagebegeleider.

2. Het bevoegd gezag van de aangewezen opleiding benoemt de voorzitter van de examencommissie.

3. De examencommissie wijst examinatoren aan die zijn belast met het afnemen van de examenonderdelen.

4. De examencommissie besluit bij meerderheid van stemmen. Bij het staken der stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag.

Artikel 5

1. Het bevoegd gezag kan één of meer niet aan de school verbonden deskundigen benoemen, die mede het examen afnemen.

2. De benoeming, bedoeld in het eerste lid, geldt voor een bepaalde tijd.

Artikel 6

1. Ten behoeve van het examen kan de minister gecommitteerden aanwijzen.

2. Gecommitteerden hebben tot taak zich een oordeel te vormen over het niveau van het examen, de gang van zaken tijdens het examen en de naleving van de bij deze regeling gegeven voorschriften.

3. Gecommitteerden zijn bevoegd het afnemen van examenonderdelen bij te wonen en kennis te nemen van het schriftelijk werk van de kandidaten

4. De leden van de examencommissie, het bevoegd gezag van de aangewezen opleiding en de deskundigen, bedoeld in artikel 5, verschaffen de gecommitteerden de inlichtingen die zij voor het uitoefenen van hun taak nodig hebben.

5. De gecommitteerden brengen de minister verslag uit van hun bevindingen. Een afschrift van het verslag wordt toegezonden aan het bevoegd gezag van de aangewezen opleiding.

Artikel 7

Het examen, bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van het besluit, omvat de volgende onderdelen:

a. a. onderzoek en behandeling van pathologische afwijkingen bij een paard, en b. b. onderzoek en behandeling van pathologische afwijkingen bij een hond.

Artikel 8

Tot het examen, genoemd in artikel 7, wordt toegelaten hij die voldaan heeft aan de eisen gesteld in het leerplan fysiotherapie bij dieren van de aangewezen opleiding voor fysiotyherapie bij dieren en wiens stage op grond van artikel 9 met goed of voldoende is beoordeeld.

Artikel 9

1.

De stage wordt beoordeeld door de stagebegeleider van de kandidaat. De stagebegeleider drukt zijn beoordeling van kennis, vaardigheid, beroepshouding en inzicht van de kandidaat uit in een van de volgende predikaten:

  • goed;
  • voldoende;
  • onvoldoende.

2. Ieder examenonderdeel wordt door tenminste twee examinatoren beoordeeld. Deze examinatoren drukken hun beoordeling van kennis, vaardigheid, beroepshouding en inzicht van de kandidaat in het examenonderdeel onafhankelijk van elkaar uit in een cijfer van 1 tot en met 10, uitgedrukt in gehele cijfers.

3. Aan de cijfers, bedoeld in het tweede lid, dient de volgende betekenis te worden toegekend:

4. De eindcijfers van de examenonderdelen worden door de examinatoren in onderling overleg vastgesteld. Indien de examinatoren niet tot overeenstemming kunnen komen, beslist de voorzitter van de examencommissie.

Artikel 10

Nadat de uitslag van alle examenonderdelen is vastgesteld, wordt de uitslag van het examen vastgesteld door de examencommissie.

Artikel 11

1.

Een kandidaat is geslaagd indien:

a. a. de stage met het predikaat goed of voldoende is beoordeeld, en, b. b. de examenonderdelen, genoemd in artikel 7, met het cijfer 6 of een hoger cijfer zijn beoordeeld.

2. Een kandidaat heeft recht op een herexamen indien één van de examenonderdelen, genoemd in artikel 7, met een vijf en het andere examenonderdeel met het cijfer 6 of hoger is beoordeeld.

3. In alle andere gevallen is de kandidaat gezakt.

Artikel 12

De examencommissie deelt de kandidaat zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken nadat het laatste examenonderdeel is afgelegd, de uitslag van het examen mee.

Artikel 13

1. Het schriftelijk werk wordt gedurende een jaar na afloop van het laatste examenonderdeel ter inzage voor de kandidaat door de examencommissie bewaard.

2. Na afloop van de in het eerste lid genoemde termijn kan het schriftelijk werk worden vernietigd.

Paragraaf 3. Beroep

Artikel 14

De artikelen 7.60 tot en met 7.63 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zijn van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk III. Transplanteren en winnen van embryo's

Paragraaf 4

Artikel 15

De kwalificaties, dan wel de combinatie van deelkwalificaties als genoemd in artikel 6 van het besluit, omvatten tenminste:

    1. voor zover het betreft het overzetten van embryo's, de volgende deelkwalificaties:

      a.
       Verzorgen kunstmatige inseminatie;
      
      
      b.
       Verzorgen spermawinning;
      
      
      c.
       Adviseren vruchtbaarheid en voortplanting, en
      
      
      d.
       Verzorgen embryotransplantatie.
      

a. a. Verzorgen kunstmatige inseminatie; b. b. Verzorgen spermawinning; c. c. Adviseren vruchtbaarheid en voortplanting, en d. d. Verzorgen embryotransplantatie. 2. 2. voor zover het betreft het winnen van embryo's, de volgende deelkwalificaties:

      a.
       Verzorgen kunstmatige inseminatie;
    
    
      b.
       Verzorgen spermawinning;
    
    
      c.
       Adviseren vruchtbaarheid en voortplanting;
    
    
      d.
       Verzorgen embryotransplantatie, en
    
    
      e.
       Verzorgen embryo-/ eicelwinning.

a. a. Verzorgen kunstmatige inseminatie; b. b. Verzorgen spermawinning; c. c. Adviseren vruchtbaarheid en voortplanting; d. d. Verzorgen embryotransplantatie, en e. e. Verzorgen embryo-/ eicelwinning.

Paragraaf 5

Artikel 16

Tot het examen voor het transplanteren van embryo's, genoemd in artikel 15, wordt toegelaten hij die ten genoege van de examencommissie, bedoeld in artikel 7.4.5 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, aantoont tenminste 3000 eerste inseminaties bij runderen te hebben uitgevoerd.

Artikel 17

1.

Tot het examen voor het winnen van embryo's, genoemd in artikel 15, wordt toegelaten hij die ten genoege van de examencommissie, bedoeld in artikel 7.4.5 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, aantoont dat hij:

a. a. geslaagd is voor het examen voor het transplanteren van embryo's, genoemd in artikel 16; b. b. tenminste een jaar als embryotransplanteur heeft gewerkt, en c. c. tenminste 1000 embryo's heeft getransplanteerd.

Hoofdstuk IV. Dierenartsassistent

Artikel 18

De kwalificatie, dan wel de combinatie van deelkwalificaties als genoemd in artikel 9, eerste lid, van het besluit, omvat tenminste:

a. a. Voeren (gezelschaps)dieren; b. b. Verzorgen (gezelschaps)dieren; c. c. Begeleiden voortplanting (gezelschaps)dieren; d. d. Nemen van hygiënische maatregelen; e. e. Anatomie/Fysiologie/Pathologie; f. f. Instrumentenleer/Desinfectie/Pathologie; g. g. Algemene assistentie en ziekenverzorging; h. h. Zoötechniek en gezondheidsleer; i. i. Laboratoriumwerkzaamheden; j j Radiologie; k. k. Eerste hulp (paraveterinair); l. l. Algemene en plaatselijke verdoving, en m. m. Beheren medicijnen.

Hoofdstuk V. Toelating

Artikel 19

1. Een verzoek om toelating als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van het besluit, wordt gedaan door het indienen van een volledig en naar waarheid ingevuld formulier dat daartoe door het CIBG beschikbaar gesteld wordt.

2. De aanvraag wordt ingediend bij het Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg.

3. Het formulier dient vergezeld te gaan van bewijsstukken waaruit blijkt dat degene die om toelating verzoekt, is toegelaten tot de uitoefening der diergeneeskunde, bedoeld in de artikelen 2, 5, 9, 13 en 13a van het besluit.

4.

Door middel van het in het eerste lid bedoelde formulier worden in ieder geval de volgende gegevens verstrekt:

a. a. naam en voornamen; b. b. geslacht; c. c. geboortedatum en geboorteplaats; d. d. nationaliteit; e. e. burgerservicenummer; f. f. adres onderscheidenlijk adressen waar de praktijk wordt uitgeoefend, met inbegrip van postcode en plaatsnaam onderscheidenlijk postcodes en plaatsnamen; g. g. woonadres, met inbegrip van postcode en woonplaats; h. h. e-mailadres; i. i. beroepsgroep; j. j. gegevens betreffende de bevoegdheid; k. k. gegevens betreffende de beroepsuitoefening.

Artikel 20

1. De minister draagt er zorg voor dat dierfysiotherapeuten, embryotransplanteurs en dierenartsassistenten die werkzaam zijn op het gebied van de diergeneeskunde worden ingeschreven in een register van praktiserende dierfysiotherapeuten, embryotransplanteurs, onderscheidenlijk dierenartsassistenten.

2. Inschrijving vindt niet plaats zolang de betrokkene krachtens een onherroepelijk geworden rechterlijke of tuchtrechtelijke beslissing de bevoegdheid tot de uitoefening van het beroep dierfysiotherapeut, embryotransplanteur dan wel dierenartsassistent mist.

3. Een inschrijving wordt doorgehaald indien de betrokkene in de in het tweede lid genoemde omstandigheid is komen te verkeren dan wel anderszins is opgehouden werkzaam te zijn als dierfysiotherapeut, embryotransplaneur dan wel dierenartsassistent.

4.

Aan een ieder die zulks verlangt, wordt medegedeeld:

a. a. of een persoon in het register, bedoeld in het eerste lid, ingeschreven staat; b. b. indien een persoon in het register, bedoeld in het eerste lid, ingeschreven staat:

        (i)
        achternaam en initialen;
      
      
        (ii)
        geslacht;
      
      
        (iii)
        beroepsgroep;
      
      
        (iv)
        adres onderscheidenlijk adressen waar de praktijk wordt uitgeoefend, met inbegrip van postcode en plaatsnaam onderscheidenlijk postcodes en plaatsnamen.

(i) (i) achternaam en initialen; (ii) (ii) geslacht; (iii) (iii) beroepsgroep; (iv) (iv) adres onderscheidenlijk adressen waar de praktijk wordt uitgeoefend, met inbegrip van postcode en plaatsnaam onderscheidenlijk postcodes en plaatsnamen.

Hoofdstuk V. Slotbepalingen

Artikel 21

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant, waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 22

Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling paraveterinairen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Paragraaf 6

Artikel 25

Vervallen

Paragraaf 7

Artikel 26

Vervallen

Paragraaf 8

Artikel 27

Vervallen

Artikel 28

Vervallen

Artikel 29

Vervallen

Artikel 30

Vervallen

Artikel 31

Vervallen

Artikel 32

Vervallen

Artikel 33

Vervallen

Artikel 34

Vervallen

Artikel 35

Vervallen

Paragraaf 9

Artikel 26

Vervallen

Artikel 37

Vervallen

Artikel 38

Vervallen

Artikel 39

Vervallen

Artikel 40

Vervallen

Bijlage I. behorende bij de

Bijlage II. bij de Regeling paraveterinairen

Ligt ter inzage.

Bijlage III

Vervallen