rijk/ministeriele-regeling/regeling-schadevergoeding-vergoeding-advocaat-en-proceskosten-aanbestedingsproce/BWBR0024398/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

6 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling schadevergoeding, vergoeding advocaat- en proceskosten aanbestedingsprocedures schoolboeken BWBR0024398 ministeriele-regeling geldend 2008-08-30 https://wetten.overheid.nl/BWBR0024398 Regeling schadevergoeding, vergoeding advocaat- en proceskosten aanbestedingsprocedures schoolboeken

Regeling schadevergoeding, vergoeding advocaat- en proceskosten aanbestedingsprocedures schoolboeken

Paragraaf 1. Algemene bepaling

Artikel 1

In de regeling wordt verstaan onder:

a. a. Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; b. b. bevoegd gezag: bevoegd gezag van een uit de rijkskas bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs of van een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 4°, van de Wet educatie en beroepsonderwijs voor zover het voorbereidend beroepsonderwijs betreft; c. c. aanbesteding: aanbesteding van lesmateriaal als bedoeld in artikel 6e van de Wet op het voortgezet onderwijs.

Paragraaf 2. Aanvraag

Artikel 2

1. Een bevoegd gezag kan telkens een aanvraag indienen bij de Minister met inachtneming van het tweede of derde lid, om zijn kosten te vergoeden voortvloeiend uit een rechterlijke procedure over een aanbesteding.

2.

De eerste aanvraag kan een bevoegd gezag indienen indien:

a. a. de dagvaarding aan het bevoegd gezag betrekking heeft op een rechterlijke procedure in eerste aanleg en deze is betekend voor 1 augustus 2009, b. b. dit bevoegd gezag vanaf de aanvang van de aanbesteding de Europese en nationale aanbestedingsregelgeving kennelijk in acht heeft genomen en in lijn met de daarop gebaseerde door de Minister verstrekte schriftelijke adviezen heeft gehandeld, en c. c. bij een serieuze aanwijzing dat er een rechterlijke procedure over een aanbesteding wordt gestart, dit door het bevoegd gezag per ommegaande is gemeld aan de Minister.

3.

Het bevoegd gezag kan in aanmerking komen voor een vergoeding van de kosten die voortvloeien uit een rechterlijke procedure die voortkomt uit een rechterlijke procedure als bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, indien:

a. a. dit bevoegd gezag vanaf de aanvang van de aanbesteding de Europese en nationale aanbestedingsregelgeving kennelijk in acht heeft genomen en in lijn met de daarop gebaseerde door de Minister verstrekte schriftelijke adviezen heeft gehandeld, en b. b. bij een serieuze aanwijzing dat er een rechterlijke procedure over een aanbesteding wordt gestart, dit door het bevoegd gezag per ommegaande is gemeld aan de Minister.

4.

De kosten, bedoeld in het eerste lid, zijn:

a. a. de gemaakte advocaatkosten voor het procederen voor een rechter, b. b. de gemaakte advocaatkosten voor de bemiddeling bij een schikking, c. c. de proceskosten waartoe het bevoegd gezag wordt veroordeeld door de rechter, of d. d. de schadevergoeding waartoe het bevoegd gezag wordt veroordeeld door de rechter.

Artikel 3

1. Het bevoegd gezag dient de aanvraag, bedoeld in artikel 2, eerste lid, telkens na ontvangst van een dagvaarding binnen een week in bij de Minister.

2.

De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, bevat:

a. a. een afschrift van de dagvaarding, en b. b. de aanbestedingsdocumenten die verband houden met het in de dagvaarding gestelde.

Artikel 4

1. De Minister kan de aanvraag, bedoeld in artikel 2, eerste lid, weigeren indien niet is voldaan aan de vereisten, bedoeld in de artikelen 2, tweede of derde lid, en 3, eerste lid.

2. Indien de Minister het voornemen heeft de aanvraag te weigeren, krijgt het bevoegd gezag de gelegenheid zijn zienswijze op dit voornemen binnen twee weken naar voren te brengen.

Artikel 5

De Minister beslist binnen acht weken na ontvangst op de aanvraag, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor de vergoeding van de kosten, bedoeld in artikel 2, vierde lid.

Paragraaf 3. Voorschriften verbonden aan de vergoeding

Artikel 6

Het bevoegd gezag dat in aanmerking komt voor een vergoeding is verplicht:

a. a. de Europese en nationale aanbestedingsregelgeving kennelijk in acht te nemen en in lijn met de daarop gebaseerde schriftelijke adviezen van de Minister te handelen, en b. b. toe te staan dat de Minister een advocaat kan aanwijzen naast de door het bevoegd gezag gekozen advocaat, indien naar het oordeel van de Minister dit noodzakelijk is in het belang van het voortgezet onderwijs.

Artikel 7

1. Het bevoegd gezag dat in aanmerking komt voor een vergoeding dient een aanvraag voor vaststelling van de vergoeding binnen acht weken in bij de Minister na dagtekening van de rechterlijke uitspraak of van de schikkingsovereenkomst.

2.

De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, bevat:

a. a. de declaratie van de kosten, bedoeld in artikel 2, vierde lid, onderdelen a en b, op basis van afschriften van facturen van de advocaat, en b. b. een afschrift van de betreffende rechterlijke uitspraak of van de schikkingsovereenkomst.

Artikel 8

1. De Minister vergoedt de kosten, bedoeld in artikel 2, vierde lid, onderdelen a en b, voor zover deze kosten in redelijkheid zijn gemaakt.

2. Indien de wederpartij van het bevoegd gezag tot vergoeding van kosten aan het bevoegd gezag wordt veroordeeld, wordt de vergoeding met die kosten verlaagd.

3. De Minister beslist binnen acht weken na ontvangst op de aanvraag, bedoeld in artikel 7, eerste lid.

Paragraaf 4. Beroepsprocedures

Artikel 9

Kosten voortvloeiend uit beroepsprocedures voor zover ingesteld door het bevoegd gezag, komen niet voor vergoeding in aanmerking, tenzij de Minister in het belang van het voortgezet onderwijs anders besluit.

Paragraaf 5. Overige bepalingen

Artikel 10

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 11

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling schadevergoeding, vergoeding advocaat- en proceskosten aanbestedingsprocedures schoolboeken.