rijk/ministeriele-regeling/regeling-verdiepingsslag-academische-opleidingsschool-20092011/BWBR0025827/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

10 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling verdiepingsslag academische opleidingsschool 20092011 BWBR0025827 ministeriele-regeling geldend 2009-05-15 https://wetten.overheid.nl/BWBR0025827 Regeling verdiepingsslag academische opleidingsschool 20092011

Regeling verdiepingsslag academische opleidingsschool 20092011

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a.

    *Minister:* Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

b. b.

    *school:* een uit s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, dan wel een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

c. c.

    *po:* het primair onderwijs, als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra,

d. d.

    *vo:* het voortgezet onderwijs, als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;

e. e.

    *bve:* het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie, als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs,

f. f.

    *hoger onderwijs:* hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs, als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW),

g. g.

    *opleidingsschool:* partnerschap tussen één of meer scholen voor po, vo of bve en één of meer lerarenopleidingen die in gezamenlijkheid toekomstige leraren voor een groot gedeelte van hun tijd op de werkplek opleiden,

h. h.

    *academische opleidingsschool:* opleidingsschool die het opleiden van leraren verbindt met het in het kader van die opleiding verrichten (voor een belangrijk deel door de leraar in opleiding) van praktijkgericht onderzoek en het bevorderen van schoolontwikkeling en innovatie,

i. i.

    *formulier:* het in bijlage 2 bij deze regeling opgenomen formulier Samenstelling aanvraagdossier toetsing verdiepingsslag academische opleidingsschool,

j. j.

    *schooljaar:* tijdvak dat aanvangt op 1 augustus van enig kalenderjaar en eindigt op 31 juli daaropvolgend.

Artikel 2

De Minister kan projectsubsidie verstrekken voor een beperkt aantal academische opleidingsscholen die zich tijdens de periode 1 augustus 2009 tot en met 31 december 2011 kunnen ontwikkelen tot goede praktijkvoorbeelden. De academische opleidingsschool levert een bijdrage aan het beantwoorden van de volgende vragen:

Wat zijn de extra elementen die een academische opleidingsschool toevoegt aan het opleiden van leraren? Hoe kan het opleiden van leraren in een werkpleksituatie (nog) beter worden gecombineerd met het doen van praktijkgericht onderzoek in een school? Welke aanvullende kwaliteitscriteria zijn nodig bovenop de kwaliteitscriteria voor een opleidingsschool? Welke aanvullende kosten maakt een academische opleidingsschool bovenop de kosten voor een opleidingsschool?

Artikel 3

1. Subsidie wordt slechts verleend aan een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid en waarvan de statutaire doelstelling past binnen het doel van de subsidieverlening.

2. Vanuit de academische opleidingsschool zal één partner optreden als penvoerder van de academische opleidingsschool.

3. De subsidieontvanger is de penvoerder, bedoeld in het tweede lid.

Artikel 4

Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is voor de periode 1 augustus 2009 tot en met 31 december 2011 gezamenlijk een bedrag van € 3.740.000 beschikbaar.

Artikel 5

1. De subsidie per subsidieontvanger bedraagt € 170.000 voor het volledige tijdvak van de subsidieverlening, zoals vermeld in artikel 12.

2. De subsidie wordt verstrekt als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan de in artikel 2 omschreven activiteiten. Zij kan ook worden aangewend voor andere activiteiten van de instelling(en) waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

Hoofdstuk 2. Subsidieaanvraag

Artikel 6

Subsidie wordt op aanvraag van de penvoerder, bedoeld in artikel 3, tweede lid, verleend.

Artikel 7

De subsidieaanvraag met daarbij een activiteitenplan wordt ingediend met behulp van het formulier bij Agentschap NL.

Artikel 8

Het activiteitenplan omvat een overzicht van de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten, zoals bedoeld in het formulier.

Artikel 9

1. De subsidieaanvraag wordt ingediend uiterlijk 15 september 2009.

2. Voor de dieptepilots die per 1 maart 2009 deelnemen aan het overbruggingsjaar opleiden in de school 20082009 als vervolg op de subsidieregeling Dieptepilot voor de opleidingsschool en de academische school 20052008 bestaat de mogelijkheid om in een eerste tranche de aanvraag in te dienen, indien zij reeds uiterlijk 1 mei 2009 deze aanvraag hebben ingediend.

Hoofdstuk 3. Subsidieverlening

Artikel 10

1. De Minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen met betrekking tot soortgelijke projecten op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie.

2. De Minister verdeelt het beschikbare bedrag bij gelijke geschiktheid en bij overschrijding van het subsidieplafond op basis van volgorde van ontvangst van de aanvragen met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag is aangevuld, met betrekking tot de verdeling, als datum van ontvangst geldt.

Artikel 11

1. De Minister beslist over de subsidieverlening mede op basis van het advies van Agentschap NL.

2. Agentschap NL brengt advies uit op basis van de criteriavoor de verdiepingsslag academische opleidingsschool in bijlage 1.

Artikel 12

Subsidie wordt verleend voor de periode 1 augustus 2009 tot en met 31 december 2011.

Artikel 13

In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de met inachtneming van artikel 4 verleende subsidiebedragen verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de begroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de verleende subsidiebedragen.

Artikel 14

1.

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht kan de subsidieverlening worden geweigerd of beëindigd indien:

a. a. aan de subsidieaanvrager geen subsidie verleend is in het kader van de Regeling tegemoetkoming opleidingsscholen, of b. b. de subsidieaanvrager niet of niet langer voldoet aan alle criteria zoals gesteld in de bijlage.

2. De Minister kan voor bepaalde gevallen van het eerste lid afwijken voor zover deze toepassing, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard.

Hoofdstuk 4. Verplichtingen subsidieontvanger

Artikel 15

1. De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de Minister ingestelde onderzoeken die erop gericht zijn de Minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het door of namens de Minister te voeren beleid.

2. De subsidieontvanger geeft aan door of namens de minster aangewezen ambtenaren op verzoek inzage in de in artikel 17 van de Wet overige OCW-subsidies bedoelde administratie en verstrekt alle inlichtingen die redelijkerwijs noodzakelijk zijn om een juist inzicht te verkrijgen in de besteding van de subsidie.

3. De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de Minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.

Artikel 16

1. De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving, bedoeld in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. De verklaring van de accountant bij de jaarrekening omvat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de subsidie.

2. Indien de subsidieontvanger een regulier bekostigde instelling op grond van de WHW betreft, dan vindt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving tevens plaats in de FSR-bijlage bij het jaarverslag, bedoeld in artikel 3, onderdeel g van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.

Artikel 17

1. Het activiteitenverslag bevat een overzicht van de werkzaamheden waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten.

2. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan.

3. Het verslag bevat, voor zover van toepassing, een analyse van verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie.

4. Het activiteitenverslag wordt ingediend bij Agentschap NL.

Hoofdstuk 5. Subsidievaststelling

Artikel 18

Binnen 2 maanden na afloop van het project waarvoor subsidie is verleend, doch uiterlijk 1 maart 2012, dient de subsidieontvanger een activiteitenverslag in, bedoeld in artikel 17. Binnen 3 maanden na ontvangst van het activiteitenverslag wordt de subsidie ambtshalve vastgesteld.

Hoofdstuk 6. Betaling

Artikel 19

Het subsidiebedrag wordt als voorschot aan subsidieontvanger betaald. € 70.000 wordt betaald binnen vier weken na de subsidieverlening, in november 2010 wordt opnieuw € 70.000 betaald en in september 2011 wordt € 30.000 betaald.

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 20

Er zal onderzoek worden gedaan naar het bereikte effect dan wel het bereikte resultaat van deze subsidie.

Artikel 21

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt per 1 januari 2012.

Artikel 22

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verdiepingsslag academische opleidingsschool 20092011.

Bijlage 1. : Criteria en indicatoren voor de verdiepingsslag academische opleidingsschool

Bijlage 2. : Formulier samenstelling aanvraagdossier toetsing verdiepingsslag academische opleidingsschool