40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.2 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling verkeersregelaars | BWBR0011295 | ministeriele-regeling | geldend | 2000-05-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0011295 | Regeling verkeersregelaars |
Regeling verkeersregelaars
Paragraaf 1. Bevoegdheden verkeersregelaars
Artikel 1
1. Verkeersregelaars zijn bevoegd om in het kader van hun werkzaamheden alle aanwijzingen te geven die nodig zijn voor een goede verkeersregeling.
2. Aan verkeersregelaars kan een beperking in de uitoefening van de bevoegdheid worden opgelegd.
Paragraaf 2. Opleiding
Artikel 2
1. De opleiding tot verkeersregelaar die landelijk werkzaam is, vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de korpschef van het Korps Landelijke Politiediensten.
2. De opleiding tot verkeersregelaar die niet landelijk werkzaam is, vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de betrokken korpschef van het regionale politiekorps.
3.
Tot verkeersregelaar worden uitsluitend opgeleid:
a. a. personen die in het kader van de uitoefening van hun beroep verkeersregelende taken verrichten, indien naar het oordeel van de voor de opleiding van verkeersregelaars verantwoordelijke korpschef het verrichten van die taken als een onderdeel van hun hoofdwerkzaamheden moet worden beschouwd of moet worden geacht nauw verband te houden met de uitoefening van hun hoofdwerkzaamheden; b. b. personen die bij evenementen eenvoudige verkeersregelende taken verrichten ter ontlasting van de politie; c. c. personeelsleden van Rijkswaterstaat die mede de toepassing van incident management als bedoeld in de Beleidsregels incident management Rijkswaterstaat tot taak hebben.
Artikel 3
De opleiding bestaat uit een theoretisch en een praktisch gedeelte. Voor verkeersregelaars die per evenement worden aangesteld, kan worden volstaan met een instructie.
Paragraaf 3. Aanstelling
Artikel 4
De aanstelling vindt plaats nadat het theoretische gedeelte van de opleiding, dan wel de instructie, is voltooid. Totdat het praktische gedeelte van de opleiding is voltooid, treedt de verkeersregelaar slechts op onder direct toezicht van de politie.
Artikel 5
1. De aanstelling wordt vastgelegd in een aanstellingsbesluit.
2. Verkeersregelaars ontvangen, voorzover zij niet per evenement worden aangesteld, een aanstellingscertificaat. In dit certificaat wordt ten minste aangegeven de geldigheidsduur van de aanstelling en de eventuele beperking in de uitoefening van de bevoegdheid.
3. Verkeersregelaars dienen het aanstellingscertificaat bij de uitvoering van hun werkzaamheden bij zich te dragen.
4. Verkeersregelaars zijn verplicht het aanstellingscertificaat te tonen op eerste vordering van de in artikel 159 van de Wegenverkeerswet 1994 bedoelde personen.
Artikel 6
1. Voor aanstelling tot verkeersregelaar komen slechts in aanmerking personen die de leeftijd van 18 jaren hebben bereikt.
2. Voor aanstelling tot verkeersregelaar met een beperking in de uitoefening van de bevoegdheid komen tevens in aanmerking personen die de leeftijd van 16 jaren hebben bereikt, voorzover zij slechts bij evenementen worden ingezet.
Artikel 7
Vervallen
Artikel 7a
Vervallen
Artikel 8
1.
Het in artikel 56 van het BABW bedoelde gezag verklaart de aanstelling vervallen:
a. a. indien de betrokken verkeersregelaar het praktische gedeelte van de opleiding niet met succes heeft afgerond; b. b. indien dat gezag, na advisering door de betrokken korpschef, van oordeel is dat de betrokken verkeersregelaar niet meer geschikt is om de taak van verkeersregelaar uit te oefenen; c. c. indien het niet langer noodzakelijk is, dat de betrokken verkeersregelaar als zodanig werkzaam is, of d. d. indien de verkeersregelaar daartoe een verzoek indient.
2. De vervallenverklaring van de aanstelling geschiedt schriftelijk.
Paragraaf 4. Plaats van optreden en direct toezicht politie
Artikel 9
Verkeersregelaars die jonger zijn dan achttien jaren, mogen voor de uitoefening van hun taak slechts worden ingezet:
a. a. op wegen waar in het algemeen niet sneller wordt gereden dan 50 kilometer per uur en b. b. indien ter plaatse bij duisternis of slecht zicht voldoende openbare straatverlichting aanwezig is.
Artikel 9a
Landelijk werkzame verkeersregelaars mogen voor de uitoefening van hun taak slechts worden ingezet voor:
a. a. het begeleiden van exceptionele transporten, of b. b. incident management als bedoeld in de Beleidsregels incident management Rijkswaterstaat.
Artikel 10
Verkeersregelaars die beperkt zijn in de uitoefening van hun bevoegdheid, oefenen hun taak uit onder direct toezicht van de politie.
Paragraaf 5. Uitrusting
Artikel 11
Bij de uitoefening van hun taak dienen verkeersregelaars ten minste te zijn uitgerust met een oranje fluorescerende jas of hes waarop het woord ‘verkeersregelaar’ aan beide zijden duidelijk leesbaar in witte retroreflecterende letters is aangebracht.
Paragraaf 6. Slotbepalingen
Artikel 12
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 mei 2000.
Artikel 13
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verkeersregelaars.