40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2.7 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling vervoeropbrengsten rijksbijdrage openbaar vervoer | BWBR0012786 | ministeriele-regeling | geldend | 2001-09-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0012786 | Regeling vervoeropbrengsten rijksbijdrage openbaar vervoer |
Regeling vervoeropbrengsten rijksbijdrage openbaar vervoer
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Artikel 2
De andere vervoeropbrengsten, bedoeld in artikel 59, eerste lid, onderdeel b, van het besluit, bestaan uit:
a. a. de fictieve opbrengsten van door of vanwege de werkgever verzorgd vervoer van werknemers als bedoeld in artikel 8 van het besluit; berekend op grond van artikel 3, tweede lid, van de Regeling rijksbijdrage openbaar vervoer 2001; b. b. de derving van de in artikel 60, onderdelen a en b, van het besluit en artikel 3 bedoelde opbrengsten van vervoerbewijzen als gevolg van het gebruik van de OV-studentenkaart, genoemd in artikel 3 van de Regeling nationale vervoerbewijzen openbaar vervoer.
Artikel 3
1.
Andere vervoerbewijzen als bedoeld in artikel 60, onderdeel c, van het besluit, zijn:
a. a. vervoerbewijzen aan de reiziger van vervoer als bedoeld in artikel 6 van het besluit; b. b. vervoerbewijzen aan de reiziger van vervoer als bedoeld in artikel 7 van het besluit.
2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op overige vervoerbewijzen afgegeven door of namens een concessieverlener.
Artikel 4
De vervoerbewijzen genoemd in artikel 60, onderdeel b, van het besluit en artikel 3, tweede lid, worden bij de berekening, bedoeld in artikel 54, tweede lid, van het besluit uitsluitend meegenomen indien deze vervoerbewijzen:
a. a. zijn afgegeven aan reizigers, en b. b. niet uitsluitend geldig zijn in combinatie met een nationaal vervoerbewijs.
Artikel 5
Op de berekening van vervoeropbrengsten van vervoerbewijzen als bedoeld in artikel 4, wordt in mindering gebracht een bijdrage aan de vervoerprijs van bestuursorganen of concessiehouders, tenzij deze bijdrage wordt verleend ten behoeve van het vervoer van hun werknemers.
Artikel 6
Op grond van artikel 54, eerste lid, van het besluit, worden de opbrengsten van de vervoerbewijzen, genoemd in artikel 4, uitsluitend in aanmerking genomen tot maximaal het opbrengstenniveau van de nationale vervoerbewijzen als opgenomen in de bijlage bij deze regeling.
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2001.
Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vervoeropbrengsten rijksbijdrage openbaar vervoer.