40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2.1 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regels m.b.t. de uitvoering van artikel 65 Loodsenwet | BWBR0004376 | ministeriele-regeling | geldend | 1988-09-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0004376 | Regels m.b.t. de uitvoering van artikel 65 Loodsenwet |
Regels m.b.t. de uitvoering van artikel 65 Loodsenwet
Artikel 1
Het bedrag aan middelen, bedoeld in artikel 65, derde lid, van de Loodsenwet (Stb. 1988, 353), is f 144 mln., waarvan:
a. a. f 103 mln. ten behoeve van degenen die krachtens artikel 63, eerste lid, van de Loodsenwet zijn ingeschreven in het loodsenregister, en degenen die een leerovereenkomst als bedoeld in artikel 63, tweede lid, van de Loodsenwet, hebben gesloten; en b. b. f 41 mln. ten behoeve van degenen die een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 63, derde lid, van de Loodsenwet, hebben gesloten. Dit bedrag is een voorschot.
Artikel 2
1. De definitieve vaststelling van de over te dragen middelen in verband met de opgebouwde rechten, bedoeld in artikel 65, derde lid, van de Loodsenwet, geschiedt, met inachtneming van het tweede lid, op basis van objectieve maatstaven voor 31 december 1989.
2.
Bij de vaststelling, bedoeld in het eerste lid geldt:
a. a. ten aanzien van het bedrag ten behoeve van de personen, bedoeld in artikel 1, onderdeel a: dat dit ten hoogste 3 mln kan afwijken van het voorschot; en b. b. ten aanzien van het bedrag ten behoeve van de personen, bedoeld in artikel 1, onderdeel b: dat dit ten hoogste f 1,5 mln. kan afwijken van het voorschot.
Artikel 3
Bij de definitieve vaststelling, bedoeld in artikel 2, wordt tevens het tijdstip en de wijze van afrekening in overeenstemming met de directie van het Algemeen burgerlijk pensioenfonds en het fonds, bedoeld in artikel 65, eerste lid, van de Loodsenwet vastgesteld.
Artikel 4
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 1988.
Deze regeling zal worden geplaatst in de Nederlandse Staatscourant en in afschrift worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer.