40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
269 lines
16 KiB
Markdown
269 lines
16 KiB
Markdown
---
|
||
titel: Subsidieregeling subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling
|
||
Patiënt en Professional MSZ en audiologische centra
|
||
bwb_id: BWBR0043160
|
||
type: ministeriele-regeling
|
||
status: geldend
|
||
datum_inwerkingtreding: '2020-02-12'
|
||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0043160
|
||
citeertitel: Subsidieregeling subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling
|
||
Patiënt en Professional MSZ en audiologische centra
|
||
---
|
||
|
||
# Subsidieregeling subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional MSZ en audiologische centra
|
||
|
||
## Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
|
||
|
||
### Artikel 1
|
||
|
||
In deze regeling wordt verstaan onder:
|
||
|
||
- *basisgegevensset Zorg (BgZ):* de Basisgegevensset Zorg is de minimale set van patiëntgegevens die specialisme-, ziektebeeld- en beroepsgroep overstijgend relevant is en van belang voor de continuïteit van zorg. De Basisgegevensset Zorg is gedefinieerd met behulp van de zorginformatiebouwstenen (Zib's);
|
||
- *DBC-producten (Diagnose Behandeling Combinatie):* een DBC omvat het traject dat een patiënt doorloopt als hij zorg nodig heeft voor een specifieke diagnose, vanaf het eerste contact bij een instelling voor medisch specialistische zorg tot en met de behandeling die hieruit eventueel volgt. De DBC vormt de basis voor de declaratie van de geleverde zorg;
|
||
- *dienst van algemeen economisch belang:* een dienst als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;
|
||
- *dienstverlener Zorgaanbieder (DVZA):* dit betreft een rol in het MedMij- afsprakenstelsel. De DVZA levert diensten aan de instelling gerelateerd aan de uitwisseling tussen persoon en instelling en committeert zich hiervoor aan de naleving van de afspraken van het MedMij-afsprakenstelsel;
|
||
- *eHealth:* het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën, en met name internet-technologie, om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren;
|
||
- *elektronisch patiëntendossier (EPD):* een softwaretoepassing waarbij medische patiëntengegevens in digitale vorm bewaard en beschikbaar gemaakt worden;
|
||
- *groep:* als bedoeld in artikel 2:24b van het Burgerlijk Wetboek, een economische eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden;
|
||
- *handboek toetsingsprocedure VIPP MSZ en audiologische centra:* het handboek dat de IT-auditor gebruikt om vast te stellen of de instellingen voor medisch specialistische zorg en audiologische centra de resultaten van de modules hebben behaald en aan de subsidieverplichtingen hebben voldaan;
|
||
- *IT-Assessment:* toets volgens de richtlijn 3000A van NOREA voor assurance-opdrachten door IT-auditors, ten behoeve van de subsidievaststelling uitgevoerd door een door NOREA erkende onafhankelijke IT-auditor;
|
||
- *ICT-leverancier:* producent van een informatiesysteem dat wordt gebruikt binnen instellingen voor medisch specialistische zorg en audiologische centra bedoeld om de elektronische informatie-uitwisseling van, naar of tussen één of meer systemen te integreren;
|
||
- *instellingen:* als bedoeld in artikel 1, onder f, van de Wet Toelating Zorginstellingen met uitzondering van de categorieën als bedoeld in artikel 1.2, sub 3 tot en met 24 van het Uitvoeringsbesluit WTZi;
|
||
- *minister:* de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
|
||
- *MedMij-afsprakenstelsel:* de set van afspraken die door de Stichting MedMij wordt beheerd ten behoeve van het veilig uitwisselen van persoonsgegevens tussen zorggebruikers en zorgverleners;
|
||
- *Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU):* belangenbehartiger en werkgever van de acht samenwerkende umc’s in Nederland
|
||
- *Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ):* branchevereniging voor algemene ziekenhuizen en categorale instellingen in Nederland;
|
||
- *NOREA:* de beroepsorganisatie van IT-auditors in Nederland;
|
||
- *omzet peiljaar:* dit betreft de productie van de DBC die met gebruikmaking van het model-jaardocument Maatschappelijke Verantwoording is opgenomen in de jaarverantwoording 2018, die is goedgekeurd door de accountant en wordt gepubliceerd via de website van het CIBG. VWS hanteert voor deze subsidie peiljaar 2018 en 2019;
|
||
- *onafhankelijke IT-auditor:* een IT-auditor die is ingeschreven in het register van gekwalificeerde IT-auditors, het Register EDP-Auditor, dat beheerd wordt door NOREA;
|
||
- *persoonlijke gezondheidsomgevingen (PGO):* een hulpmiddel voor de patiënt om relevante gezondheidsinformatie afkomstig van de zorgverleners, te verzamelen, te beheren en desgewenst te delen via gestandaardiseerde gegevensverzamelingen voor gezondheidsinformatie en geïntegreerde digitale zorgdiensten;
|
||
- *startmeting monitor:* een vooraf uitgevoerde meting door de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ), Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU) of Zelfstandige Klinieken Nederland (ZKN), waarin de startpositie van de instellingen ten aanzien van de doelstellingen uit deze regeling wordt vastgelegd;
|
||
- *Zelfstandige Klinieken Nederland (ZKN):* Branchevereniging voor zelfstandige klinieken in Nederland;
|
||
- *Zorg informatiebouwsteen (Zib):* informatiemodel van minimale klinische concepten, die elk meerdere gegevens in zich herbergen met een afgesproken inhoud, structuur en onderlinge relatie.
|
||
|
||
### Artikel 2
|
||
|
||
Op deze regeling is de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS niet van toepassing met uitzondering van artikel 1.5, onder b, artikel 3.7, artikel 4.1, artikel 4.2, eerste lid, artikel 5.1, artikel 5.7, artikel 6.1, eerste, tweede en derde lid, artikel 7.5, eerste en vijfde lid van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 2. Subsidiabele activiteiten
|
||
|
||
### Artikel 3
|
||
|
||
De minister kan op aanvraag aan een instelling eenmalig een subsidie verstrekken voor activiteiten met betrekking tot de informatie-uitwisseling tussen instellingen en patiënt en tussen instellingen onderling.
|
||
|
||
### Artikel 4
|
||
|
||
**1.** De activiteiten, bedoeld in artikel 3, bestaan uit het uitvoeren van maximaal 3 modules, genoemd in bijlage 1, waaronder in ieder geval module 1 en 3, en waarbij module 1 regulier of versneld kan worden uitgevoerd.
|
||
|
||
**2.**
|
||
|
||
De modules, bedoeld in het eerste lid, bestaan uit:
|
||
|
||
a. a.
|
||
verplichte module 1: de instelling kan digitaal gegevens beschikbaar stellen aan het PGO van de patiënt, conform het MedMij-afsprakenstelsel:
|
||
|
||
|
||
1°
|
||
regulier: de activiteit moet uiterlijk op 30 september 2022 zijn behaald; of
|
||
|
||
|
||
2°
|
||
versneld: de activiteit moet uiterlijk op 31 mei 2021 zijn behaald.
|
||
1° 1°
|
||
regulier: de activiteit moet uiterlijk op 30 september 2022 zijn behaald; of
|
||
2° 2°
|
||
versneld: de activiteit moet uiterlijk op 31 mei 2021 zijn behaald.
|
||
b. b.
|
||
optionele module 2: de instelling kan digitaal informatie uitwisselen naar het PGO van de patiënt conform het MedMij-afsprakenstelsel en de patiënt kan vanuit het PGO informatie terugzenden richting de instelling. De activiteit moet uiterlijk op 30 juni 2023 zijn behaald.
|
||
c. c.
|
||
verplichte module 3: de instelling kan digitaal de BgZ en relevante correspondentie uitwisselen met een andere instelling. De activiteit moet uiterlijk op 31 december 2023 zijn behaald.
|
||
|
||
**3.** Indien subsidie wordt verleend voor het versneld uitvoeren van module 1, dan wordt het besluit tot subsidieverlening op dit punt van het versneld uitvoeren niet herzien.
|
||
|
||
**4.** De minister kan ontheffing verlenen van de termijnen, bedoeld in het tweede lid.
|
||
|
||
### Artikel 5
|
||
|
||
De activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, worden aangewezen als diensten van algemeen economisch belang als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende werking van de Europese Unie.
|
||
|
||
### Artikel 6
|
||
|
||
Subsidie wordt, in aanvulling op artikel 1.5, onder b, van de Kaderregeling OCW, SZW en VWS, uitsluitend verstrekt indien de instelling:
|
||
|
||
a. a.
|
||
de startmeting monitor, bedoeld in artikel 1, heeft ingevuld;
|
||
b. b.
|
||
de modules, waarvoor zij subsidie verkrijgt, uitvoert en daarbij de bijbehorende resultaten, normen en standaarden, genoemd in bijlage 1, worden behaald;
|
||
c. c.
|
||
met de Staat een overeenkomst sluit waarbij de Staat haar belast met en zij zich verplicht tot het verrichten van de dienst van algemeen economisch belang, bedoeld in artikel 5.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 3. Categorieën van instellingen
|
||
|
||
### Artikel 7
|
||
|
||
Instellingen zijn ten behoeve van deze regeling onderverdeeld in de volgende categorieën:
|
||
|
||
a. a.
|
||
universitair medische centra;
|
||
b. b.
|
||
ziekenhuizen;
|
||
c. c.
|
||
klinische revalidatiecentra;
|
||
d. d.
|
||
dialysecentra;
|
||
e. e.
|
||
radiotherapeutische centra;
|
||
f. f.
|
||
epilepsiecentra;
|
||
g. g.
|
||
audiologische centra;
|
||
h. h.
|
||
restcategorie: bestaat uit zelfstandige behandelcentra, centra voor niet klinische revalidatie en categorale ziekenhuizen, nader onder te verdelen in:
|
||
|
||
|
||
1°
|
||
restcategorie 1: instellingen met een DBC-omzet van meer dan € 20 miljoen per jaar.
|
||
Deze categorie levert veelal zorg aan een beperktere doelgroep of beschikt over een beperkter aantal specialismen dan een ziekenhuis. In de regel levert de instelling zowel klinische als poliklinische zorg;
|
||
|
||
|
||
2°
|
||
restcategorie 2: instellingen met een DBC-omzet tussen € 500.000 en € 20 miljoen per jaar. De instelling levert in de regel alleen poliklinische zorg, vaak vanuit één specialisme of beperkt tot een specifieke doelgroep.
|
||
1° 1°
|
||
restcategorie 1: instellingen met een DBC-omzet van meer dan € 20 miljoen per jaar.
|
||
Deze categorie levert veelal zorg aan een beperktere doelgroep of beschikt over een beperkter aantal specialismen dan een ziekenhuis. In de regel levert de instelling zowel klinische als poliklinische zorg;
|
||
2° 2°
|
||
restcategorie 2: instellingen met een DBC-omzet tussen € 500.000 en € 20 miljoen per jaar. De instelling levert in de regel alleen poliklinische zorg, vaak vanuit één specialisme of beperkt tot een specifieke doelgroep.
|
||
|
||
### Artikel 8
|
||
|
||
**1.** Indien een instelling deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 1, wordt op grond van deze regeling slechts één subsidie per groep verstrekt.
|
||
|
||
**2.** Audiologische centra die deel uitmaken van een instelling die reeds in aanmerking komt voor een subsidie op grond van deze regeling, komen niet zelfstandig in aanmerking voor subsidie.
|
||
|
||
**3.**
|
||
|
||
In afwijking van het eerste lid komen voor subsidie in aanmerking:
|
||
|
||
a. a.
|
||
ziekenhuizen die subsidie hebben ontvangen op grond van het Besluit vaststelling beleidskader subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional;
|
||
b. b.
|
||
overige instellingen voor medisch specialistische zorg die deel uitmaken van een ziekenhuis of een umc en reeds subsidie hebben ontvangen op grond van het Besluit vaststelling beleidsregels subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional fase 2;
|
||
c. c.
|
||
umc’s.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 4. Hoogte van de subsidie
|
||
|
||
### Artikel 9
|
||
|
||
**1.** De subsidie bestaat uit de som van de voor de desbetreffende instelling per module geldende subsidiebedragen, bedoeld in het tweede lid, voor de modules waarvoor subsidie wordt verstrekt.
|
||
|
||
**2.**
|
||
|
||
De subsidie per module bedraagt voor de verschillende categorieën van instellingen, bedoeld in artikel 7, als volgt:
|
||
|
||
| | Module 1 Regulier | Module 1 Versneld | Module 2 | Module 3 |
|
||
| --- | --- | --- | --- | --- |
|
||
| **Universitair Medisch Centra** | € 225.000 | € 320.000 | € 205.000 | € 205.000 |
|
||
| **Ziekenhuizen** | € 190.000 | € 265.000 | € 170.000 | € 170.000 |
|
||
| **Klinische Revalidatiecentra** | € 130.000 | € 185.000 | € 120.000 | € 120.000 |
|
||
| **Dialysecentra** | € 75.000 | € 105.000 | € 65.000 | € 65.000 |
|
||
| **Radiotherapeutische centra** | € 75.000 | € 105.000 | € 65.000 | € 65.000 |
|
||
| **Epilepsie centra** | € 110.000 | € 155.000 | € 100.000 | € 100.000 |
|
||
| **Audiologische centra** | € 57.000 | € 80.000 | € 52.000 | € 52.000 |
|
||
| **Restcategorie 1** | € 150.000 | € 210.000 | € 140.000 | € 140.000 |
|
||
| **Restcategorie 2** | € 57.000 | € 80.000 | € 52.000 | € 52.000 |
|
||
|
||
## Hoofdstuk 5. Aanvraag tot subsidieverlening
|
||
|
||
### Artikel 10
|
||
|
||
**1.** De aanvraag tot verlening van een subsidie kan vanaf 1 maart 2020 om 9.00 uur, worden ingediend en wordt uiterlijk 31 oktober 2020 om 23.59 uur ontvangen.
|
||
|
||
**2.** Een aanvraag die na 31 oktober 2020 wordt ontvangen, wordt afgewezen.
|
||
|
||
**3.**
|
||
|
||
Voor de aanvraag tot verlening van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt, waarbij de instelling de volgende gegevens verschaft:
|
||
|
||
a. a.
|
||
algemene gegevens van de instelling;
|
||
b. b.
|
||
onder welke van de categorieën, bedoeld in artikel 7, de instelling valt;
|
||
c. c.
|
||
naam- en contactgegevens van de programmaverantwoordelijke medewerker;
|
||
d. d.
|
||
voor welke modules de instelling subsidie aanvraagt en of module 1 regulier of versneld wordt uitgevoerd.
|
||
|
||
**4.** De aanvraag gaat daarnaast vergezeld van een bevestiging dat de startmeting monitor, bedoeld in artikel 6, onder a, is ingevuld.
|
||
|
||
**5.**
|
||
|
||
De minister besluit:
|
||
|
||
a. a.
|
||
in geval van een aanvraag ontvangen op uiterlijk 30 april 2020, binnen 13 weken na ontvangst van de desbetreffende aanvraag, of
|
||
b. b.
|
||
in geval van een aanvraag ontvangen op uiterlijk 31 oktober 2020, binnen 13 weken na afloop van 31 oktober 2020,
|
||
|
||
over de verlening van een subsidie.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 6. Subsidieverplichtingen
|
||
|
||
### Artikel 11
|
||
|
||
Instellingen maken bij de inkoop van softwaresystemen bij ICT leveranciers gebruik van de inkoopvoorwaarden die zijn opgesteld door de VIPP programmabureaus van de NVZ, ZKN en NFU.
|
||
|
||
### Artikel 12
|
||
|
||
De subsidieontvanger is verplicht om uit eigen beweging en op verzoek kennis uit te wisselen met andere instellingen, de VIPP programmabureaus van NVZ, NFU en ZKN of betrokken stakeholders.
|
||
|
||
### Artikel 13
|
||
|
||
Na het afronden van module 1, regulier dan wel versneld uitgevoerd, verstrekt de instelling binnen 13 weken de uitkomst van een IT-assessment als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aan de minister. Dit IT-assessment wordt beschouwd als tussentijdse rapportage en wordt betrokken bij de vaststelling van de subsidie, bedoeld in artikel 15.
|
||
|
||
### Artikel 14
|
||
|
||
**1.** Een IT-assessment bepaalt of een instelling de modules waarvoor subsidie is verstrekt heeft uitgevoerd en of de bijbehorende resultaten, genoemd in bijlage 1, zijn behaald en aan de bijbehorende normen en standaarden, genoemd in bijlage 1, is voldaan.
|
||
|
||
**2.**
|
||
|
||
Een IT-assessment als bedoeld in het eerste lid wordt uitgevoerd:
|
||
|
||
a. a.
|
||
door een onafhankelijke IT-auditor, die ingeschreven staat in het register van gekwalificeerde IT-auditors;
|
||
b. b.
|
||
op basis van het Handboek VIPP MSZ toetsingsprocedure, te vinden op https://www.dus-i.nl/subsidies.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 7. Aanvraag en besluit tot subsidievaststelling
|
||
|
||
### Artikel 15
|
||
|
||
Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie wordt ingediend binnen 22 weken na het afronden van de laatste module waarvoor subsidie is verleend.
|
||
|
||
### Artikel 16
|
||
|
||
**1.** Voor de aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
|
||
|
||
**2.** De ontvanger van een subsidie legt rekening en verantwoording af aan de hand van de tussentijdse rapportage, bedoeld in artikel 13, en een per module uitgevoerde IT-assessment als bedoeld in artikel 14.
|
||
|
||
**3.** De subsidie wordt vastgesteld op een bedrag per gerealiseerde module voor de modules waarvoor de minister bij de verlening subsidie heeft verleend.
|
||
|
||
**4.** Indien de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de normen en resultaten bij een module, bedoeld in bijlage 1, wordt de subsidie voor die module op nihil vastgesteld.
|
||
|
||
### Artikel 16a
|
||
|
||
De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
|
||
|
||
## Hoofdstuk 8. Inwerkingtreding, vervaldatum en citeertitel
|
||
|
||
### Artikel 17
|
||
|
||
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin hij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 31 december 2024.
|
||
|
||
### Artikel 18
|
||
|
||
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling subsidiëring Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt en Professional MSZ en audiologische centra.
|
||
|
||
## Bijlage 1. Modules, behorende bij
|
||
|
||
^1 De verwachting is dat de Wet digitale overheid op 1 juli 2020 in werking treedt. De wet digitale overheid schrijft voor dat je als dienstverlener moet aansluiten op alle inlogmiddelen en machtigingsvoorzieningen van BZK en hoe dat gaat gebeuren. Aanvragers worden geadviseerd deze ontwikkelingen goed in de gaten te houden.
|