40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
15 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke regeling aanvullende subsidie evenementen COVID-19 | BWBR0046344 | ministeriele-regeling | geldend | 2022-02-26 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0046344 | Tijdelijke regeling aanvullende subsidie evenementen COVID-19 |
Tijdelijke regeling aanvullende subsidie evenementen COVID-19
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. evenement: projectmatig georganiseerde, één- of meerdaagse fysieke en voor het publiek toegankelijke gebeurtenis, bijgewoond door een verzameling personen, en die plaatsvindt binnen een periode van 15 dagen, op een andere plaats dan:
a.
in een woning of op een daarbij behorend erf;
b.
in een gebouw of op een plaats als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Grondwet; of
c.
in een gebouw, of buitenruimte, bestemd voor de presentatie van podiumkunsten op basis van reguliere podiumprogrammering;
a. a. in een woning of op een daarbij behorend erf; b. b. in een gebouw of op een plaats als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Grondwet; of c. c. in een gebouw, of buitenruimte, bestemd voor de presentatie van podiumkunsten op basis van reguliere podiumprogrammering;
-
evenementenverbod: bij ministeriële regeling op grond van artikel 58i van de Wet publieke gezondheid vastgesteld verbod tot het organiseren van evenementen;
-
Kaderbesluit: Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies;
-
minister: Minister van Economische Zaken en Klimaat;
-
organisator: een in het handelsregister ingeschreven natuurlijke persoon, rechtspersoon of een vennootschap, niet zijnde een publiekrechtelijke rechtspersoon of een bestuursorgaan, die verantwoordelijk is voor het organiseren van een evenement en het financiële risico daarvan draagt;
-
projectkosten: vóór de vaststelling en aankondiging van het evenementenverbod in redelijkheid daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten en aangegane betalingsverplichtingen die verbonden zijn aan het organiseren van het evenement, exclusief vaste lasten van de organisator en licentiekosten, en kosten voor het opstellen van een controleverklaring of verklaring van een deskundige derde als bedoeld in artikel 10, tweede lid onderdeel b respectievelijk onderdeel c; a. vaste lasten:
a. afschrijvingen op vaste activa; en b. overige vaste bedrijfskosten, niet zijnde 1°. kosten bestaande uit lonen van werknemers, inclusief direct loon en bijzondere beloningen; en 2°. ten laste van de werkgever komende sociale premies.
a. a. afschrijvingen op vaste activa; en b. b. overige vaste bedrijfskosten, niet zijnde
1°.
kosten bestaande uit lonen van werknemers, inclusief direct loon en bijzondere beloningen; en
2°.
ten laste van de werkgever komende sociale premies.
1°. 1°. kosten bestaande uit lonen van werknemers, inclusief direct loon en bijzondere beloningen; en 2°. 2°. ten laste van de werkgever komende sociale premies.
Artikel 2
1. Deze regeling is mede van toepassing in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
2. Voor de toepassing van deze regeling in een openbaar lichaam als bedoeld in het eerste lid, wordt onder ‘evenementenverbod’ mede verstaan een ingevolge artikel 58ca van de Wet publieke gezondheid door de in dat artikel bedoelde gezaghebber bij algemeen verbindend voorschrift vastgesteld verbod tot het organiseren van evenementen.
Artikel 3
1. De minister verstrekt aan de organisator van een evenement op aanvraag subsidie ter dekking van de kosten voor het organiseren van een evenement dat moest worden geannuleerd als gevolg van een evenementenverbod.
2. De subsidie wordt uitsluitend verstrekt ten behoeve van een evenement, waarvan de geplande startdatum in de periode van 10 juli 2021 tot en met 31 december 2021 lag, en dat geheel of gedeeltelijk in Nederland zou plaatsvinden.
3. Indien meerdere organisatoren tezamen verantwoordelijk waren voor het organiseren van een evenement en het financiële risico daarvan dragen, wordt de subsidie uitsluitend verstrekt indien zij samenwerken in een samenwerkingsverband.
Artikel 4
Een aanvraag voor subsidie wordt uiterlijk 31 mei 2022 ingediend, met dien verstande dat de aanvraag tijdig is ingediend indien zij op die datum vóór 17.00 uur is ontvangen.
Artikel 5
De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten.
Artikel 6
1. Als subsidiabele kosten komen in aanmerking de projectkosten die toe te rekenen zijn aan het organiseren van het evenement, waarvan de geplande startdatum in de periode van 10 juli 2021 tot en met 31 december 2021 lag, dat moest worden geannuleerd als gevolg van een evenementenverbod en voor zover dat evenement in Nederland zou plaatsvinden.
2.
De kosten van verplaatsing naar een andere datum van het evenement dat moest worden geannuleerd als gevolg van een evenementenverbod zijn eenmalig subsidiabel, voor zover deze kosten niet meer bedragen dan de subsidiabele kosten zouden bedragen bij het als gevolg van het evenementenverbod annuleren van het evenement, en indien:
a. a. zowel de datum waarop de start van het evenement blijkens de subsidieaanvraag zou plaatsvinden, als de datum waarnaar de start van het evenement verplaatst werd, viel in de in het eerste lid bedoelde periode; en b. b. voor de datum waarnaar het evenement verplaatst werd, op het moment van de verplaatsing, geen evenementenverbod was vastgesteld of aangekondigd.
3. In afwijking van artikel 10, tweede lid, van het Kaderbesluit, komen vóór indiening van de aanvraag gemaakte projectkosten voor subsidie in aanmerking indien deze kosten na 20 januari 2021 zijn gemaakt.
4. In afwijking van artikel 11, eerste lid, van het Kaderbesluit, worden de subsidiabele kosten berekend op basis van werkelijke kosten en opbrengsten.
5. De kosten van aanschaf van vaste activa komen niet in aanmerking als subsidiabele kosten.
6. In redelijkheid vermijdbare kosten, alsmede kosten om als franchisenemer een evenement te mogen organiseren, komen niet in aanmerking als subsidiabele kosten.
7. kosten voor het voeren van directie ten behoeve van de organisatie van het evenement komen in aanmerking als subsidiabele kosten tot een maximum van vijf procent van de totale subsidiabele kosten.
8. Projectkosten waarvoor de organisator in aanmerking komt voor vergoeding op grond van de Derde, Vierde of Vijfde tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid komen niet in aanmerking als subsidiabele kosten.
9. Indien een organisator voor dezelfde subsidiabele kosten een verzekeringsuitkering ontvangt, of heeft ontvangen, wordt deze in mindering gebracht op de subsidiabele kosten.
10. Door de organisator bij de organisatie van het evenement gerealiseerde opbrengsten die onafhankelijk zijn van het daadwerkelijk plaatsvinden van het evenement worden in mindering gebracht op de subsidiabele kosten.
Artikel 7
1. Het subsidieplafond bedraagt € 120 miljoen.
2. De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.
Artikel 8
1.
De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:
a. a. de te verlenen subsidie minder dan € 2.500 zou bedragen; b. b. de aanvrager in aanmerking komt, of zou zijn gekomen, voor subsidie op grond van de Tijdelijke regeling subsidie evenementen COVID-19; c. c. voor een evenement waarvoor een evenementenvergunning was vereist de benodigde vergunning niet is verleend, tenzij wordt aangetoond dat het voor de vergunningverlening bevoegde gezag wel een vergunning zou hebben afgegeven wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd; of d. d. voor een evenement waarvoor een melding was vereist bij het bevoegde gezag, geen melding is gedaan en niet wordt aangetoond dat het bevoegde gezag geen bezwaar zou hebben gehad tegen de organisatie van het evenement wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd.
2. De afwijzingsgronden, bedoeld in artikel 23, onderdelen a en e, van het Kaderbesluit zijn van toepassing, met dien verstande dat daarbij het risico op annulering als gevolg van een evenementenverbod buiten beschouwing wordt gelaten.
Artikel 9
1. De subsidieontvanger voert een zodanige administratie dat daaruit te allen tijde op eenvoudige en duidelijke wijze is af te leiden dat de ontvanger voldoet aan de bij deze regeling gestelde eisen.
2. Artikel 38, eerste lid, onderdelen b, c en d, van het Kaderbesluit is niet van toepassing.
3. Uit de gegevens, bedoeld in artikel 38, derde lid, van het Kaderbesluit dienen de specifiek ten behoeve van het evenement gemaakte en betaalde kosten te allen tijde op duidelijke en eenvoudige wijze afgeleid te kunnen worden.
Artikel 10
1.
De aanvraag tot subsidieverlening bevat ten minste de volgende gegevens:
a. a. gegevens over de aanvrager, waaronder het nummer waarmee de aanvrager is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel, het post- en bezoekadres, het rekeningnummer van een bankrekening bij een Nederlandse bank of bij een Europese bank, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, en het bewijs dat de bankrekening op naam van de aanvrager staat; b. b. gegevens over de contactpersoon bij de aanvrager, of indien van toepassing bij het samenwerkingsverband, waaronder de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres; c. c. indien een evenementenvergunning was vereist:
1°.
de beschikking tot verlening van de vergunning; of
2°.
een verklaring van het voor de vergunningverlening bevoegde gezag dat een vergunning zou zijn afgegeven wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd;
1°. 1°. de beschikking tot verlening van de vergunning; of 2°. 2°. een verklaring van het voor de vergunningverlening bevoegde gezag dat een vergunning zou zijn afgegeven wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd; d. d. indien er een verplichting bestond om het evenement te melden bij het bevoegde gezag:
1°.
een bevestiging van deze melding afgegeven door het bevoegde gezag; of
2°.
een verklaring van het bevoegde gezag waaruit blijkt dat het bevoegde gezag geen bezwaar zou hebben gehad tegen de organisatie van het evenement wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd; en
1°. 1°. een bevestiging van deze melding afgegeven door het bevoegde gezag; of 2°. 2°. een verklaring van het bevoegde gezag waaruit blijkt dat het bevoegde gezag geen bezwaar zou hebben gehad tegen de organisatie van het evenement wanneer er geen evenementenverbod had gegolden of was aangekondigd; en e. e. kerngegevens over het evenement, waaronder:
1°.
de naam van het evenement;
2°.
het soort evenement;
3°.
het aantal dagen dat het evenement zou duren;
4°.
de geplande startdatum;
5°.
het beoogde aantal bezoekers;
6°.
de locatie van het evenement.
1°. 1°. de naam van het evenement; 2°. 2°. het soort evenement; 3°. 3°. het aantal dagen dat het evenement zou duren; 4°. 4°. de geplande startdatum; 5°. 5°. het beoogde aantal bezoekers; 6°. 6°. de locatie van het evenement.
2.
De aanvraag gaat vergezeld van:
a. a. een exploitatieoverzicht met betrekking tot het geannuleerde evenement waarin tenminste een overzicht van de gemaakte kosten, de aangegane betalingsverplichtingen en de gerealiseerde opbrengsten is opgenomen en, indien een eerdere editie van het evenement heeft plaatsgevonden, een exploitatieoverzicht van die eerdere editie; b. b. Indien het gevraagde subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt: een controleverklaring als bedoeld in artikel 50, tweede lid, onderdeel c, van het Kaderbesluit. De accountant of accountant-administratieconsulent controleert en stelt de controleverklaring vast overeenkomstig een door de minister beschikbaar gesteld model; c. c. Indien het gevraagde subsidiebedrag € 25.000 of meer bedraagt en minder bedraagt dan € 125.000: een met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld middel afgegeven verklaring van een onafhankelijke deskundige derde, zijnde accountant, accountant-administratieconsulent of fiscaal adviseur, waaruit blijkt dat de aanvraag uitsluitend subsidiabele kosten betreft en overeenkomstig de werkelijke kosten en opbrengsten is; en d. d. indien van toepassing: een verzekeringspolis van een annuleringsverzekering van het geannuleerde evenement.
Artikel 11
In afwijking van de artikelen 45, tweede lid, 46 en 47 van het Kaderbesluit verstrekt de minister ambtshalve binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in artikel 3, eerste lid, eenmalig een voorschot van 40% van de in de aanvraag opgevoerde subsidiabele kosten, met een maximum van
€ 100.000.
Artikel 12
De minister stelt de subsidie uiterlijk dertien weken na een aanvraag, bedoeld in artikel 3, eerste lid, ambtshalve vast zonder voorafgaande beschikking tot subsidieverlening.
Artikel 13
1. De subsidie, bedoeld in artikel 3, bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door Staatssteunmaatregel SA.100781 (2022/N).
2. De minister maakt na de datum van vaststelling van de subsidie de gegevens bekend, bedoeld in Staatssteunmaatregel SA.100781 (2022/N).
3. De gegevens, bedoeld in het tweede lid, blijven ten minste tien jaar openbaar beschikbaar.
Artikel 14
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
2. De regeling vervalt met ingang van 1 juli 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling aanvullende subsidie evenementen COVID-19.