40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
11 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke regeling uitgifte kavels A7 en A8 | BWBR0025560 | ministeriele-regeling | geldend | 2009-03-27 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0025560 | Tijdelijke regeling uitgifte kavels A7 en A8 |
Tijdelijke regeling uitgifte kavels A7 en A8
Paragraaf 1. Beschikbare frequentieruimte
Artikel 1
1.
De volgende vergunningen worden met toepassing van artikel 2, derde lid, tweede volzin, van het Frequentiebesluit verdeeld:
a. a. vergunning voor kavel A7: vergunning voor kavel A7 als bedoeld in de bijlage van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003; b. b. vergunning voor kavel A8: vergunning voor kavel A8 als bedoeld in de bijlage van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003.
2. Het eerste lid geldt niet voor zover toepassing wordt gegeven aan artikel 8, tweede lid.
Paragraaf 2. Aanvraag
Artikel 2
1.
Een aanvraag voor een vergunning voor kavel A7 of A8 wordt vanaf de dag van inwerkingtreding van deze regeling ingediend en wordt uiterlijk op 24 april 2009 om 14.00 uur per post ontvangen op dan wel door middel van persoonlijke overhandiging ingediend op het volgende adres:
De Minister van Economische Zaken
p/a werkgroep kavels A7 en A8
Agentschap Telecom
Emmasingel 1
9726 AH Groningen
2. Een aanvraag voor een vergunning voor kavel A7 of A8 bevat de gegevens en bescheiden, bedoeld in de bij deze regeling behorende bijlage I en wordt overeenkomstig het model in die bijlage ingedeeld.
3. Een aanvrager dient slechts één aanvraag in voor een of beide vergunningen. Met elkaar verbonden instellingenals bedoeld in artikel 6.24, tweede lid, van de Mediawet 2008 dienen maar één aanvraag in.
4. De aanvraag is in de Nederlandse taal gesteld.
5. Met de gegevens en bescheiden, bedoeld in het tweede lid, worden gelijkgesteld zodanige gegevens en bescheiden krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.
6. De gegevens en bescheiden, bedoeld in het vijfde lid, mogen in afwijking van het vierde lid, in een van de officiële talen van de Europese Unie of de Europese Economische Ruimte worden gesteld. In dat geval worden die gegevens en bescheiden vergezeld van een Nederlandse vertaling van die gegevens en bescheiden.
Artikel 3
1. De aanvrager van een vergunning voor kavel A7 zorgt ervoor dat uiterlijk op 24 april 2009, 14:00 uur, een bedrag van 1.266.793 euro als waarborgsom is ontvangen op bankrekeningnummer 19.23.23.806, ten name van de Staat der Nederlanden onder vermelding van ‘Ministerie van Economische Zaken/Agentschap Telecom, kavel A7’ of een bankgarantie is verstrekt volgens het model, bedoeld in bijlage II. De bankgarantie maakt onderdeel uit van de aanvraag.
2. De aanvrager van een vergunning voor kavel A8 zorgt ervoor dat uiterlijk op 24 april 2009, 14:00 uur, een bedrag van 133.254 euro als waarborgsom is ontvangen op bankrekeningnummer 19.23.23.806, ten name van de Staat der Nederlanden onder vermelding van ‘Ministerie van Economische Zaken/Agentschap Telecom, Kavel A8’ of een bankgarantie is verstrekt volgens het model, bedoeld in bijlage II. De bankgarantie maakt onderdeel uit van de aanvraag.
Artikel 4
1. Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan de in artikel 2, eerste lid, gestelde eisen, wordt de vergunning die aangevraagd is, geweigerd.
2. Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan de in artikel 2, tweede tot en met zesde lid, of artikel 3 gestelde eisen, deelt de Minister van Economische Zaken dit de aanvrager mee en stelt de Minister van Economische Zaken de aanvrager overeenkomstig artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid het verzuim te herstellen.
3. De aanvrager heeft gedurende vijf werkdagen, te rekenen vanaf de dag nadat de mededeling, bedoeld in het tweede lid, is verstuurd, de gelegenheid het verzuim te herstellen.
4. De gegevens of bescheiden ten behoeve van het verzuimherstel, bedoeld in het tweede lid, worden per post ontvangen op dan wel door middel van persoonlijke overhandiging ingediend op het adres, vermeld in artikel 2, eerste lid, binnen de in het derde lid genoemde termijn.
5. Indien het verzuim, bedoeld in het tweede lid, binnen de termijn vermeld in het derde lid en op de wijze vermeld in het vierde lid, niet is hersteld of de aanvraag na herstel niet voldoet aan de in artikel 2, tweede tot en met zesde lid, of artikel 3 gestelde eisen, wordt de aanvraag overeenkomstig artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht niet in behandeling genomen.
Paragraaf 3. Eisen aan de aanvrager
Artikel 5
1. De aanvrager is een privaatrechtelijke rechtspersoon naar Nederlands recht of het equivalent daarvan naar het recht van een van de overige lidstaten van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en heeft zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging binnen de Europese Economische Ruimte.
2.
De aanvrager voldoet voorts aan de volgende eisen:
1°. 1°. de aanvrager verkeert niet in staat van faillissement of liquidatie; 2°. 2°. de aanvrager is geen surseance van betaling verleend, noch is door de aanvrager surseance van betaling aangevraagd; en 3°. 3°. er is geen beslag gelegd op het vermogen dan wel op een of meer bedrijfsmiddelen van de aanvrager die een aanmerkelijk deel van het vermogen van de aanvrager vormen.
3. Met de eisen van het tweede lid, onder 1, 2 en 3, worden gelijkgesteld zodanige eisen volgens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.
Artikel 6
1. De aanvrager van een vergunning voor kavel A7 beschikt aantoonbaar over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma.
2. De aanvrager van een vergunning voor kavel A8 beschikt aantoonbaar over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma dat overwegend bestaat uit klassieke muziek, moderne klassieke muziek daaronder begrepen, of jazz muziek.
3. De aanvrager bedoeld in het eerste en tweede lid beschikt aantoonbaar over de technische middelen met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma.
Artikel 7
De aanvrager beschikt over de vereiste toestemming van het Commissariaat voor de Media, bedoeld in artikel 3.1 van de Mediawet 2008.
Paragraaf 4. Verlenen vergunning
Artikel 8
1. Indien de Minister van Economische Zaken voor een vergunning voor kavel A7 of A8 vaststelt dat, uitgezonderd de aanvragers waarvan de gevraagde vergunning wordt geweigerd op grond van artikel 3.6 van de Telecommunicatiewet, slechts één aanvrager voldoet aan de eisen, gesteld in artikel 2, tweede tot en met zesde lid, artikel 3 en paragraaf 3, wordt die vergunning aan de betreffende aanvrager verleend met toepassing van artikel 2, derde lid, tweede volzin, van het Frequentiebesluit.
2. Indien de toepassing van het eerste lid niet leidt tot verlening van een vergunning voor kavel A7 of A8, worden de gevraagde vergunningen geweigerd.
Paragraaf 5. Eenmalig bedrag
Artikel 9
De verkrijger of houder van een vergunning voor kavel A7 is voor het gebruik van frequentieruimte tot 1 september 2011 een eenmalig bedrag verschuldigd. De hoogte van het eenmalig bedrag wordt bepaald overeenkomstig de volgende tabel:
Artikel 10
De verkrijger of houder van een vergunning voor kavel A8 is voor het gebruik van frequentieruimte tot 1 september 2011 een eenmalig bedrag verschuldigd. De hoogte van het eenmalig bedrag wordt bepaald overeenkomstig de volgende tabel:
Artikel 11
1.
Indien met toepassing van artikel 2, derde lid, tweede volzin, van het Frequentiebesluit een vergunning wordt verleend voor kavel A7 of A8 wordt:
a. a. de waarborgsom, bedoeld in artikel 3, aangewend voor betaling van het eenmalig bedrag, bedoeld in de artikelen 9 of 10; b. b. betaalt de aanvrager aan wie een vergunning wordt verleend en die een bankgarantie had gesteld, binnen twee weken na vergunningverlening het eenmalig bedrag, bedoeld in de artikelen 9 of 10, door overmaking van dat bedrag op het bankrekeningnummer, genoemd in artikel 3, eerste of tweede lid, onder vermelding van ‘Ministerie van Economische Zaken, kavels A7/A8’.
2. Indien een vergunninghouder niet binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, het eenmalig bedrag, bedoeld in de artikelen 9 of 10, volledig heeft betaald, wordt de door hem overgelegde bankgarantie voor betaling aangewend.
3. De Minister van Economische Zaken stort de waarborgsom van de aanvrager aan wie geen vergunning wordt verleend, terug.
4. Indien de waarborgsom van een aanvrager meer bedraagt dan het eenmalig bedrag dat op grond van de artikelen 9 en 10 is verschuldigd, wordt het deel van de waarborgsom dat resteert, teruggestort.
5.
De Minister van Economische Zaken vergoedt de rente over de gestorte waarborgsom vanaf de dag waarop hij de waarborgsom heeft ontvangen op het bankrekeningnummer, genoemd in artikel 3, eerste of tweede lid, met dien verstande dat de rente wordt vergoed tot en met de dag:
a. a. voorafgaand aan de dag waarop de waarborgsom door de Minister van Economische Zaken wordt teruggestort: voor de aanvrager aan wie geen vergunningen worden verleend, of b. b. waarop de vergunning voor kavel A7 of A8 wordt verleend.
6. De Minister van Economische Zaken vergoedt voorts aan een aanvrager van wie de waarborgsom meer bedraagt dan het bedrag dat ingevolge artikel 9 en 10 is verschuldigd, rente over het restant over de periode vanaf de dag na de dag dat de vergunning is verleend tot en met de dag voorafgaand aan de dag waarop het restant van de waarborgsom door de Minister van Economische Zaken wordt teruggestort, met dien verstande dat alleen rente wordt betaald over dat restant.
7. De rente wordt berekend volgens actual/360 op basis van de door de Europese Centrale Bank vastgestelde Euro Overnight Index Average, minus 4 basispunten.
Paragraaf 5. Wijziging andere regelingen
Artikel 12
Wijzigt de Regeling vaststelling eenmalig bedrag landelijke commerciële radio-omroep 2003.
Artikel 13
Wijzigt de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003.
Paragraaf 10. Slotbepalingen
Artikel 14
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling uitgifte kavels A7 en A8.
Bijlage I. : Model vergunningaanvraag als bedoeld in
De aanvrager voor een vergunning voor kavel A7 of A8 volgt de indeling van deze bijlage.