rijk/pbo/besluit-preventieve-hygiënemaatregelen-en-inrichtingseisen-pluimveehouderij-ppe/BWBR0033663/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

3.6 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit preventieve hygiënemaatregelen en inrichtingseisen pluimveehouderij (PPE) 2013 BWBR0033663 pbo geldend 2013-07-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0033663 Besluit preventieve hygiënemaatregelen en inrichtingseisen pluimveehouderij (PPE) 2013

Besluit preventieve hygiënemaatregelen en inrichtingseisen pluimveehouderij (PPE) 2013

Paragraaf . Begripsbepalingen

Artikel 1

1. Voor de toepassing van het bij dit besluit bepaalde worden de begripsbepalingen als bedoeld in artikel 1 van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in pluimveebedrijven en kuikenbroederijen (PPE) 2011 (hierna: de Verordening) overgenomen.

2.

Voorts wordt verstaan onder:

a. uitloopsysteem : een houderijsysteem voor pluimvee waarbij het gehouden pluimvee de gelegenheid heeft om gebruik te maken van een uitloopterrein;
b. uitloopterrein : het buitenterrein dat aansluit aan een stal en waarvan het pluimvee uit die stal gebruik kan maken tijdens het buiten lopen;
c. afrasteren : het (gedeeltelijk) omheinen van een uitloopterrein.

Paragraaf . Afrasteren uitloopsysteem

Artikel 2

1. De ondernemer zorgt er voor dat het uitloopterrein vanaf de stal met gaas van ten minste 1 meter hoogte zodanig is afgerasterd dat pluimvee van een naburig pluimveebedrijf het uitloopterrein niet kan binnentreden.

2. Indien in of langs het uitloopterrein zich water bevindt waarin in het wild levende vogels zich ophouden of waar sporen, waaronder nestvorming, van deze vogels worden aangetroffen, dient de ondernemer het uitloopterrein eveneens hiervan af te rasteren met gaas van ten minste 1 meter hoogte.

Paragraaf . Inrichting uitloopsysteem

Artikel 3

De ondernemer draagt met betrekking tot de inrichting van het uitloopsysteem zorg voor het volgende of neemt het volgende in acht:

a. a. langs de zijde van de stal gelegen aan het uitloopterrein is een droge strook aanwezig, van minimaal drie meter breed. b. b. aansluitend aan de droge strook is een strook aanwezig van minimaal vijf meter diepte met daarin meerjarige houtige beplanting ter wering van wilde watervogels.

Paragraaf . Reiniging en ontsmetting

Artikel 4

1. De ondernemer zorgt er voor en ziet er op toe dat bij het betreden van het bedrijfserf vanuit het uitloopsysteem gebruik wordt gemaakt van apart schoeisel.

2. De ondernemer zorgt er voor en ziet er op toe dat voorafgaand aan het betreden van een stal en na het verlaten van het uitloopsysteem de handen worden gewassen.

3. De ondernemer in de legsector zorgt er voor en ziet er op toe dat indien vervoermiddelen vanwege pluimveegerelateerde activiteit op het bedrijfserf komen de wielen en wielkasten van deze vervoermiddelen worden gereinigd en ontsmet.

4. De ondernemer zorgt er voor en ziet er op toe dat ten behoeve van het vervoeren en het verpakken van eieren van zijn bedrijf slechts nieuwe pulptrays en kunststof trays, pallets met tussenplaten en containers die gereinigd zijn op het bedrijf aanwezig zijn.

Paragraaf . Overgangsbepaling

Artikel 5

De afrastering en de inrichtingseisen als bepaald in de artikelen 2 en 3 moeten uiterlijk vanaf 31 december 2013 zijn gerealiseerd.

Paragraaf . Slotbepaling

Artikel 6

1. Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit preventieve hygiënemaatregelen en inrichtingseisen pluimveehouderij (PPE) 2013.

2. Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en het treedt in werking met ingang van de dag na die van publicatie.