rijk/pbo/hygiënebesluit-kalkoenkuikenbroederijen-ppe-2009/BWBR0028061/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

121 lines
11 KiB
Markdown
Raw Permalink Blame History

This file contains ambiguous Unicode characters

This file contains Unicode characters that might be confused with other characters. If you think that this is intentional, you can safely ignore this warning. Use the Escape button to reveal them.

---
titel: Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2009
bwb_id: BWBR0028061
type: pbo
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2010-07-18'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0028061
citeertitel: Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2009
---
# Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2009
### Artikel 1
Dit besluit neemt de terminologie, als omschreven in artikel 1 van de Verordening hygiënevoorschriften kalkoenhouderij (PPE) 2009 (hierna: de Verordening), over en verstaat daarnaast onder ondernemer: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent.
### Artikel 2
**1.** De ondernemer laat het hygiëneonderzoek als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de Verordening zes keer per kalenderjaar uitvoeren door GD overeenkomstig Bijlage I.
**2.** De voorwaarden waaronder een ondernemer zelf een deel van het hygiëneonderzoek als bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Verordening mag uitvoeren zijn opgenomen in Bijlage II.
### Artikel 3
**1.** De ondernemer voert de monstername bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Verordening uit overeenkomstig de werkvoorschriften opgenomen in Bijlage I
**2.** Wanneer na de in het eerste lid bedoelde monstername Salmonella is gedetecteerd, laat de ondernemer binnen één werkdag nadat de uitkomst van detectie bij de ondernemer bekend is, het betreffende monster serotyperen.
### Artikel 4
**1.** De ondernemer legt de resultaten van de detectie en de serotypering als bedoeld in artikel 3, tweede lid, schriftelijk vast en meldt de resultaten aan de leverancier van de broedeieren en aan het productschap binnen tien werkdagen nadat de resultaten bij de ondernemer bekend zijn.
**2.** De ondernemer meldt de uitslag van het laatst uitgevoerde onderzoek bij het koppel fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen waarvan de broedeieren afkomstig zijn, als bedoeld in artikel 3, eerste lid van het Hygiënebesluit fokbedrijven, opfokbedrijven en vermeerderingsbedrijven kalkoensector (PPE) 2009, en de resultaten van de detectie en de serotypering als bedoeld in artikel 3, tweede lid, schriftelijk aan de afnemer van de eendagskuikens gelijktijdig met de aflevering van de eendagskuikens aan de afnemer.
**3.** De ondernemer geeft de naam en het KIP-nummer van het herkomstbedrijf van de broedeieren waaruit de eendagskuikens zijn uitgebroed, binnen tien werkdagen nadat de resultaten van de detectie en de serotypering als bedoeld in artikel 3, tweede lid, door aan de afnemer van de eendagskuikens.
### Artikel 5
**1.** De ondernemer werkt overeenkomstig een door de voorzitter goedgekeurd plan, dat voldoet aan het bepaalde in Bijlage IV, waarin is beschreven op welke wijze de kalkoenkuikenbroederij wordt ingericht en op welke wijze in de kalkoenkuikenbroederij wordt gewerkt, zodat in de kalkoenkuikenbroederij en tijdens het transport geen kruisbesmetting van Salmonella kan ontstaan.
**2.** De ondernemer legt broedeieren in overeenkomstig de indeling zoals opgenomen in Bijlage V, teneinde kruisbesmetting van Salmonella te voorkomen.
### Artikel 6
**1.** Dit besluit kan worden aangehaald als Hygiënebesluit kalkoenkuikenbroederijen (PPE) 2009.
**2.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag van inwerkingtreding van de Verordening hygiënevoorschriften kalkoenhouderij (PPE) 2009.
## Bijlage I. Hygiëneonderzoeken in de kalkoenkuikenbroederij
De kalkoenkuikenbroederijen dienen gecontroleerd te worden op een tijdstip dat de ruimten na het ontsmetten zijn opgedroogd, het desinfectans zijn werk heeft gedaan en het oppervlak nog niet bezoedeld is door de uitvoering van de werkzaamheden.
De ruimten waarin niet routinematig gewerkt wordt, worden op onverwachte tijdstippen gecontroleerd. Dit kortere onderzoek vindt viermaal per jaar plaats en staat beschreven in onderdeel A : “ Onderzoek routine”.
De gehele kalkoenkuikenbroederij wordt twee keer per jaar volledig gecontroleerd. Hiervoor wordt van tevoren een afspraak gemaakt met de betreffende kalkoenkuikenbroederij. De controle wordt beschreven in onderdeel B : “Onderzoek speciaal”.
De beide type onderzoeken worden door of namens de GD uitgevoerd. Onder voorwaarden kan een broederij het onderzoek van onderdeel A: “Onderzoek routine” zelf uitvoeren. Deze voorwaarden staan beschreven in bijlage II van dit besluit.
Alle aangegeven onderdelen moeten voor het kalkoenkuikenbroederij-gemiddelde worden meegerekend. Indien het onderdeel niet bemonsterd kan worden dient dit vermeld te worden op het uitslagformulier. Van elk lokaal wordt een lokaal gemiddelde berekend. Het totaal gemiddelde wordt berekend door de gemiddelden van alle lokalen en kasten op te tellen en te delen door de som van het aantal lokalen + kasten (gemiddelde van de gemiddelden).
De monstername, afhankelijk van de bedrijfsgrootte van de kalkoenkuikenbroederij, wordt uitgevoerd met een veelvoud van 12 rodacplaatjes met een diameter van 5.5 cm.
De verwerking van de monsters voor het hygiëne-onderzoek bij kalkoenkuikenbroederijen dient plaats te vinden volgens het onderzoek zoals beschreven in Bijlage II van het Besluit erkenningsvoorwaarden en werkwijzen HOSOWO-instanties (PPE) 2007.
In de kalkoenkuikenbroederij moet tijdens alle bezoeken voor de hygiënebemonstering een Salmonella onderzoek worden uitgevoerd. Doel van dit onderzoek is het controleren of eventueel, via de eieren, ingesleepte Salmonella in de kalkoenkuikenbroederij achterblijven en zich in de kalkoenkuikenbroederij verspreiden. Het doel is niet het aantonen van eventueel besmette koppels kuikens.
Het Salmonella onderzoek bestaat uit een monstername van 60 swabs. De swabs worden tijdens de monstername bevochtigd met Pepton/Fysiologisch-zout. Per swab wordt een oppervlakte van 25 cm2 bemonsterd. De swabs worden, per 20 stuks, verzameld in één pot.
De volgende locaties dienen te worden bemonsterd:
Beoordeling
De beoordeling is gebaseerd op het hoogste gemiddelde van de lokalen/kasten en een totaal gemiddelde van de kalkoenkuikenbroederij. Op basis van de gemiddelden en de aanwezigheid van Salmonella dient actie te worden ondernomen.
Het gemiddelde van de resultaten van de hygiëneonderzoeken per lokaal of kast mag niet hoger zijn dan 3, tenzij de monsternemer aangegeven heeft dat tijdens de monstername dusdanige werkzaamheden werden uitgevoerd dat deze de uitslag beïnvloeden. In dit geval wordt het genoemde gemiddelde niet meegenomen in de totaal beoordeling. In geval een lokaal/kast gemiddelde boven de 3 uitkomt dient de uitslag bij het volgende onderzoek minimaal voldoende te zijn. Indien, het betreffende lokaal of kast, wederom een gemiddelde van 3 of hoger scoort dient binnen een tijdsperiode van 2 maanden een extra "onderzoek speciaal" te worden uitgevoerd.
Lokaal- of kast gemiddelde (individuele beoordeling)
Het gemiddelde van de resultaten van de hygiëneonderzoeken van de verschillende lokalen of kast op een kalkoenkuikenbroederij mag niet hoger zijn dan 3.0. In geval het gemiddelde van een broederij boven de 3 uitkomt, dient, binnen een periode van 1 maand, een extra onderzoek speciaal te worden uitgevoerd. Wanneer het gemiddelde van een broederij groter is dan 2.0 en kleiner is dan 3.0 dan dient, binnen een periode van 2 maanden, een extra onderzoek speciaal te worden uitgevoerd. Als het gemiddelde van een broederij groter is dan 1.5 en kleiner dan 2.0 dient het gemiddelde van de broederij bij een volgende bemonstering minimaal voldoende te zijn. Wanneer bij een volgende bemonstering wederom het gemiddelde tussen de 1.5 en 2.0 bedraagt dient, binnen een periode van 2 maanden, een extra onderzoek speciaal te worden uitgevoerd.
Een isolatie van een Salmonella leidt tot een extra "onderzoek speciaal" binnen één maand na het bekend worden van de positieve isolatie.
## Bijlage II. Voorwaarden voor het uitvoeren van onderdelen van het hygiëneonderzoek door de ondernemer zelf
Het programma voor hygiëneonderzoeken zoals beschreven in Bijlage I bestaat uit een uitgebreid aangekondigd onderzoek dat tweemaal per jaar zal plaatsvinden en uit vier kortere onderzoeken. Het routine hygiëneonderzoek (onderdeel A uit bijlage I) kan door de kalkoenkuikenbroederij zelf worden uitgevoerd, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
De resultaten van het onderzoek worden meegenomen in de controle van het Actieplan Salmonella van de kalkoenkuikenbroederijen. Wanneer uit de resultaten van de toetsing blijkt dat de korte hygiëneonderzoeken niet correct worden uitgevoerd of na de beoordeling niet de juiste actie is genomen dan wordt het korte hygiëneonderzoek gedurende één jaar weer uitgevoerd door of namens GD.
Het halfjaarlijkse uitgebreide onderzoek wordt door GD uitgevoerd. Wanneer de resultaten van het uitgebreide onderzoek onvoldoende of slecht zijn dan wordt door of namens GD de korte onderzoeken opnieuw uitgevoerd, totdat uit twee opeenvolgende uitgebreide onderzoeken blijkt dat de kalkoenkuikenbroederij weer tenminste voldoende scoort voor de uitgebreide onderzoeken.
## Bijlage III. Werkvoorschrift voor het nemen van monsters op de kalkoenkuikenbroederij
Dit werkvoorschrift beschrijft de monstername van dons, meconium, eierschalen en inlegvellen uit uitkomstladen in kalkoenkuikenbroederijen voor de verplichte monitoring. De monsters worden genomen door een medewerker van de kalkoenkuikenbroederij.
**Algemeen:**
**Benodigdheden voor het nemen van monsters:**
**Voor de monsters genomen onder A., B., C., D. en E. geldt vervolgens:**
## Bijlage IV. Leidraad voor het opzetten van een bedrijfsplan voor kalkoenkuikenbroederijen
Om te komen tot een kalkoenkuikenbroederij waarin kruisbesmetting met Salmonella wordt voorkomen, zal aan een aantal eisen voldaan dienen te worden.
Volgens artikel 5 van dit besluit dient iedere kalkoenkuikenbroederij over een door de Voorzitter van het Productschap goedgekeurd plan te beschikken. Bijgaande leidraad is bedoeld als hulpmiddel en model bij het opstellen van dit bedrijfsplan.
Onderdelen bedrijfsplan.
Het bedrijfsplan dient betrekking te hebben op zowel de inrichting als de werkwijze in de kalkoenkuikenbroederij. De volgende indeling wordt aanbevolen:
Het onderdeel hygiënebewustzijn en persoonlijke hygiëne dient te bevatten:
Het onderdeel hygiëne management in de kalkoenkuikenbroederij dient te bevatten:
In onderstaande maatregelen wordt een voorzet gegeven hoe in het kader van het bedrijfsplan met broedeieren op kalkoenkuikenbroederij-niveau moet worden omgegaan. Het gaat hierbij om zowel bouwkundige en technische voorzieningen als om een aantal protocollen voor werkwijze, voor wat betreft mogelijk besmette broedeieren. Uitgangspunt voor de richtlijn is dat eieren, kuikens of afvalmateriaal en dons van kuikens van mogelijk besmette koppels niet in contact mogen komen met eieren of kuikens van vrije koppels. Wanneer dit wel gebeurt moet de hele partij als mogelijk besmet worden beschouwd.
Afvalverwerking dient zo plaats te vinden dat geen besmetting van schone ruimtes of producten met het vuile afval kan plaatsvinden. Hiervoor dient duidelijk te zijn op welke wijze de kalkoenkuikenbroederij het afval opslaat, verwerkt en verwijderd.
## Bijlage V. Categorie-indeling voor logistiek broeden in de kalkoenkuikenbroederij
De kalkoenkuikenbroederij dient broedeieren in de kalkoenkuikenbroederij gescheiden te houden volgens onderstaande categorie-indeling: