rijk/pbo/verordening-bestemmingsheffing-detailhandel-in-wonen-2011/BWBR0029432/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

7.1 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening bestemmingsheffing detailhandel in wonen 2011 BWBR0029432 pbo geldend 2010-12-24 https://wetten.overheid.nl/BWBR0029432 Verordening bestemmingsheffing detailhandel in wonen 2011

Verordening bestemmingsheffing detailhandel in wonen 2011

Paragraaf 1. Begripsbepaling en toepassingsgebied

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

a. a. een onderneming: een onderneming waarvoor het hoofdbedrijfschap is ingesteld als bedoeld in artikel 3 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel; b. b. de ondernemer: degene die een onderneming drijft dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven; c. c. werkzame personen: de personen die doorgaans ten minste 15 uur per week in de onderneming werkzaam zijn. Deze personen kunnen zijn:

      al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
    
    
      meewerkend ondernemer;
    
    
      meewerkend gezinslid van de ondernemer;
  • al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
  • meewerkend ondernemer;
  • meewerkend gezinslid van de ondernemer; d. d. detailhandel in wonen: de detailhandel in woningtextiel, vloerbedekkingen, meubelen (inclusief klein-, kinder- en rotanmeubelen), bedden en keukens; e. e. ambulante handel: markthandel, straathandel en handel te water; f. f. verkoopplaats: iedere plaats waar de detailhandel anders dan in de uitoefening van de ambulante handel wordt uitgeoefend, alsmede elke voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waar waren aan particulieren te koop worden aangeboden; g. g. bestemmingsheffing: de heffing die is gebaseerd op artikel twaalf, tweede lid, van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel; h. h. de voorzitter: de voorzitter van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel.

Artikel 2

Deze verordening is van toepassing op de ondernemers die:

a. a. een onderneming drijven waarin hoofdzakelijk de detailhandel in wonen wordt uitgeoefend, of b. b. een onderneming drijven waarin de detailhandel in wonen wordt uitgeoefend als onderdeel van een warenhuis met een verkoopruimte van meer dan 800 vierkante meter voor de verkoop van voornamelijk niet-levensmiddelen.

Paragraaf 2. De bestemmingsheffing

Artikel 3

1. Aan de ondernemers die een onderneming drijven als bedoeld in artikel 2 van deze verordening, wordt voor het jaar 2011 een bestemmingsheffing opgelegd ter financiering van de activiteiten van de Commissie voor de detailhandel in wonen. Doel van deze bestemmingsheffing is bevordering van een gezonde sociaal-economische ontwikkeling van de detailhandel in wonen door middel van enerzijds het bevorderen van een meer professionele bedrijfsvoering bij ondernemers en werknemers in de branche en anderzijds het uitvoeren van een bewustwordingscampagne en informatieverschaffing inspelend op structurele knelpunten.

2.

De bestemmingsheffing bestaat uit:

a. a. een basisheffing van € 106,- per onderneming; en b. b. een heffing werkzame personen, waarvan de hoogte afhankelijk is van de klasse waarin de onderneming op onderstaande wijze is ingedeeld:

                **klasse**
              
            
            
              
                **aantal werkzame personen**
              
            
            
              
                **heffing werkzame personen**
              
            
          
        
        
          
            
              1
            
            
              0 tot 2
            
            
              € 0,-
            
          
          
            
              2
            
            
              2 en meer
            
            
              € 50,50

c. c. en een filiaalheffing van € 156,50 voor elke tweede en volgende verkoopplaats van de onderneming.

3. De bestemmingsheffing bedraagt maximaal € 2.660,50 zijnde het bedrag voor ondernemingen met meer dan 2 werkzame personen en 17 verkoopplaatsen.

Artikel 4

1.

Aan de ondernemer die lid is van één of meer van onderstaande brancheorganisaties:

a. a. de Centrale Branchevereniging Wonen (CBW), of b. b. de Vereniging Parketvloeren Leveranciers (VPL), of c. c. de Vereniging van Grootwinkelbedrijven in de Wonenbranche (VGW)

en over het jaar 2010 aan één van deze organisaties de volledige contributie heeft betaald, wordt een aftrek toegestaan van € 31,50. De aftrek bedraagt nooit meer dan 30% van de bestemmingsheffing met een maximum van 50% van de betaalde contributie (exclusief BTW).

2.

Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de ondernemers die, al dan niet rechtstreeks, lid zijn van een organisatie van ondernemers die een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid is en die:

a. a. krachtens haar statutaire doelstelling haar werkzaamheid kan uitstrekken tot ten minste een belangrijk gedeelte van het terrein waarop het bedrijfslichaam een taak heeft te vervullen, b. b. voldoet aan de kwalitatieve representativiteitscriteria, genoemd in de artikelen 3 tot en met 7 van de Verordening representativiteit organisaties, c. c. tot de werkingssfeer van het bedrijfslichaam behorende leden heeft, waarvan het gewogen aantal niet onbetekenend is, d. d. met betrekking tot de behartiging van sociaal-economische belangen van ondernemers een positie van enige betekenis inneemt binnen de groep van ondernemers die zij beoogt te organiseren. Dit kan onder meer blijken uit de mate van representativiteit binnen die groep, de deelname aan het arbeidsvoorwaardenoverleg, het verrichten van studies of diensten die ook buiten die groep van belang worden geacht en de deelname aan regelmatig overleg met de overheid, en e. e. haar activiteiten, al dan niet door middel van een federatie van gelijksoortige organisaties, landelijk ontplooit.

3. De in het tweede lid bedoelde aftrek wordt slechts toegestaan, indien daartoe door het bestuur van de desbetreffende organisatie een verzoek is gedaan en daarop door het dagelijks bestuur van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel positief is beslist.

Paragraaf 3. Overige bepalingen

Artikel 5

De artikelen 6 tot en met 17 van de Heffingsverordening Hoofdbedrijfschap Detailhandel 2011 zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 6

Het besluit tot het opleggen van de bestemmingsheffing als bedoeld in artikel 3, het toepassen van georganiseerdenaftrek als bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, alsmede besluiten voortvloeiend uit artikel 5 van deze verordening worden genomen door de voorzitter.

Artikel 7

Deze verordening treedt in werking na afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 8

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffing detailhandel in wonen 2011.