rijk/pbo/verordening-bosschap-ter-bestrijding-insectenplagen-in-picea-en-larix-2006/BWBR0019205/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

103 lines
4.9 KiB
Markdown

---
titel: Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006
bwb_id: BWBR0019205
type: pbo
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2006-07-15'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0019205
citeertitel: Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix
2006
---
# Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006
### Paragraaf 1. Verbods- en gebodsbepalingen
### Artikel 1
Het is verboden in de door het bestuur van het Bosschap aangewezen gemeenten in het tijdvak van 1 mei tot 1 oktober:
a. a.
hout behorende tot de geslachten Picea en Larix te laten liggen of gestapeld te houden;
b. b.
geheel of gedeeltelijk ontwortelde of gebroken houtopstand behorende tot de geslachten Picea en Larix aanwezig te hebben.
### Artikel 2
Het bepaalde in artikel 1 geldt niet ten aanzien van:
a. a.
geheel ontschorst hout en hout dat in water ligt;
b. b.
hout als bedoeld in artikel 1, onder a, en houtopstand als bedoeld in artikel 1 onder b, waarvan de grootste doorsnede niet meer dan 7 cm bedraagt, onverminderd het bepaalde in artikel 4.
### Artikel 3
**1.** Het bestuur van het Bosschap kan van het verbod, bedoeld in artikel 1 ontheffing verlenen.
**2.** Ontheffingen ten aanzien van vaste houtopslagplaatsen, houtstapelplaatsen en terreinen, welke daarmee gelijk zijn te stellen, kunnen worden verleend voor een periode van ten hoogste vijf jaren.
**3.** Aan de ontheffing kunnen voorwaarden, voorschriften en beperkingen worden verbonden.
**4.** Het bestuur van het Bosschap is bevoegd, de ontheffing geheel of gedeeltelijk in te trekken, indien een doelmatige bestrijding van bastkevers zulks naar zijn oordeel noodzakelijk maakt; één en ander in overeenstemming met de Algemene Wet Bestuursrecht.
### Artikel 4
**1.**
Het bestuur van het Bosschap is bevoegd tot het opleggen van de verplichting tot:
a. a.
het leggen van vangstammen van bomen behorende tot de geslachten Picea en Larix;
b. b.
het verwijderen van kwijnende en/of door bastkevers aangetaste bomen behorende tot de geslachten Picea en Larix.
**2.** Het bestuur van het Bosschap is bevoegd geheel of gedeeltelijk ontheffing te verlenen van de verplichtingen bedoeld in lid 1.
**3.** Het bestuur van het Bosschap is bevoegd de ontheffing geheel of gedeeltelijk in te trekken, indien een doelmatige bestrijding van bastkevers zulks naar zijn oordeel noodzakelijk maakt; één en ander in overeenstemming met de Algemene Wet Bestuursrecht.
### Artikel 5
Het bestuur kan nadere regelen stellen ter uitvoering van deze verordening.
### Paragraaf 2. Bepaling inzake werkingssfeer
### Artikel 6
De bepalingen van deze verordening zijn mede van toepassing op natuurlijke en rechtspersonen voor zover zij handelingen verrichten welke bedrijfsmatig in ondernemingen als bedoeld in de Registratieverordening Bosschap 2006 plegen te worden verricht.
### Paragraaf 3. Tuchtrechtelijke bepalingen
### Artikel 7
**1.** Overtredingen van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn feiten waarvoor een tuchtrechtelijke maatregel kan worden opgelegd.
**2.** Een tuchtrechtelijke maatregel als bedoeld in lid 1 kan uitsluitend door het Tuchtgerecht van het Bosschap worden opgelegd.
### Artikel 8
**1.** Het toezicht van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt uitgeoefend door de Algemene Inspectiedienst (AID) van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, via daartoe door het bestuur van het Bosschap benoemde controleurs van de AID (hierna te noemen: de controleurs).
**2.** Het toezicht als bedoeld in lid 1 wordt uitgeoefend in die gevallen, waarin ten minste het vermoeden bestaat dat een onderneming zich aan de naleving van één of meer voorschriften onttrekt.
**3.**
Ondernemingen als bedoeld in de Registratieverordening Bosschap 2006 zijn in het kader van het toezicht als bedoeld in lid 1 en lid 2 verplicht:
- aan de controleurs al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken, welke naar het oordeel van de controleurs nodig zijn voor de vervulling van hun taak
- aan de controleurs inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden, welke naar hun oordeel nodig zijn voor de vervulling van hun taak
- aan controleurs te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en tot andere plaatsen, wanneer dat naar hun oordeel nodig is voor de vervulling van hun functie.
### Paragraaf 4. Slotbepalingen
### Artikel 9
Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2006.
### Artikel 10
De Verordening Bosschap ter bestrijding insectenplagen in Picea en Larix 2003, goedgekeurd door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking no. TRCJZ/2003/1119 d.d. 23 april 2003 wordt ingetrokken.
### Artikel 11
Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag, na die der afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.