rijk/pbo/verordening-hbag-heffing-bloemen-en-planten-2013/BWBR0033478/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

4.7 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2013 BWBR0033478 pbo geldend 2013-06-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0033478 Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2013

Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2013

Paragraaf 1. Begripsbepalingen en toepassingsgebied

Artikel 1

In deze verordening wordt overgenomen de terminologie van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel en wordt verstaan onder:

Paragraaf 2. De heffingsplicht

Artikel 2

1. De ondernemer is over de in 2013 aangekochte bloemkwekerijproducten een heffing verschuldigd.

2. De heffing is aan het hoofdbedrijfschap verschuldigd ten behoeve van activiteiten als het verrijken van informatie, het stimuleren van informatie- en communicatietechnologie, het professionaliseren van kwaliteitszorg, kennisoverdracht en opleidingen en het beïnvloeden van regelgeving, alsmede ten behoeve van de algemene kosten van het hoofdbedrijfschap en de commissie.

3. De heffing wordt opgelegd bij wege van aanslag, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde.

Artikel 3

1. De ondernemer doet binnen twee maanden na verzending van een door de commissie vastgesteld aangifteformulier aangifte van de in 2013 aangekochte bloemkwekerijproducten.

2. De aangifte wordt gedaan op het daartoe na afloop van het kalenderjaar verstrekte aangifteformulier of via elektronische aangifte, met inachtneming van de daarop gestelde vragen en gegeven aanwijzingen.

Paragraaf 3. Grondslag en hoogte

Artikel 4

1. De heffing wordt berekend over de aankoopwaarde van de door de ondernemer in 2013 in Nederland aangekochte bloemkwekerijproducten.

2. De heffing wordt uitgedrukt in een percentage van de aankoopwaarde en bedraagt 0,09%.

3. Voor de berekening van de heffing verschuldigd door een telersvereniging worden aankopen van de vereniging van door een lid van de vereniging geteeld product op de aankoopwaarde in mindering gebracht.

4. Voor de berekening van de heffing worden aankopen waarover op basis van deze verordening reeds heffing is verschuldigd vanwege een voorafgaande transactie op de aankoopwaarde in mindering gebracht.

5. Voor de vaststelling van de aankoopwaarde dient de ondernemer zich bij aankoop van bloemkwekerijproducten te vergewissen van de heffingsplicht van de verkopende ondernemer over de aangekochte bloemkwekerijproducten op grond van deze verordening.

Paragraaf 4. Oplegging en inning

Artikel 5

1. De oplegging van de heffing geschiedt door toezending of uitreiking van een heffingsnota aan de ondernemer na ontvangst van de aangifte als bedoeld in artikel 3.

2. Indien geen aangifte is gedaan kan de ondernemer een ambtshalve heffing worden opgelegd.

3. Nadat door de ondernemer binnen zes weken na verzending van een ambtshalve opgelegde heffing alsnog aangifte is gedaan, wordt de opgelegde heffing herzien onder verrekening met de ambtshalve opgelegde heffing.

Artikel 6

Indien uit andere gegevens dan de door de ondernemer verstrekte aangifte blijkt dat de verstrekking van gegevens of een ambtshalve schatting, niet in overeenstemming is met de werkelijkheid, kan een opgelegde heffing worden herzien en opnieuw worden opgelegd.

Artikel 7

1. Indien een ondernemer aantoont dat hij bloemkwekerijproducten geheel of gedeeltelijk door tussenkomst van een veiling heeft aangekocht en dat over deze transactie reeds een voorschot over de verschuldigde heffing aan de veiling is betaald, wordt dit voorschot in mindering gebracht op de ingevolge artikel 5 opgelegde heffing.

2. Op de in het eerste lid bedoelde veilingtransacties wordt op de door de ondernemer verschuldigde heffing een korting toegepast van 5%.

Artikel 8

1. De oplegging en inning van de heffing geschiedt door de commissie.

2. De commissie kan de in het eerste lid bedoelde taken mandateren.

3. Indien mandaat is verleend als bedoeld in het tweede lid is ondermandaat toegestaan, behoudens ten aanzien van tegen opgelegde heffingen ingediende bezwaarschriften.

Paragraaf 5. Overige bepalingen en slotbepalingen

Artikel 9

1. De gegevens verkregen uit hoofde van het bepaalde in deze verordening worden in handen gesteld van de secretaris of door deze aan te wijzen personen van het secretariaat van het hoofdbedrijfschap.

2. De gegevens worden slechts gebruikt voor de vervulling van de taak van het hoofdbedrijfschap.

Artikel 10

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt terug tot en met 1 januari 2013.

Artikel 11

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening HBAG heffing bloemen en planten 2013.