rijk/pbo/verordening-pt-retributie-export-bloemkwekerijproducten-japan-2012/BWBR0031212/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

5.8 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening PT retributie export bloemkwekerijproducten Japan 2012 BWBR0031212 pbo geldend 2012-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0031212 Verordening PT retributie export bloemkwekerijproducten Japan 2012

Verordening PT retributie export bloemkwekerijproducten Japan 2012

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

1. In deze verordening worden overgenomen de begripsbepalingen van de artikelen 1 en 2 van het Instellingsbesluit Productschap Tuinbouw.

2. In deze verordening worden overgenomen de begripsbepalingen van de artikelen 1:1 en 3:1 en de werkwijze zoals beschreven in paragraaf 3 van de Verordening PT Algemene bepalingen 2009.

3.

In deze verordening wordt verstaan onder:

a. bloemkwekerijproducten: I. teeltmateriaal: planten en plantendelen met uitzondering van bloemzaden die bestemd zijn om voor de teelt van bloemkwekerijproducten of ter vermeerdering te dienen dan wel daartoe gebruikt worden; II. siergewassen, bloemzaden daaronder begrepen, in blad-, bloem- of vruchtdragende toestand in hun geheel of gedeeltelijk, met uitzondering van: • winterharde houtgewassen in hun geheel voor zover niet vervroegd of verlaat, alsmede kerstbomen zonder wortels en delen van winterharde houtgewassen welke voor vermeerdering zijn bestemd; • voor zover in groene toestand de Japanse azalea's, alsmede variëteiten en hybriden daarvan; • dahliastekken, begonia- en gloxinia plantjes, uitsluitend bestemd voor de teelt van knollen en • aquariumplanten en niet-levende bloemkwekerijproducten.
b. retributieplichtige: de exporteur van bloemkwekerijproducten, die daadwerkelijk gebruik maakt van het systeem van controle, bedoeld in deze verordening en daarover aan het productschap retributie verschuldigd is.

Paragraaf 2. Retributieplicht

Artikel 2

1. De exporteur van bloemkwekerijproducten is het kalenderjaar 2012 over controles van door hem naar Japan uit te voeren bloemkwekerijproducten aan het productschap een retributie verschuldigd.

2. De retributie, bedoeld in het eerste lid, is aan het productschap verschuldigd ter financiering van controles van bloemkwekerijproducten die naar Japan worden uitgevoerd.

3. De retributie als bedoeld in het eerste lid, wordt opgelegd bij wege van een aanslag, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde.

Artikel 3

1. Ter uitvoering van artikel 2 doet de exporteur van bloemkwekerijproducten, na afloop van het kalenderjaar 2012, aangifte bij het productschap van de tijd die in dat jaar is besteed aan de controle van bloemkwekerijproducten ten behoeve van export naar Japan.

2. De aangifte, bedoeld in het eerste lid, doet de exporteur op een door het productschap te verstrekken aangifteformulier, met inachtneming van de daarop gestelde vragen en gegeven aanwijzingen.

3. Wanneer de exporteur de Plantenziektenkundige Dienst heeft gemachtigd om de in het eerste lid bedoelde gegevens aan het productschap te verstrekken, hoeft de opgave als bedoeld in het tweede lid niet te geschieden.

Paragraaf 3. Grondslag en hoogte

Artikel 4

1. De duur van de controle wordt afgerond op de tijdseenheid van een kwartier. Per kwartier is een retributie van € 80,- verschuldigd.

2. De exporteur en de keurmeester ondertekenen beiden de verklaring, waaruit blijkt hoeveel tijd de keurmeester met de controle van één of meerdere partijen bloemkwekerijproducten bezig is geweest, uitgedrukt in eenheden van een kwartier.

3. Indien een exporteur één of meer verklaringen niet heeft ondertekend, is artikel 5 van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 4. Oplegging en inning

Artikel 5

1. De oplegging van de retributie geschiedt door toezending of uitreiking van een retributienota aan de rebtributieplichtige na afloop van het kalenderjaar waarover de retributie verschuldigd is.

2. In afwijking van het eerste lid kan de rebtributieplichtige een voorlopige retributie worden opgelegd tot het bedrag waarop de retributie vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige retributie wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde retributie.

Artikel 6

Indien uit ter beschikking gekomen gegevens blijkt dat de verstrekte gegevens of een raming als bedoeld in artikel 5, tweede lid, niet in overeenstemming is met de werkelijkheid, kan een opgelegde retributie aan de hand van deze gegevens worden herzien en opnieuw worden opgelegd.

Artikel 7

1. De gegevens verkregen uit hoofde van het bepaalde in deze verordening worden in handen van de secretaris of door deze aan te wijzen personen van het secretariaat van het productschap gesteld.

2. Deze gegevens worden gebruikt voor de vervulling van de taak van het productschap.

Paragraaf 5. Slotbepalingen

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 9

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT retributie export bloemkwekerijproducten Japan 2012.

Artikel 10

1. De Verordening PT heffing export bloemkwekerijproducten Japan 2010 wordt ingetrokken.

2. De verplichting tot betaling van heffing over de jaren tot en met 2011 op grond van Verordening PT heffing export bloemkwekerijproducten Japan 2010 blijft van kracht.