rijk/verdrag/memorandum-van-overeenstemming-tussen-de-regeringen-van-het-koninkrijk-der-neder/BWBV0002726/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

29 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Memorandum van Overeenstemming tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland betreffende de fase van het definitieve ontwerp van de voorgestelde Europese Transsone Windtunnel BWBV0002726 verdrag geldend 1988-04-13 https://wetten.overheid.nl/BWBV0002726 Memorandum van Overeenstemming tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland betreffende de fase van het definitieve ontwerp van de voorgestelde Europese Transsone Windtunnel

Memorandum van Overeenstemming tussen de Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland betreffende de fase van het definitieve ontwerp van de voorgestelde Europese Transsone Windtunnel

Titel . Inleiding

Artikel 1

De Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, hierna te noemen: de Regeringen,

Kennis genomen hebbend van de werkzaamheden die in Fase 1 (zie Aanhangsel) zijn verricht door de „Project Group for Transonic Wind Tunnel Definition” (Projectgroep voor de omschrijving van een Transsone Windtunnel) onder de auspiciën van de „NATO Defence Research Group” (NAVO-Researchgroep t.b.v. de Verdediging), teneinde een technisch basisconcept op te stellen van een transsone windtunnel met een hoog getal van Reynolds, die aan de Europese behoeften voldoet, alsmede van de overige werkzaamheden die als Fase 2.1, de Fase van het Voorlopige Ontwerp, zijn verricht krachtens het Memorandum van Overeenstemming (Bijlage bij AC/259-D/650: AC/243-D/545) tussen de Regeringen dat sedert 4 januari 1978 van kracht is,

Bevestigen opnieuw hun wens de samenwerking bij dit project, hierna te noemen: de Europese Transsone Windtunnel (ETW), voort te zetten.

Titel . Grondslag van de samenwerking

Artikel 2

Bijgevolg wordt in dit Memorandum van Overeenstemming (hierna te noemen: dit MvO) de overeenkomst opgenomen dat de Regeringen overgaan tot de uitvoering van Fase 2.2, de Fase van het Definitieve Ontwerp, en tijdens deze Fase onderling overleg plegen met het vaste voornemen over te gaan tot de uitvoering van Fase 3 van het project, die betrekking heeft op de bouw en de exploitatie van de ETW. Het overleg vindt plaats op de grondslag van de „Principles for Phase 3, the Construction and Operation of the ETW” (Grondbeginselen voor Fase 3, de bouw en de exploitatie van de ETW), vastgelegd in de Bijlage die deel uitmaakt van dit MvO. Eventuele wijziging van deze Grondbeginselen vindt slechts plaats met een eenparig genomen besluit van de Regeringen. In ieder geval zal Fase 3 te zijner tijd onderwerp van een overeenkomst tussen de Regeringen zijn.

Artikel 3

De Regeringen zijn overeengekomen dat, indien zij overgaan tot de uitvoering van Fase 3, zulks geschiedt op de volgende grondslag:

a. a. de ETW wordt gebouwd te Keulen-Porz, Bondsrepubliek Duitsland; b. b. De totale bouwkosten, zoals omschreven in de Bijlage, worden door de Regeringen gedeeld in de volgende verhoudingen:

            Frankrijk
          
          
            28%
          
        
        
          
            Bondsrepubliek Duitsland
          
          
            38%
          
        
        
          
            Nederland
          
          
            6%
          
        
        
          
            Verenigd Koninkrijk
          
          
            28%

Titel . Doeleinden en omvang

Artikel 4

De Fase van het Definitieve Ontwerp omvat:

a. a. het vervaardigen van het technische ontwerp van de installatie, met inbegrip van het maken van de tekeningen en specificaties ten behoeve van de bedrijven die mededingen naar deelneming aan het detailontwerp en aan de bouw van de installatie, en het uitnodigen tot offerte voor de diverse tunnelonderdelen; b. b. proeven in het proefmodel van de ETW (hierna te noemen: PETW) en in andere experimentele voorzieningen; c. c. voortzetting van de noodzakelijke ondersteunende programma's ter waarborging van de geschiktheid van de tunnel met betrekking tot de behoeften van de gebruikers (bij voorbeeld studies op het gebied van instrumentatie en het ontwerpen van modellen); d. d. het treffen van alle voorbereidingen welke noodzakelijk zijn om zo vroeg mogelijk te beginnen aan Fase 3.

Artikel 5

Hoewel verwacht wordt dat in de Fase van het Definitieve Ontwerp over het algemeen tot in details uitvoering wordt gegeven aan de aanbevelingen inzake het ontwerp uit de Fase van het Voorlopige Ontwerp, kunnen de Regeringen (via de met de leiding van het project belaste Stuurgroep) toestemming verlenen voor het aanbrengen van wijzigingen in het ontwerp, indien de uitkomsten van nadere werkzaamheden daartoe aanleiding geven.

Artikel 6

De voltooiing van de Fase van het Definitieve Ontwerp zal, naar verwacht wordt, ongeveer twee jaar in beslag nemen.

Titel . Regelingen met betrekking tot de bedrijfsvoering

Artikel 7

Teneinde op doeltreffende wijze leiding te kunnen geven aan de uitvoering van de Fase van het Definitieve Ontwerp, wordt de uit twee niveaus bestaande organisatie, gevormd door een Stuurgroep en een Projectgroep, welke organisatie voor de Fase van het Voorlopige Ontwerp werd gebruikt, gehandhaafd. De Projectgroep wordt geleid door een Projectdirecteur die verantwoording verschuldigd is aan de Stuurgroep.

Artikel 8

De officiële gunning van de contracten en het beheer van de financiën geschieden door een organisatie, hierna aangeduid als het Agentschap, welke in het begin het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) te Amsterdam zal zijn en later de Deutsche Forschungsund Versuchsanstalt für Luft-und Raumfahrt e.V. (DFVLR) te Keulen-Porz.

Titel . De Stuurgroep

Artikel 9

De Stuurgroep bestaat uit twee vertegenwoordigers van elke Regering, van wie er één de als zodanig aangewezen stemgerechtigde is. De Stuurgroep komt ten minste tweemaal per jaar bijeen.

Artikel 10

De vertegenwoordigers die zitting hebben in de Stuurgroep, zijn bevoegd het nationale standpunt inzake de op de taak van de Stuurgroep betrekking hebbende kwesties weer te geven.

Artikel 11

Het voorzitterschap van de Stuurgroep wordt beurtelings door de officiële vertegenwoordiger van een der Regeringen bekleed voor een tijdvak van ongeveer een jaar, waarbij zoveel mogelijk het voor Fase 2.1 vastgestelde rooster wordt gevolgd.

Artikel 12

De Stuurgroep schenkt nader aandacht aan de technische, financiële, economische, administratieve, wettelijke en politieke aspecten van de bouw en het gebruik van de voorgestelde windtunnel, zoals de beheersvormen, de financieringsmethode, de kostenverdelingen de kostenfasering, de totale hoeveelheid te verrichten werk, de rendabiliteit enz.

Artikel 13

De Stuurgroep wordt bijgestaan door een permanent secretariaat en kan hulporganen ad hoc, naast de Projectgroep, in het leven roepen om zich bezig te houden met bijzondere aspecten van de werkzaamheden die krachtens dit MvO worden verricht.

Artikel 14

De Stuurgroep onderneemt alle naar haar mening geëigende stappen om te komen tot een beslissing omtrent de bouw en de exploitatie van de windtunnel, in het bijzonder tot bevestiging van de geschiktheid van de windtunnel voor de behoeften van de gebruikers (met inbegrip van die met betrekking tot de toepassing van beveiligingsprocedures tijdens het gebruik) en onderzoekingen op het gebied van de kosten en baten.

Artikel 15

De Stuurgroep is belast met de leiding van de gehele Fase van het Definitieve Ontwerp, met inbegrip van het goedkeuren van de procedure voor het kiezen en het sluiten van contracten met raadgevende ingenieursbureaus en andere bedrijven, zoals bedoeld in paragraaf 19, alsmede het geven van algemene richtlijnen aan de hulporganen, met inbegrip van de Projectgroep, binnen de in de paragrafen 22 t/m 29 vastgestelde financiële grenzen. De bovengenoemde taak van de Stuurgroep sluit tevens de volledige bevoegdheid in met betrekking tot de PETW die tijdens Fase 2.1 werd gebouwd.

Artikel 16

De Stuurgroep doet aanbevelingen aan de Regeringen betreffende de voortzetting van de samenwerking in de daaropvolgende Fase 3 op de grondslag van de Grondbeginselen in de Bijlage. Een aanbeveling om met deze volgende Fase aan te vangen, dient tevens voorstellen voor de organisatie, de leiding en de financiering daarvan te bevatten.

Artikel 17

Hoewel de krachtens dit MvO ingestelde Stuurgroep geen bevoegdheid met betrekking tot Fase 3 van het project bezit, is zij desondanks bevoegd tot onderhandelen met de bij Fase 2.2 betrokken gecontracteerde bedrijven over de basis waarop deze aan Fase 3 wensen deel te nemen, indien het project voortgang zou vinden. Voorwaardelijke overeenkomsten van deze aard, d.w.z. betrekking hebbend op Fase 3, worden slechts aangegaan, indien deze wenselijk lijken voor het versterken van de onderhandelingspositie van enig orgaan dat eventueel daarna wordt ingesteld om leiding te geven aan de bouw van de windtunnel.

Artikel 18

De Stuurgroep neemt haar besluiten met eenparigheid van stemmen. Indien echter geen eenstemmigheid inzake een bepaalde kwestie kan worden verkregen, zijn alle leden verplicht al het mogelijke te doen om tot een oplossing te komen door middel van de normale onderhandelingsprocedure. Indien dan nog geen beslissing kan worden bereikt, verwijzen de leden van de Stuurgroep de kwestie onverwijld terug naar hun onderscheiden Regeringen.

Titel . Projectgroep

Artikel 19

De Projectdirecteur wordt benoemd door de Stuurgroep. Hij leidt de Projectgroep en voert de aanwijzingen van de Stuurgroep uit overeenkomstig de door deze voorgeschreven procedures. De Projectgroep heeft onder andere tot taak:

a. a. toezicht te houden op het technische ontwerp van de windtunnel dat door één of meer raadgevende ingenieursbureaus of soortgelijke bedrijven wordt uitgevoerd, en er tevens voor te zorgen dat het werk van de gecontracteerde bedrijven op een technisch aanvaardbaar peil staat en binnen de vastgestelde tijdslimieten en kostengrenzen wordt voltooid; b. b. uitvoering van proeven in de PETW ter bevestiging van de juistheid van het ontwerp; c. c. aanvullende onderzoekingen die nodig zijn ter verzekering van de geschiktheid van de voorgestelde windtunnel voor de behoeften van de gebruiker (bij voorbeeld studies op het gebied van instrumentatie en het ontwerpen van modellen) òf zelf te verrichten òf te laten verrichten en daarop toezicht uit te oefenen; d. d. de Stuurgroep iedere vorm van door haar verlangde hulp (bij voorbeeld op technisch, contractueel, financieel en administratief gebied) te verlenen; e. e. de Stuurgroep alle informatie en hulp welke voor het uitvoeren van haar taak van nut zou kunnen zijn, rechtstreeks gevraagd dan wel ongevraagd, te verschaffen.

Artikel 20

Elk van de Regeringen stelt geschikte kandidaten voor de Projectgroep ter beschikking. De leden van de Projectgroep worden geworven en aangesteld overeenkomstig de door de Stuurgroep goedgekeurde procedures. De grootte, de kundigheden en de nationale samenstelling van de Projectgroep worden op voorstel van de Projectdirecteur vastgesteld door de Stuurgroep.

Artikel 21

De leden van de Projectgroep zijn in het begin werkzaam in het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) te Amsterdam. De Stuurgroep bezit echter de bevoegdheid te beslissen over de gehele of gedeeltelijke overplaatsing van de Projectgroep op een later tijdstip naar Keulen-Porz en te onderhandelen over de voorwaarden waarop dit zal geschieden.

Titel . Financiële en administratieve regelingen

Artikel 22

Voor het uitvoeren van de in paragraaf 19 aangeduide taken verlenen de Regeringen machtiging tot het doen van de noodzakelijke uitgaven, tot een bedrag van ten hoogste DM 38,9 miljoen tegen het prijspeil van 1 januari 1984, plus een compensatie voor de inflatie. In onderstaande tabel is het begrotingsschema vermeld, behoudens herziening door de Stuurgroep:

Artikel 23

De Regeringen stellen de in paragraaf 22 vermelde bedragen beschikbaar in de volgende verhoudingen:

Deze verdeling laat de verdeling van toekomstige middelen onverlet (o.a. in verband met de vestigingsplaats die voor de windtunnel is gekozen).

Artikel 24

Deze bijdragen vormen het Gemeenschappelijke Fonds, waaruit de uit dit MvO voortvloeiende, in paragraaf 26 uitvoerig omschreven kosten worden bestreden.

Artikel 25

Het Gemeenschappelijke Fonds wordt beheerd door het Agentschap (in het begin het NLR en later de DFVLR).

Artikel 26

De volgende kosten komen ten laste van het Gemeenschappelijke Fonds:

a. a. toelagen wegens het verrichten van werkzaamheden in het buitenland, voortvloeiend uit de standplaats voor de Projectgroep; deze toelagen zullen rechtstreeks worden uitbetaald aan de leden van de Projectgroep door hun werkgevers; b. b. reiskosten en daarmee verbonden kosten van levensonderhoud in verband met het werk van de Projectgroep; c. c. de kosten van het aanstellen of inhuren van een Projectdirecteur; d. d. diensten in de vorm van voorzieningen op het gebied van computers en tekenkamers, alsmede technische en administratieve bijstand en hulp bij contracten en secretariaatswerkzaamheden, door het NLR verleend of, ingeval de Projectgroep wordt overgeplaatst, door DFVLR; de kosten van deze diensten worden op niet-commerciële basis in rekening gebracht; e. e. de directe bedrijfskosten van de Projectgroep (zoals telefoonkosten); de kantoorruimte voor de Projectgroep wordt in het begin door het NLR ter beschikking gesteld en daarna zo nodig door de gastvrijheid verlenende instelling, op nader met de Stuurgroep overeen te komen voorwaarden; de gebruikelijke kosten van lunches en verversingen tijdens de werkuren worden door elk lid van de Projectgroep zelf betaald; f. f. exploitatiekosten van de PETW; g. g. de kosten van alle werkzaamheden, uitbesteed aan ingenieursbureaus, nationale instellingen voor wetenschappelijk onderzoek, de industrie e.d.; de werkzaamheden worden verdeeld overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 28, met uitzondering van de gevallen waarin de landen van de Regeringen niet beschikken over de speciale deskundigheid.

Artikel 27

De Projectgroep legt voor elk boekjaar (1 januari-31 december) de begroting ter goedkeuring voor aan de Stuurgroep.

Artikel 28

De Stuurgroep streeft ernaar dat de uit dit MvO voortvloeiende en bij contract uitbestede werkzaamheden worden uitgevoerd door bedrijven uit de landen van de Regeringen en dat het onderscheiden werkaandeel van deze landen in overeenstemming is met de in paragraaf 23 genoemde verhoudingen.

Artikel 29

De procedures voor de financiering en de financiële controle worden door middel van onderhandeling uitgewerkt en in voorschriften vastgelegd door de Stuurgroep en het Agentschap met inachtneming van de volgende richtlijnen:

a. a. Het Agentschap neemt uitsluitend financiële verplichtingen op zich overeenkomstig de door de Stuurgroep vastgestelde procedures en onder voorwaarde dat de nodige middelen beschikbaar zijn in het Gemeenschappelijke Fonds; b. b. De Regeringen storten de eerste bijdrage zo spoedig mogelijk in het Gemeenschappelijke Fonds, doch niet later dan twee maanden na de datum van inwerkingtreding van dit MvO, en vervolgens elk kwartaal; deze betalingen worden gebaseerd op ramingen van de middelen die nodig zijn om te kunnen voldoen aan de verplichtingen gedurende het eerstvolgende kwartaal, welke ramingen worden gemaakt door de Projectgroep aan de hand van het door de Stuurgroep goedgekeurde programma en begrotingsbedrag; het kapitaal van het Gemeenschappelijke Fonds wordt op een rentegevende rekening gestort. Met de verschillen in rente die het gevolg zijn van de verschillen in het tijdstip van betalen van de kwartaal-voorschotten door ieder der Regeringen wordt rekening gehouden bij het vaststellen van de laatste betaling welke ieder der Regeringen verschuldigd is voor de Fase van het Definitieve Ontwerp. Het totaal van de bijdragen van de Regeringen gaat niet uit boven de bedragen die voortvloeien uit de paragrafen 22 en 23; c. c. De Stuurgroep komt tot overeenstemming omtrent de vaststelling van een financieel jaarverslag en neemt de nodige maatregelen voor een onafhankelijke financiële controle van de uitgaven uit het Gemeenschappelijke Fonds; het jaarverslag en het verslag van de financiële controle worden ter beschikking van de Regeringen gesteld; de Stuurgroep heeft tot taak ervoor te zorgen dat eventuele onvolkomenheden in de financiële administratie waarop in de verslagen van de financiële controle de aandacht wordt gevestigd, zo spoedig mogelijk worden gecorrigeerd.

Titel . Contractuele procedures

Artikel 30

Tijdens de geldigheidsduur van dit MvO sluit het Agentschap contracten met ingenieursbureaus en andere partijen. Deze contracten worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Stuurgroep, behalve in die gevallen waarin zulks in de in paragraaf 29 bedoelde procedures anderszins is vastgesteld. De voorwaarden van deze contracten worden overeengekomen met de Stuurgroep.

Titel . Informatie en rechten van de gebruiker

Artikel 31

De Regeringen zijn zich ervan bewust dat gedurende de Fase van het Definitieve Ontwerp informatie ter beschikking komt uit de volgende bronnen:

a. a. technische studies die op een eerder tijdstip werden verricht onder de auspiciën van de „Advisory Group for Aerospace Research and Development” (AGARD) (Adviesgroep voor Lucht- en Ruimtevaartonderzoek en -ontwikkeling) en AC/243(PG/7); b. b. het Voorlopige Ontwerp; c. c. de in paragraaf 19 vermelde werkzaamheden van de Projectgroep; d. d. de adviesbureaus of de gecontracteerde bedrijven krachtens de voorwaarden van hun met de Stuurgroep gesloten overeenkomsten of contracten; e. e. de landen van de Regeringen (ingebracht via hun lidmaatschap van de Stuurgroep of de Projectgroep); f. f. uitwisseling met niet-deelnemende landen.

Artikel 32

De informatie uit de in paragraaf 31 a, b, c en d genoemde bronnen wordt ter kennis van de Regeringen gebracht en mag kosteloos worden gebruikt voor het doel van het programma in het kader van de Fase van het Definitieve Ontwerp, alsmede voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen besloten wordt als onderdeel van het programma, alsook voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen besloten wordt ten behoeve van hun nationale programma's.

De informatie wordt niet gebruikt voor andere doeleinden, noch ter kennis gebracht van derden zonder toestemming van degene van wie zij afkomstig is en/of van de Stuurgroep.

Artikel 33

Informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 e genoemde bron, wordt in het algemeen op dezelfde wijze behandeld als informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 onder a, b, c en d genoemde bronnen, behalve in die gevallen waarin een overeenkomst bestaat die het gebruik van de verstrekte informatie voor buiten het project gelegen doeleinden beperkt.

Artikel 34

Informatie, afkomstig uit de in paragraaf 31 f genoemde bron, mag worden gebruikt voor de doeleinden van het programma in het kader van de Fase van het Definitieve Ontwerp, alsmede voor elke toekomstige ontwikkeling of constructie waartoe door de Regeringen wordt besloten als onderdeel van het programma. Alle verdere gebruik is onderworpen aan de voorwaarden van de regelingen die door de Stuurgroep met de niet-deelnemende landen worden getroffen.

Artikel 35

Bij de uitvoering van dit MvO is de op 19 oktober 1970 te Brussel gesloten „NATO Agreement on the Communication of Technical Information for Defence Purposes” (NAVO-Overeenkomst inzake de verstrekking van technische informatie voor defensiedoeleinden) van toepassing.

Artikel 36

De Stuurgroep geeft het Agentschap voorschriften inzake de in de contracten met bedrijven en nationale instellingen op te nemen bepalingen dat met betrekking tot de aan deze bedrijven en instellingen namens de Stuurgroep verstrekte informatie de volgende regels in acht dienen te worden genomen:

a. a. elke openbaarmaking aan derden, met uitzondering van deelnemende bedrijven of nationale instellingen, dient schriftelijk te worden goedgekeurd door de Stuurgroep; b. b. tenzij de informatie tot het publieke domein behoort, mag deze slechts worden gebruikt voor de doeleinden van het contract en het betrokken bedrijf of de betrokken instelling draagt er zorg voor dat betrokkene en andere ontvangers van de informatie de volgende regels in acht nemen:

      i.
      alle ontvangers van de informatie zijn verantwoordelijk voor de bescherming daarvan en nemen passende maatregelen om te voorkomen dat de informatie ter kennis van iemand anders wordt gebracht, wordt gepubliceerd, zonder toestemming wordt gebruikt of op enige andere wijze wordt behandeld die afbreuk zou doen aan de rechten van de eigenaar of de auteur daarvan, in het bijzonder aan het recht met betrekking tot het indienen van een octrooiaanvrage;
    
    
      ii.
      indien echter een ontvanger van zodanige informatie de informatie wenst openbaar te maken of te gebruiken voor andere doeleinden dan die van het contract, dient hij een verzoek te richten tot de Stuurgroep en te trachten overeenstemming te bereiken inzake een zodanige openbaarmaking of een zodanig gebruik;
    
    
      iii
      ingeval de eigenaar van zodanige informatie schade heeft geleden als gevolg van de onrechtmatige openbaarmaking of het onrechtmatige gebruik daarvan, is de desbetreffende ontvanger rechtstreekse vergoeding aan de eigenaar verschuldigd.

i. i. alle ontvangers van de informatie zijn verantwoordelijk voor de bescherming daarvan en nemen passende maatregelen om te voorkomen dat de informatie ter kennis van iemand anders wordt gebracht, wordt gepubliceerd, zonder toestemming wordt gebruikt of op enige andere wijze wordt behandeld die afbreuk zou doen aan de rechten van de eigenaar of de auteur daarvan, in het bijzonder aan het recht met betrekking tot het indienen van een octrooiaanvrage; ii. ii. indien echter een ontvanger van zodanige informatie de informatie wenst openbaar te maken of te gebruiken voor andere doeleinden dan die van het contract, dient hij een verzoek te richten tot de Stuurgroep en te trachten overeenstemming te bereiken inzake een zodanige openbaarmaking of een zodanig gebruik; iii iii ingeval de eigenaar van zodanige informatie schade heeft geleden als gevolg van de onrechtmatige openbaarmaking of het onrechtmatige gebruik daarvan, is de desbetreffende ontvanger rechtstreekse vergoeding aan de eigenaar verschuldigd.

Titel . Eisen tot schadevergoeding

Artikel 37

Elk der Regeringen ziet af van het recht tot het instellen van een vordering tegen een van de andere Regeringen wegens verlies van of schade aan haar eigendom of wegens enigerlei letsel (hieronder tevens begrepen letsel de dood ten gevolge hebbende), schade of verlies, opgelopen of geleden door haar ambtenaren of vertegenwoordigers, voortvloeiend uit de werkzaamheden die ingevolge dit MvO worden verricht, behalve in het geval van grove nalatigheid, zoals gedefinieerd in paragraaf 39. Elk der Regeringen vrijwaart de andere Regeringen met betrekking tot een vordering wegens dit letsel, dit verlies of deze schade, opgelopen of geleden door haar ambtenaren of vertegenwoordigers.

Artikel 38

Ingeval schade is toegebracht aan gemeenschappelijk eigendom van de Regeringen of indien letsel, verlies of schade met betrekking tot derden is veroorzaakt, waarvoor de Regeringen verantwoordelijkheid dragen of een van de Regeringen verantwoordelijkheid draagt, zijn de Regeringen gelijkelijk aansprakelijk, behalve in het geval van grove nalatigheid, zoals gedefinieerd in paragraaf 39. Elk zodanig letsel of verlies of elke zodanige schade, veroorzaakt door personeel of uitrusting van een gecontracteerd bedrijf, tijdens proeven of anderszins, wordt door een passende, door het gecontracteerde bedrijf gesloten, verzekering gedekt. Het Agentschap zal een clausule in zijn contracten opnemen volgens welke het gecontracteerde bedrijf een zodanige verzekering dient te hebben of te sluiten en de Regeringen dient schadeloos te stellen met betrekking tot tegen de Regeringen ingestelde vorderingen die voortvloeien uit dit letsel, dit verlies of deze schade.

Artikel 39

In het geval van grove nalatigheid van een ambtenaar of een vertegenwoordiger van een der Regeringen aanvaardt de Regering die verantwoordelijkheid draagt voor het handelen of het nalaten van de ambtenaar of de vertegenwoordiger, de aansprakelijkheid daarvoor. Onder ,,grove nalatigheid” wordt verstaan: een opzettelijke fout, een grove vergissing of een ernstige onachtzaamheid.

Artikel 40

Ten aanzien van enigerlei verlies, letsel of schade, veroorzaakt door niet tot het ambtelijke personeel behorende leden van de Projectgroep, wordt door het Agentschap een passende verzekering gesloten, voor zover de aansprakelijkheid niet reeds is gedekt door bestaande verzekeringsstelsels. De kosten van deze (aanvullende) verzekering komen ten laste van het Gemeenschappelijke Fonds.

Titel . Beveiliging

Artikel 41

De classificatie van de informatie die betrekking heeft op de Fase van het Definitieve Ontwerp, wordt door de Stuurgroep vastgesteld.

Artikel 42

Alle geclassificeerde informatie die wordt uitgewisseld, gebruikt, geproduceerd of bewaard in verband met de werkzaamheden aan het ETW-project, wordt, in afwachting van een overeenkomst inzake bijzondere beveiligingsregelingen ten behoeve van de samenwerking, op even zorgvuldige wijze verzonden, opgeslagen, behandeld en beveiligd als voorgeschreven in ,,NATO Security Regulations C-M(55) 15 (Final)” Beveiligingsvoorschriften van de NAVO C-M(55)15 (Definitief), d.d. 31 juli 1972, met inbegrip van alle aanvullingen en wijzigingen daarop.

Titel . Toegang tot de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Artikel 43

De Regeringen verlenen op verzoek toegang tot de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek, voor het voeren van besprekingen in verband met de Fase van het Definitieve Ontwerp, aan leden van de Stuurgroep en van de Projectgroep, alsmede aan andere daarvoor in aanmerking komende personen. Bezoekers dienen zich te houden aan de beveiligingsvoorschriften en beveiligingsprocedures die bij de instellingen van kracht zijn.

Titel . Uitvindingen

Artikel 44

Alle uitvindingen die uit de uitvoering van het programma voortvloeien, worden zo tijdig ter kennis van de Stuurgroep en de Regeringen gebracht, dat indiening van octrooiaanvragen mogelijk is; de Stuurgroep beoordeelt of het dienstig is stappen inzake octrooiering te ondernemen, en kan aanbevelingen doen aan de Regeringen met betrekking tot de grondslag waarop octrooiaanvragen kunnen worden ingediend in landen waarin wettelijke bescherming wenselijk wordt geacht.

Titel . Wijzigingen

Artikel 45

Dit MvO kan door een met eenparigheid van stemmen genomen besluit van de Regeringen worden gewijzigd.

Titel . Beëindiging, duur en opzegging van het MvO

Artikel 46

Dit MvO zal van kracht blijven tot de inwerkingtreding van de Intergouvernementele Overeenkomst voor Fase 3, met dien verstande dat het niet langer dan drie jaar van kracht zal blijven. Bepalingen die betrekking hebben op de rechten en verplichtingen in de paragrafen 31 t/m 42, blijven van kracht nadat dit MvO buiten werking is getreden.

Artikel 47

Elk der Regeringen kan dit MvO opzeggen, mits zij de Voorzitter van de Stuurgroep twaalf maanden van tevoren schriftelijk kennis geeft van haar voornemen tot opzegging. De Regering die kennis geeft van opzegging dient haar aandeel in de begroting(en) over deze periode van twaalf maanden te betalen, alsmede haar aandeel in de contractuele verplichtingen die reeds vóór de datum van de kennisgeving van opzegging zijn aangegaan, in zoverre deze de opzeggingstermijn van twaalf maanden overschrijden. De Regering die kennis geeft van opzegging, verleent de andere Regeringen alle hulp die redelijkerwijs kan worden verlangd, om hen in staat te stellen de Fase van het Definitieve Ontwerp voort te zetten, indien zij zulks wensen. In het geval van opzegging blijft het bepaalde in de paragrafen 31 t/m 36 en in de paragrafen 41 en 42 daarna van toepassing, evenals het bepaalde in de paragrafen 37 t/m 40 met betrekking tot vorderingen, voortvloeiend uit gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden voor de opzegging.

Titel . Datum van inwerkingtreding

Artikel 48

Elk der Regeringen kan haar instemming betuigen met dit MvO hetzij door:

a. a. ondertekening alleen, hetzij door b. b. ondertekening behoudens vervulling van de binnenlandse constitutionele procedures, gevolgd door een kennisgeving aan de andere Regeringen dat deze procedures zijn vervuld.

Artikel 49

Dit MvO treedt in werking op de dag waarop de laatste kennisgeving van instemming overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 48 is ontvangen.

Titel . Authenticiteit

Artikel 50

Dit document wordt in de Franse, de Duitse, de Nederlandse en de Engelse taal in viervoud ondertekend, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn.