rijk/verdrag/overeenkomst-tussen-de-regeringen-van-de-benelux-staten-en-de-regering-van-azerb/BWBV0006707/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

6.7 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Overeenkomst tussen de Regeringen van de Benelux-Staten en de Regering van Azerbeidzjan inzake de afschaffing van de visumplicht voor houders van dienstpaspoorten BWBV0006707 verdrag geldend null https://wetten.overheid.nl/BWBV0006707 Overeenkomst tussen de Regeringen van de Benelux-Staten en de Regering van Azerbeidzjan inzake de afschaffing van de visumplicht voor houders van dienstpaspoorten

Overeenkomst tussen de Regeringen van de Benelux-Staten en de Regering van Azerbeidzjan inzake de afschaffing van de visumplicht voor houders van dienstpaspoorten

Artikel 1

Tenzij uit de context anders blijkt, wordt in deze Overeenkomst verstaan onder:

„Grondgebied van de Republiek Azerbeidzjan”: het grondgebied van de Republiek Azerbeidzjan; „Benelux-Staten”: het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden; „Benelux-gebied”: het gezamenlijke grondgebied in Europa van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden.

Artikel 2

De bevoegde autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van deze Overeenkomst zijn:

a. a. voor de Regering van de Republiek Azerbeidzjan: de Nationale Grensdienst, het Ministerie van Buitenlandse Zaken en andere onderscheiden staatsorganen; en b. b. voor de Regeringen van de Benelux-Staten: voor het Koninkrijk België: de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, voor het Groothertogdom Luxemburg: het Ministerie van Buitenlandse en Europese Zaken en voor het Koninkrijk der Nederlanden: het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Artikel 3

1. Onderdanen van de Republiek Azerbeidzjan die houder zijn van een geldig dienstpaspoort kunnen, voor zover dit in overeenstemming is met de wetgeving van de Europese Unie, het Benelux-gebied zonder visum binnenkomen of verlaten dan wel door dit gebied reizen, en er ten hoogste negentig (90) dagen binnen een periode van honderdtachtig (180) dagen verblijven.

2. Onderdanen van de Benelux-Staten die houder zijn van een geldig dienstpaspoort kunnen, voor zover dit in overeenstemming is met de wetgeving van de Republiek Azerbeidzjan, het grondgebied van de Republiek Azerbeidzjan zonder visum binnenkomen of verlaten dan wel door dit grondgebied reizen, en er ten hoogste negentig (90) dagen binnen een periode van honderdtachtig (180) dagen verblijven.

Artikel 4

1. Onderdanen van de Staat van de ene Partij die zijn aangesteld bij diplomatieke of consulaire vertegenwoordigingen of bij vertegenwoordigingen bij internationale organisaties die gelegen zijn in de Staat van de andere Partij en die houder zijn van een geldig dienstpaspoort, kunnen het grondgebied van de ontvangende Partij zonder visum binnenkomen, verlaten en er verblijven zolang de accreditatie loopt.

2. De Partijen stellen elkaar schriftelijk in kennis van de aankomst van de in lid 1 van dit artikel vermelde ambtenaren en de ambtenaren nemen de accreditatieregeling van de andere Partij in acht.

Artikel 5

Onverminderd de artikelen 3 en 4 van deze Overeenkomst, behoudt elke Regering zich het recht voor de toegang tot haar grondgebied te weigeren aan personen die als ongewenst worden beschouwd of wier aanwezigheid in het land wordt beschouwd als een gevaar voor de openbare orde of voor de nationale veiligheid.

Artikel 6

Tenzij hierin anders is voorzien, doet deze Overeenkomst geen afbreuk aan de wetten en voorschriften die in de Staten van de Partijen van toepassing zijn op de toegang tot het grondgebied, de duur van het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, alsmede op het verrichten van enigerlei arbeid door vreemdelingen.

Artikel 7

De Partijen wisselen uiterlijk dertig (30) dagen vóór de inwerkingtreding van deze Overeenkomst langs diplomatieke weg de specimens van hun geldige dienstpaspoorten uit.

De Partijen doen elkaar langs diplomatieke weg de specimens van hun nieuwe of gewijzigde dienstpaspoorten toekomen, alsmede de gegevens betreffende het gebruik van deze paspoorten, zulks voor zover mogelijk dertig (30) dagen vóór deze in omloop worden gebracht.

De geldigheidstermijn van dienstpaspoorten wordt voor ten minste negentig (90) dagen na de voorgenomen datum van vertrek uit het grondgebied van de Staat van de andere Partij verlengd.

Artikel 8

Geschillen tussen de Partijen inzake de toepassing of uitlegging van deze Overeenkomst worden in der minne geregeld via overleg of onderhandelingen tussen de Partijen.

Artikel 9

Deze Overeenkomst kan in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden gewijzigd. Deze wijzigingen worden doorgevoerd in de vorm van afzonderlijke Protocollen die integrerend deel uitmaken van deze Overeenkomst en worden van kracht overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, leden 1 en 4, van deze Overeenkomst.

Artikel 10

Het Secretariaat-generaal van de Benelux Unie (waarnaar wordt verwezen als de „Depositaris”) treedt op als depositaris van deze Overeenkomst. De Depositaris doet elke Partij een gewaarmerkt afschrift van het origineel van deze Overeenkomst toekomen.

Artikel 11

1. Deze Overeenkomst wordt voor onbepaalde tijd gesloten en treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van ontvangst door de Depositaris van de laatste kennisgeving waaruit blijkt dat de voor de inwerkingtreding van deze Overeenkomst vereiste interne procedures door de Partijen zijn voltooid.

2. Na de inwerkingtreding kan elke Partij deze Overeenkomst opzeggen door schriftelijk en langs diplomatieke weg uiterlijk dertig (30) dagen vóór de dag waarop de opzegging van kracht wordt daarvan kennis te geven aan de Depositaris.

3. De opzegging van deze Overeenkomst door één van de Partijen heeft de beëindiging ervan voor alle Partijen tot gevolg.

4. De Depositaris stelt de andere Partijen in kennis van de ontvangst van een in dit artikel bedoelde kennisgeving.

Artikel 12

Deze Overeenkomst kan door elke Partij worden opgeschort. Deze Partij dient onmiddellijk langs diplomatieke weg de Depositaris in kennis te stellen van haar besluit om deze Overeenkomst op te schorten. De Depositaris zal de overige Partijen van de ontvangst van deze kennisgeving op de hoogte stellen. Dezelfde procedure geldt voor het ongedaan maken van de opschorting.

Artikel 13

1. Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, kan de toepassing van deze Overeenkomst worden uitgebreid tot Aruba, Curaçao, Sint Maarten en tot het Caribische deel van Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) mits notificatie hiervan aan de Depositaris.

2. De Depositaris zal de Partijen in kennis stellen van deze uitbreiding.