rijk/wet/wet-intrekking-wet-stimulering-zeescheepvaart/BWBR0010596/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

1.8 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet intrekking Wet stimulering zeescheepvaart BWBR0010596 wet geldend 1999-08-04 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010596 Wet intrekking Wet stimulering zeescheepvaart

Wet intrekking Wet stimulering zeescheepvaart

Artikel I

De Wet stimulering zeescheepvaart wordt ingetrokken.

Artikel II

Het bepaalde bij en krachtens de Wet stimulering zeescheepvaart blijft van toepassing met betrekking tot:

a. a. de rechten en verplichtingen die samenhangen met structuurverklaringen en correctieverklaringen, welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn afgegeven op grond van die wet; b. b. de aanvragen tot afgifte van een structuurverklaring welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn ingediend op grond van die wet, alsmede met betrekking tot de rechten en verplichtingen die samenhangen met de eventuele op grond van deze aanvragen af te geven structuurverklaringen; c. c. de afgifte van correctieverklaringen, af te geven naar aanleiding van structuurverklaringen als bedoeld in de onderdelen a en b, en de met deze correctieverklaringen samenhangende verplichtingen; d. d. de instelling van beroep tegen een besluit op grond van de Wet stimulering zeescheepvaart.

Artikel III

Het bepaalde bij en krachtens artikel 26 van de Wet stimulering zeescheepvaart blijft van toepassing ten behoeve van het toezicht op de naleving van de op grond van artikel II van toepassing blijvende bepalingen, met dien verstande dat de toezichthouders niet beschikken over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:15 en 5:17 tot en met 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel IV

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.